zaterdag 25 januari 2020

Update-jes.

Depressiegala....
Ik laat dit woord even door mijn mond gaan. Ik proef het, omdat ik me afvraag waarom je een dergelijk "gala"zou organiseren.
Niet om geld te genereren voor mensen die lijden aan een depressie. Dat is duidelijk. Dat geld is heel ergens anders beland. Niet heel erg wonderbaarlijk, ik ben te cynisch om nu werkelijk te geloven dat dat soort "kijk-mij-eens" partijtjes echt iets opleveren ter verbetering van dat- (of die)gene waar zo'n "gala" over gaat.
Schandelijk dat dat geld, komende uit subsidie (dus uw geld, en mijn geld) belandt bij vetnekken als Bram Bakker en Esther van Fenema. Dat soort ranzige parasieten worden weer rijk door het noemen  en uitmelken van mijn ziekte. En daar dan heel dikbuikig over te doen. Je zou zulke mensen een eeuwige en diepe, niet meer te stuiten en onbedaarlijke depressie gunnen.
Ik persoonlijk doe dat wel. Dat is puur principe. Ik ben niet alleen depressief, maar ook buitengewoon rancuneus in sommige zaken.

Ik refereerde net al aan "kijk-mij-eens" partijtjes. Dat doe ik omdat ook tijdens dit ranzige subsidie-slurpende-bobo-feestje ook een stel BN'ers opgetrommeld was om aanwezig te zijn.
Ik moet zeggen dat ik daar sowieso al ontzettend achter loop, want in de regel kijk ik geen tv, dus die namen zeggen mij meestal weinig tot niks.
Ook bij dit depressie-feestje waren wat van die zelf-ingenomen kakelnichten ingehuurd.
Frank Jansen en zijn echtgenote Rogier Smit.
Dat wil zeggen: ze zouden spreken op dit gala, maar hebben zich teruggetrokken, omdat de fraude die ermee gepleegd is, niet iets is waar ze zich aan wilden binden.

En dat is maar goed ook, getuige hun uitspraken in het nieuws, en ik citeer:"Ik ken het woord 'depressie' niet. Ik ben met een goed humeur geboren, ik denk altijd positief en ben altijd positief. We dachten dat wij als positievelingen een enorme positieve bijdrage zouden kunnen leveren aan het Depressiegala."

Toen ik dat las, zat ik achter het stuur van mijn bus te wachten op de volgende kist die ik moest leegrijden, en ik moest serieus, ondanks de kou, mijn deuren opendoen voor frisse lucht. Want ik werd spontaan misselijk van die ranzige BN´ers. Van dit soort "positievelingen" krijg ik als depressieve ras-realist spontaan kokhals- en kotsneigingen.
Dat je alleen al denkt dat je met je BN status (nogmaals; het is mij volslagen onduidelijk waarom twee van die kakelende idioten BN'er zijn als in Bekende Nederlander, met hun uitspraken kan je ze beter Bezopen Nederlander of Belachelijke Nederlander noemen.) mensen blij maakt, getuigt van een volslagen gebrek aan realiteitszin maar dat je denkt dat je iemand die depressief is, blij kan maken door simpelweg de blije aars uit te hangen, is werkelijk waar nog erger dan maagzuur oprispingen tijdens het eten van een enorm lekker klaargemaakte mosselen.
Deze twee mensen vallen bij mij in de categorie: `Inspraak zonder inzicht, leidt tot uitspraak zonder uitzicht`.
Als je niet weet wat depressie is, hou je dan verre van een of ander geldrovend gala dat geld zou moeten genereren voor depressie.

Even los van dat zielige zooitje dieven, heb ik natuurlijk genoeg met mezelf te stellen.
En Ilse dus ook. Mijn respect voor haar is inmiddels niet meer normaal, neemt walgelijke vormen aan, en is in geen enkele munteenheid meer uit te drukken. Ze cheft het toch maar.

Ondanks haar bezwaren, tegenwerpingen en andere negatieve input: ik heb toch een aanhanger gekocht. Een rooie. Een opknapper. (We zijn nu een krappe werkweek verder en nog niet gescheiden). Met als bedoeling om ermee op vakantie te gaan, want ik vind onze beide auto's te klein om er twee weken mee op pad te gaan met alle zooi die een klein gezin voor twee weken nodig denkt te hebben.
En na onze laatste (zeer fijne) vakantie heb ik mezelf beloofd om nooit meer, ook maar 1 meter te rijden met een dakkoffer op het dak, want zelfs een zeer stabiele auto gaat er van zwabberen. De hel.
Dus, omdat ik vond en vind dat we dus voor al die zooi (ik neem echt, heus, werkelijk waar heeeeeeeeeel erg weinig mee, alle bagage komt nagenoeg voor rekening van dames- en kinderkleding, heus!!!) extra ruimte nodig hadden, ging ik met een beetje gezwinde spoed op zoek naar een aanhangertje, waar ik zonder al te zeer gezichtsverlies te lijden, nog een beetje aan kon klussen.
Dus ik zocht en vond, en legde contact met een snuiter in de buurt. Afspraak: maandag. Aldus geschiedde en ik ging naar de beste man toe om het karretje in kwestie eens te bekijken. En wat ik zag, was eigenlijk precies wat ik zocht. Een goedkoop, leuk uitziend klus-karretje, die ik naar mijn zin kan maken, want de basis is goed. Toen kwam het moment van afrekenen, en ik zei dat ik het het liefste even over zou maken, of met een tikkie. Blijkbaar had de vrouw des huizes meegeluisterd, want de man des huizes kreeg vreselijk de wind van voren. Contant moest het wezen en anders niks.
Wat schutterig, zonder zich een houding te kunnen geven stond hij me niet een beetje ongemakkelijk aan te kijken. Ik hielp hem maar uit de brand en zei dat ik dinsdag wel terug zou komen met de centen.
Eenmaal dinsdag meldde ik mij weer, en wikkelden we de zaken af. (Achteraf kan ik die vrouw op zich geen ongelijk geven, maar kom op. Dat had jegens haar echtgenote echt wel vriendelijker gekund, en alleen al daarom kwam ik heel erg in de verleiding om ff snel thuis een paar flappen uit te printen). Bij het aankoppelen bleek dat het kabeltje naar de verlichting erg kort was en dat mijn stekkerdoos wel erg diep onder de bumper hing. Gelukkig was het donker en mistig, en toen we eenmaal met flink wat geweld die stekker toch wisten te pluggen, kwam ik tot de ontdekking dat er slechts 1 lamp stuk was, en dat ik bij de aanschaf van mijn brave Charley, in een staat van onoplettende ontbinding verkeerde, want ik zou gezworen hebben dat ik een witte aanhangerplaat had zien liggen. Dat was echt een dijk van een verbeelding, want die lag er dus niet.
Hop, in het mistige donker zonder witte plaat en met gebrekkige verlichting maar 2 kilometer naar huis. Om er daar achter te komen dat ik mij een klein beetje vergist had, en dat het aanhangertje met geen mogelijkheid de poort door kan, en dat ik Ilse dus nodig had om het ding over het hek te tillen. Dat ging best, behalve dan dat ik haar met de dakkoffer tegen haar oren mepte.
Dat is dus ook onderdeel van het klussen: het tuinhek aanpassen.
Dat klussen ben ik inmiddels mee begonnen. Het antieke imperiaaltje heb ik eraf gehaald, en in stukken gezaagd. Het achterste randje van dat imperiaal heb ik 15 centimeter naar achteren geplaatst zodat de dakkoffer daar tegenaan rust. Om de dakkoffer verder te kunnen bevestigen, heb ik 4 van de 8 gaten alvast in de deksel geboord, zodat de originele bevestigingsbeugels van de dakkoffer gebruikt kunnen worden om het ding goed vast te maken tijdens de lange en mooie (vakantie)reizen die we ermee gaan maken. Verder nog in de pijplijn:  een goede lichtbalk, een mooi neuswiel, en allemaal Citroën plaatjes er tegenaan. Hij moet ten slotte veilig, maar vooral ook naar mijn zin zijn.

Ik moet zeggen dat het klussen aan die aanhanger (telkens een uurtje of een half uurtje als ik thuis kom van slopende CD- opnames of lange dagen op Schiphol, is erg leuk. Erg prettig. Erg kalmerend. Geen haast, en elke keer een klein beetje verbetering of verfraaiing.

Waar ik dan wel weer heel erg gefrustreerd van raakte: het disfunctioneren van mijn telefoon.
De T-mobile mevrouw raadde mij ruim een jaar geleden aan om een motorola te kopen. Want dat was zo goed en beter en best. Ik kwam er om een Samsung te kopen, maar stomme sul die ik was, trapte ik in het enthousiaste blèrverhaal en vooral geen Samsung en vooral wel die stomme motorola te kopen. Goed. Daar was ik na een poos dus echt niet blij mee. Het enige voordeel is dat de maandelijkse kosten erg laag waren vergeleken met welke Eifoon dan ook, en dat ik me veel meer vertrouwd voel met Android.
Maar de motorola zelf.... Wat een draak van een telefoon. Zelfstandig, zonder mijn tussenkomst of zelfs maar toestemming, bepaalde de motorola zelf wel wat de juiste helderheid was. Ook bepaalde de motorola geheel zelfstandig en zonder mijn tussenkomst of wens waar welke app op mijn bureaublad moest staan. Of dat die app uberhaupt wel op mijn bureaublad diende te staan. Zo was ik met grote regelmaat apps kwijt, die ik dan heel ergens anders in die telefoon weer terugvond. Uiterst ongemakkelijk. De volgende stunt van het ding was dat de stekker niet meer in de telefoon wilde blijven zitten. Ook met een andere stekker wilde die telefoon niet meer fatsoenlijk aangekoppeld worden. Nou ja, wilde niet, gebeurde uiteindelijk toch, zij het met grof geweld. En dan was er de accuduur. Die zou volgens de T-mobile mevrouw GE-WEL-DIG zijn. Na drie manden al niet meer. En die extra accu eraan... Die wenste ondanks het geweld waarmee ik de lader aankoppelde, helemaal niks meer te doen.
Alles bij elkaar was ik meerdere malen per dag in staat om het ding door ongeopende deuren of ramen te smijten.
Uiteindelijk realiseerde ik me dat dat mogelijk niet geheel in mijn voordeel zou zijn, en dat ik beter een andere telefoon kon halen. Met hulp van Ilse een betaalbaar exemplaar uitgezocht en die halen bij de T-Mobile winkel.
Dat werd op aanraden van de heren aldaar (de juffrouw die mij de motorola aansmeerde was er gelukkig niet, anders had ik misschien iets te zeer persoonlijke mededelingen gedaan omtrent haar functioneren en mijn mening daarover) toch een Samsung. En wel degene die Ilse me ook aanraadde.
En, geheel in tegenspraak met mijn normale doen als ik een nieuwe telefoon moet installeren, ging dit zonder gescheld, gevloek, geschreeuw en gekrijs. Ja, u leest het goed: het ging ZONDER dat ik allemaal heiligen afstofte. Zonder dat Jente en Ilse sidderend van angst achter de gordijnen kropen. Dat is ook een primeur. En daar ben ik stiekem best wel trots op.

Zo, dit geschreven hebbende, begint mijn weekend. Ik wens u hiervan dus ook een heel goed exemplaar toe.



zaterdag 18 januari 2020

Random kletswerk

Afgelopen maandag heb ik afscheid genomen van mevrouw de zielenknijpster nummer 1.
Met deze dame heb ik voornamelijk gewerkt aan het oplossen, het wegmasseren van de ergste, diepste en rauwste randjes van mijn depressie.
Dat heeft uiteraard geholpen. Deels. Een beetje.
Samen met een meneer die ook nog de bevoegdheid heeft om mij te voorzien van wat chemisch geluk.
Wel merk ik dat ik los van mijn hemeltergende vergeetachtigheid, en vervlakking, ook steeds minder goed om kan gaan met prikkels. Een ruimte waarin veel mensen bij elkaar zijn, die allemaal iets willen zeggen, allemaal aandacht willen, rumoer maken, of gewoon simpelweg zoiets triviaals doen als ademhalen, het is me allemaal een beetje te veel. Na de CD-opname met OKMar bijvoorbeeld (en dat twee volle dagen lang, en die best aardig waren om te doen) was ik finaal afgepeigerd. En het is niet eens zo dat die anderen nu zo anders doen. En als het al wel zo zou zijn, is het toch niet echt aan mij om daar wat aan te doen of van te vinden, maar omdat ik nu eenmaal ik ben, en in een bepaalde situatie zit, heeft het sneller en forser een negatieve grip op me dan ik zou willen. Ik reed dus ook bijna met mijn overprikkelde kop de verkeerde kant op. Erg onhandig.
Maar goed, de eerste klap is wel al een daalder waard, en verhip, ik voel me heus een beetje beter.
Nummer 1 gaat mij overdragen aan nummer 2, die met mij in zal gaan op de onderliggende oorzaak van mijn eigen zwarte hond. (Voor de nieuwsgierige lezer, die wil weten wat ik met de zwarte hond bedoel, en die meer wil weten over depressie. )
En dat is iets waar ik tegenop zie. En niet een klein beetje. In tegendeel. Ik zie er huizenhoog tegenop. Want ondanks dat ik weet dat het moet, en dat het de juiste keuze is, moet ik veel verhalen, ervaringen opnieuw vertellen. Weer doormaken. Proberen dat te relativeren en een plekje geven, op een manier dat het niet meer een eigen leven kan gaan leiden.
Ik ben nu nog best in staat om het allemaal een beetje weg te drukken (dankzij mevrouw de therapeute nummer 1 en het chemisch geluk) maar het zal wel eens opgelost moeten worden. Misschien dat het allemaal meevalt, en dat ik mezelf druk maak om niks, maar toch. Het geeft een wat onbestemd gevoel zo.
Gelukkig heb ik nog een dikke week voordat ik mezelf moet melden. Ik hoop dat zielenprikker 2 een stevige schoenen heeft, en een goed gevoel voor humor. Anders rent ze sneller weg dan ik kan praten.

Dus vandaag mijn laatste werkdag van de week gehad, en tijdens een onderbreking in mijn rooster viel ik even in slaap. Dat is niet erg, want ik zat niet in mijn bus, maar in de kantine, op een bank.
Toen ik na een half uurtje weer wakker werd, werd ik begroet door gniffelende collega's die zich in hoge mate zaten te verbazen over mijn bijzonder luidruchtige gesnurk.
En fin, ik zal het wel nodig hebben gehad, zullen we dan maar zeggen.
Wist ik veel dat ik nog een waanzinnige adrenalinestoot te verwerken zou krijgen.
Ik reed goedgemutst naar huis, en werd al rap ingehaald door een hipster-achtige meneer in een stokoude mercedes. De lieve man deed dat weinig subtiel, en niet bepaald "koersvast", zal ik maar zeggen. Ook niet bijzonder tempo-vast, en absoluut niet zeker van de richting die hij moest aanhouden.
Kortom: hij reed als de spreekwoordelijke natte krant, hoewel ik daarmee vermoedelijk de natte krant tekort doe.
Goed, er is een punt op die A6 waar er twee banen links richting Almere Buiten en Groningen gaan, en drie banen rechts, waar je naar diverse andere wijken van Almere kan. En de mercedes meneer bedacht zich erg laat dat hij liever naar links wilde, en propte zich tussen mij en mijn voorligger in.
Inmiddels had ik al gezien dat er links achter mij een volkswagen aangestormd kwam, minimaal met 30 kilometer sneller dan dat ik ging. De mercedes meneer vond blijkbaar zijn eigen actie al niet zo slim, en maakte het alleen maar erger door zonder richting aan te geven, zonder zelfs maar een heel klein momentje in zijn spiegels te kijken, zijn (toch best in fraaie conditie zijnde) oldtimer nóg maar een baantje naar links te smijten. Waar die volkswagen meneer dus al was.
Die alle zeilen bij moest zetten om een nagenoeg onvermijdelijke aanrijding te voorkomen, en daarbij genoodzaakt was om de vangrail van heeeeeel erg dichtbij te bestuderen.
Ik had inmiddels mijn gas zozeer losgelaten dat ik meer afstand had, en van pure schrik trapte ik fors op de rem. Ik zag beide auto's namelijk toch best wel rap dichterbij komen, omdat ze beiden toch wel een beetje de vaart eruit haalden. Ten slotte was ik er op dat moment heilig van overtuigd dat ik, als ik niet ferm zou remmen en uitwijken, ik ook betrokken zou raken bij dat onverantwoordelijke onderonsje.
Dat gebeurde niet, en dat was niet te danken aan beide heren voor mij, echter wel aan een heel erg groot leger aan beschermengelen op de schouders van ongeveer alle automobilisten die op dat moment in de buurt reden van die twee idioten. De volkswagen meneer denderde gewoon door, alsof hij zojuist niet bijna vermorzeld was tussen een oude mercedes en een vangrail, de mercedes meneer slingerde stoïcijns verder, alsof hij niet bijna een alles-verwoestend ongeluk had veroorzaakt.
Mij, en mijn achterliggers in pure verbijstering en schrik achter zich latend.
En alsof dat nog niet genoeg was, kwam ik, aangekomen bij mijn afrit, terecht in een groots en meeslepende hagelbui. Zo groots en meeslepend dat ik toch wat moeite had om mijn auto op koers te houden, over al die ijzige brij, die zo gul uit de hemel kwam kletteren. 

Ik zou mezelf niet zijn als ik niet na een dikke week toch even nog terug zou komen op mijn nieuwe voiture. Charley.
Charley is een uiterst welwillende dame, die er behoorlijk zin in heeft. Trap haar op haar staart, en ze geeft hem van jetje.
Wat ik ook wel een geinige (en met dank aan Jente ontdekte) feature vind: het digitale display (en dat in een auto van 2006 of 2007) licht in het donker geel op, maar overdag wit.
Er kleeft ook een klein nadeel aan een heel andere auto: het overzicht. Het is niet zo dat de auto onoverzichtelijk is, maar ik moet wel wennen aan de andere dimensies ervan. Op zich leidt dat niet tot enge situaties, ik heb ten slotte een nek die gedraaid kan worden, dus ik overzie alles prima.
Maar als ik moe thuiskom, en mijn auto in een van de parkeervakken wil zetten, gaat dat toch net even anders dan bij een station-wagen die langer is.
Omdat ik 99% van de tijd mijn auto achteruit in parkeer, en het juist dan zaak is om goed op te letten hoe je je auto wegzet, om te voorkomen dat je schade rijdt of zo.
Gaat eigenlijk altijd goed, tenzij ik wat vermoeid ben. Dan moet ik vaak een keertje extra steken. Boeiend. Als het maar gebeurt zonder schade te maken.
Maar het kon gebeuren dat ik na een werkdag thuiskwam, mijn auto vloeiend naast die van Ilse parkeerde, en zag dat ik toch een royale twee centimeter er tussen had gelaten. Mooi, Ilse gaat toch niet meer weg vandaag, klaar.
Tot Ilse besloot dat zij de boodschappen ging doen, en even later verontwaardigd aan me vroeg of ik soms dacht dat zij aan twee centimeter voldoende ruimte had om in haar auto te kunnen.
Dus dat is nog eventjes een dingetje om aan te werken.
Verder heb ik een middenarmsteun gemonteerd, als eerste van een heel aantal upgrades.
En ja.
Ik weet dat ik me hier wat woede op de hals haal, maar maandag ga ik kijken bij een aanhanger.
De C4 is namelijk te klein om alle vakantie en kampeer zooi mee te nemen, en ik heb mezelf beloofd om nooit meer met een dakkoffer rond te rijden. Dat was toch wel echt het summum van vreselijk rijden.
Dus om toch enigszins luxe op pad te gaan, de auto niet helemaal vol te stouwen, zodat we ook nog lekker kunnen zitten, besloot ik dat een aanhanger een vereiste was.
Een klein, laag, smal karretje, waar de tent en zo makkelijk in kan.
Ilse was en is het er niet zo mee eens. Want ja, je rijdt langzamer. En ja: het neemt ruimte in in de tuin. Aan de andere kant: de voordelen ervan zijn natuurlijk evident. Dus uiteindelijk ga ik ervan uit dat het hebben van een aanhanger ons huwelijk niet op scherp zal zetten.

Goed dit alles weer geschreven te hebben, begint mijn weekend, en traditiegetrouw wens ik u een goed exemplaar toe.


zondag 12 januari 2020

Update.

JIPPPPIEIEIEIEIEIEKAJEEEEEEEEE

Zo, de ergste blijdschap is er even uitgeschreeuwd. Met een dikke grijs van tevredenheid scheurde ik afgelopen maandag richting Almere.
Ik zat in mijn nieuwe (en nieuwste tot nu toe) auto naar huis, en genoot intens van het vrije gevoel dat het me gaf.
Het heeft even mogen duren, maar het was het wachten waard. Mijn nieuwe bolide is uiteraard een Citroën. Een C4, en ik heb haar Charley genoemd.
Een c4 is wat mij betreft groot genoeg, en heeft een paar leuke gimmicks, zoals een stuur waarvan het centrum niet meedraait.
Dat is een leuke gimmick, maar ook onhandig als je gewend bent om het stuur soms binnendoor vast te pakken.
Dat leverde me nu al een aantal keren een ongemakkelijke confrontatie tussen mijn vingers en het stilstaande middendeel op.
Hoezeer ik ook verkondigde dat de glans er wel wat af was, na de aanrijding, heb ik inmiddels al wat leuke toevoegingen besteld en wordt het toch weer een hobby-ding om de auto helemaal naar mijn smaak te maken.
Ondanks dat de auto qua motorisering niet eens heel heftig uitgerust is, is ze absoluut erg alert en bij de les.
Het enige echt grote nadeel: de vorige eigenaar heeft er een trekhaak op laten zetten. Dat is absoluut een pré en zelfs vereiste (de auto is kleiner, dus voor vakantie moet ik toch echt een klein bagagewagentje erbij kopen, hetgeen dan weer een doorn in het oog is van mijn betere helft), maar degene die die trekhaak erop heeft gezet, heeft mijns inziens gekozen voor het meest lompe, lelijke exemplaar dat er te koop was. Mijn god, wat is die trekhaak lelijk. Nog lelijker dan de tijdelijke voorbumper. (Welke dan weer behoort tot het hobby-gedeelte van de auto).
Maar echt. Degene die voor die trekhaak heeft gekozen, was of blind, of vond het nodig om een verder hartstikke mooi ontworpen auto te verlelijken.
Het is zó lelijk dat ik oprecht steken door mijn ogen voel gaan als ik er naar kijk. En het erge is: het is dan weliswaar een afneembare trekhaak, maar zelfs als je die eraf haalt, blijkt er nog een groteske stang met een plaat zichtbaar.
Welke idioot doet nu zoiets? Ik kan daar met mijn goede smaak voor briljante schoonheid echt niet bij. De enige reden om het ding voorlopig te laten zitten, is dat ik geen parkeersensoren heb. (En natuurlijk de noodzaak ervan tijdens vakanties).

Want dat is namelijk wel iets. Hoezeer Charley me qua rijeigenschappen en zo ook bevalt, ik heb wel een paar stappen terug gezet wat gadgets betreft. Behalve parkeersensoren, heb ik ook geen lichtsensoren of regensensoren meer. Op zich geen groot verlies: die lichtsensoren vond ik eigenlijk alleen maar onnuttig, en de regensensoren deden het fantastisch, maar wel wanneer het hen uitkwam, en niet wanneer het mij uitkwam.
Tel daarbij op dat het raam dan ook automatisch dichtgaat (leverde me bij gevolg een paar rare situaties op) en ik vond het toch minder handig dan je zou zeggen. Gelukkig heb ik wél een functionerende airco en functionerende cruisecontrole en een radio die het goed doet. En dat vind ik de belangrijkste comfortverhogende zaken.
Dat plus een motor die zonder bokken, horten en stoten in de file rijdt en die veel vlotter is als de vorige. Ja. Zilveren Charley is wederom zo'n auto waarvan ik hoop dat ze bij me blijft.
Zilver, want het was letterlijk de eerste de beste. En omdat mij zulks ook al werd geadviseerd door vriendje Ken. Zilver is de minst besmettelijke kleur dus met mijn gebrek aan poets-motivatie de meest veilige kleur.

Maar goed, zoals ik al zei: ik ga er rustig aan lekker mee hobby'en. Als eerste ga ik vanmiddag de middenarmsteun monteren die ik besteld heb. 

Ik ben het nieuwe jaar redelijk hoopvol ingegaan, en inmiddels moet ik zeggen dat ik me een stuk beter voel.
De therapie icm wat chemisch geluk lijkt aan te slaan. Hoewel ik daarbij wel moet zeggen: de bij een depressie horende vergeetachtigheid begint inmiddels legendarische vormen aan te nemen.
Botweg vergeten dat ik inmiddels mijn eigen auto heb, gewoon 15 minuten aan het zoeken naar de groene van Ilse. Hele parkeerplaats af gelopen, en toen pas mét de nieuwe, heel andere sleutel in mijn handen me realiseren dat ik minimaal 3x langs mijn auto ben gelopen.
De kerstboom in de tuin zetten, want gisteren moest die richting de plaatselijke supermarkt, waar ze tegen een rijkelijke beloning van 50 cent ingeleverd konden worden.
Maar dit vergeten te melden aan mijn teerbeminde geliefde, dus die kerstboom staat nog steeds op half zeven te hangen in de tuin.
Dat chemische geluk (mijn giechelsnoepjes) halen absoluut de rauwe randen weg, en in combinatie met de op verlichting gerichte therapie, is het absoluut een verbetering van mijn levenskwaliteit, maar ik ben me terdege bewust van het feit dat dit nu pas de eerste slag is die ik "gewonnen" heb. Want er is dan weliswaar een verbetering van mijn levenskwaliteit, de oorzaak ervan moet nog aangepakt worden. En ik vrees dat ik dan echt serieus alle zeilen bij moet gaan zetten om overeind te blijven.
Maar goed, voorlopig heb ik meer lucht en licht en dat is prettig. Vindt Jente ook. Want ik heb vaak toch net ff wat meer energie om met haar te spelen. Of om haar nukkige buien beter op te vangen zonder dat het in slaande ruzie ontaardt.
Wat ook nog niet weg is: de vermoeidheid. Hoewel ook hier minder uitgeput, ik ben vaak gewoon te moe om sociaal geaccepteerd te reageren.
Maar we doen het er maar mee.
Wellicht dat ik bij het einde van dit jaar gewoon weer de lompe, chagerijnige Marnix ben, die iedereen kent. Je weet maar nooit.

Dan is het ook weer die tijd van het jaar, waarin ik samen met Ilse op zoek ga naar een geschikte vakantiebestemming.
Ik zou toch graag weer naar Frankrijk gaan. En dan foto's kijken van kleine campings, routes erheen bekijken en alvast voorgenieten.
Want ik weet één ding heel zeker: na dit jaar, hebben we een vakantie wel verdiend.  Ik wil dit jaar niet zover hoeven rijden (met name de terugtocht vorig jaar vond ik geen groot feest), en ik wil niet meer op een "sportieve camping" staan. Gewoon om te voorkomen dat ik mezelf weer als een unicum etaleer door als een van de zeer weinige campinggasten al rokende en rochelende mijn ochtendkoffie te nuttigen.
En met de door mij voorgenomen aanschaf van een klein bagagewagentje, ga ik gegarandeerd mijn best doen om op de terugweg toch weer het een en ander aan intens meurende kazen (zozeer dat het in de categorie van chemische oorlogvoering valt) mee naar Nederland te smokkelen.

Goed, dit geschreven hebbende, ga ik mezelf maar eens klaarmaken voor de dag. Ik wens u allen een goed weekend.







zaterdag 4 januari 2020

Knallende mening

Het zal geheel aan mij liggen, maar er zijn zaken die ik stomweg niet snap. Misschien ligt dat aan het feit dat ik pas later in mijn leven leerde om verbanden te leggen, of gewoon omdat ik -net als alle anderen- gewoon wat raar in elkaar steek, en dus andere verbanden leg dan wat de logica zou voorschrijven.
Praktisch heel 2019 heb ik (net als veel voorgaande jaren) mogen aanhoren hoe belabberd Nederland er voor staat. Hoe Nederland en Nederlanders tekort komen. Hoe zwaar we het hebben, en hoezeer de overheid/ de vluchtelingen/ de EU/ de boeren/ Gretha Thunberg/ noem maar op, de schuld dragen. En hoezeer het allemaal nog veel erger gaat worden.
Deels kun je het daarmee eens zijn, of niet.
Ik vind het altijd wat afgunstig klinken altijd, maar soit.
Mijn wenkbrauwen schoten echter tegen mijn nek aan van verbazing toen ik hoorde dat Nederland wederom een record heeft gebroken wat betreft vuurwerk. Nederland gaf 77 MILJOEN uit aan vuurwerk. (Ik heb nog spierpijn in mijn wenkbrauwen van pure verbijstering).
Dat nieuwtje staat namelijk volgens mij compleet haaks op alle geklaag over hoe slecht we het hebben. En over hoe slecht het gaat.
En lachend nemen we kennis van het feit dat de schade van al dit vuurwerk-geweld "slechts" 15 MILJOEN bedraagt. Een gemiddeld jaar, volgens verzekeraars.
En dan vraag ik me af of het dan wel zo slecht gaat met Nederland. Als we 77 MILJOEN uit kunnen geven aan vuurwerk, en ons geen seconde afvragen of het nog wel normaal is dat al dat vuurwerk voor slechts 15 MILJOEN aan schade oplevert, kunnen we dan nog wel met droge ogen volhouden dat het allemaal zo ellendig is?

Over vuurwerk gesproken: Er zijn mensen die vinden dat vuurwerk verboden moet worden.
En uiteraard zijn er mensen die vinden dat vuurwerk niet verboden moet worden.
Die twee groepen gaan zelden goed om met elkaars mening. Andermans mening dient te vuur en te zwaard verdedigd te worden. Met argumenten waar iedereen met een beetje meer denkniveau dan dat van een garnaal, spontaan diarree van krijgt. Of niet eens met argumenten, maar gewoon uitgebraakte scheldpartijen, waar zelfs een dokwerker nog een blos van op zijn wangen krijgt.

Persoonlijk vind ik vuurwerk prachtig om naar te kijken. Ik zeg bewust 'kijken' want dat klapvuurwerk dat klinkt alsof er een bom ontploft, vind ik echt ontzettend hersenloos.
Maar ik ben helaas dus wél voor een verbod.
Om de heel simpele reden dat Nederlanders er niet mee om kunnen gaan.
Nederlanders vinden het namelijk doodnormaal dat vuurwerk naar hulpverleners wordt gegooid.
Nederlanders vinden het namelijk doodnormaal dat vuurwerk actief wordt gebruikt om dieren er meer mee te kwellen dan dat normaal gebruik ervan al doet.
Nederlanders vinden het namelijk doodnormaal dat vuurwerk naar andere mensen geflikkerd wordt.
Nederlanders vinden het namelijk doodnormaal om hun vuurwerkresten lekker op straat te laten liggen. Voor de eerlijke vinder (of schoonmaker). 

Ik hoor nu mensen tegen me zeggen dat dat incidenten zijn, en dat het overgrote deel er verantwoordelijk mee omgaat.
Nee, dat is niet zo. Dat wil zeggen: ja, het overgrote deel zal er "verantwoordelijk" mee omgaan (wat is dat precies, dat "verantwoordelijk" omgaan met gevaarlijk, explosief materiaal?), maar nee, nee en nogmaals nee: het zijn geen incidenten meer.
Een incident is dat ergens in het land één enkele idioot met zijn dronken harses een vuurpijl naar de politie of ambulance schiet. Of ergens in het land één enkele, walgelijke vetnek een rotje achter of in een dier propt voor zijn plezier.
En daarna gebeurt het nooit weer.
Dát is een incident. Maar dit soort ongein gebeurt aan de lopende band. En kan dus nauwelijks nog incident genoemd worden.
Ergo: Nederlanders kunnen niet omgaan met iets dat in potentie heel erg mooi kan zijn.

Ik ga mijn woorden toch wat nuanceren: ik ben niet voor een totaal verbod. Ik zou zeggen: laten we die 77 miljoen inzamelen, per gemeente. Die koopt van dat geld goed vuurwerk, en zorgt voor de festiviteiten rondom dat hele oud en nieuw.
Ik gok zomaar dat er dan in elk geval minder schade aan eigendommen en lichamen te verwachten is.

Maar hey: het is maar een mening.

Goed, nu ik dat beladen onderwerp heb behandeld, zou ik bijna vergeten om mijn trouwe lezers (die waarschijnlijk zelf ook vaak pijnlijke wenkbrauwen krijgen van het lezen van mijn stukjes) een goed, beter of best 2020 te wensen.
Bij deze.
Ik heb geen goede voornemens voor dit jaar. Bijna 39 jaar oud, dus de ervaring leert me dat met mijn karakter het beter is om geen goede (of slechte) voornemens te koesteren.
Bovendien: als je dan opgewekt loopt te kakelen dat je een goed voornemen hebt, ben je dus ook gelijk verantwoordelijk voor een goede uitvoering ervan. En als je dan mocht falen, krijg je weer van die opmerkingen (al dan niet goedbedoeld) over je voornemen en dat je moet volhouden en blablabla.
Nee, beter neem ik het leven zoals het komt, en met alle dingen die er nog in het verschiet liggen, is dat al een hele opgave. (Maar allez, dat op zich, kan ook als "goed" voornemen worden beschouwd).
Hoe dan ook: een fris nieuw jaar. Een fris nieuw decennium, in de hoop dat al mijn wensen en plannetjes een goede kans van slagen hebben en/of krijgen.

Mijn weekend begint pas vanavond omdat ik het best vond om een paar avonddiensten te doen op Schiphol.
En dan hoop ik dat de volgende week begint met het ophalen van mijn nieuwe auto. Dat ding is namelijk nu al eigenwijzer dan ik had kunnen vermoeden.
Het begon ermee dat er een onderdeel vervangen moest worden, en dat dat vervangende onderdeel al kapot aankwam. Pech kan je hebben.
Alleen zat daar dus wel kerst en oud en nieuw tussen.
Gisteren was mijn auto klaar, om vandaag opgehaald te worden.
Ik juichen.
Mijn garagist temperde mij: "Ik zei, WAS klaar".  Bleek er een onderdeel van de motorkoeling stuk te zijn gegaan. Maandag nieuwe ronde, nieuwe kansen.
Het begint een beetje een klucht te worden zo.
Ik hoop dat ik nooit meer aangereden word, want inmiddels ruim een maand verder, en de zaak is nog niet afgehandeld. Ligt aan niemand persoonlijk, dat is het niet. Maar vervelend is het natuurlijk wel.

Dit geschreven hebbende, kijk ik op de klok, en zie dat het half tien in de ochtend is. Wederom een unicum, want zowel Jente als Ilse liggen nog te bed. Met name dat Jente het zo lang volhoudt, is uniek, die is namelijk net als haar vader van het (te) vroege opstaan.
Heb ik even lekker de ochtend voor mezelf.
Ik wens u alleen een heel prettig (eerste) weekend (van het jaar) toe.








Een frisse update.

Week twee van de relatieve lock-down. Inmiddels heb ik mij uit pure verveling gestort op allemaal klussen, van welke ik de eindresultaten t...