vrijdag 28 februari 2014

Dingen die op je pad komen.

Een mooie lentedag. Met een waterig zonnetje, en ik was me niet bewust dat er iets boven mijn hoofd hing.
En dat is mijn grote fout. Met een partner als Ilse hangt er constant wel iets boven je hoofd.
Via-via kregen we een bericht over een hond die zeer hulpbehoevend was.
Uit Roemenie naar Nederland gehaald, geplaatst bij een vrouw die niet in staat is om voor zichzelf, laat staan voor een hond te zorgen.
Dus de hond werd voor de tweede keer gered, en kwam bij een vriendin van Ilse terecht. En aldus met een minder charmante foto dan had gehoeven op internet. En daar viel Ilses oog op.

We hadden het er na de dood van Ozzy al wel over gehad. Een nieuwe hond. Want beiden zijn we huisdiermensen. Katten vinden we geweldig, honden vinden we geweldig. En de eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat er veel voor te zeggen is, dat ik wat vaker van mijn kont af kom om naar buiten te gaan, hobbelen met de hond.
Maar we hadden het niet echt gehad over zo snel alweer een hond.
Sommige dingen komen niet voor niets op je pad, is een gevleugelde uitspraak. Mijn tegenargument is dan meestal: maar een obstakel ontwijk je ook.

Juist. Dus toch maar naar de verblijfplaats van de hond gegaan om te kijken, en kennis te maken.
De hond zou volgens de eigenaresse onhandelbaar zijn, en vervelend. En dat rechtvaardigde slaan, schoppen, en het betere opvoedkundige gooi en smijtwerk met de hond.
Wij vreesden voor een angstige, zenuwachtige hond. Maar gelukkig; 4 maanden van mishandeling hebben niet het vrolijke en vriendelijke karakter van het dier weggeslagen.

En natuurlijk. Na een wandeling met dit geweldige dier waren we eigenlijk al wel verkocht. Ze is vrolijk, energiek, vol potentie en afhankelijk van de hoek waarmee je de foto maakt, echt wel een mooi dier. Lekker krachtig. Lekker stoer. Heeft de kleuren van een wolf, en lijkt een herderkruising te zijn. We hebben ons aangemeld bij de plaatselijke hondensport vereniging. Want we willen het dier (vanaf nu Noortje te noemen) meteen een zo goed mogelijke opvoeding geven, maar ook haar een flinke uitdaging geven. Zowel fysiek als mentaal.
Dus nu hebben we voor ons huwelijk een leuke feature: de hond die vrolijk en wild aan komt draven met de ringen.
Ik hoef in elk geval niet te raden wat mijn grote vriend Claus hiervan gaat vinden. Die zal me de eerste weken niet meer aankijken, en als hij dat doet, is het vol weerzin, afkeer en ongenoegen. 

Afgelopen jaar ben ik puur voor eigen vermaak, begonnen met het schrijven van etudes, of speelstukjes voor trompet. Inmiddels heb ik er een stuk of 18 liggen.
Per toeval (daar heb je het weer, dingen die op je pad komen) struikelde ik over twee jonge mannen die samen een uitgeverij begonnen zijn. Dus de stoute schoenen aangetrokken, en gevraagd of zij interesse hadden om mijn schrijfsels uit te geven.
Dus ik mocht op audientie komen. Hoewel, het was een gezellig gesprek over het vak, het wereldje, wat roddels uitwisselen en wat zakelijke dingen bespreken.
We gingen uit elkaar met als doel om mijn etudes in boekvorm uit te geven.
Dus toch wel grijnzend om deze uitkomst van mijn schrijverij stapte ik in de auto. Met meteen al een opdracht: schrijf er meer.
Gelukkig mag ik daar de tijd voor nemen, want niets lijkt me moeilijker dan op commando iets op papier zetten. De hel van een leeg blad dat je aanstaart, en steeds venijniger gaat kijken, lijkt me ondraaglijk.
Gelukkig ben ik voorzien van een redelijk levendige fantasie, en kan ik van een klein fragmentje al snel een zinnetje, al snel een verhaaltje maken.

Op naar de volgende drukke week. Te gekke snabbels, leuke ontmoetingen met mensen die leuke dingen voor me in petto hebben.




donderdag 20 februari 2014

Keukengepruts deel twee of drie.

Dat is alweer even geleden! Een kleine column over eten. En dit keer ging het prima.

Wat heb je nodig:

Een zak zuurkool van de Albert Heijn. Gewoon naturel.
Een rookworst. Mager.
Wat van die biologisch ultiem verantwoorde gojibessen.
Aardappelpuree voor 2 personen.
Een camembert.
Paneermeel.
Mosterd.

Maak de aardappelpuree (dat kan vers, dan moet je dus eerst piepers jassen, koken en tot moes stampen) klaar.
Doe de zuurkool erdoorheen. Maak een mooi mengsel.
Snij ondertussen de rookworst aan plakjes en de camembert in dunne repen of stukken.

Vet een ovenschaal in, en bedek de bodem met een laagje van de zuurkoolstamp. Strooi daarover nonchalant een hand van die gojibessen. (Voegt qua smaak erg weinig toe, maar het staat leuk).
Dan bedek je dit met plakjes worst.
Dan weer een laag zuurkool, gevolgd door een laag worst, (en hier kun je dan een heel klein beetje mosterd verstoppen, das lekker) en dan eindig je met een laag zuurkool.
Als laatste leg je de repen of stukken camembert erop en je eindigt met een gulle hoeveelheid paneermeel. Niet te bang zijn, gewoon lekker ruimhartig strooien.

Dit zet je in een op 225 graden voorverwarmde oven, gedurende 25 minuten.

De camembert is een kleine, goed geslaagde improvisatie, die smelt in de oven, waarbij een boel van de smaak naar beneden zakt, de stamppot in.

Smakelijk :)
 


maandag 17 februari 2014

Maandagmorgen....

Ik vraag me af of ik de enige ben die een routine aanhoudt voor het slapen gaan.
Mijn routine is als volgt:
Roken.
De trap bestijgen.
Tandenpoetsen.
In bed stappen.
Lezen (tot ik in slaap val)
Slapen.

Tot zover niks geks. Ik neem aan dat behalve het roken, dit voor iedereen zo'n beetje hetzelfde is.

Toen ik nog alleen woonde, was er dan ook weinig aan de hand. Hoewel: Met de intrede van Claus in mijn leven, moest ik eraan denken dat ik niet al te wild ging draaien en woelen, aangezien me dit op een verontwaardigd gemiauw kwam te staan, als ik per ongeluk Claus verpletterde onder mijn slapende gewicht.

Al vrij snel kwam Ilse in beeld en in bed.

En dat leidde tot nog meer aanpassingen. Want nu moest ik rekening gaan houden met een kater én een vrouw in bed.
Dus lag ik ingeklemd tussen lijven van divers pluimage, links en rechts. Claus links, Ilse rechts.

Toen kwam Colette. Colette die zich werkelijk waar, nergens wat van aantrekt, en gewoon doet alsof ze thuis is. En geef haar eens ongelijk.
Maar ook zij claimt bij tijd en wijle (godzijdank niet elke nacht, anders zou ik het niet overleven) ook haar plekje in bed.
Soms gaat dit gepaard met strijd. Strijd met Claus. En dat gaat er niet zachtzinnig aan toe. Blazend en grommend rollen ze dan over het bed. Dat Ilse en ik daar toevallig ook nog liggen, maakt ze geen donder uit.
Strijd met mij. Want als ik mijn tenen een beetje beweeg, gaat ze op jacht. Ze wil wel rustig liggen.
Strijd met Ilse en mij, want het liefste ligt ze tussen ons in.

Waar Claus de neiging heeft om gewoon op de deken te gaan liggen (waardoor ik dus mezelf niet meer kan omdraaien zonder hem te lanceren) op de meest onhandige plek (op mijn buik, op mijn billen, op mijn zij of net naast me, zodat de deken erg klem komt te liggen), wil Colette op een gegeven moment het liefste naast me onder de deken liggen. Om dit voor elkaar te krijgen spint ze me wakker, en omdat ik niet de lulligste, maar wel de slapste zak ben, word ik wakker, til de deken op, waarop ze luidkeels spinnend naast me gaat liggen. Dit houdt ze 3 minuten uit (geef haar eens ongelijk, ik geloof dat ik best windjes laat als ik half slaap, dus de meur onder de deken zal magistraal zijn) en dan wil ze weer weg. Dus weer word ik wakker (voor zover ik nog sliep) en Colette vertrekt. Op naar de frisse lucht.
Slaap ik net weer een beetje in, dan komt ze terug, want onder de deken is wel lekker warm, en toch zóóóóóó gezellig.
 De horror....

Vannacht was het weer bal, maar deze keer op een heel andere manier. Ilse had in haar slaap besloten dat het heel gezellig was als ze dicht tegen me aan kwam liggen.
Dat klopt.
Maar dit ging ten koste van mijn bedruimte. Aan de linkerkant van mij, hadden Claus en Colette samen besloten dat mijn buik en benen de perfecte warme ligplaats waren. Waardoor ik aan twee kanten ingesloten was. En als ik iets niet kan, is het slapen als er geen bewegingsruimte is.
Dus moest ik maar zien dat ik het op een heel smal strookje bed rooide. Als ik links bewoog, mauwden de poezen verontwaardigd. Als ik rechts bewoog knorde Ilse.

En Ilse zich maar afvragen waarom ik geen ochtendmens ben.

Dat is zo gegroeid, en een familiekwaal.

Want mijn routine 's ochtends is:
 Naar beneden stommelen (al dan niet bijkans mijn nek brekend over een kat die net niet snel genoeg wegvlucht).
Koffieapparaat aan.
PC aan.
Toiletbezoek.
Peuk opsteken.
Koffie pakken.
Minimaal het eerste half uur niet aanspreekbaar zijn.

En ik merk dat dat half uur steeds langer wordt. Ik was 's ochtends al niet de meest communicatieve mens ter wereld, maar door deze muizenissen (ik moet hier eerlijkheidshalve kattennissen van maken) wordt mijn half uurtje voor mezelf steeds langer.
 Zeker gezien het feit dat de wekker van Ilse een onbarmhartig fel licht heeft, waardoor ik niet kan doorslapen, al zou ik het willen.

Gelukkig weten zelfs de dieren instinctief dat ze mij op de vroege ochtend met rust moeten laten. Blijkbaar straal ik uit dat het hun schuld is dat ik niet lekker sliep, en dat als ze vervelend gaan doen, ik ze dat heel erg ga aanrekenen.

De oplossing: deur dicht: laat de katten niet meer op de slaapkamer komen. Ja. Maar ja. Wat ben ik toch ook een zacht ei. Want dat vind ik dan weer zielig.

Ach, en alles bij elkaar heb ik het zo slecht nog niet.
Maandagochtend: vrije ochtend. Vrije dag zelfs, want het is vakantie, dus ik kan min of meer doen en laten wat ik wil.

In elk geval de gisteren voor 10 euro op de Bazaar gekochte waterbesparende, ultra-luxe, hippe stortdouche-kop proberen. Er zat zelfs een nieuwe doucheslang bij. Met rubbers.
Wat wil een mens nog meer....

Dit gezegd hebbende, ga ik me steeds meer ergeren aan mijn hoofd. Normaal gesproken, zou ik dat niet doen. Het ding zit er bijna 33 jaar op, en ik heb er inmiddels mee leren leven. Afhakken staat ook zo slordig. Wat specifieker gesproken: mijn haar. Als ik niet zou gaan trouwen, zou ik de tondeuse pakken. Standje 'winterfris' en gaan. Maar Ilse heeft besloten dat dat niet de bedoeling is op onze bruiloft. Zij wil mijn haren hebben zoals ze zijn: rood, en in een leuk kapsel.
Dat laatste is een uitdaging, want in mijn bijna 33 jaar, heb ik zelden echt een leuk kapsel gehad. Dat kan ook haast niet, met 1 echte en 2 semi-kruinen.
Dus ik oefen geduld tot ik met mijn bosje gras naar de kapper kan om haar uit te dagen er iets leuks mee te doen. Ondertussen lijkt de tondeuse me steeds verleidelijker aan te kijken....
Maar dat kan ook liggen aan het feit dat het nog bezopen vroeg is op de maandagochtend, en ik pas 5 koppen koffie opheb....






maandag 10 februari 2014

Over muziek, padden en wat verbazing.

Na mijn brief aan Marijn Dekkers, toch ook weer een paar vrolijke noten. Letterlijk en figuurlijk.

De afgelopen week stond in het teken van muziek.
Ik ben redelijk recent begonnen als docent in het dorpje Aalst, bij de plaatselijke fanfare. Deze leerlingen heb ik overgenomen van een vriend, die het steeds drukker kreeg.
Alle lof hiervoor, want eigenlijk hoef ik alleen nog maar een beetje te kleien. Mijn voorganger heeft deze leerlingen alle tools al meegegeven.
Het zijn allemaal heel erg jonge kinderen, die heerlijk onbevangen spelen. Af en toe moet ik ze eens wat sturen, maar voor de rest: toeter voor hun mond en gaan. Zoals altijd moet ik soms een beetje mopperen als ze niet geoefend hebben, en heel vaak kost het mij grote moeite om mijn lachen in te houden als ze in verbijstering over hun eigen stommiteiten of genialiteiten iets heel erg eerlijks roepen.
De week stond ook in het teken van paniekerige 'last minute calls'. Om te beginnen werd ik gebeld door NAVARONE. Dat is een jonge rockband, die hard aan de weg timmeren en waanzinnig gave muziek maken. Youtube of google ze maar eens. Ze waren bezig met het opnemen van hun tweede album, en omdat ik op hun eerste album al wat had ingespeeld, vonden ze het gaaf dat ik ook op hun tweede album zou verschijnen.
NAVARONE bestaat uit louter jonge honden, die even energiek als enthousiast zijn. Sinds hun eerste album zijn ze gegroeid. Niet alleen qua muziek, maar ook qua organisatie.
De muziek die ik dit keer inspeelde, had veel weg van Morricone, maar dan met een rauw randje. Met het toevoegen van wat eigen ideeen, waren die gozers helemaal tevreden.
En dat is heerlijk motiverend. Als je 'klanten' zo enthousiast zijn. Ik kan niet wachten tot hun album release.

Uiteraard vind ik mezelf niet de meest hippe man van het universum. Pas heel laat ging ik aan de  iPhone, en bijna 2 jaar later deed de iPad zijn intrede in mijn stulp. Ruim twee jaar nadat alle hippe mensen hem al lang en breed hebben, en gebruiken, begin ik er nog eens aan. Al een tijdje zit ik te broeden op de voordelen die het ding kan hebben. Heel handig voor het lesgeven, filmpjes laten zien, muziek opzetten zodat vergeten lesboeken er eigenlijk niet meer toe doen. Maar ook geen gesleep meer met mappen of lessenaarverlichting. Ik zet de muziek erop en ik kan spelen.
Dan moet je uiteraard wel de sleep-functie uitzetten, anders dan kom je dus tijdens het spelen van een gevoelig getimede frase in de problemen. Maar als je dat hebt uitgevonden, is het appeltje-eitje.
Ik ben overigens bedroevend slecht in het uitvinden van dergelijke apparaten. Zo moest ik, om mijn mail- en overige accounts op alle apparaten te installeren dus van alle accounts nieuwe wachtwoorden instellen. Want denk nu niet dat ik zo clever ben om alle wachtwoorden te onthouden. Hell no. Bij mijn mail account ging dat het vaakste mis. En nu alles eindelijk overal gelijk getrokken is, ben ik uiteraard weer al mijn wachtwoorden vergeten. Ik ga er gewoon glashard vanuit dat mijn apparaten dit wel zullen onthouden. Zoniet, dan volgt er een scheldpartij... Voor de zoveelste keer....

Met die Ipad ging ik dus ook ten strijde bij het Requiem van Verdi. De laatste keer dat ik dat speelde, speelde ik ook de off-stage partij. En dat werd een complete ramp. Tijdens de repetities ging het goed genoeg allemaal. Maar bij het concert, zag ik door de afstand geen verschil meer tussen dirigent, koor en orkest. Iedereen was in zwart wit gekleed, en de dirigent viel doodeenvoudig niet meer op. Plus dat de accoustiek niet meewerkte.
Dit keer ging dat anders. We stonden hoog, we stonden vrij in het zicht, en de dirigent was goed zichtbaar. En dan blijkt mijn oorspronkelijke aversie tegen Verdi alleen nog maar de opera's te gelden. Ik blijf moeite houden met dat kitscherige, dat overgepassioneerde van Verdi. En dan het eeuwige getransponeer. Die lamzak was gewoon te lui om een fatsoenlijke partij te maken.

Inmiddels rij ik dus een week in de nieuwe bijna 20 jaar oude auto. Zoals ik eerder memoreerde: rijdt lekker, schakelt soepel, en is verbazend zuinig. Niet mijn schokkende eerste conclusie van 1:10 (ik kon wel janken), maar een hele nette 1:14 (ik kan wel juichen). Naast alle voorgenoemde nadelen: hij is behoorlijk lawaaiig. De uitlaat is er een waarvan je je kan afvragen of je dat als bijna 33 jarige nog wel moet willen. Leuk voor als je 18 bent en de Harry wil uithangen bij de plaatselijke, hersendode mokkeltjes, maar inmiddels op mijn leeftijd....
Leverde me wel enige verbijsterde blikken op van omstanders in een parkeergarage in Utrecht. Ik kwam aan, parkeerde de auto. Dat leverde een uitlaatgebrul op dat niet zou misstaan op het circuit van Zandvoort. Dus mensen keken wat verstoord naar mijn autootje, en verwachtten blijkbaar dat er een totale Dylano uit zou stappen. Maar niks was minder waar: er stapte een man in keurig pak uit. Verbazing alom. Zeker toen ik de omstanders vriendelijk groette, en met mijn trompet richting Jacobikerk wandelde.

En zo kan er weer een rustige week beginnen.

zaterdag 8 februari 2014

Open brief aan Marijn Dekkers

Open brief aan Marijn Dekkers

Hoi Marijn,

Is het goed dat ik je tutoyeer? Ach, de boom in met die fatsoensfrasen. Jij hebt een hele lompe, maar eerlijke uitspraak gedaan, dus ik denk dat jij allerminst gekwetst zal zijn door het feit dat ik je tutoyeer.
Dat heeft namelijk met respect te maken. En gezien het feit dat jij eerlijk uitkomt voor het feit dat je wél voor geld, en niet voor mensenlevens respect hebt, hoef ik me over jou geen zorgen te maken.

Je uitspraak over medicijnen alleen voor rijken, is natuurlijk erg dom. Je had kunnen weten dat dit soort uitspraken uit zouden lekken naar het plebs, en dat die daardoor erg boos zouden worden.
Sterker nog: een jaar geleden zou ook ik hier heel boos over zijn geworden. Ik zou je allemaal dingen hebben toegewenst, waarvan je je moet afvragen of je ze je ergste vijand wel toe zou wensen.
Maar we zijn een jaar verder. En ik zie er de humor wel van in.
In wezen heb je met je uitspraak jouw hele bedrijf en bedrijfstak op een gruwelijke manier een oor aangenaaid. Je bent er openlijk voor uitgekomen dat jullie gewoon overbetaalde kwakzalvers zijn. En dat jullie alleen maar willen leveren aan domme, rijke mensen. Ik denk dat jouw baas met dit soort berichtgeving niet blij zal zijn.

Je rekent 67000 dollar per patient per jaar. En je wordt boos dat er menselijke lui rondlopen die dat onmenselijk vinden, en die medicijnen na gaan maken, voor een veel menselijkere prijs.

Toen Sylvia Millecam kanker kreeg, en (terecht of onterecht) geen vertrouwen had in de weledele doktoren en de veel minder edele farmaceutische industrie, ging ze naar een andere kwakzalver: Jomanda. Het einde van het liedje was dat ze gewoon dood ging.
Iedereen riep iets over Jomanda. Dat ze een kwakzalver was. Dat ze berecht moest worden.
Maar laten we wel wezen: Jomanda was een stuk goedkoper dan die 67000 dollar per jaar, en ook die geeft geen garantie op genezing.
En daar zit het hem in. 67000 dollar per jaar vragen voor iets waarvan niet 100% gegarandeerd is dat je ervan geneest, is natuurlijk een blamage. Maar ja, het is een relatief veilige manier van werken. Als het toevallig werkt, heb je geluk, want blije mensen. Maar als het niet werkt, gaat de patient dood, dus die kan zijn geld niet terug vragen, en de nabestaanden hebben wel wat anders aan hun hoofd dan een stelletje overbetaalde boeven achter de broek te zitten.
Chapeau voor deze werkwijze.
Misschien moeten verzekeraars hier iets mee gaan doen. Productaansprakelijkheid. Als je 67000 per patient per jaar in je zak steekt, dan vind ik dat je ook achter je product moet gaan staan. Gaat de patient na een jaar dood? Geld terug. En dat betekent dan ook dat verzekeraars de premies kunnen terug storten. Het heet niet voor niks verzekerd zijn van iets....

Maar, en ik heb net een kop koffie gedronken, er schoot me ineens iets te binnen: medelijden. Diep medelijden heb ik met je. Als je alle menselijkheid zo makkelijk overboord zet, moet je je toch wel heel eenzaam voelen. Natuurlijk zit jij lekker comfortabel in een groepje soortgenoten. Maar om je heen zie je allemaal mensen die MENSELIJK zijn. Die liefhebben. Die genieten van het leven. Wiens insteek in het leven is, er zoveel mogelijk uit te halen. En met "zoveel mogelijk" niet meteen hun bankrekening voor zich zien. Mensen die emoties ervaren. Verdriet, blijdschap, boosheid, liefde. Mensen die oprecht genieten van de kleine dingen in het leven.
Dat kun jij gewoon niet. Waarom niet? Lees bovenstaande nog maar eens terug.
Ik misgun jou trouwens helemaal niks, lieve Marijn. Integendeel. Maar ik zou je ook gunnen, dat jij net als 80% van alle mensen gewoon weer kan gaan genieten van het leven.
Zoals zeer velen, ik ben iemand die jouw medicijnen niet kan betalen. Maar ik sta dankzij mijn muziek, dankzij mijn liefde, dankzij mijn hobbies en vrienden op een positieve manier in het leven. Ik ben veel rijker dan jij. Ondanks dat jij ongegarandeerd per patient 67000 dollar in je zak steekt. 

Ik wil je bij dezen dan ook uitnodigen om eens een concert van mij bij te wonen. Daar komen namelijk echte mensen op af. Mensen die genieten van muziek. Mensen die genieten van het leven, van elkaar. En midden in het leven staan.
Na afloop drinken we dan een biertje, en dan ga ik je in real life overtuigen van het feit dat ook jij gewoon weer een echt mens kan worden.

Neem je deze uitnodiging aan? Uiteraard moet je wel betalen voor een concertkaartje, en als je het niet erg vindt, laat ik jou voor de biertjes betalen. Van 67000 dollar per patient per jaar, moet dat makkelijk kunnen. De meet en greet met mij krijg je gratis.

Hartelijke groet,

Marnix Coster. 




maandag 3 februari 2014

update.

Wij gaan trouwen en heeeeel de wereld mag dat weten. Dus vonden we het handig, en ook wel prettig dat niet alle trouwperikelen op deze blog terechtkomen. Bovendien is het wel zo leuk als Ilse zelf haar eigen gedachten kan ventileren.
Er is dus een aparte trouwblog verschenen. Burgerlijk, heh?

Dus is er een nieuwe auto gekomen. Een Nissan 100NX. Door liefhebbers ook wel 100Netnix genoemd. Deze liefhebbers hebben hem Tony genoemd.
En zoals het een 19 jaar oude auto betaamt, is hij niet nieuw. Maar voor zijn leeftijd is hij nog erg fris. Daar waar het bij de BMW toch wel wat zoeken was naar de versnellingen, en hopen dat de 5e versnelling de volgende dag nog aanwezig was, schakelt de Nissan zeer precies en zeer trefzeker.
Waar de BMW zijn weg letterlijk moest zoeken, stuurt de Nissan erg strak.
Waar de BMW echt op zijn staart getrapt moest worden, heeft de Nissan aan een half woord voldoende, gas intrappen is gaan, en geen gezeur.
Maar het zou geen 19 jaar oude auto zijn geworden zonder mankementen.
Roest, en een beetje achterstalligheid horen erbij, en gelukkig hebben we veel mensen gevonden die ons willen helpen bij het oplossen van die dingen.
Het zou natuurlijk helemaal te gek zijn als wij onze sponsorrace helemaal konden uitrijden!

Maar wat mij erg opviel, en waar ik als gewoontedier maar moeilijk aan kan wennen:
De plaatsing van de asbak. De designer was vast geen roker. Welke ergonomisch gehandicapte verzint nu dat de asbak vlak voor de versnellingspook geplaatst moet worden? Het is wel een prachtig vormgegeven laatje geworden, daar niet van, maar toch... Ik moet zo wel heel ver en onhandig grabbelen om mijn peuk kwijt te kunnen.
De raambediening. Die zit dus nu in de deur. Moet ik mijn raam open doen, ben ik dus eerst ettelijke seconden kwijt voor ik in de gaten heb dat ik de knopjes van het raam echt niet ga vinden in de buurt van mijn handrem.
De ruitenwissers. Precies andersom.
De aansteker. Dat is ook zoiets... Bij de BMW kreeg ik een klik, en dan kon ik dat ding eruit trekken. Met de gloeispiraal (die dan ook echt gloeide) kon ik mijn peuk aanmaken. Deze aansteker gaf een laffe klik (meer een glop) en toen ik hem eruit trok, zag ik geen gloeiende spiraal. Even voelen of het ding uberhaupt warm was geworden, bleek een slecht idee, zeker bij 120 op de snelweg. Want warm was hij wel. De pleister op mijn middelvinger getuigt van een perfect rond brandwondje. De voorruit was koud, maar ja. Dan rij je dus rond met je middelvinger tegen de voorruit. Dat ziet er een heel klein beetje asociaal uit.

En natuurlijk het feit dat het verbruik wat onduidelijk is. Voor mijn eerste rekensom kwam ik uit op een schokkende 1:10. Das best veel. Zelfs als je bedenkt dat het om een 19 jaar oude auto gaat.
Maar ik ging uit van de brandstofmeter en de dagteller.
En toen bleek dus dat de brandstofmeter niet meer dan een ruwe indicatie was. Want met de laatste tankbon erbij bleek het verbruik 1:13 te zijn. Dat is dan weer erg prettig. Fijn, zo'n Ilse die dat allemaal weet, kan en doet.

Zaterdag ben ik naar de open dag van het conservatorium in Rotterdam geweest. Gewoon om te kijken wat de mogelijkheden zijn voor een masteropleiding. Ik had daar een gesprek met een hele aardige man. Het hoofd van de masteropleiding. Verbazend. Ik ben misschien na mijn laatste studiedagen aan het conservatorium van Amsterdam vreselijk veranderd. Maar hier geen betutteling. Hier geen standsverschil, maar gewoon een open gesprek over mogelijkheden, zonder dat ik als een onwetende student word behandeld.
Dat is een prettige manier van werken.
En biedt hoop voor de toekomst van Marnix als muzikant.

Trouwen. Zoals ik eerder stelde: er is een aparte trouwblog. Maar er zijn ook dingen die ikzelf vind.
Uiteraard.
Het dragen van een pak. Dit leidt geregeld tot discussies tussen mij en de verkopende meneren en mevrouwen. Die in de regel overigens van harte hun best doen om mij er op mijn best uit te laten zien.
(Uitzondering was de corpsbalstudent van de Suit Supply die op geen enkele manier behulpzaam wilde zijn. Deze kwezel met zijn veel te lange hoofd, was onaardig, onhartelijk, en soms zelfs op het randje van onbeschoft).
Mijn insteek: het moet mooi zijn EN lekker zitten. En dat blijkt een lastig ding te zijn. Want lekker zitten betekent bij mij ruimte hebben in armen, oksels, schouders, rug en buik. En dat schijnt te betekenen dat ik een grotere maat moet hebben. En dat schijnt weer te betekenen dat het niet mooi staat. En dat leidt dan weer tot grote onmin met de aanstaande die mij voor de voeten gooit dat een trouwjurk ook niet lekker zit.
Mijn concertpak is dat allemaal. Hoewel: het schijnt toch niet mooi te staan. Maar het zit wel comfortabel. 
En mijn afweging is: ik trouw misschien maar 1 keer, maar mag dat dan niet in een pak zijn dat ik vaker aankan? Het zou zonde zijn om een duur pak te kopen, voor een éénmalige gelegenheid.
Die discussie hobbelt nog een beetje voort.

Maar uiteindelijk komt dat wel goed. (lees: uiteindelijk zal ik dus voor mijn doen een belachelijk strak pak aantrekken ;) )
Ook Marnix gaat met de tijd mee. Er komt namelijk een Ipad in huis. Want ik zie steeds meer de voordelen in van een dergelijk apparaat. Met lesgeven (als leerlingen hun boek weer eens vergeten zijn) of om video's te laten zien en horen. Maar ook met concerten. Nooit meer slepen met mappen, alleen nog maar een ipad waar alles op staat.
Een zeer praktisch ding dus.

Dat was de afgelopen tijd wel weer in een notendop.





Een frisse update.

Week twee van de relatieve lock-down. Inmiddels heb ik mij uit pure verveling gestort op allemaal klussen, van welke ik de eindresultaten t...