zondag 25 juni 2017

Van alles veel...

Sinds ik netflix heb, kijk ik zelden nog tv. Het is zelfs zó erg, dat ik me afvraag of ik het huidige contract bij vodaphone T-mobile moet handhaven (ik moet heel even kijken welke het nu is, want er zijn wat wisselingen geweest). Ten slotte moet je niet iets kopen als je het niet gebruikt.
Daarom "mis" ik ook alle reclames, waar mensen oprecht ongelooflijk het land aan hebben of juist heel komisch vinden.
Zalando. Een van die ongelooflijk irritante reclames. Huisvrouw bestelt voor de 300.000ste keer totaal onnodige kleedjes, en komt krijsend klaar als de pukkelige en sukkelige bezorger aan de deur staat. Vooral ook omdat die gillende huisvrouw op de een of andere manier er blijkbaar voor zorgde dat de tv vliegensvlug zachter gezet moest worden, om te voorkomen dat de buren wel heel rare gedachten zouden krijgen.
Toen ik hem voor de eerste keer zag, zwoer ik plechtig dat ik nooit, maar dan ook echt helemaal nooit er ook maar een schoenveter zou bestellen. Ilse deed even plechtig mee met deze belofte.
Hahahahahahahaha!!!! Dussss.....

Die reclame was dus compleet weggezakt. En omdat ik vond dat ik nieuwe schoenen nodig had (de "oude" begonnen 2 maanden na aankoop gaten te vertonen, en uiteraard gooide ik het bonnetje te vroeg weg, want als ik alle bonnetjes moet bewaren, loopt mijn huis nóg sneller vol met teringzooi waarvoor we toch al te weinig energie hebben om het op te ruimen, maar goed, hele eigen schuld, domme dikke bult, ik moet gewoon bonnetjes sparen tot ik een complete oud papier uitdragerij kan beginnen, vrees ik) bestelde ik nieuwe All-Stars bij zalando.
Met dat ik op het knopje 'afrekenen' klikte in Ideal, realiseerde ik me dus ineens weer dat ik zo de schurft had aan die reclame. Te laat. Blijmoedig liet Ideal zien dat de betaling geslaagd was.
Dus kon ik de komende drie dagen mezelf voorbereiden op een pukkelige bezorgsukkel, die zich waarschijnlijk al niet meer uit het veld zou laten slaan als er een hysterisch krijsend wijf op hem af zou denderen, niet voor hemzelf, maar voor die eerder genoemde nutteloze kleedjes. 
Goden zij dank: geen sukkelige bezorger, maar onze eigen pakketbezorger bracht mijn nieuwe paar schoenen.
Ik lees veel klachten over slecht functionerende bezorgers. Alles van bewust jongleren met pakketjes of gewoon liegen dat ze aan de deur waren en meer van dat soort ongein.
Over onze bezorger niets dan lof. De man doet voorzichtig met pakketjes, rijdt keurig netjes en rustig door de straat en is heel vriendelijk en vrolijk.
Ik moet zeggen dat ik iets van teleurstelling op zijn gezicht zag toen hij dit zalando pakketje op mijn naam, aan mij overhandigde. Zou hij net zo de pest hebben aan die zalando reclame en het dus schokkend vinden dat een mede-man er tóch zijn schoenen bestelt, of had hij stiekem gehoopt dat er een orgastisch krijsende vrouw op hem af zou stormen?

Gisteren was het weer de jaarlijkse verering voor de Veteraan. Dat betekent in ons geval een paar kilometer door het centrum van Den Haag banjeren, tussen pelotons van diverse actieve en niet meer actieve veteranen. En uiteraard altijd gezellig even bijkletsen met de leukste collega's uit diverse krijgsmacht-delen.
Om daar te komen, besloot ik te carpoolen met een collega, en dat zouden we doen vanaf het welbekende punt in De Meern. Ik was er al wat vroeger, en kon dus optimaal genieten van de toch wat aggenebbis-achtige omgeving. Gaten in de parkeerplaats waar een complete Citroën C1 in zou verdwijnen. Ratten zo groot als katten die er tussen alle achteloos weggeflikkerde rotzooi snuffelen. En snerpende Hondaatjes Civics, waarvan de eigenaar (het obligate petje op het lege hoofd) heel comfortabel geleund over hun versnellingspook doelloos rondjes rijden.
Een paar minuutjes later arriveerde er een man die wat rond een cabrioletje begon te drentelen. Gestart kreeg hij hem niet. Na een paar rondjes rond zijn dooie peugeot, vatte hij de moed om mij aan te spreken. Of ik hem start-hulp kon geven. Nu ben ik wél vaak maar niet altijd de lulligste, dus ik wilde best even assisteren.
Ik plaatste mijn auto in de juiste positie, ontsloot mijn motorkap, en vervolgens kon ik alleen maar in opperste verbijstering toekijken. De man had mijn motorkap omhoog, nog voor ik de kans had om uit te stappen, en de kabels aangesloten, nog voor ik kon controleren of het allemaal wel goed ging.
En goed ging het niet.
Want de sukkel had zijn MIN-pool op mijn PLUS-pool aangesloten. Toen hij zijn fout zag en wilde herstellen, vlogen de vonken letterlijk zijn mouw in.
Als de man daar ter plekke geëlektrocuteerd was, had ik toch best wel het een en ander uit te leggen gehad. Want het staat nogal slordig om een dode man voor mijn motorkap te laten liggen, omdat ik aan het veteranendefilé moest deelnemen.
De bezuinigingen bij Defensie worden op steeds meer fronten voelbaar. Niet alleen is het gereedschap waar militairen mee moeten werken niet meer in grote getale aanwezig, ook de lunchpakketten worden steeds maar sleetser en leger.
Waar we 10 jaar geleden nog een lunchpakket kregen met 2 broodjes, een krentenbol, een appel, een mars-reep en een pakje drinken, was dat 5 jaar geleden 2 broodjes, een krentenbol, een marsreep en een pakje drinken. 2 jaar geleden werd de marsreep verbannen, en nu zijn we op het punt beland dat we onze lege magen moeten vullen met 2 broodjes. Maar dat zal onze pis niet lauw maken. Vol overtuiging hebben we de meest gave marsen gespeeld. Heel Den Haag mocht het horen. En heeft het waarschijnlijk ook gehoord.

 We gaan alweer zo zoetjes aan naar het einde van het seizoen. Dat betekent dat ik toch weer trots mag terugkijken op een aantal hele toffe dingen. CD-opnames die goed gaan, leuke concerten die ik heb mogen geven, en weer twee leerlingen die geslaagd zijn voor hun examen. Goed werk geleverd door de beide dames, maar (en niet geheel onbelangrijk) ook door hun docent (ondergetekende dus).
De tijd breekt dus weer aan om lekker op het gemakje andere dingen te gaan doen. Kleuren uitkiezen voor de kozijnen en ramen, de buitenkant schilderen, de tuin achter op orde maken en eindelijk mijn kapstok te bouwen.
Maar eerst netjes het seizoen afronden. Dat wil zeggen: de leerlingen van een collega door examens loodsen, nog 2 weken zelf lesgeven, nog een paar cd-opnames, een paar concerten en dan mag de trompet zijn hokje in.
Ook wel fijn, zo af en toe.






zondag 18 juni 2017

Gemier en over slapen.

De laatste paar weken was ik niet helemaal mezelf. Ik denk dat ik rare dingen heb gezegd, dat ik minder toegankelijk was. Dat ik somberder was. Prikkelbaarder. Kon minder hebben.
Ook mijn ochtendritueel (in alle stilte en rust koffie drinken een peukje, even genieten van de rust voor dat de besognes van alle dag beginnen) had steeds meer ruimte en tijd nodig. Ik had meer ruimte en tijd nodig om me weer mens te voelen.
Ik voelde me ook vermoeider dan normaal. Ik weet dit in eerste instantie aan het feit dat het bijna zomervakantie is, het seizoen zit er bijna op. Veel gedaan, dus rust is nodig. En het is me nogal een seizoen geweest...
Tot ik op een gegeven moment mijn bed instapte, mijn masker op wilde zetten en me realiseerde dat het al de 4e keer was, dat ik dat masker moest verstellen om goed te passen.
Ik bedacht me toen dat ik jaarlijks een nieuw masker en slang moet bestellen, want die dingen hebben een beperkte houdbaarheidsdatum. De banden van het masker gaan uitlubberen. De klittenband-bevestiging wordt sleets, de siliconen randen die op je gezicht zitten worden minder flexibel.
Alsof het masker mijn overpeinzing aanvoelde, ging het nog meer lekken dan het al deed.
Gelijk de volgende ochtend een nieuw masker besteld. Gelukkig heb ik een uitgebreide zorgverzekering, dus de volgende dag kwam er per post een mooi, lief, fijn en levensreddend nieuw masker binnen. Ik zou weer helemaal fris en fruitig worden. Of in elk geval: zo fris en fruitig als met mijn zieltje mogelijk is.
Groot was dus ook de teleurstelling toen bleek dat er toch wel een paar kleine mis-fits (letterlijk) waren bij mijn nieuwe masker.
Ten eerste kreeg ik de slang niet goed aan het masker bevestigd. Met geen mogelijkheid kreeg ik die slang tot aan het eindpunt geschoven. Tot het naadje gegaan. De grens waar lompheid aan grof geweld grenst heb ik bereikt, maar helemaal dicht, ging hij niet. Ik heb het gebruik van een rubber hamer overwogen, maar het is wél een fragiel medisch hulpmiddel, en ik kan me niet voorstellen dat de fabrikant het zo bedoelt heeft. Maar ja, aan de andere kant: ik kan me ook niet voorstellen dat de fabrikant tevreden zou zijn met een maandag-morgen-model.
Toch maar kijken of het met wat kunst- en vliegwerk zou functioneren.
Na slechts één nacht bleek dat dus helaas niet zo te zijn.
De slang naar mijn masker liet vaker los dan op de vingers van één hand te tellen zijn. En dat resulteerde erin dat Ilse een permanent in haar haren geblazen kreeg. Zit best flink wat druk achter...
En als die slang om wat voor reden dan ook wél bleef zitten, bleek dat oh-zo-nieuwe-fijne-en-lieve masker te lekken. Bij mijn neus, recht omhoog. Een klein, fel, straaltje recht mijn oog in.
Zie dan maar eens te slapen.
Met zulke kleredingen heb je geen vijanden meer nodig.
Gelukkig was de meneer van de leverancier meedenkend, en die zou meteen een ander masker opsturen. De meneer werd zelfs helemaal opgetogen toen ik voorstelde om het masker dat ik had gekregen, terug te sturen voor onderzoek.
Inmiddels gebruik ik het nieuwe nieuwe masker alweer een paar dagen, en ik word weer lekker fris en fruitig (again: voor zover het kan) wakker. Ik ben minder prikkelbaar en zeg minder rare dingen (alles is relatief, natuurlijk).
Maar het is wel een griezelig, sluipend proces. Je realiseert je pas achteraf hoe erg het was. Pas als je weer normaal functioneert, je normaal geslapen hebt en écht tot rust bent gekomen, hoezeer het "mis" was.

Zoals (neem ik aan) wel meer mensen met een tuin, hebben wij wat levende dieren rondlopen.
Sowieso een stel katten, die al dan niet van ons zijn, maar ook wat kruipende beesten met meer dan 4 poten.
Allemaal geen bezwaar. Sterker nog: al dat levende kleine grut heeft van ons een heus "insectenhotel" gekregen. Een van goedkope stukjes rest-hout in elkaar geflanst huisachtig ding, waar het volgens de makers helemaal ultiem ontspannen genieten is, voor de kleinste bewoners van uw tuin.
Ja. Het ding hangt er nu een paar weken, en de enige activiteit die ik heb waargenomen, is dat de bamboe stokjes, welke deel uit maken van dit vernuftig staaltje commercie, gevuld zijn met zand. Maar levende wezens zien we er geen gebruik van maken.
Die levende wezens maken mij wel het leven zuur onder de tegels in de achtertuin. Mieren.
Op zich heb ik geen grote hekel aan mieren. Mijn enige (onterechte?) angst is dat die mieren zo hard aan de slag gaan, dat niet alleen de tuintegels verzakken, maar dat straks ons hele huis in een mierenhoop wegzakt.
Tel daarbij op dat Jente op een gegeven moment helemaal in paniek raakte toen ze een miertje wilde oppakken (ze werd bij die gelegenheid letterlijk besprongen door een hele horde van die kleine rotzakjes), en je kunt je voorstellen dat ik niet gelukkig ben met de kolonies die zich hier gevestigd hebben.
In eerste instantie gingen we voor een miervriendelijke oplossing. Gif waarvan ze niet doodgaan, maar alleen gedesorienteerd raken, en hun huis niet meer terug kunnen vinden.
Een aanfluiting, want ze nestelen gewoon 3 tegels verderop.
Goed, dat werkte dus niet. Dan maar een wat minder vriendelijke oplossing: gewoon ouderwets, dodelijk mierengif.
Dat gif had een ongelooflijk vrolijk roze kleurtje. Als je niet beter wist, zou je zweren dat het dat knetterkauwgum was, uit de jaren '80. Dat spul dat zo lekker knetterde in je mond, als je er flink veel kwijl bij deed.
Maar dan dus giftig. Minder prettig spul, want Jente vond het maar een machtig mooi spulletje.
Maar ook dit hielp niet. Die mierenkrengen, tuffen er eens op, bouwen hun nest een deurtje verder, en leven opgewekt door.
Ik zat vanmorgen in alle godsvroegte (blijft toch lekker, dat kleine uurtje alleen, zo in de vroege morgen) buiten een sigaretje weg te zuigen, samen met een kopje koffie, en toen zag ik dus die rottige mieren rondparaderen. Gewoon respectloos, zoals die beesten het verrekken om dood te gaan, terwijl ik dat wél wil.
Dus besloot ik tot wat krassere maatregelen. Ik stiefelde op mijn slippertjes naar binnen, deed de waterkoker tot de nok toe vol, en bracht het aan de kook.
De ervaring leerde me namelijk in de voortuin, dat je mieren ook met een soldeerbrander te lijf kan gaan. Heerlijk gevoel, als je maandenlang aan moet kijken tegen verzakte tegels, met die pesterige pleurismieren, en dat je dan die witte poppen hoort ploppen in de vlammen alsof het popcorn is dat je maakt.
Maar de achtertuin-tegels vormen nog een terrasje, en omdat ik nog geen zin had om dat allemaal uit te scheppen, leek mij kokend water ook wel een goeie optie.
Hoppa! 3 kannen kokend water in die nesten gedonderd en tot nu toe (we leven inmiddels 6,5 uur verder) geen overmatige activiteit te bespeuren.
Begrijp me niet verkeerd: ik heb en sich niks tegen mieren, heus. En ik ben ook niet overmatig sadistisch of psychopatisch aangelegd, maar als ze niet wensen te verkassen (gif 1) niet wensen dood te gaan (gif 2) dan moeten er andere maatregelen getroffen worden.
Ik heb begrepen dat er in de buurt een aantal tijdelijke woningen worden geplaatst voor de aller-kansloosten van de maatschappij. Criminelen, tokkies, junks. Die overal ellende veroorzaken, en dus maar hier in containers worden gedumpt.
Misschien moet ik, als die mieren nog eens terugkeren, ze gewoon daar uitzetten.
Hebben ze in elk geval een vorm van dagbesteding die voorkomt dat ze hun criminele/kansloze/drugs driften al te zeer in deze verder nette buurt gaan botvieren.










maandag 12 juni 2017

Groene vingers? Getver, egnie!!!

De familie waaruit ik ontsproot, is niet bepaald behept met "groene vingers".
Van jongs af aan werden wij al dan niet vloekend door onze moeder de tuin in gejaagd om het onkruid tussen de tegels vandaan te peuteren. Mijn moeder liet zich in een overjarige tuinstoel zakken, en als we ook maar 1 plukje onkruid veronachtzaamden, werd er met hel en verdoemenis gedreigd.
Dit moest aansluitend aan het huiswerk, en uiteraard altijd als de (verder weinig om het lijf hebbende) kermis in het dorp was. Nee, het kon niet een weekendje later of eerder, want alleen dat weekend was er geschikt voor. Alsof ze rook dat we liever naar de kermis wilden...
Vandaar dus dat ik, op inmiddels 36 jarige leeftijd gewoon de schurft heb aan tuinieren.
Ilse heeft meer met tuinieren, maar die komt er vaak gewoon niet toe. En het toeval wil dat we zowel een voor als achtertuin hebben.
Tuinen die ik ook wel zag zitten, want het leek en lijkt me voor Jente leuk om in de tuin te scharrelen. In een zwembadje te badderen, fruitjes te snoepen en wellicht op een schommeltje stappen.

De tuinen die we kregen, bleken bij aankoop het paadje naar het schuurtje compleet te hebben verborgen onder een grasmat die hoger was dan Jente. De dennenhaag tussen ons en de buurvrouw lijkt te lijden aan obesitas met verstoppings-verschijnselen, zo dik was die, en de voortuin stond zó vol onkruid, dat er geen licht meer door het keukenraam kwam. Dat onkruid bleek ook voor diverse katten een verstopplaats te zijn, van waaruit ze de argeloze (en later van angst sidderende) postbode konden aanvallen, als die de euvele moed had om onze post te bezorgen.
Kortom: tijd om dat eens grondig aan te pakken.

De téring, wat is een tuin opknappen toch een afgrijselijk pokkewerk. We hebben ons geconcentreerd op de voortuin (want we waren de huilende postbode een beetje zat. Het is een lief mens, maar om telkens vanuit het ruisende groen te worden aangevallen door (niet eens onze) katten, is nu eenmaal geen kattenpis).
Het "terrasje" tegen de buitenmuur was om de een of andere reden 10 centimeter verzakt, en dat wilde ik ophogen met een kuub zand, en om al te veel onderhoud in de toekomst te voorkomen, had ik een kuub houtsnippers besteld, om het onkruid mee te smoren.
Vrijdag begon ik met goede moed het onkruid uit te steken. Ik heb precies 2 banen gedaan, en toen was ik het zat. Niet zozeer het werk zelf, maar meer het feit dat het zó hard regende dat ik oprecht vissen en kikkers langs zag zwemmen.
Bovendien ben ik door mijn aversie tegen tuinieren ook niet heel erg ervaren met die shizzle. Dus ik had ook eigenlijk geen idee waar ik mee bezig was.
Gelukkig heb ik de beschikking over een hele toffe schoonvader met een enorme hoeveelheid kennis en vooral energie.
Dus toen de regen eindelijk ophield, en er een waterig zonnetje verscheen, zijn we als eerste het terrasje gaan ophogen. (Daar hadden we uiteindelijk maar een halve kuub zand voor nodig, maar we hebben ook nog een achtertuin, Michiel, die de volgende keer ook komt helpen, zal niet voor niks komen).
En toen het onkruid eruit.
We hebben in een eerder stadium al wel eens geprobeerd om van die jungle iets leuks te maken, maar die poging eindigde met 2 lukraak geplante planten. En de kerstboom die ik voor minder dan 10 euro bij de Deen kocht. En daarna was de inspiratie en tijd op. Dus om die planten heen, bleef het onkruid welig woekeren.
Dus onkruid uitsteken om de echt mooie planten heen, en uiteraard wilde ik de kerstboom gewoon in de grond planten. Als statement dat een kerstboom langer mee kan dan slechts 1 jaartje.
We troffen niet alleen veel onkruid aan. Maar ook half-vergane vuilniszakken, een enorme hoeveelheid grind, ijzerdraad (???) en ovenroosters (what?).
Verse anti-wortel-doek erover en dennensnippers erover.
Wat ruikt dat lekker! En wat staat het mooi.
We hebben ook de heg tussen onze buren rechts en ons gehalveerd. Die heg kwam tot halverwege de hoogte van het huis, en was niet meer mooi een heg met van die kleine fragiele stammetjes, maar dat waren volledige uit de kluiten gewassen berkenbomen geworden. Daar zonder pardon de kettingzaag ingezet, om ze tot halverwege af te zagen. Een schokkend verschil, maar ook dit ziet er veel beter uit. Die buren zijn er zelden, dus die zullen wel flink geschokt zijn als ze het verschil zien. En ik hoop dat ze niet totaal uit hun plaat gaan.
Maar nu hebben we een mooi voortuintje dat goed smoelt, waar de postbode haar eventuele aanvallers al bij tijds weg kan jagen of omzeilen (en als ze alleen maar blauwe enveloppen komt brengen, heb ik overigens niet echt veel behoefte aan haar werkzaamheden, maar dat geheel terzijde), en waar we ook lekker met Jente kunnen drentelen.
Hoewel: om te voorkomen dat Jente meteen op straat zou gaan rondhangen, leek het me leuk om van het hekje dat we eerder al plaatsten, ook een poortje te maken, dat dicht zou kunnen. Gisteren heb ik me daarmee bezig gehouden en met groot succes. Het poortje kan open en dicht, en er zit een knap slotje op. Daarmee dacht ik Jente binnen te kunnen houden. Jammer dat ze bij de eerste pogingen al meteen ontdekte hoe het open moest. Slim kind, lijkt net haar vader. Gelukkig is het zo'n slotje waar ook nog een enorm hangslot aan kan, dus dat zal het dan wel worden.

En toen moest er een enorme hoeveelheid tuinafval weg. Van weggesnoeide hagen, heggen en weggestoken onkruid, tot verkeerd in tweeën gemepte tegels... Het moest allemaal naar de tuinafval mand aan het einde van de straat. Daar heb ik de resterende tijd mee doorgebracht. Soms met hulp van Jente een kruiwagen gevuld met al die blerf, en dan maar gaan. Omdat ik te krenterig was om 35 euro te besteden aan het huren van een aanhangertje, moest het dus in wel 20 keer op en neer. Wat een enorme bende afval hebben we eruit gehaald.

Met behulp van de schoonvader heb ik een van mijn grootste aversieën aangepakt. En ik moet zeggen: mijn rug vindt het minder leuk, maar nu we een knappe voortuin hebben, ben ik wel enorm blij met het resultaat.

Ik kreeg van mijn goede vriend Marc Zuckerberg de mededeling dat ik reeds 5 jaar met mijn huidige eega bevriend ben.
Van die 5 jaar, ben ik er 3 getrouwd (met mijn vrouw, dus) en 2 jaar vader.
En we zijn dus nu op het punt gekomen dat we de kleur voor de kozijnen moeten kiezen van ons huis.
En het zal u allen niet verbazen: dat levert vooralsnog geen echtscheiding op. We hebben beiden wat gevetoot, en beiden wat gekozen. De stalen die we bij de praxis geschikt vonden, hebben we meegenomen, om eens te bekijken op het huis. En dat allemaal in alle vrede. (Wellicht ook omdat Ilse net uit het ziekenhuis is, en ik van al dat tuinieren te moe ben om te ruziën).
Maar goed: bij het monteren van Ikea-meubels hebben we ook al geen ruzie, dus ergens ben ik ook weer niet zo verbaasd dat we het kiezen van een kleur ook kunnen zonder een waanzinnig uit de klauwen escalerende ruzie te krijgen.

Maar eens zien of we er morgen toe komen wat leuks te gaan doen. 




dinsdag 6 juni 2017

Kamperen, muziekmaken en boze burgers.

Het is inmiddels een traditie geworden dat we met hemelvaart en Pinksteren op een camping ergens in het land staan.
Ook dit jaar weer. En met een inmiddels 2+ jaar oude Jente, zijn we dus hoofdzakelijk bezig geweest met rennen. Rennen achter Jente aan, want we stonden vlak bij het speeltuintje.
Heerlijk kon ze zich daar uitleven, ravotten en haar energie kwijt. Dus daar ging ze continu naar toe, als we even niet keken.
Of rennen richting zwembad.
Wij, als ouders, zijn daar zeker per persoon 5 kilo kwijt geraakt. Want hoewel er andere kinderen bij waren die helemaal gek op Jente zijn, en best even met haar op het "spjingkusse" wilden, de verantwoordelijkheid voor Jente is van ons. En hoe leuk het spjingkusse ook is, Jente kan er behoorlijk hard van af knikkeren. De boomhut is leuk voor kinderen vanaf 7 jaar, daaronder kunnen ze een doodssmak maken als er geen volwassene is om op te letten.
Dus behalve dat het weer gezellig en leuk was, was het ook behoorlijk vermoeiend.
Een middagdutje samen met Jente was dus niet echt een overbodige luxe, zeker niet aangezien de temperaturen op bepaalde dagen tot boven de 30 graden kwam.
Jente vond het heerlijk om bij haar slaapje in het grote bed te slapen (nu is dat "grote" erg relatief in een caravan van 8 vierkante meter). En het liefst met papa of mama ("ook slapen!").
Dus als we haar in het kleine bedje deden, was het zaak om onze lange ledematen in te klappen, en ons naast Jente in dat bedje te proppen.
Dat ging in de regel goed. Tot ik mezelf heel erg snaaks en stil van het bedje wilde verwijderen. Jente sliep echt nét. Ik schoof mijn bil naar de uitgang en met een luid gekraak brak het steuntje waar het bed op rustte. Ik schrok me dood, en was als de dood dat Jente wakker zou schrikken. Dat gebeurde gelukkig niet.
Het zure is wel dat ik inmiddels dus ook echt 5 kilo ben afgevallen. En dan nu nog eens door het bed zakken.
Wel weer een goeie mogelijkheid om wat te klussen. Een houten framepje maken is een kolfje naar mijn hand.
Er moest dit jaar ook een groepsfoto gemaakt worden. En vanwege het feit dat alle kinderen en volwassenen minimaal 10 keer (zo niet vaker) achter Jente aan, het springkussen van alle kanten bekeken hebben, werd dat de locatie van de foto.
Een vriendelijke mede-campinggast wilde wel een foto maken met de mobiele Samsung.
Nu is het zo dat veel telefoons op zwart gaan als actie op het scherm te lang uitblijven. Zo ook deze Samsung.
We waren nog niet klaar met het positioneren van de groep (en vanwege het instabiele karakter van een springkussen, duurde dat best wel even) en de Samsung ging op zwart. Omdat de eigenaresse vooraan ging zitten, wilde de lieve meneer haar even om raad vragen. Hij liep naar haar toe, maar zij draaide zich wat wankel om (springkussen) en zwaaide haar arm recht op de kaak van de arme fotograaf in spé. Dat ging niet bepaald subtiel ook. Het kenmerkende kletsen van vlees op vlees was hoorbaar boven alle geroezemoes van de te fotograferen groep. Als het met opzet zou zijn geweest, zou je met recht stellen dat het een bevredigende klap moet zijn geweest.

Over anderhalve week is het zover: twee van mijn leerlingen mogen op examen. En ik weet dat ze het kunnen. Maar toch ben ik zenuwachtig. Ik neem aan dat dat voor veel van mijn collega-docenten geldt. Je bereidt het zo goed mogelijk met de kinders voor. Maar als ze dan tijdens les wéér die toonladder verprutsen, zou je ze bijna eigenhandig dat instrument laten opvreten. Dat kind heeft moeite met de hogere noten, en dit kind heeft moeite met ritme. Kortom: nog twee lessen en het moet gebeuren.
Ook ben ik tot mijn verwondering gevraagd om mee te doen met een eindexamen op het conservatorium. Normaal doe ik dat eigenlijk niet. Kost me teveel tijd en dus teveel geld (en aan een student kan je niet echt een gage vragen waar je van kan leven). Maar in dit geval gaat het om een nieuwe aanstormende collega. En het stuk waar ik mag meespelen, is dermate gaaf, dat ik om die twee redenen een uitzondering maak.
En ook hier kriebelt het een beetje. Want dit jaar vier ik mijn 10 jarig jubileum als gediplomeerd beroepsmuzikant. En ik kan me nog heel helder voor de geest halen hoe ik me voelde de aanloop er naartoe. De zenuwen. De organisatie. Het continue herhalen en doorspelen van het programma. De verwachtingen en de eisen.
En uiteraard het feest achteraf (waar ik me weinig van kan herinneren, behalve dan dat de rekening op een gegeven moment maar betaald werd door een van mijn docenten).
Dus muzikaal toch wel weer wat uitdagingen.


Ik krijg vaak de mededeling dat ik me druk maak over dingen. Of dat ik ruzie zoek, omdat ik een compleet andere mening heb (en ventileer) dan heel erg gangbaar is.
Beide is uiteraard niet waar. ik ben alleen zelfbewust genoeg om bepaalde afwijkende meningen te laten horen. Me er druk over maken, is het niet. En zeker als ik mijn blogs schrijf, blijft mijn hartslag gewoonlijk erg kalm.
Dus zullen we het erover eens zijn dat ik mezelf niet ongezond op zit te vreten achter mijn beeldscherm? En dat het ventileren van mijn afwijkende mening niet per definitie bedoeld is als ruziezoekerij?
Fijn.

Nu ik deze disclaimer heb uitgetikt, kan ik me weer druk maken over iets dat me opviel.
De burger is boos. Ten minste, zo lijkt het. En de burger is niet altijd bijzonder behept met intelligentie of zelfs maar basaal fatsoen.
Heel af en toe kan ik het niet laten om me in dergelijke discussies te mengen. In het verleden in een poging om wat redelijkheid toe te voegen, maar aangezien de "boze burger" geen behoefte heeft aan redelijkheid, noch de intelligentie heeft om daarmee om te gaan, ben ik daarmee maar gestopt.
De "boze burger" heeft zichzelf in bijna alle discussies tot specialistischere specialist verklaard (en dat kan niet anders, want geen enkel intelligent mens zou de "boze burger tot specialist verklaren) en heeft dus altijd gelijk. Als ik al reageer in dit soort discussies, is het om de boel nog wat op te stoken. De "boze burger" nog wat bozer te maken. Flauw van mij. Ik weet het. Maar ik kan niet 24/7 met die trompet aan mijn lippen zitten, nietwaar? En het schriftelijke vuurwerk dat dan volgt, is vaak te mooi om te laten gaan.
 Soms echter, nemen discussies zulke walgelijke vormen aan, dat ik met plaatsvervangende schaamte wegklik.

Een paar dagen geleden werden er twee meisjes vermoord. Afgrijselijk. Geen ander woord voor. Wat een onvoorstelbaar verdriet en pijn moet dat opleveren voor alle betrokkenen.
En de sociale media ontplofte. Mensen die er als de kippen bijzijn om de ouders en betrokkenen te condoleren. Kracht toe te wensen. Liefde toe te wensen. En dat is mooi.
Maar ook mensen die gelijk roepen dat de politie het niet goed doet. Dat de politie faalt, blundert, fouten verdoezelt.
Waar de politie nu stelt dat "het erop lijkt" dat beide zaken niks met elkaar te maken hebben, weten deze "boze burgers" het beter. En die hebben hun mening al klaar. En aangezien die mening niet strookt met wat de politie stelt (nogmaals: de mededeling van de politie duidt al aan dat ze het niet zeker weten) heeft de politie het fout.
En dit soort discussies gaan dus schaamteloos onder berichtgeving waar 80% van de mensen gewoon hun afschuw, hun verdriet, hun condoleances uiten.
Tuurlijk. Een nieuwsbericht, waar men open op kan reageren, is natuurlijk geen condoleance-register, maar als 80% van de posts condoleance-posts zijn, dan is het mijns inziens nogal walgelijk om zo'n draadje te kapen om de politie onterecht op hun flikker te geven, en je eigen mening als waarheid te etaleren op een manier waarvan zelfs basisschool kinderen al weten dat het grammaticaal rammelt als het kunstgebit van oma op een weg vol kinderkopjes in de Ardennen (wat een briljante vergelijking, al zeg ik het zelf).
De twee verdachten (ook al zo triest: beiden minderjarig) zijn door deze zogenaamde specialisten al schuldig verklaard en online gelynched. Let wel: ze zijn verdachte. Nog niet schuldig bevonden door de rechtbank, met behulp van bewijs. Maar voor de "boze burger" is een arrestatie al voldoende.
En dan zijn we bij het goeie ouwe volksgericht.
Dat vind ik gevaarlijk.
En onfatsoenlijk.
En heel erg verdrietig.
Maar me er druk om maken doe ik niet echt meer. Ik kan namelijk een ander niet veranderen. Ik kan er niet zoveel aan doen. Behalve dan de minister van onderwijs oproepen om niet te bezuinigen op onderwijs. Om meer capabele docenten aan te stellen. Zodat kansloze blaatgeneraties uiteindelijk uit zullen sterven.
Gooi er wat geld tegenaan, zorg voor meer liefhebbende en goed gekwalificeerde docenten die een goed salaris krijgen.
Hopen mag, toch?

Een frisse update.

Week twee van de relatieve lock-down. Inmiddels heb ik mij uit pure verveling gestort op allemaal klussen, van welke ik de eindresultaten t...