donderdag 27 juli 2017

Verven, auto's en fietsen.

Ga eens met een peuter van 2 naar de Gamma om verf te halen.
Je moet toch even kijken naar welke kleur je wil hebben (de kleur "limegroen" en "appeltjeswit" waren blijkbaar niet bij de Gamma meer te koop). En als je globaal de keuze hebt gemaakt (groen, rood, blauw, grijs, zwart, geel) moet je je gaan verdiepen in allerlei subkleuren. Een hele muur vol. De ene wat feller, de ander wat doffer.
Voor dat we de kleur bepaald heben, zijn we sowieso al een half uur verder, want om de haverklap neemt Jente de kuierlatten om andere mensen de spreekwoordelijke pis lauw te maken. Of het winkelpersoneel, die op handen en voeten achter haar aan kruipen om alle uit de schappen gerukte blikken verf, terpentijn en andere shizzle weer terug te zetten. Ik schaam me niet zo snel, maar ik had er wat momenten bij, zeg maar.
Soit, groen.
Dan zijn we er nog niet, want dat varieert van "appeltjesgroen" (die hebben ze dan weer wél, en vraag me niet naar de logica van wél appeltjesgroen bij de Gamma maar niet appeltjes wit, die ze bij de Praxis dan wél hebben maar bij de gamma weer niet...) tot "salamandergroen", "mooi" (ja, echt, zo heet die, een "lelijk" hadden ze dan weer niet) en "waait". En ondertussen dus weer als een volslagen debiel Jente te pakken nemen, voor ze een fles ammonia aan haar mond zet.
Maar we hadden een kleur.
"Die is wel heel erg fel, hoor. Mijn vader zou echt boos worden als ik dat op de ramen zou smeren". Aldus de verfspecialist. "Dit slaat je gewoon tussen en op je ogen als je lekker buiten zit".
Balen, weer terug en weer hopen dat Jente het wat beschaafd houdt. Ik geloof dat geduldig wachten nog niet echt tot haar competenties behoort.
Dan heb je dus een adviserend gesprek met zo'n verfmeng-knul, die echt wel verstand van zaken lijkt te hebben, maar dan kun je alleen maar met je linkeroor luisteren, want in je rechteroor zit je 2-jarige peuter te kakelen (of erger: te krijsen). Stereo informatie opdoen die totaal niks met elkaar te maken heeft. Geen wonder dat mijn hersenpan dat niet allemaal goed verwerkt.
Goddank hebben we nog geen definitieve keuze gemaakt. Dat wil zeggen: qua kleur zijn we wat milder gegaan. Maar omdat we niet de maten van deuren en kozijnen mee hadden genomen, konden we nog niet zeg maar de juiste hoeveelheid bestellen. En of we hoogglans of zijdeglans wilden. Onze eerste reactie was zijdeglans, maar de schoonvader wist te melden dat zijdeglans eerder vaal wordt en hoogglans langer mooi blijft, gaan we toch maar voor hoogglans.
En dan is het nu wachten op mooi weer, schuren, schoonmaken, kwasten en fris! O, en niet geheel onbelangrijk: Aangezien Ilse werkt, zal ik Jente tijdens het klussen toch echt naar het kdv moeten brengen, want ik zie mezelf niet echt in staat om tijdens het verven Jente ervan te weerhouden die verf te gaan drinken. Of de katten van een leuk kleurtje te voorzien. Of erin te gaan staan, en vervolgens door heel het huis te klossen. Of papa's nieuwe auto ermee in te smeren. "Jente zelf doen!!".... Ik ben niet geheel onhandig geworden om met links iets totaal anders te doen dan met rechts (Jente vast houden, in bedwang houden, iets te eten of te drinken in haar mond schuiven, of te "knuffe" zoals ze dat zelf zegt), maar schilderen -wat ik nog niet eerder heb gedaan- en Jente onder appèl houden, lijkt me nog geen sinecure. Zeker als dat moet vanaf een wankel trappetje.

Over papa's nieuwe auto gesproken: het zit heerlijk, rijdt geweldig, is supermooi en ik heb nog een klein to-do lijstje voor haar.
Het eerste puntje was de sleutelset. Ik had er namelijk maar 1. De reservesleutel. De sleutel met afstandbediening was weg. De sleutel van de trekhaak ook.
De sleutel met afstandbediening had ik via een fijne dealer besteld, evenals een frisse mattenset (zeker ook door de vorige eigenaar opgevreten?). Hoe fijn is het als je gewoon op het knopje drukt, en het werkt.
De sleutel voor de trekhaak bleek een moeilijker probleem.
Eerst maar eens bij een slotenmaker om raad vragen. Die heeft zijn best gedaan, maar dat lukte toch niet. Vloekend hebben we samen op de grond, half onder de auto gelegen om die trekhaak erin vast te rossen. Maar het lukte maar niet. Toen naar de dealer, ik was er toch voor die sleutel en mattenset. Die kon er ook weinig mee, en adviseerde me naar bosal te bellen. Maar bosal heeft zijn trekhaken-divisie afgestoten, dus of ik daar heel ver mee zou komen... Ik werd allengs wanhopiger. Want in de straat staat nog steeds onze caravan. Die ik niet meer met de vorige auto kon vervoeren. Maar dus ook nog niet met de huidige.
In een vlaag van wanhoop, ben ik toen naar de Kwik-Fit gereden. (Om alle gezeik voor te zijn: ja, ik heb bijzonder positieve ervaringen met de kwik-fit in Tiel, en inmiddels ook in Almere, dus bespaar me het gezeur over droevige verhalen, heel sneu voor je, maar dat zijn niet mijn ervaringen).
Mijn verhaal uitgelegd, de manager onderbrak me, vroeg me mijn auto binnen te zetten, de man deed "klik-klak-klonk" en hij zat vast. Hoe precies, meneer? Nou: "klik-klak-klonk"... Ik wilde mijn portemonnee trekken, maar dat hoefde niet. Hoezo slechte service bij Kwik-Fit.
Stom toevallig hoorde ik een tip van iemand over mijn buitenspiegels. Madame Jeanette, klapte zelfstandig haar spiegels in als ik haar afsloot (dat wil zeggen: de linker, de rechter had die functie in de wilgen gehangen, het is en blijft Frans, nietwaar?). En ik vond het jammer dat Reneé dat niet doet. Iemand wees me erop dat ik gewoon een knopje 10 seconden ingedrukt moest houden, en dat het dan wel weer zou werken. Ik deed dat, en het werkte. Dus ook Reneé doet keurig netjes haar spiegels naar binnen als ik haar met de afstandsbediening afsluit.
Maar er zijn meer wensen. Sowieso komen er zaterdag nieuwe wielen onder, en moet de afleverbeurt nog gebeuren.
Gelukkig heeft dat nog wat tijd.
Maar het is een ongelooflijk fijne auto, die de caravan nog behoorlijk goed van zijn plaats krijgt.

Genoeg geleuter over mijn auto.

En door naar een vervoermiddel op twee wielen, zonder mechanische aandrijving: de fiets.
Jarenlang heb ik vriend en vijand tegen me in het harnas gejaagd met mijn ongenuanceerde gemekker over fietsers in het algemeen en wielrenners in het bijzonder.
En ergens vind ik dat ik absoluut een (ongenuanceerd, maar toch) punt heb. Het zijn suicidalen allemaal. Wanen zich beschermd door de (achterhaalde) wet en menen de koning van de weg te zijn. Arrogant, asociaal en agressief. Allemaal.
Ik heb een fiets. Jazeker. Ik heb een hele mooie blauwe fiets. Zo'n kronan-achtige. Google maar eens. Op de rommelmarkt in Den Helder gekocht. Heeft achtereenvolgens in Ede, Tiel, Rotterdam en nu Almere stof en roest staan vergaren. Twee lekke banden, beyond repair. En de rest zal het inmiddels ook niet meer doen. Voor 4 cent de kilo aan oud ijzer, is het niet interessant om hem te verkopen, dus het ding blijft staan waar hij staat.
Mijn schoonvader heeft meerdere fietsen. Vindt dat leuk om te doen. Een daarvan is een hele oude Gazelle wielrenfiets. Met campagnolo derailleur en remmen. (In de jaren dat Jan Janssen de Tour de France reed en/of won, was dat helemaal hip en happening). Of ik daar niet eens een rondje op wilde fietsen, want ik wilde toch wat aan mijn volrondigheid gaan doen?
En toen volgde een heel relaas over hoe soepel en fijn dat ding wel niet zou fietsen.
Uit beleefdheid en met angst en beven (serieus, waarom willen mensen op banden rijden die smaller zijn dan de omvang van mijn pink???) opgestapt. (De eerlijkheid gebiedt me te zeggen, dat het zadel in zijn laagste stand te hoog was om even soepel mijn been over te slingeren, en dat leidde dus tot nogal wat hilariteit, vooral bij schoonvaderlief).
Maar goed, ik had mijn been er eindelijk over, en toen begon de ontdekkingstocht. Waar zitten de remmen? Oh, fuck... Helemaal onderaan die rare slinger die dat stuur blijkbaar moet maken. Dus diep voorover duiken, in de hoop dat de zwaartekracht me niet onverbiddelijk ter aarde doet storten, en in die remmen knijpen. Bijna over mijn voorwiel gelanceerd worden, omdat de rem die ik het enthousiaste bekneep toevallig de voorrem was.
Toch maar weer vaart maken. Klotsende oksels van angst, want het wijkje van mijn schoonouders heeft nogal wat haakse bochten, met hoge heggen, dus als er een auto komt, zie ik hem pas als ik op de motorkap lig, zeker in de stand waarin ik op zo'n wielrenfiets zit.
Dat zitten... Er zit een heus wielrenzadel op. Letterlijk balletje links, balletje rechts en piemeltje over de volledige lengte van het zadel. Die schuift dan naar links en rechts, al naargelang mijn benen omhoog of omlaag trappen. Het zal wel gewenning zijn, maar ik heb ergens wel respect voor mensen die daar complete koersen op rijden. Totaal geschift. Dat is toch, los van alle risico's die die mensen willens en wetens nemen, niet meer gezond te noemen? Ik meen ooit een onderzoek gelezen te hebben over slecht functionerende mannelijke delen. Ik snap nu dat artsen zich daar zorgen over maken.
Maar...
Maar eigenlijk vond ik het best leuk. Het fietste inderdaad bijzonder soepel. En als ik de werking van de remmen een beetje leer kennen, en wen aan de totaal bezopen houding (je kunt dus bijna niet recht voor je kijken, want je zit voorover gebogen) en een lycrapakje scoor (oh nee, dat weiger ik trouwens. Dan word ik zo dikke vent in lycra en daar pas ik voor), dan zou ik het best wel vaker willen doen.
Ik moet dan alleen op zoek naar een plek waar ik ongestoord kan leren fietsen, ver weg van de openbare weg. Niet alleen omdat ik nog langer van Jente en Ilse wil genieten, maar vooral ook omdat ik niet graag uitgelachen wil worden, en vooral ook omdat ik overige verkeersdeelnemers niet lastig wil vallen.
Wellicht komt hier een update over.
Ik blijf overigens opgewekt doormekkeren over fietsers, geen zorgen.














vrijdag 21 juli 2017

Medisch bulletin en vakantie.

Gekscherend heb ik me afgelopen tijd een paar maal laten ontvallen dat ik dit jaar vier dat ik 10 jaar beschik over een wat ruime behuizing. (Oftewel: ik vier mijn 10-jarig jubileum als dikkerd).
Een week geleden werd ik tijdens wat administratieve werkzaamheden op mijn werk een beetje duizelig. Dat vonden mijn collega-BHV'ers niet echt jofel, dus die sleepten mij (terecht) naar de dokter. Die kon uiteraard niks vinden, maar vond een bloedtest wel noodzakelijk. De uitslag kwam gisteren: niet zoveel aan de hand... Maar....
Mijn bloedsuiker op nuchtere maag was wat hoger dan normaal. En, volgens deze piepjonge dokterin (dokteres?) (artsin?) (geen vervrouwelijking van een dokter?) zou dat mogelijk kunnen wijzen op een beginnende diabetes.
Toch wel iets om op te letten. Letterlijk een goeie waarschuwing.
Of ik erg geschrokken was van dit nieuws, vroeg de arts me.
Niet echt. Ze maakte niet echt de indruk alsof mijn leven in acuut gevaar was, er werd geen ambulance gebeld en ook werden er niet allemaal spuiten met insuline in mijn lijf gerost, dus vind ik ook niet dat ik het groter moet maken dan het is.
Ik moet het niet groter maken dan het is, maar het is natuurlijk wel een moment waarvan ik denk:"Goh, zou het niet eens een goed idee zijn, om toch een keer iets aan sp... spo....sprrrt.... Sporten te gaan doen?"
Dus toch een setje renschoenen te halen, en mezelf met ongelooflijk veel frisse tegenzin aan het rennen zetten? Ik zie het al helemaal gebeuren dat zelfs de meest lafhartige klote hondjes van de passerende medemens op hun rug rollen van het lachen als ze mij al dravend voorbij zien komen.
Als ik er zo over nadenk, moet ik mijn lichaam -denk ik- best wel bedanken. Mijn hart had ook kunnen zeggen:"Ik leef niet meer voor jou". Dit is wel een heel milde wake-up call. Maar als ik nog erg lang van Jente wil genieten, is het misschien wel een heel erg noodzakelijk vreselijk kwaad.

Maar er is ook leuk nieuws.
 Zoals bekend, ik had meer pech, het afgelopen seizoen. Ik reed mijn trouwe C5 station (Madame Jeanette) tegen een vangrail, toen ik mezelf letterlijk het licht uit-hoestte. Ik kreeg van een maatje voor heel erg weinig geld een auto, om even wat tijd te krijgen voor meer budget. De auto die ik kreeg, zou tot de apk rijden, en los daarvan waren er een paar zaken die beter zouden moeten. Lang verhaal kort: de tijdelijke auto bleek haar stervensproces te hebben versneld, nadat ik er verkeerde brandstof in had gegooid (lomp van mezelf) en nadat iemand met minder hersens dan een doorgekookte garnaal de accu's verkeerd aansloot. Dus ik besloot dat er eerder een betrouwbare auto voor terug moest komen, en dat de Citroen Xantia naar de eeuwige snelwegen mag vertrekken. Ze heeft haar taak als tijdelijke auto goed vervuld. Gelukkig had ik wel iets van tijd, zodat ik kon gaan rekenen. LPG? Diesel? Station? Tot ik bovenstaande auto zag staan. Die kleur. Nog nooit heb ik een auto op kleur gekocht. Maar alle rekenarij ten spijt, toen ik deze zag staan, met aantoonbare onderhoudsgeschiedenis, acceptabele kilometerstand, ben ik spontaan al die cijfers vergeten. Wat ziet ze er mooi uit. Die kleur, die moest ik hebben. En wat rijdt ze lekker. Ik kreeg te horen dat dat behoorlijk vrouwelijk schijnt te zijn. Een auto op kleur kopen. Boeiend. Ik ben er blij mee. Tuurlijk is ze niet vlekkeloos. Het is dan ook geen auto van 15.000 euro. Maar dat zijn puntjes die ik lekker de komende tijd ga oplossen, als ik ze al oplos. Morgen mag ik haar halen, en op de terugweg een naam voor haar verzinnen. Dit geheel met dank overigens aan mijn vader, die ook vind dat ik in een betrouwbare auto moet rijden.

Het is dus vakantie. Vandaag heb ik mijn laatste dienst van het seizoen gedaan. De wandelaars van de vierdaagse op de via gladiolen naar binnen getoeterd. Mijn overhemd wordt bij deze dienst altijd een tint donkerder van het zweet. Verstand op nul, spelen en marcheren maar. Bij terugkomst alle collega's  een fijne vakantie wensen, en op naar huis, om daar een heerlijke geur waar te nemen. Mijn meissie heeft het eten klaar. Omdat dit met ons leven en rooster niet een vanzelfsprekendheid is, is het extra leuk als dat wel een keer kan. En geniet ik er met volle teugen van.
Het was, los van de ongemakjes wel een tof seizoen. Gave tv-opnames voor de EO, een gave concertreis naar Polen, en een ongelooflijk toffe CD-opname voor Epica. 2 leerlingen met mooie cijfers geslaagd voor een muziek examen, het ontdekken van een nieuwe hobby (semi-amateuristisch prutsen met hout).
Het is dus vakantie. Lekker niks doen, hoewel dat wat relatief is, heb ik het vermoeden. Want we hebben ook nog een kleine oplawaai, die al behoorlijk eigenwijs, eigengereid, eigenzinnig begint te worden. En dan hebben we ook nog zoiets als het plan: verven. De kozijnen en de ramen/deuren.

Die foto's posten we later wel weer.

Heerlijk even met de pootjes omhoog.

Voor iedereen die op vakantie gaat: goeie reis, stay safe, rust uit en tot snel. 





dinsdag 11 juli 2017

Een leuke trip!

What happens in Poland....

Een tripje met onze kapel is wel eens minder leuk geweest. Wel eens minder gezellig en muzikaal minder bevredigend.
Dit concertreisje was in alle opzichten een verfrissing. Een verademing.
Laat ik beginnen met stellen dat ik verbluft ben door de ontdekking dat er collega's zijn die beschikken over onvermoede talenten.
Eervolle vermelding voor vriendjes Jurgen en Kobus (ja, daar zijn ze weer! Nee, niet omdat ze in de kleinste uurtjes ineens boven op mij kwamen liggen!) die ongelooflijk goed verhalen kunnen vertellen. De verhalen zelf kan ik om heel erg diverse redenen niet herhalen, maar ze zorgden er wel voor dat ik nu nog buikpijn heb van het lachen. En op het moment dat we in de lach schoten, bestond er serieus risico op falen van genitale spieren die de urine binnen moesten houden.
Deze verhalen verdienen een podium dat ik ze niet kan geven, omdat het niet mijn verhalen zijn, en ik hoop dat een van deze twee helden ooit de inspiratie krijgen om ze op te schrijven.
Eervolle vermelding ook voor vriendjes Berjan en Robert (het gaat niet chronologisch) voor hun redenaars-talent. Ze kregen een heel orkest stil en aan het brullen van het lachen met hun droge uitspraken en hun mild cynische plagen van orkestleden. En dit zonder uitgesproken lullig te worden of te schofferen. Ook dit is een typisch gevalletje van:"daar had je bij moeten zijn".

En uiteraard hebben we lekker muziek zitten maken.
Kom ik op mezelf uit. Ja, ik ben een getalenteerde muzikant. Maar manmanman, wat ben ik een ongelofelijke zenuwenlijder. Ik moest een klein solootje spelen. En dan zit ik me de 2 of 3 stukken van te voren helemaal op te vreten. Ik voel mijn bakkes droog worden, ik voel hoe mijn rechtervoet (tot terechte irritatie van Martijn) zich onttrekt aan mijn controle en begint te wiebelen. Het zweet begint te stromen uit alle poriën van mijn handen, waardoor ik niet alleen zenuwen heb, maar ook de angst dat mijn trompet uit mijn kleddernatte handen glibbert en mijn maag lijkt zichzelf op te knopen. Voor 3 maal 15 maten! Hoe deed ik dat dan in vredesnaam ook weer op mijn eindexamen (nu toch al weer een slordige 10 jaar geleden)? Ik kan het me werkelijk niet meer voor de geest halen.
Ik zit voor mijn gevoel te stuntelen en te worstelen met mijn mondstuk, mijn trompet, en mijn volronde lijf. WTF?!??! Waar komt dat dan toch vandaan?
Met vriendje Martijn speel ik nu alweer meer dan 10 jaar samen, en ik vroeg hem of ik vroeger ook al zo'n zenuwpees was. En zijn eerlijke antwoord was ja. Dan is dat in elk geval niet veranderd. Of verbeterd.
Nuchter bekeken weet ik dat ik het prima kan spelen. Dat ik me nergens zorgen om moet maken. Maar ja, zie maar eens nuchter te blijven als je adrenaline iets heel anders aan het doen is.

Uiteraard hebben we mooi muziek gemaakt. En uiteraard mag ik me weer verheugen in het feit dat ik in een orkest speel waar er collega's zitten die ongelooflijk goed kunnen soleren of juist ongelooflijk goed kunnen dienen. Waarin we samen een mooi concert neerzetten, waar het publiek en organisatie heel erg enthousiast van werden.

Polen. Een prachtig land. Echt waar. Rijdend in de bus (een heel erg luxe bus, afgestaan door collega's van een van de Poolse militaire orkesten) zagen we hoe mooi de omgeving was. Hoge heuvels (bergen?) bossen, rivieren. Genoten van het uitzicht.
En dat combineren met de haast grenzeloze gastvrijheid. Niet heel erg warm of amicaal, maar wel heel erg vriendelijk.
Het eten was er van hoog niveau. Ze trokken alles uit de kast om het ons naar de zin te maken. En gesmuld hebben we. Plaatselijke kazen en vlezen. Om je vingers bij af te likken. (Een bijzonder detail: een dessert was ons wat vreemd. Het was een soort van spierwit spekvet met bruinige bolletjes erin, nagenoeg smakeloos, en nadat wij in onze onwetendheid er flinke klodders van op ons bord plempten, bleek het toch wat lastig te zijn om het op te eten. Werd helaas ook wat weinig informatie bij gegeven dus de bedoeling ervan bleef ondanks de helder witte kleur, toch wat duister).
De in het zuur gelegde haring met pittige rode uien erin, was geniaal, hoewel bij het ontbijt zelfs mij wat te machtig.
Maar over het eten geen kwaad woord. Polen is culinair gezien best wel een land om eens naartoe te gaan. En het kost er geen drol (gezien het onderwerp, is dat misschien een wat dubieuze opmerking, maar soit).
Als ik dan toch kritisch mag zijn: koffie, dat snappen ze daar niet zo goed. Toen ik vanmorgen mijn eerste kopje nespresso tapte, kreeg ik na een goeie 5 dagen bijna een overdosis cafeïne in mijn lijf. Ik zit nu nog te stuiteren. De koffie was er gewoon wat aan de waterige kant. Het smaakte ernaar, maar was het net niet. 
We gaven er drie concerten, waarvan twee buiten. En bij de twee buiten concerten regende het. Je zou zeggen: wat sneu. Dan speel je voor een leeg plein.
Niets was minder waar. Al ver voor aanvang van de concerten stroomde het plein vol. En als er buien overtrokken, was er niemand die angstig wegrende. Niemand gaf er de b(r)ui aan. Men bleef zitten. Koel, vasthoudend, standvastig. Alsof er niks aan de hand was. Totaal niet genegen om zich door een lullig hoosbuitje weg te laten jagen, trokken mensen poncho's over hun hoofden, staken paraplu's op, of bleven gewoon zitten. Boeide niks. Dat concert wilde men niet missen, punt! Dus zaten wij, wél droog, niet voor lege pleinen, maar voor volle, doorweekte, pleinen te spelen. Kom daar in andere landen maar eens om.

De laatste dag werden we naar Krakau gebracht. We konden in die prachtige stad nog eventjes rondkijken.
Met een klein groepje wilden we aanvankelijk naar een van de Schindler-fabrieken gaan, maar daarvoor waren geen kaartjes meer beschikbaar, dus stapten we (als professionele toeristen) in een electrisch toeristenbusje voor een heuse rondrit door de stad. Mooie en indrukwekkende dingen gezien en gehoord, maar wij zouden geen mannelijke toeristen zijn, als we niet door de vrouwelijke gids af en toe toch wat norsig op onze plek werden gezet. Rechts van ons zaten namelijk twee bloedmooie meiden op de grond prachtige schilderijtjes te maken, maar blijkbaar ging het verhaal over een gebouw aan de linkerkant.
Toen we wat al te enthousiast deze schilderende meiden begroetten, werden we nogal bruusk tot de orde geroepen:"Gentlemen!!! The building is on the left side!!!!".  Oeps... "Sorry M'am".  En blozend ging de tocht verder.

Toch is me iets opgevallen de laatste weken.
Als je werkt, is je beloning en je waardering, je salaris. Maar het is ook wel goed om af en toe te horen dat het fijn is dat je er bent.
Onze commandant heeft dat goed begrepen. Fijn om te horen dat je welkom bent. Fijn om te horen hoe leuk het was. Te horen hoe mooi hij het vond. Hij schiep, samen met de roadie (die helaas afscheid van ons gaat nemen) de perfecte omstandigheden. Dit tweetal heeft echt goed werk verzet. Dit tweetal heeft ons goed ondersteund, zodat wij alleen nog maar ons werk hoefden te doen. En dan hun enthousiasme horen over onze prestaties, is erg fijn.
Net als onze gastheren. Die elke keer, zonder uitzondering hun waardering uitspraken.
Dat maakt het werken toch net een stukje leuker.

Over tot de orde van de dag. Nog 1 dagje lesgeven, nog wat losse repetities en dan is het zomervakantie. Ook wel lekker, sterker nog: ik verlang ernaar. Want stiekem heb ik mijn vrouw en mijn dochter toch wel heel erg gemist. En, afgaande op de videootjes die ik kreeg, zij mij ook.


maandag 3 juli 2017

Huiselijkheid

Vorig jaar, zo rond deze tijd, was ik ineens huiseigenaar. Met een hypotheek op mijn nek van anderhalve ton. (En als je alle kosten meerekent, bijna 2).
Dat ging niet zonder slag of stoot, en tijdens het feestelijke moment van het ondertekenen van de hypotheek en koopcontract was de grote afwezige: IK.
Want doordat banken over het algemeen al niet meer weten wat serviceverlenen of klantvriendelijkheid is, is dat bij het aanvragen van een hypotheek nog veel erger. Dan veranderen banken en hun medewerkers in afgrijselijke hellehonden, die je het liefst standrechtelijk zou executeren, maar dat doe je niet, omdat je dan zeker weet dat je geen hypotheek meer nodig hebt.
Ondergetekende zat op dat moment met een clubje muzikanten op Curacao. (Dat was al gepland, en mijn baas kon geen rekening houden met nodeloos dwarsliggende kutbanken, zelfs niet als het een door de staat omhooggehouden ABN is). Maar goed, Curacao is ook niet verkeerd.
Inmiddels zijn we een jaar verder, hebben we de eerste lekkage in huis al gehad, en had ik al gemopperd over de aanwezigheid van vele mieren? Nou, die beesten hebben dus ergens een ingang naar binnen gevonden, dus ook dat moest even gerepareerd worden. Want ondanks dat Jente "miethus", of "spinnuthus" wel heel interessant vindt, vond ze deze invasie toch wat griezelig. En ik vond het ronduit intimiderend. Dus opzuigen en alle gaten gedicht waar ik ze uit zag komen. (Dat was er maar één, maar voor de zekerheid hebben we alles tegen de buitenmuur maar opnieuw gekit en gevoegd, want anders blijf je die krengen doodtrappen, en daar heb ik geen zin in. Maakt toch wat vieze vlekken op de smetteloos (ahum) witte vloer.
Inmiddels zijn zowel voor-als achtertuin begaanbaar (en de voortuin zelfs mooi) gemaakt, en staat de volgende klus al op de planning.
Het schilderen van kozijnen en ramen. Ook dat heb ik nog nooit gedaan, maar "as we speak" hebben we besloten dat de ramen een "lime-groene" kleur krijgen, en de kozijnen "appel-wit".
Dat "lime-groen" is een kleur die dus een beetje richting de binnenkant van een limoen gaat, maar dan wat chemisch versterkt of zo, en dat "appel-wit" lijkt dus (niet heel verbazend) op de "wit-groen-gelige" binnenkant van een appel.
Wie dit verzonnen heeft, weet ik niet, maar ik vond de kleuren erg leuk. In de winkel. En omdat de hele omgeving in een nogal comformistisch ingestelde staat is, met allemaal bruine, rode en blauwe tinten, vond ik "lime-groen" en "appel-wit" wel lekker verfrissend. Je stapt mijn tuin binnen, en het voelt gewoon alsof je een slok fris-koele spa limoen en een vleugje appel drinkt.
Ik stel me zo voor dat ik dus bij de Gamma de juiste hoeveelheid verf koop, en dan maar aan de schuur en aan de kwast ga. Geholpen door Jente die overal haar neus, en vooral vingers in wil stoppen. Misschien toch maar een litertje extra kopen.
Dat schuren dient ook op de bovenverdieping te gebeuren. En laat ik het nu net niet zo op hoogte hebben. Integendeel. Ik zie mezelf al woest met een schuurpapier tekeer gaan, op die wankele ladder, in de hoop dat die blijft staan. Dat ik als een soort van Lambik onderuit ga, en met een emmer (dure) verf omgekeerd op mijn hoofd tegen de vlakte ga.  Of dat ik na het kwasten tevreden naar binnen ga om daar te ontdekken dat Jente de pot verf ook te grazen genomen heeft, en vond dat de piano, de secretaire, de tv, de vloer gedeeltelijk, de keuken en de met mooie glazen ruitjes bedekte binnendeur wel wat meer kleur konden gebruiken. Ik ben dus al hard aan het oefenen op kind-verantwoord vloeken, schelden en tieren.
Zul je zien: hebben we de boel net geverfd, krijg je een paar van die huismusserige lieden van de welstandscommissie op bezoek. Als enige huis in de straat een andere kleur, is natuurlijk wat uitdagend te noemen. Maar aangezien we niet in de regenboog buurt wonen (dat is een buurt met allemaal straten vernoemd naar kleuren, en waar je dus niet in de Groenstraat je huis blauw mag verven. En dát snap ik dan wél weer, want een rood huis in de Witstraat is vragen om ongewenste bezoeken van het rode kruis, en los daarvan: het ziet er niet uit. Onze buurt echter is een schildersbuurt, dus dan denk ik juist weer dat meneer Jan van Goyen het juist retecool zou vinden), hoop ik dat het wel meevalt. Ten slotte vind ik wel dat als je een huis koopt voor meer dan een ton, dat je dan ook zelf mag beslissen welke kleur je erop smeert. Maar je weet het maar nooit, met ambtenaren.

Maar goed, dat is dus niet voor vandaag, want eind van deze week laat ik heel mijn hebben en houwen achter om 3 concerten te gaan geven in Polen.
Dat is heel leuk, want in Polen ben ik al wel eens geweest, maar voor zover mijn geheugen nu opfrist, ben ik nog nooit in Krakau geweest, en dat schijnt een heel mooie stad te zijn.
Om eventuele jaloezie voor te zijn: ja, net als op Curacao, ga ik ook in Polen weer foto's maken. Ten slotte: de omgeving schijnt er best leuk te zijn, en we hebben best wel wat vrije tijd. Ilse hoeft zich dit keer geen zorgen te maken; ik begreep dat de vrouwen in Polen niet veel soeps zijn. (Nu hoeft Ilse zich wat dat betreft sowieso geen zorgen te maken, want ik ben zo trouw als een hond).

Gelukkig is er verder niks dat hoeft. Er hoeft niet verhuisd te worden. Er hoeft niks ondertekend te worden. Er hoeft alleen maar gewerkt te worden. En uiteraard voor onze steeds groter wordende dochter te zorgen. Ze is inmiddels uit haar eerste paar Adidas-sneakers gegroeid. Dit schijn je te ontdekken doordat ze dan ineens veel frequenter op hun snuit vallen. Op zich voor mij, met mijn wat donkerbruine gevoel voor humor wel leuk. Een vallend mens is altijd een klein feestje voor het oog, en omdat ikzelf ook vrij vaak en lomp dreig te vallen, vind ik het helemaal niet erg als een ander het overkomt, want dan kan ik ook wat lachen. Maar omdat Ilse (en, vooruit ik ook wel een beetje) het wat sneu vond om Jente geen grotere schoenen te geven alleen voor mijn plezier, moet ze dus toch nieuwe schoenen. Die koop je.
Maar aangezien Ilse van het zelf maken van kleren is, en ik van het zelf maken van speelgoed en andere dingen, vrees ik nu al dat Jente straks trauma's heeft van oh-zo-snoezige-zelfmaak-kleedjes en prachtig handgemaakt houten speelgoed waar de splinters niet alleen buitengewoon pijnlijk zijn voor Jente, maar ronduit dodelijk voor de kindertjes die het gore lef hadden, die speeltjes van Jente af te pakken.





Een frisse update.

Week twee van de relatieve lock-down. Inmiddels heb ik mij uit pure verveling gestort op allemaal klussen, van welke ik de eindresultaten t...