Mijn hart stond 2 keer stil, in één dienst, binnen anderhalf uur tijd.
Ik had, aardig en collegiaal als ik ben, een pendeldienstje over genomen van een collega.
Doe ik wel eens. Niet vaak, maar vaak genoeg om dus aardig en collegiaal gevonden te worden. Bij tijd en wijle vind ik het nodig dat ik een aardige en collegiale zweem over mijn aanwezigheid heb.
Dat pendeltje, en zeker op die tijd, betekent dat ik gedurende anderhalf uur rondjes aan het dansen ben, want heel veel animo is er dan niet meer voor dat lijntje.
Tijdens één van mijn rondjes ging mijn telefoon. Ik vind dat ik als buschauffeur niet bellend kan rijden. En ook andersom vind ik het not-done. Krijg je zo'n imago van. Moet je niet willen. Plus daarbij het feit dat het volk dat we vervoeren al klagend aan lijn hangt, als je naar hun smaak eventjes te lang over je ronde doet, laat staan als ze je dan op bellen achter het stuur betrappen. Dan is de boot helemaal aan. Erg prettig volk is het soms niet.
Dus ik wachtte braaf af tot mijn bus leeg was, en zag dat Jente gebeld had.
Jente belt nooit, want Jente stuurtm berichten. Dus alle, maar dan ook écht ALLE alarmbellen gingen af. Talloze horrorscenario's in mijn hoofd. Ilse was vast van de trap gesodemieterd, en haar hoofd stond in een onnatuurlijke hoek op haar nek.
Ons huis was in de fik gegaan, en Ilse lag als een veel te doorbakken biefstuk achter de deur.
Er was een vrachtwagen over Ilse heen gereden, en louter haar fiets had het overleefd.
Kortom: Mijn kind belt, er is ellende.
Met enigszins trillende handen bel ik haar terug.
Met dat ze opnam, begon ze meteen te rebbelen. Niet eens een "hoi pap". Nee, gewoon meteen te kakelen alsof er niks aan de hand was. (Doet ze ook als we incidenteel bellen, en we gaan ophangen. Geen "dag pap". Of iets dergelijks aan beleefdheidsfrasen. Gewoon, plop. Weg verbinding).
De horrorscenario's in mijn hoofd, en haar casual stem kwamen op geen enkele manier overeen. En pas nadat ze uitgesproken was, daalde het besef langzaam, heel langzaam dat ze louter en alleen gebeld had om een mopje over Harry Potter te vertellen.
En dat was ook het enige dat ik ervan meekreeg, het hele mopje ontging me ten ene male. Ik stond in standje Als-een-gek-die-bus-weg-en-naar-huis-met-4-krijsende-banden.
Het bleek om een mopje te gaan.
De tering.
Mijn hart zat in mijn keel.
Het is dan ook best nieuw dat mijn dochter me belt. En meestal is dat om wat zaakjes te regelen. Maar simpelweg gebeld worden door mijn dochter puur voor een mopje, is nieuw.
Zal ik ook aan moeten wennen.
Want toen ik eenmaal weer wat gekalmeerd was, moest ik er best om lachen. Niet om dat mopje, dat moet ze me bij gelegenheid nog maar eens vertellen. Maar wel om het idee dat ik schrik van het feit dat mijn dochter me casual belt om mijn dag op te fleuren met een mopje.
De tweede was ook al lachwekkend, ware het niet dat ikzelf het "slachtoffer" was, dus bij mij duurde het wat langer voor ik erom kon lachen.
Ik was klaar met mijn avondmaaltje, en bracht mijn spullen naar mijn bus.
Die had ik naast een brandmuur gezet.
Voor die brandmuur, heeft men een prullenbak geplaatst. Want rond-dartelende rotzooi is nu eenmaal niet bijster gezond voor vliegtuig motoren waar het in terecht kan komen.
Met dat ik mijn bus naderde, hoorde ik een welhaast onchristelijk hard geritsel uit die prullenbak.
Nu zijn ritselende prullenbakken mij niet onbekend, talloze vormen van ongewenste knaagdieren die in die prullenbakken hun eigen avondmaaltje bij elkaar sprokkelen.
Maar dit geritsel klonk wel serieus veel harder en woester dan ik ooit eerder had gehoord. Veel minder stiekem. Ratten ritselen zachtjes, beslist, maar heel stiekem.
Dit was gewoon open en bloot, ongegeneerd gewoel, gestommel en gegraaf, door iets dat zich op geen enkele manier stiekem wilde gedragen.
En als je dan een stamp tegen zo'n prullenbak gaf, dan kwam er vaak met een prachtige, acrobatische sprong een rat uit die langs je heen een goed en veilig heenkomen zocht.
Omdat mijn nieuwsgierigheid door dit veel woestere gedoe getriggerd was, besloot ik niet om de vertrouwde stamp te geven, maar om eens te kijken wát het was dat daar zo lomp aan het fourageren was.
Ik naderde voorzichtig, keek eens.
Ik kwam naderder bij en keek nog eens.
Nóg een stapje...
En toen kwam er toch een enorme zwarte vlek recht op me af.
Vlak langs mijn snufferd vloog het me aan.
Ik schrok mezelf de tandjes.
En op 2 meter afstand, op de grond landde het beest.
Verontwaardigd zat hij me aan te staren, waar ik het gore lef toch vandaan haalde om zijn maaltijd te verstoren.
Een kauwtje.
Al krassend leek hij te willen melden dat ik op moest sodemieteren, want hij was nog niet klaar met eten.
Als hij minder goed had gemikt, was die zo mijn bakkes binnen gevlogen en had ik toch nog verse kip als avondmaal gehad.
Ik stond serieus even te trillen op mijn poten.
Even verderop stond een collega die deze hele akte op de eerste rang had kunnen volgen, en die smakelijk stond te lachen.
Ik ben in de ontkenningsfase. Al dik een jaar. Zo niet langer.
Ik loop namelijk enorm te klootzakken met mijn bril. Ik zie prima. Zolang ik recht vooruit kijk en in de verte kijk.
Maar inmiddels kan ook ik niet meer ontkennen dat lezen toch serieus een probleem is. Met bril kan ik gewoon niks meer lezen. Ook het tikken van mijn blogs, is een uitdaging. Ik kan blind typen, maar dan blijft het een gok of er ook daadwerkelijk staat wat ik wil. In elk geval grammaticaal.
Klootvogelen met mijn bril op en af, als ik werkstukjes van hout maak, en dan maar hopen dat de ADHD er niet voor zorgde dat mijn bril in de vuurlinie van mijn zaag lag.
Boordcomputer lezen in mijn bus? Niet te doen. Mensen foutief ergens afzetten omdat ik simpelweg niet meer kon lezen wat er staat, begint serieus een risico te worden, als ik mijn bril niet even afzet.
Maar dat scherm zit zover weg, dat ik zonder bril ook niet kan lezen wat er staat.
Dus dan is de excersitie dat ik mijn bril afzet, naar het scherm toebuig, de informatie opneem, bril weer opzet, krakend weer omhoog kom (ten slotte word ik er niet jonger op) en vervolgens tegen een pilaar aan rij. Of zo.
Zover is het gelukkig niet gekomen, ik ben namelijk best intelligent. Ik heb helemaal zelf bedacht dat ik eerst de ritopdracht goed bekijk, in me opneem, onthou, en dan pas ga rijden. Dat kan ik.
Maar goed. Stuntelen met een leesbrilletje is om veel redenen en dan vooral het kwijtraken van het ding niet helemaal praktisch. Bovendien heb ik geen enkel exemplaar gehad dat daadwerkelijk voldeed. Die maakten het probleem alleen maar erger.
Dus varifocus.
Ik ben dus 45. Wil mijn motorrijbewijs, én moet dus eigenlijk een varifocus bril.
De rest van de midlife-crisis heb ik tot op heden nog buiten de deur weten te houden, maar ik kan er maar niet over uit dat dit soort flauwekul mij ook overkomt.
Vooral ook omdat ik dik 500 euro voor een bril een erg zware straf vind voor deze midlife onzin.
En de opticieën wist het niet beter te maken. Los van de prijs van zo'n kreng, waar spontaan de schellen van mijn ogen vielen, meldde ze meelevend dat ik minimaal 3 weken zou moeten wennen. Dat zijn dus 21 dagen dat ik dat kreng van pure ellende in de prullenbak zou willen flikkeren. (De bril, niet de opticieën).
En mezelf kennende, is dat niet ondenkbeeldig.
Met al dit medische modderen, is die midlife-crisis maar half leuk, kan ik dat jonge mokkel ook wel schudden. Dus Ilse zit nog safe.
En over modderen gesproken: ik begon mijn 11 vije dagen met een dijk van een verkoudheid. Aangestoken door Ilse, Jente of allebei. En wellicht in combinatie met een proestende reiziger die te dicht in mijn aura kwam.
Volle kop, de dikke slijmerige brokken vliegen mijn huisgenoten om de oren als ik hoest, en mijn neus lekt weer eens als een goeie ouwe Citroën DS. Spieren doen pijn, en mijn hoofd ook.
Kortom: mannengriep, ik ben mijn testament en mijn crematie maar weer eens aan het updaten.
Ik was de afgelopen maanden bezig met het opkweken van niet alleen knoflook, maar ook van een snor. En ik was best wel trots op mijn streepje struik onder mijn neus. Het begon dus best ergens op te lijken.
Oké, ik geef toe: er zit meer grijs in dan me lief is, maar ik ben voor mezelf best wel content met wat harigs in mijn gezicht. Een geitensik-streepje-beflapje onder mijn onderlip, en een lekker fout pornosnorretje erboven. Helemaal prima.
Geeft me een beetje een fout aura. Hou ik van.
Maar met een lekkende neus, vind ik zo'n snor toch een beetje een risico.
Ik wil er namelijk wel enigszins toonbaar uitzien, en als mijn neus zo lekt, ben ik als de dood dat de ontsnapte vloeistoffen in mijn snor blijven plakken, en dan zo'n ranzig geel-groen achtig korsten-plakkaat onder mijn neus oplevert. Dan gaan mensen zo vol walging naar me staren, en voel ik me gewoon een beetje onzeker.
Of dat ik vanwege de keelpijn niet voluit durf te niezen, en de dikkige brokjes wat lafjes naar buiten kledderen en nét zichtbaar tussen mijn snorharen plakken, en daar opdrogen.
Conclusie is dus dat ik nu snorloos door het leven ga. Het beflapje onder mijn lippen heb ik nog. Ik ben nog niet betrapt op hoestsel of snot in mijn geitensik, dus dat is aardig in goede staat gebleven.
Het is zo intens jammer dat mijn gezichtshaar er net zo lang over doet om acceptabele lengte te krijgen als de knoflook in de tuin. En dat ik daar dus eigenlijk het geduld niet voor heb. Ik ga dus nu enigszins blote-billen-gezicht-erig door het leven.
Maar goed, dat overleven we ook wel weer. Misschien dat ik ervoor kies om een weelderige baard en snor te laten tattooëren. Vrouwen doen dat vaak met hun wenkbrauwen, waarom zou ik dat niet met snor en baard kunnen.
Mijn betere helft moest dus voor de tweede keer aan een voet geopereerd worden. Iets met een zenuw. Ze hadden haar ene voet een jaar of wat geleden al verholpen, ten tijde van mijn mannengriep moest de tweede voet er aan geloven.
Helaas, of gelukkig (afhankelijk van of je cynisch of juist optimistisch bent) viel ook dat tijdens mijn 11 vrije dagen. Ik kon dus al snot-spuitend en hoestsel-sproeiend voor haar redderen.
De operatie ging op zich best aardig, en toen ik het bericht kreeg dat ik haar levend kon op komen halen, stapte ik in Po de Panda, en racete naar het ziekenhuis.
Ongeveer een uur te vroeg, en dat leverde me een uur gratis parkeren bij het ziekenhuis op. Dat is ook een unicum, zullen we maar zeggen.
Ondertussen gaat het gewone gezinsleven door. Jente naar school, en na school naar haar creatieve knutsel club.
Daar gaat ze met een vriendinnetje heen, en meestal weten ze dusdanig op tijd te komen, dat ze kunnen 'shoppen'. Meestal behelst dat een ijsje, waar ze elkaar op trakteren, soms ook wat prullaria uit diverse prullaria winkels.
Deze keer kwam ze thuis, met een papieren tasje. Gevuld met een zeepje, een speciaal soort thee en nog wat. Als een soort van fruitmandje voor haar moeder. Speciaal voor haar moeder.
Mijn hart klapte uit mijn borstkas van pure vertedering en ontembare trots.
11 jaar is dat kind, en zonder dat iemand haar moest instrueren of een hint moest geven, ging ze zelf op jacht naar een paar hartverwarmende hartversterkingen voor en omdat haar moeder in de geplande kreukels lag. En dit dus van haar eigen zakgeld. Vanuit zichzelf.
Dat is enorm attent, en mezelf kennende, moet ik toegeven dat ze dat niet van mij heeft. Maar ik vind het helemaal geweldig.
Dit geschreven hebbende, heb ik weekend. En het uwe begint aanstonds ook. Ik wens eenieder een beste toe.
donderdag 18 juni 2026
Dat zit wel snor
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Dat zit wel snor
Mijn hart stond 2 keer stil, in één dienst, binnen anderhalf uur tijd. Ik had, aardig en collegiaal als ik ben, een pendeldienstje over ge...
-
Ik schrijf vaak over pareltjes van het platform. Dat kan positief en negatief zijn. De negatieve pareltjes, noem ik dus ook cynisch "pa...
-
Het doet gewoon pijn aan mijn oren. En net als ik denk dat grof fysiek geweld de enige uitweg is, wordt het zwart. Ik ben hersendood geklets...
-
11 jaar geleden, op 6 maart werd ik voor het eerst vader (dat wil zeggen: voor zover ik weet, er heeft zich nog niemand gemeld die vindt da...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten