dinsdag 29 april 2014

Goede Tijden Slechte Tijden

Goede Tijden, Slechte Tijden.

Sinds jaar en dag op RTL4, men kan het wel en wee van het dorpje meerdijk volgen (niet te verwarren met het pittoreske Meerkerk).
Heel soms komt het langs tijdens het zappen. Op maandag komt namelijk the Blacklist na GTST. En dus wil ik wel eens wat vroeg bij RTL4 belanden.
Om steevast met gekrulde tenen te zitten kijken van plaatsvervangende schaamte. Ik ben geen acteur, maar wat men daar onder acteren lijkt te verstaan, zo zullen ze het op de theaterschool niet geleerd hebben.
Ik volg de verhaallijn niet, maar het einde doet mij vermoeden dat het al jaren geen Goede Tijden meer is geweest.
Wat mij echter tot grijnzen bracht: de mededeling aan het einde: GTST werd mede mogelijk gemaakt door Advil 400.
Zouden die acteurs zelf regelmatig last hebben van hoofdpijn, of is het meer dat men verwacht dat de kijker thuis na het zien van weer een uurtje ellende en rammelende acteurs een paar van die goudgele pilletjes achterover slaat.
Ik heb oprecht eens geprobeerd om een hele aflevering te volgen. Gewoon niet te doen.
Er loopt een homo rond. Dat kan. Maar deze knul maakt van het homoschap een karikatuur tot en met. Een belediging voor alle homo's op de aarde en omstreken.
Er loopt een surinamer rond die blijkbaar een boef is. En ook hier wordt een karikatuur van neer gezet waar je U tegen zegt. De slechtheid druipt er in dikke, slijmerige klodders vanaf. Als ik lid was van de bond van wetsovertreders (ja, die bestaat echt!) dan zou ik een klacht tegen hem indienen. Op die manier dienen boeven niet uitgebeeld te worden. Komt heel dicht bij smaad in de buurt.
(Misschien is dit ook wel een tip voor het COC, op deze manier moet je homoseksualiteit niet in de media hebben, denk ik).
De rest van de personages zal ik niet meer noemen. Nadat ik die twee gezien had, was ik wel weer klaar voor een jaar of tien.

Goede Tijden Slechte Tijden.
Ook voor wat vervoer betreft. Mijn BMW was de laatste goede auto die ik had. Toen kwam er een Nissan, en nu even autoloos, tot nader order.
Dus ik leende gisteren de bijna brommobiel van Ilse. Ik zeg bijna, want hij bromt (is een on-ge-turbo-de diesel) en is niet veel groter dan een brommobiel. Maar het ding haalt de 130 wel.
En is over het algemeen redelijk betrouwbaar.
Tot gisteren.
Tot op een kruispunt in Sliedrecht ging alles prima. En toen besloot de remvoering af te breken, en mijn achterwiel te blokkeren. Met geen mogelijkheid meer van zijn plaats te krijgen. Op een kruispunt. Dat is onhandig.
ANWB gebeld. Die zouden met een uurtje langskomen.
Een paar vriendelijke mensen boden hulp aan, maar zelfs duwend kregen we de kleine 900 kilo niet van zijn plek.
Een langskomende politieman van de forensische dienst, liet een paar uniformen komen, want de plek waar ik stond was zeg maar nogal gevaarlijk (en dit klopte want het ging een paar keer bijna goed mis, omdat langsrijdend verkeer niet goed oplette).
Uiteindelijk kwam er een politieauto langs.
De dienstdoende agente vroeg wat ik aan het doen was. Ik ging ervan uit dat ik op hun stond te wachten, maar helaas, zij waren het niet.
Uiteindelijk, na heel wat zwetende minuten kijken naar ongeduldig passerende voertuigen, kwam de wegenwacht. Die het euvel in no-time oploste. Dat wil zeggen: hij demonteerde de rem, zodat ik verder kon, en drukte me op het hart om zo snel mogelijk nieuwe remmen op de auto te zetten.

Statistisch gezien was ik denk ik aan de beurt. Maar ik heb besloten mijn beschermengel maar gewoon te ontslaan.

Vacature:
Beschermengel.
Moet stressbestendig zijn, geen 9-5 mentaliteit, betaling in dankbaarheid.
Reageren hoeft niet, gewoon zorgen dat mijn missers netjes gladgestreken worden.


dinsdag 22 april 2014

Beschermengel pt. 2



De beste man/ vrouw is dus inderdaad met langdurig en onbetaald verlof.

De auto heeft namelijk de geest gegeven. Dat kan gebeuren. Het is een oude auto, met veel kilometers en helaas heeft de vorige eigenaar hem zijn beurten niet gegeven. Toen ik dat wel deed, stierf het motorblok van pure verbazing. Er kan een nieuwe motor in, maar dan moet de koppeling ook, en dan blijf je bezig.
Ik zag mijn trouwdagrit, en de huwelijksreis in rook opgaan. Letterlijk, want de auto rookte als een gek tijdens zijn laatste rit.
Zo had ik dat niet voor ogen...


Mijn bril.
Ik kocht een bril. Van mijn verzekeraar mag ik 1 keer per 2 jaar een nieuwe bril uitzoeken. Als mijn ogen tussentijds slechter worden, heb ik pech.
Dus in januari 2013 ging ik naar de opticien voor een nieuwe, aangepaste bril, en omdat het allemaal goedkoper wordt, mocht ik er een zonnebril bij.
Ik koos voor een kunststof montuur, waarbij ik in de pootjes andere inserts kon plaatsen, die elk de bril een heel eigen karakter gaf.
Dus als ik een boze dag had, dan deed ik de inserts met de doodshoofdjes erin, en dan wisten mensen dat ze niet tegen me moesten ouwehoeren.
Zo kon het gebeuren dat mij regelmatig gevraagd werd of ik een nieuwe bril had, waarop ik uit garstigheid vaker mijn doodshoofdjesinserts (het woord van 2014) droeg.
De bijbehorende zonnebril was ik na krap twee maanden kwijt, waardoor mijn Hilfiger montuur nog goed van pas kwam.

We spreken ruim een jaar later.
Mijn aanstaande en ik lagen lekker te relaxen op de bank. Mijn aanstaande is zeg maar niet de minst lompe vrouw van de wereld. Ze wilde haar haren uit haar gezicht vegen, en mepte daarmee mijn bril van mijn kop.
Waarom ze denkt dat haar haren aan mijn kop zitten, is me tot op heden een raadsel.
Maar goed. Haar strijkende gebaar mepte mijn bril van mijn hoofd, en daarmee scheidde ze ook het linkerpootje van het montuur. Definitief. Onomkeerbaar, en volgens de opticien ook niet meer te repareren.
Toen ik (na enig knijpen, want zonder bril kan ik maar moeilijk focussen) zag dat de schade wel ernstig was, sprak ik een paar boze worden.
Secondelijm doet goed werk, maar helaas: off-center. Mijn bril staat scheef waardoor ik met mijn linkeroog wat wazig zie.
Ik raakte een heeel klein beetje in paniek. Want de verzekeraar is onverbiddelijk. Ik mag maar eens per 2 jaar een nieuwe bril, en dat betekent dat ik nog zeker 9 maanden moet scheelkijken.
Tot ik bedacht dat ik niet voor niks een WA verzekering heb. En Ilse dus ook.
Die waren niet kinderachtig. Die maken gewoon het aankoop bedrag over, en ik kan een nieuwe bril uitzoeken.

Toen ik bij de opticien was om deze bril te kopen, was de verkoopmevrouw jubelend over deze bril. Sterk, licht en voortdurend aan te passen aan mijn wensen.
Toen ik gisteren bij dezelfde opticien was, wist hij me te vertellen dat dit merk niet meer leverbaar was. In ruim een jaar tijd... En ook de inserts waren eigenlijk niet meer leverbaar. En over de sterkte van het montuur zal ik dan maar helemaal zwijgen. Een lompe tik van mens (of hond, het kan de hond ook overkomen) en het montuur is kapot.
Gezien het feit dat mijn huisgenoten allemaal erg enthousiast zijn in hun overkomen, overweeg ik een hufterproof bril te kopen.
Zo een waar ik op kan gaan zitten zonder dat de bril vervormt.

Samenleven met twee katten en een hond levert soms nogal wat strubbelingen op. De hond schudt zich eens uit, en de katten vechten dat het stuift. Haren wel te verstaan.
Dus ik ben nogal eens in de weer met de stofzuiger.
Een stofzuiger die niet bijzonder vast op zijn wielen staat. Als het ding een bocht moet maken achter mij aan, gaat hij nogal eens in volledige overgave op zijn rug liggen. Waardoor ik vaak hard aan het ding moet rukken, voor ik in de gaten heb dat het kreng weer eens op zijn luie rug is gaan liggen.
Bij een van die rukken, schiet ik door, en schaaf met mijn vinger langs een ijzeren randje van een eettafelstoel.
Het is een wondje van niks. Maar pijnlijk!
Diverse heiligen werden door mij afgestoft en ook de stofzuiger kreeg een volle verbale laag ellende over zich heen. Waarbij het kreng gewoon stoicijns op zijn rug bleef liggen.

Ik begin een beetje het vermoeden te krijgen dat mijn beschermengel op vakantie is. En ik kan hem geen ongelijk geven. Maar hij had op zijn minst vervanging moeten regelen.

Vandaag nieuwe ronde, nieuwe kansen. Ik hoop dat hij terug is. Want anders wordt het een dag om nooit te vergeten. 


vrijdag 18 april 2014

Mijn beschermengel.



Het is de lezer van mijn gedachten en avonturen misschien ontgaan: maar mijn beroep is muzikant. Ik speel trompet.
Een trompet zet je aan je mond. Je tuft er eens wat in, je ademt uit en je hebt geluid.
Roken doe je ook via je mond. Je zet de peuk tussen je lippen, en je zuigt de heerlijke tabakaroma's op. Heerlijk in de ochtend, bij het wakker worden.
Prettig om even alledag te ontlopen, en samen te klonteren met alle gezellige mensen: de rokers.
Ik wil niet impliceren dat niet-rokers ongezellig zijn, maar rokers lopen ten minste niet te mauwen over het roken.

Hoe dan ook.

Vanmorgen was ik met Noortje wandelen. Ik vind het heerlijk om in de ochtend een uurtje te wandelen met een hond die nauwelijks luistert naar haar naam, zelf meent te kunnen bepalen wanneer we waar naartoe gaan, en vind dat alle honden onderdanig moeten zijn aan haar, en en passant iedereen die in de weg loopt omver kegelt.
Als we mensen tegenkomen met honden, is er eigenlijk altijd wel tijd voor een praatje. Even snuffelen, even spelen en weer verder.

Zoals tijdens vele wandelingen, geniet ik dan van een sigaretje. Lekker kuieren met de hond en even roken.

Vanmorgen liep ik met Noortje een jochie tegemoet met een hond. En Noor wilde maar wat graag spelen.
Dat maakt ze op een heel onhandige manier kenbaar: ze gaat sluipen. De meeste andere honden, worden dan afwachtend, tot boos. Want die willen liever niet beslopen worden, en terecht.
Maar na die eerste awkward momenten, gaat het meestal gewoon goed, en snuffelen ze en wordt er gespeeld.
Zo ook in dit geval.
Er werd afgewacht door de andere hond, Noor kwam naderbij en alles ging goed.
Hoewel: twee aangelijnde honden die gaan spelen, leveren voor de baasjes nogal eens een knoopjes probleem op. Want die lijnen die gaan onherroepelijk in elkaar, en dat zorgt dan voor danspassen die in So You Think You Can Dance niet zouden misstaan.
Dus moest ik, met een peuk in mijn hand, een paar manoeuvres maken, die niet heel handig zijn, als je teveel in je handen hebt, dus ik stak mijn peuk maar even in mijn mond.

V E R K E E R D  O M!!!!!

In een fractie van een seconde merkte ik dat het mis was, en spoog onder luid gevloek de peuk op de grond. Twee honden en een jochie keken mij verbijsterd aan. Schuchter vroeg het mannetje of alles oke was.
Godzijdank was alles oke. Ik was net op tijd om kostbare brandwonden aan mijn lippen te voorkomen.
Was het bijna helemaal zo'n goede vrijdag niet.
Uiteraard wel as in mijn mond. De hele verdere wandeling heb ik lopen spauwen. Om die assmaak uit mijn bakkes te krijgen. Maar goddank waren mijn lippen in orde.

Mijn beschermengel zal vast hoofdschuddend naar me hebben zitten kijken. Om me toch maar weer, voor de zoveelste keer, te behoeden voor allemaal ellende.
Mijn beschermengel maakt overuren. Ik weet het zeker. Ik hoop dan ook dat hij/zij die overuren gewoon betaald krijgt, want vrije dagen zitten er niet in. Niet met mijn karakter, lompheid, mijn vrouw en een hond als Noor.

Om te trouwen, heb ik een leuke auto gekocht. Als trouwauto, maar ook om de rally mee te rijden.
Helaas staat die nu bij de garage, want er zijn wat probleempjes mee.
En dat komt slecht uit.
Ik hoop dat mijn beschermengel vandaag niet per ongeluk last heeft van een burn-out....







zaterdag 5 april 2014

Broodroosterleed.

Een redelijk standaard zaterdagochtend.
Ik heb vanmiddag een concertje, en dus mag ik deze ochtend rustig wakker worden.
Een paar koppen koffie naar binnen gegoten, paar peuken gerookt, lekker onder de douche gestaan, en fin, dat wat een relaxte ochtend een relaxte ochtend maakt.

Omdat het brood op is, trek ik wat uit de vriezer. Lekker witbrood.

Dat brood is uiteraard stijf bevroren, maar wel in de vorm zoals we ze kochten. Dus niet die rare mutant-plakken, die je soms ook wel aantreft als je brood uit de vriezer trekt.
Omdat ik bevroren brood niet echt heel erg appetijtelijk vind, wil ik ze roosteren. Want ik heb namelijk een redelijk moderne brood rooster.
En eindelijk na al die jaren, kom ik er achter wat mij zo gruwelijk irriteert aan brood roosteren.
Ik ben namelijk dol op geroosterd brood. Heerlijk als de pindakaas een beetje smelt. Heerlijk om een plak gebraden gehakt op een warm sneetje brood te draperen. Dat knapperige, knisperige brood in je mond.
Maar.....
De broodrooster is te klein. Of de boterhammen zijn te groot. Dat had ik bij de vorige broodrooster ook, die van mijn moeder had het, en zelfs die van mijn oma was te klein.

Als je gewoon, ontdooit brood wil roosteren (perfect voor brood dat niet helemaal meer van vandaag is), is het niet zo'n ramp. Je frut dat brood op zijn plaats, en wat je eruit krijgt is een soort van opgesteven knapperige boterham, waarvan de randjes omhoog zijn gaan staan.
Ik moet dan wel met enig beleid dat brood uit de rooster zien te vissen, want anders verkruimel ik meer brood dan dat ik uiteindelijk op mijn bord heb.

Maar als ik een bevroren boterham erin wil doen, leidt dat steevast tot geweld.
Geweld bij het invoeren van de boterham: want die snee is gewoon te groot. Ik moet al mijn krachten aanwenden om die boterham naar beneden te douwen. Zweet parelt op mijn voorhoofd, en jawel; eindelijk zakt die boterham onder zacht gescheur naar beneden. Dat gescheur betekent dat de korsten aan de zijkant verdwenen zijn.
Als het een netjes ingevroren boterham is, maakt het niet zoveel uit. Maar als het een wat minder net ingevroren exemplaar is, dan heb ik ook nog een probleem met het weer bevrijden van de geroosterde bam.
Want die is nu niet meer ingevroren hard, maar nu geroosterd hard, en dan loop ik de kans dat het ding in de rooster klem komt te zitten.
Tip voor mensen die dit verhaal herkennen: nooit met gereedschap je bam bevrijden. En al helemaal niet met metalen gereedschappen.
Je loopt kans op een totale destructie van de bam, of erger: de rooster, waardoor je a) een schok krijgt, als je vergeten was de stekker eruit te trekken, b) alle stoppen eruit vliegen, en je de volgende 15 minuten kwijt bent met het zoeken naar welke stop er vervangen dient te worden en je dus geen lekker warme bam meer hebt, maar een harde, koude.
Ergo: soms is het roosteren van een bam, gewoon de moeite niet waard.

En dan vraag ik me af: waarom slagen broodroosterfabrikanten (3 keer woordwaarde) er niet in om broodroosters te maken waarin boterhammen van de tegenwoordige tijd gewoon zonder gezeur in passen.
Of: waarom slagen bakkers (helaas, alleen maar 3 keer letterwaarde op de 'e') er niet in om brood te bakken dat gewoon in een hedendaagse broodrooster past.
Lijkt me in de tijd van Iphones, internet en zelf-inparkerende-auto's toch geen heel lastige opgave.

Overigens: over de broodrooster van mijn oma weet ik nog wel een mooi horrorverhaal:
Mijn oma hield, net als ik, van geroosterde boterhammen (geroosterd krentenbrood was helemaal het einde). Die besmeerde ze dan lekker dik met roomboter, marmelade of oude kaas.
Ook gestampte muisjes van de Ruijter waren een delicatesse.
Maar mijn oma werd allengs ouder, en ook de hulp in de huishouding kon met haar 80 jaar echt geen jonge bloem meer genoemd worden, dus kreeg mijn oma steeds meer huisdieren. Muizen.
En die muizen wandelden opgewekt over mijn oma heen als ze zat te dutten in haar luie stoel.
Maar ook in de keuken waren ze een frequente gast.
Want opruimen of schoonmaken, dat kon de hulp in de huishouding niet.
En mijn oma, de optimist, schoot in de lach als wij het over die muizen hadden. Het was er toch maar één. Jaja. Die jij ziet, dat is er maar 1. Het gaat dus ook meer om de muizen die je niet ziet...
Hoe dan ook, op een goeie ochtend was ze in de weer om een lekker ontbijtje te maken. Ze vond dat het deze keer wel erg lang duurde, en dat er ook een wat penetrante geur uit de keuken kwam.
Aangekomen in de keuken, werd de geur sterker, en was er ook een behoorlijke walm te zien.
Die kwam uit de broodrooster.
Nadere inspectie van de broodrooster stemde haar zeer, zéér verdrietig.Toen ze haar bammetjes in de rooster plaatste, had ze niet gezien dat er twee muizen onderin zaten, die afgekomen waren op de broodkruimels erin.
Dus had ze de muizen bedolven onder twee sneetjes brood, en vervolgens de rooster aangezet. Met muis en al...
Omdat mijn oma geen vegetarier was, maar ook niet bijzonder gebrand (vergeef me de woordspeling) op vlees die ochtend, heeft ze het hele apparaat met enige spijt, vooral vanwege de voortijdig gecremeerde muisjes, maar weggegooid.

Reden voor mij om hoe dan ook, voor ik mijn bammetjes probeer te roosteren, de rooster even goed te inspecteren. Ook ik lust graag vlees, maar muizenvlees komt nadrukkelijk niet voor op mijn bucketlist.




dinsdag 1 april 2014

Beesten en trouwen!

Ik ben opgegroeid met honden. Volgens de overlevering leerden mijn zus en ik zelfs lopen met de hond. Dit door ons op te trekken aan -jawel, het arme beest- zijn ballen.
Mijn moeder wist te melden dat ze nog nooit een zwarte hond wit had zien worden van de pijn, maar goddank, het beest was te goedaardig om ons een corrigerende hap uit het gezicht te bijten.

Bas, de voorgenoemde hond ging uiteindelijk dood (mét ballen) en een paar jaar later deed Sam zijn intrede.
Waar Bas een stevige, mannelijke kerel was, die ook blijk gaf van enige intelligentie, kunnen de dat van Sam niet zeggen. Sam was meer de vrolijke clown. Maar ook een vriendje van jaren.
Helaas niet gezegend met een goeie gezondheid: meermalen moest tandsteen verwijderd worden (de laatste keer, was er niet alleen tandsteen verwijderd, maar ook hele stukken tand waren afgebroken, en de hond was op plekken kaal geplukt als een kip. Uiteraard hebben wij deze 'dierenarts' onvriendelijk gedag gezegd) en uiteindelijk waren diverse tumoren de reden dat wij deze trouwe vriend ook moesten laten hemelen.

Na mijn studie, verhuisde ik, en kreeg ik katten. Claus alleen, en Colette zocht ik samen met mijn aanstaande uit.
Claus is de norsig overkomende, maar in de grond heel vriendelijke kater. Colette is de adhd poes, die alles doet wat wij in onze wijsheid verbieden.
Tel daarbij een Ozzy op, die met zijn teckel karakter ook al een eigen idee over het leven in onze stulp had, en je raadt t al: het was zelden echt rustig.

Zeker in de beginperiode dat Colette en Claus nog veel met elkaar vochten, was Ozzy vaak degene die brommend de beide vechtersbazen tot de orde riep. Ozzy was namelijk al wat ouder, en gehecht aan zijn rust (op de bank, waar hij helemaal niet komen mocht, maar dat terzijde).

Ozzy stierf, en we hadden eigenlijk het idee om nog even hond-loos door het leven te gaan.
Maar ja....
Als er iets op je pad komt, kun je erover struikelen, je kunt erom heen, of je kunt het oprapen en meenemen.
Dat was dus Noor.
Ik blijk meer een hondenmens dan ik als kattenbezitter van mezelf had bedacht.

En omdat Noor een besluit van Ilse en mij was, begin ik inmiddels te wennen aan 3 maal per dag minimaal een uur te lopen. De blaren onder mijn voetzolen beginnen te veranderen in eelt, en ik hoef na afloop niet meer als een oud mensje uit te puffen.
Noor is een specifiek karakter: lomp, speels, vriendelijk en jong.
Haar manier van affectie tonen: speels, maar heel geniepig in een dun velletje happen. Dan is ze dus blij dat ze je ziet.
Ook is ze behoorlijk stiekem: als ze op weg is om iets verbodens te gaan doen, dan grijp ik tijdig in. Maar soms is ingrijpen niet nodig. Opgewekt huppelt ze naar de kattenbak, ziet mij kijken en achterbaks als ze kan zijn, stort ze haar hoofd in de waterbak om 'braaf' te gaan drinken. Als ze dan denkt dat ik niet kijk, sluipt ze alsnog naar die zo felbegeerde kattendropjes om eens even lekker te snacken. Jammer, maar ik heb haar in de gaten. Met een boos 'NEE' roep ik haar tot de orde.
Maar ja, de volgende ochtend vind ik dan de sporen van kattegrit naar haar plaats toe.
Mevrouw weet van niks, en springt opgewekt tegen me op. Alsof die kattendropjes vanzelf naar haar zijn toegewandeld.

Ze is een lastige, maar lieve aanvulling op ons leven.

Stiekem hoop ik dat Noor tegen de tijd dat we gaan trouwen wel luistert, en dat zij de ringen naar ons toe komt brengen. Dwars door de trouwzaal galopperend, her en der een omweg nemend, met dat doosje ringen op haar rug, of in haar bek.
Maar de waarheid gebiedt te zeggen dat die kans erg klein is. Ik geloof niet dat ze dom is, maar heel veel intelligentie durf ik haar op dit moment niet toe te dichten.

Ik moet nog steeds een trouwpak gaan uitzoeken.
Een witte? Ten slotte trouwt Ilse niet in het wit, maar in het roze (ja....) dus misschien moet ik maar in een wit John Travolta pak trouwen, met een krullenpruik op en een grote jaren 60 zonnebril.
Een nadeel aan een Travolta pak: ik ben zeg maar, iets ronder en gezonder van vorm. Dus of een knap uitgesneden pak mooi sluit rond mijn buikje is de vraag. En dan roze crocs eronder.
Ik denk dat ik dan klappen krijg van de aanstaande.
Misschien is een blauw pak dan beter. Hemelsblauw, of baby blauw, met rode schoenen, en een geel vlinderdasje met zwarte bolletjes.
Of misschien wel zalmroze met zwarte schoenen met witte veters en een zandkleurige stropdas met een gitaarspelende Bugs Bunny erop.

Fantaseren mag...
Als het maar goed weer is, zodat het dakje van de auto kan.
 Over de barrelrace is helaas nog niks bekend. Dus dat is nog even afwachten.

Genoeg geouwehoerd maar weer.
Over naar de orde van de dag. Lesgeven aan een paar van de leukste kinderen in Nederland!



Een frisse update.

Week twee van de relatieve lock-down. Inmiddels heb ik mij uit pure verveling gestort op allemaal klussen, van welke ik de eindresultaten t...