zaterdag 29 juni 2019

Je zal het maar hebben

De afgelopen jaren ben ik vooral bezig geweest met een gevecht tegen mezelf. Ik voelde me steeds minder muzikant, en wat ik dan wel was, had ik geen flauw benul van.
Muziekmaken was meer een ellendige worsteling met elke materie die erbij betrokken was, dan een leuk beroep dat je uitoefent omdat je bovengemiddeld getalenteerd bent, en omdat je het geluk hebt dat er een arbeidsplaats voor je is, waar je van kan leven.
Als het niet mijn collega's waren die me onbewust vooruit trokken, was ik er allang mee gestopt.

Ik denk mede doordat ik iets totaal anders ernaast ben gaan doen, en omdat ik een hobby heb, waarbij ik echt helemaal opleef, (waarover later meer), ben ik heel langzaam uit dat dal aan het opkrabbelen. Zie ik het muziekmaken niet louter meer als last om de hypotheek te betalen, maar wordt het toch weer leuk om een concertje te spelen, en is de gang naar Apeldoorn minder een berg die ik op moet lopen dan het was, de afgelopen 6-7 jaar.
Ik hou altijd een slag om de arm, maar ik kan dat positieve gevoel toch niet langer negeren. Want alles wijst erop dat dat min of meer lijkt terug te komen.

Voor mijn blogs is dat prettig, want het geeft me iets meer muzikaal voer om over te schrijven. En laten we vandaag toevallig zo'n dag hebben gehad, waarbij er echt wel wat te schrijven valt.

Zoals elk jaar op de laatste zaterdag in juni (ik weet niet of dat zo is, maar dit jaar is het op de laatste zaterdag van juni) wordt er in Den Haag een feestje gebouwd voor de veteranen die ons land rijk is. Daar lopen wij mee, voor de KMar veteranen uit, maar eerlijk gezegd maakt me dat nog niet zoveel uit. Al die ouwe en jonge ijzervreters verdienen dit, en welk embleempje er op de baret staat, vind ik minder van belang.
Maar goed. Ter ere van die mensen spelen we ook een korte aubade, vlak voor we het defile gaan wandelen.
Die aubade was onder de (kastanje) bomen, dus geen pijlen-schietende-eikenprocessierupsen, en lekker in de schaduw, dus relatief koel. Je zou verwachten dat men dan ook tot in het extreme (voor zover de klamme hitte het toeliet, ondanks de koele schaduw) geconcentreerd was. Dat waren we ook. Met uitzondering van een zeer charmante collega die zichzelf zeer luid en zeer duidelijk gearticuleerd vergiste, en dwars door dat ene stiltemomentje in de mars een signaaltje speelde. Waarop in elk geval twee van haar mannelijke collega's al verder spelende in de lach schoten. Tijdens het spelen. Dat klinkt net zo raar als per vergissing een kloeke solo spelen.

Het defile zelf was prima te doen. Ik had mezelf voorbereid op een en al zwetende, klamme ellende, maar omdat er iemand in de defensietop zijn hoofd koel hield, hoefden we niet in het wollen, dikke, ceremoniele tenue te wandelen, maar gewoon in het operationele tenue, en dat beviel erg goed.
Nu loop ik deze parade ongeveer voor de 12e keer (ik krijg bijna mijn medaille voor 12 jaar trouwe, doch eigenwijze dienst) en in al die 12 keer heeft er nog nooit iemand geprobeerd me te laten struikelen. Dit jaar was het raak. Mijn nieuwe, jonge en iets minder ervaren collega nam blijkbaar stappen als een heuse dragonder, en trapte bijna aan het einde van de wandeling mijn rechterbeen onder me vandaan. Ik denk dat deze dame in het verkeer ook wel een reputatie zal hebben als notoire bumperklever.
Ik moet toegeven: ik ben ook wel eens tegen de rug van mijn voorganger op gelopen, maar dat niet zozeer het gras onder mijn voeten wordt weggemaaid, maar dat mijn voeten van het gras werden weggemaaid was een nieuwe voor me.
En dan was ik nog wel zo vriendelijk om alle ongelijke wegdekken, putdeksels en ander potentieel struikelmateriaal middels arm- en handgebaren aan te geven naar achteren.

Mijn hobby. Dat is mijn auto. (Als dat verder niet je interesse is, stop maar met lezen. Prettig weekend!).
En omdat ik vind dat ik daar best plezier aan mag ontlenen, doe ik er nog wel eens wat aan. Zoals een nieuw interieurtje. En dat soort zaken.
Dat begon ermee dat ik de lokale Citroën dealer vroeg om een versnellingspookhoes (2 x 3 x de woordwaarde) in het zwart te bestellen. Dat bleek niet mogelijk, ze waren er alleen nog in het creme-wit. Dat vond ik voor toen niet zo'n groot succes, dus dat heb ik toen maar niet gedaan.
Echter, een paar maanden verder wilde ik niet alleen die versnellin..... maar ook een heel ander, iets luxueuzer interieur erin. En dat leek bij demontage lichter van kleur dan ik had gedacht. Dus helemaal blij belde ik de dealer: ik wilde graag een creme-witte hoes bestellen. Aldus geschiedde.
Toen ik thuiskwam met dat nieuwe interieur bleek dat het toch wat donkerder was dan ik in al dat zonlicht had bedacht. Maar dat zou mijn humeur niet aantasten.
Goed, ik ben een paar dagen bezig met het schoonmaken en inbouwen van het interieur (het echte schoonmaken laat ik door een maatje doen, want het is echt heel erg vies, en deze kerel gaat dat met professioneel materiaal te lijf), leer ik pas na het inbouwen van de deurpanelen 1-3 dat het veel makkelijker is om dat met de ramen open te doen. 6 verwoestte nokjes en dopjes verder kon ik mijn opgedane kennis bij deurpaneel 4 toepassen, en die ging dus ook van alle panelen het snelst, en mooist.
Inmiddels kreeg ik een belletje van de dealer dat mijn versnelli.....hoes binnen was. Dus in blijde afwachting stoof ik naar de dealer, om daar een, zwart exemplaar in mijn handen gedrukt te krijgen.
Ik keek blijkbaar nogal verbaasd, want maanden geleden was zwart niet meer leverbaar. Dan wíl ik hem in het wit, krijg ik hem in het zwart. Nou staat zwart gelukkig ook wel prima bij het toch wat donkerder dan verwachtte interieur, maar toch. De les hieruit: als je een zwarte wil, moet je wit bestellen, als je een witte wil, in principe ook, maar dan is de kans dat je alsnog een zwarte krijgt groter dan dat je een witte krijgt... Ik heb er met die jongens van het magazijn smakelijk om gelachen.
Ze vroegen nog of ik hem echt wel wilde meenemen, maar dat heb ik wel gedaan, want een nieuwe hoes, staat zoveel mooier in de auto.
Jammer alleen dat madame Jeanette besloten heeft om door haar hoefjes te zakken als ze stilstaat. Vuiligheidje in dat systeem. Kan geen kwaad, maar het ziet er nogal ongelukkig uit. Gaan we later eens aanpakken. Franse auto's. Het blijven rare meisjes.

Je zal het maar hebben. Ik ga nu weekend vieren, en verder met de seconden aftellen voor de vakantie begint.
Ik wens eenieder een goed weekend toe. 

zaterdag 22 juni 2019

Auto´s, blunders en bittere kou.

Ik kreeg vandaag terecht mijn oren gewassen door vriendje Ken (die ook garagehouder is).
Dit had te maken met zijn constante verbazing over het feit dat ik mijn auto (die hij af en toe repareert of APK keurt) zo weinig trouw schoonhou en poets.
Ik ben heel erg begaan met mijn auto, het is mijn hobby (goh) en ik ben er graag mee bezig. Maar poetsen of uitruimen zijn gewoon, zeg maar, niet helemaal mijn ding.
En zo kon het gebeuren dat ik mijn auto ter keuring aanbood, en hij me de oren waste over de uiterlijke staat ervan. Zijn exacte woorden:"het lijkt wel een sloper, man".
Maar bij het ophalen ervan blonken mij de koplampen als nieuw tegemoet. Wat een service.
Mijn auto naar de apk. Ik vind het altijd weer spannend. Want hoezeer ik ook kan lezen en schrijven met mijn auto, en hoezeer ik ook goed op de hoogte ben van de technische staat (ik doe alleen reparaties als het stuk gaat, maar meestal ben ik het voor en vervang ik dingen voor ze stuk gaan en erger veroorzaken), een keurmeester behoort alles te zien, ook en vooral de dingen die ik mis.
Nu wist ik een paar puntjes.
De claxon. Een ding dat je ten tijde van dreigend gevaar dient te gebruiken. Op mijn stuur zitten twee trompet-icoontjes, en daar dien je dan te drukken, teneinde de stomme mede-weggebruiker ervan te overtuigen dat hij een sukkel is, die moet maken dat hij wegkomt.
Op de een of andere manier kon het ineens gebeuren dat ik in een dreigende onveilige situatie kwam, mijn hand op het stuur roste, en dat het buiten de auto dodelijk stil bleef. Binnen de auto klonk uiteraard mijn gescheld en gevloek. Ik dacht eerst nog dat ik met mijn gegil de claxon overstemde, maar dat bleek bij nadere controle toch niet zo te zijn.
Goed, claxon stuk.
Ik drukte op wat meer plekken op het stuur, en ineens tijdens dat drukken, zo her en der: "TOET!" Uiteraard op een moment dat er alleen maar onschuldige passanten naast, voor en achter me rijden.
Maar waar die nu op reageerde: geen flauw benul.
Erg onhandig. Weten dat je claxon het wel doet, maar niet precies weten waar dat dan is. Een beetje op de gok op je stuur meppen. Als een soort van drummende josti.
Er is in Uddel een rotonde waarbij men de regels met betrekking tot voorrang stelselmatig negeert. En op het laatst leunde ik gewoon maar met mijn complete onderarm op mijn stuur, om toch maar mijn gif aangaande hufterig gedrag kenbaar te maken.
Ziet er niet uit.
Ik denk dat die contactpuntjes na 15 jaar gewoon een etage lager zijn gaan zitten, maar soms ook niet.
En dat moest dus gerepareerd. Niet zozeer echt een afkeurpunt, want de claxon doet het wel, maar ja. Zie het in het heetst van de strijd maar eens te vinden. Kost tijd. En tegen de tijd dat je hem dan gevonden hebt, lig je al op apegapen.
Mijn achterklep was ook zo'n ding. De kabels erheen hadden we al eens gerepareerd met behulp van soldeertin, en krimpkous, maar toch niet blijvend. Dat wil zeggen: blijvend genoeg, maar die kabels waren gewoon op alle andere plekken ook door. Dat vond ik niet alleen een apk ding, maar om op vakantie een 50 kilo wegende tent in de achterbak te leggen via de achterdeuren, en de rest van alle meuk ook, gaat me toch te ver. Ik heb een station om lekker makkelijk met een sneeuwschep alle zooi naar binnen te flikkeren, en me verder nergens om te bekommeren.
Dus ook dat laten repareren.
Allemaal geen schokkende zaken voor een auto van 15 jaar oud met net iets meer dan 200.000 kilometer op de klok. En daarna glanzend de apk door. Hoppa, ze mag 16 bij me worden.
Als beloning krijgt ze aankomende week een iets verser interieur. Een iets luxueuzer interieur. Voor mezelf ook wel prettig.

Als je je vak een slordige 20 jaar uitvoert, ontwikkel je ongemerkt en onbewust toch wel wat maniertjes om je werk uit te voeren. Of waarmee je bepaalde details van je werk uitvoert.
Soms moet ik als trompettist een demper in mijn trompet schuiven, omdat de componist of arrangeur dat op dat moment van de muziek beter/mooier/leuker vindt. Of gewoon omdat de man ons wil zieken met allemaal demperwisselingen in net te weinig tijd.
Ik pak zo'n demper, gooi hem omhoog, laat hem een salto maken, vang hem dusdanig op dat ik geen gekke beweging hoef te maken met mijn hand en hem er in één mooie boog gewoon in kan rossen.
Bij het terugzetten van de demper doe ik dat ook, zodat ik niet hoef te hannesen met dat ding, maar hem in één vloeiende lijn op de grond kan zetten.
Vanmiddag hadden we een lunchconcertje voor de plaatselijke veteranen in het dorpje Putten.
Veel herkenbare muziek, en ook veel noodzaak tot min of meer verantwoordelijk demper gebruik.
Dus mijn er in geslopen maniertjes kwamen veelvuldig langs.
Dit ging op een goed ogenblik bijna rampzalig mis, toen ik veel te snel die demper moest wisselen, en daarbij het mondstuk van mijn trompet lanceerde in de richting van de grond.
Dit had ik totaal niet in de gaten, tot vriendje Martijn, vlak voor mijn volgende inzet vroeg of het mondstuk dat hij vast had, van mij was.
Ja, dat was mijn mondstuk, maar ik realiseerde me pas echt dat het mijn mondstuk was, toen ik mijn trompet aan mijn mond zette.
Hilarisch genoeg.
Hoe dan ook, we sloten het concert af met allemaal tv- en radio-krakers uit de jaren van rond de provotijd, en daar leidde mijn uitzinnige mini improvisaties tot een proestpartij naast me. Mijn lieve collega Rianne, toch al gaar van een 9 uur durende vliegreis, kon mijn enthousiaste versierselen niet zonder lachen meer aanhoren.
Overigens: zo kan het ook gebeuren dat je na 20 jaar iets nieuws doet, wat bijna tot onbeschrijflijke rampen leidt.
Toen ik een week of wat geleden in Breda een concert speelde, was dat een soort van buiten concert. In een plastic tent, waar de wind alle ruimte had om het leven ons danig zuur te maken.
Ik ben nog niet van de Ipadden en zo, dus ik hou het voorlopig bij ouderwets papier. Meestal in een klapper, maar omdat we zo ongelooflijk veel bladmuziek hebben, dat die klapper het gewicht niet dragen kan zonder reuma, jicht, artritis en een whiplash te krijgen, nu meestal los.
En zo ook in die tent. En de wind zag een paar keer goed kans om mij het leven inderdaad zuur te maken.
Geen nood: onze roadie had elastieken bij.
En 2 van die elastieken om je lessenaar, houdt die partijen wel bij de les(senaar).
Dan moet je niet onhandig, (en ja, op sommige vlakken ben ik onhandig) omgaan met die elastieken. Mijn onhandigheid zat erin dat ik ermee aan het prutsen was, waardoor die elastiek losschoot, en als een kanon gelanceerd werd naar de dirigent. Die hem net aan miste. Op een haar na. Gelukkig was de man geconcentreerd bezig met andere muzikale zaken en zag hij het niet. Anders had hij nog kunnen denken dat ik met opzet mijn meerdere probeer te verwonden...

En Fin, het wordt weer eens oud Hollandsch warm deze week, en om dit voor te zijn, kochten we een heuse mobiele airco.
In een huis met een plat dak, voorwaar geen onoverbodige luxe, omdat we in de zomer nogal eens van het zweet ons bed uitdrijven zonder dat we werkelijk fysiek actiever werden dan een nachtkusje.
Die mobiele airco doet het bijzonder goed. Zo goed dat toen ik gisteravond in bed stapte, het gewoon ijskoud was in de slaapkamer.
maar echt ijskoud. Zo koud dat ik de deken maar over me heen kwakte, om het nog een beetje warm te krijgen.
Maar daar gaan we de komende weken wel plezier van hebben. Als we een beetje in de gaten krijgen hoe koud we hem precies moeten zetten om niet vast te vriezen aan de laken.

Dat gezegd hebbende, wens ik u allen een prettig weekend. 


zondag 16 juni 2019

Ruzie maken!

Het komt niet heel vaak meer voor, maar ik werd gisteren uitgescholden, en wel voor 'rotjong'.
Op zich is dat enigszins toch een compliment, want normaliter maakt men pubergrut uit voor rotjong, en niet een kerel van 38. Maar wellicht lag dat erin dat degene die me dit toevoegde een oud lijk van ruim in de 80, als het al geen 90 was.
Daar zit wel enige context in.
We zouden gisteren in Lekkerkerk een "anjerconcert" spelen. In het kader van heel veel jaar bevrijding en veteranen en dergelijke.
Nu is Lekkerkerk een, ten opzichte van alle gangbare snelwegen, een volstrekt onbereikbaar dorp. Er ligt werkelijk geen snelweg in de buurt, en dus ben je al gauw 40 minuten binnendoor aan het hobbelen.
Hoe dan ook: aangekomen in de "concertzaal" ter grootte van een intiem restaurant, was ik dermate op tijd dat ik nog wel even kon helpen met het uitladen van de vrachtwagen met instrumenten.
Dat op zich was al een klus, want de ingang tot het zaaltje was niet berekend op allemaal mensen die naar binnen wilden, en een hoop instrumentarium dat naar binnen moest.
Dus kwam ik op een gegeven moment met een zwaar slagwerk instrument aan bij de ingang, welke mij door een oude dame werd versperd. Ik zeg een keer "pardon". Om geen enkele reactie te krijgen. Oke, madam is oud, ik zal iets luider kenbaar maken dat ik er langs wil. Dus nog een keer een pardon. Maar nee hoor. Uiteindelijk sta ik na 5x mijn stem verheven te hebben gewoon te krijsen dat ik er langs wil, en madam geeft geen sjoege.
Ik heb wel meer te doen, dus subtiel druk ik het instrument tegen madam aan. Zacht genoeg dat er geen broze ledematen afgescheurd worden.
En toen ineens was het met een enorme dramalama stem: auwwww!!! Dus ik maak vriendelijk mijn verontschuldiging en meld dat ik toch echt 6 keer heb aangegeven dat ik er langs wil en vooral MOET. Maar nee. Ik was een rotjong.
Toen knapte er iets bij me. Ik rij fucking 40 minuten door de ommelanden om een concert te komen geven, en als ik dat wil voorbereiden word ik straal genegeerd door de plaatselijke bejaarde hangoudere. Die me dan ook nog uitscheldt.
Ik meldde de vrouw dat als ze te doof is om te reageren als er iemand langs wil, ze misschien niks te zoeken heeft bij een concert.
Het concert zelf was weer eventjes lekker knallen. Het zaaltje was dusdanig klein dat het dak halverwege een bolling begon te vertonen. En dat terwijl ik toch ongelooflijk mijn best heb gedaan om het volume binnen de perken te houden.
We hadden weer veel lol op het podium, en ik denk dat 99% van het publiek meer dan genoten heeft.

Nederland sprak zijn/haar afschuw uit over hoe een chauffeur van de regiotaxi om ging met een oudere vrouw achter een rollator. En inderdaad, het was geen verheffende aanblik. Integendeel.
De chauffeur in kwestie blafte, kwaakte, krijste en had totaal geen gevoel voor decorum of fatsoen.
En Nederland was Oud-Hollandsch boosch.
Men reutelde over hoe onmenselijk en walgelijk deze chauffeur was, en over hoe zij die chauffeur wel eventjes zouden te ditte en datte. Gelukkig waren ze er allemaal niet bij.
Ik zie dat toch allemaal net even anders denk ik.
De fout ligt helemaal niet bij deze chauffeur. De fout ligt bij zijn werkgever. En bij degene die de aanbesteding doet.
Het mag allemaal niks kosten, maar het moet allemaal wel perfect zijn. Typisch dat kleinburgerlijk Nederlandse. Voor minder dan een dubbeltje eisen dat men op de eerste rang zit. Aliexpress is goed genoeg maar de kwaliteit moet wel hetzelfde zijn als ware het dat men de hoofdprijs betaalde.
En dat geldt ook hier.
Regiotaxi mag niks kosten. Dus het liefste willen we gratis vervoer of zo goedkoop mogelijk.
Tja, dan neem je dus bewust een risico dat je bij een totaal ongeschikt persoon in de auto/bus stapt.
Zo zie ik regelmatig vacatures voor leerlingen vervoer voorbij komen. Een eisenlijst langer dan de lange veters van mijn legerkisten.
Je moet een rijbewijs hebben.
Liefst ervaring met busjes en liefst taxi ervaring.
Dus liefst een taxi pas (die is echt heel duur).
Je moet klantgericht zijn.
Je moet om kunnen gaan met speciale behoeften van kinderen.
Je moet kinderen op hun gemak kunnen stellen.
En liefst een goede band opbouwen met kinderen.
Een VOG is geen bezwaar.
En daar komt bovenop dat je stressbestendig bent, en goed op tijd kan rijden, maar ook oog hebt voor het overige verkeer.
ETC.
En het uurloon? Niet schrikken. 11,63 BRUTO.
Dus voor minder dan 10 euro netto per uur, gooien wij onze kinderen klakkeloos bij iemand de auto in.
Ik zie een vergelijk met een ooit ontstane situatie waarin piloten dermate slechte werk- en leefomstandigheden hadden, dat er rechtstreeks uit geconcludeerd kon worden dat er (dodelijke) ongelukken gebeurd waren. Piloten die dusdanig weinig verdienden dat ze hun studieschuld niet konden betalen. Piloten die tussen vluchten door nauwelijks tot geen tijd hadden om echt tot rust te komen.
Zou u bij dergelijke piloten met een lekker gevoel instappen? Nu is het zo dat vliegen alsnog veel veiliger is als autorijden, dus dat werpt vragen op over het leerlingenvervoer voor een paar kralen per uur, is het niet?
En lees voor leerlingenvervoer, regiotaxi of dat soort zaken.
Het Engelse gezegde "if you pay peanuts, you get monkeys" ging dus voor deze regiotaxi heel erg letterlijk (maar ook figuurlijk) op.
Uiteraard, het gaat ook vaak goed, maar dat is niet met dank aan de werkgever, die het makkelijker en goedkoper vind om zo iemand te ontslaan, dan om een goede sollicitatie procedure te houden, en een fatsoenlijk salaris te bieden. We zouden onszelf meer waard moeten zijn dan minder dan het absolute minimale.



vrijdag 7 juni 2019

Verbijsterende verbazing.

Ik heb ooit eens geroepen dat ik niet snel meer te verbazen ben. Maar waarschijnlijk voelde ik me toen wat vroeg-rijper dan ik daadwerkelijk was (en of ben). Want ik verbaas me met grote regelmaat. Met volle teugen.
Ik kan mezelf zozeer verbazen dat ik verbaasd ben over de grote hoeveelheid verbazing in mijn schedel.
Mijn militaire werkgever doet er dan ook erg zijn best voor. Maar vlak mijn andere werkgever niet uit. Ook die doen hard hun best om ervoor te zorgen dat ik niet meer verbaasd ben over mijn verbazing.
En niet alleen die werkgevers doen hun best, ook de mensen met wie ik door het werk in aanraking kom, zijn vaak bronnen van (het zal niet verbazingwekkend zijn) verbazing.

Mijn verbazing kende van de week weer een paar verbijsterende hoogtepuntjes.
Dit gaat dan om handbagage. Als ik denk aan handbagage, denk ik aan een damestas. Een rugzakje. Een plastic tas. Misschien een mini-rolkoffertje voor de mensen die permanente schouderverzakking hebben. In elk geval iets dat makkelijk onder de stoel voor je, of in het bagagerek boven je gepropt kan worden.
Gevuld met spulletjes die je tijdens het vliegen eventueel nodig zou kunnen hebben.
Nu meen ik dat handbagage altijd wel gratis mee kan, en dat er voor ruim-bagage betaald moet worden. Terecht ook, want dat gewicht dient verplaatst te worden, en dat verplaatsen kost brandstof, ergo: neem je wat mee, betaal je ervoor.
Het verbaast me dan weer niet dat mensen dit proberen te omzeilen door de grenzen van het toelaatbare op te zoeken, waar het de omvang (in centimeters en kilogrammen) van de handbagage betreft.
Maar de uitkomsten van dit grenzen-onderzoek, verbaast me dan weer in hoge mate.
Ik ben inmiddels zelf een brave vader, en inmiddels niet meer verbaasd over de hoeveelheid zooi die wij als klein gezinnetje meenemen als we een uurtje naar het bos gaan, maar ik krijg soms het gevoel dat reizigers op vakantie hun hele jaarvoorraad aan pindakaaspotten meenemen naar Salou, inclusief de voorraadkast waar het thuis ook in stond. Koffers zo groot dat schoonmoeder er languit gestrekt in kan liggen, en dan is er nog plaats voor dat etterige neefje ook.
En dat is dan niet één reiziger, het zijn er op een bus van 50 man al gauw 30 reizigers die ruimbagage verwarren met handbagage.
En dan bij het vliegtuig aangekomen, boos zijn dat die teringzooi alsnog onder in het vliegtuig moet, omdat er meer mensen iets aan handbagage mee willen nemen.
Wat nog veel komischer is, is hun verontwaardigde gezicht als ze merken dat ik op geen enkele manier genegen ben om hun bagage voor ze mee te nemen de trap op, het vliegtuig in. Ik ben daar gek.
Ten eerste: het is niet mijn beslissing om een hutkoffer ter grootte van een grafkist mee te willen slepen als handbagage. Als je dat doet, ben je ook zelf verantwoordelijk voor de rugpijn die je ervan krijgt als je ermee de trap op moet zeulen. En ook zelf verantwoordelijk voor de overige ongemakken die het voor jou en de medereiziger oplevert (ja, tot vertragingen aan toe!). Ik ben buschauffeur, geen bagage afhandelaar.
Ten tweede: (En hier ben ik dankbaar voor de huisregels van Schiphol) het is mij ten strengste verboden om aan andermans spullen te komen. Want daar zijn afhandelaars voor, welke tijdens dat (hun) werk verzekerd zijn voor schade/ongelukken/letsel voortkomend uit het verplaatsen van bagage. Als ik bagage aanpak, en ik laat het uit mijn handen vallen, ben ik niet verzekerd voor de schade, en mag ik het betalen. Nu is het echt niet zo dat ik ongelooflijk slecht verdien, maar niet zoveel dat ik de vergulde dildo's van Margreet kan vergoeden. Als ik bagage aanpak waarvan het handvat afbreekt en die koffer landt op opa Piet zijn hoofd, ben ik ook de pineut, want ik had er niet aan moeten zitten, en kan ik de rest van opa Piet's leven zijn invaliditeit gaan betalen. En dat alleen maar omdat ik wilde helpen.
Doe ik dus niet.
Nu weet ik dat veel collega's heel erg strikt zijn met die regels. En terecht. Ikzelf wil nog wel eens een tintje grijs opzoeken. Als er een moeder aan het hannesen is met een kinderwagen, kind en tasje, wil ik nog wel eens vragen of ze het goed vindt dat ik die kinderwagen in de bus zet, en bij het vliegtuig bij de trap. Maar alleen na haar toestemming, en nadat zij de kar heeft ingeklapt. (Dit is ook opportunisme, want als ik iemand laat hannesen, kost het meer tijd dan noodzakelijk, maar het staat wel vriendelijk).
Aan die goedheid van mij zit wel een grens. Als er een gezin komt met een kinderkar vol met tassen, de peuter krijsend achter zich aan slepend, dan doe ik weinig. Niks eigenlijk.

Zo is het ook verboden om in de bus te eten of te drinken. Gewoon om rotzooi te voorkomen. Dat staat namelijk niet zo netjes voor andere reizigers, en ik heb wel wat beters te doen dan na elke rit andermans tyfuszooi op te ruimen. Er moeten namelijk nog 1000 mensen verplaatst worden, en die willen dat ook in een nette bus. De stewardessen binnen dienen die mensen dan mede te delen dat die koffie of dat kliederige broodje echt niet mee naar buiten mogen, echt niet mee de bus in. Staat ook aangegeven middels grote stickers.
Die meiden binnen verrekken dat vaak. Staan misschien niet sterk in hun schoenen.
Soms ook wel. Meestal zeg ik dan tegen de mensen dat ze die koffie of dat kliederige broodje even rap buiten de bus weg moeten werken. En dat doen ze dan ook wel. En anders stuur ik ze weer naar binnen. Het is ten slotte hun vlucht die vertraagt omdat ze hun broodje of koffie belangrijker vonden.
Ook hier, heel veel collega's die heel terecht heel strikt met deze regel omgaan. We zijn chauffeurs, geen schoonmakers.
Maar ook hier maak ik soms gebruik van wat tintjes grijs.
Zo stond er een poos geleden een jongeman voor me met een bijna grijs gezicht van ellende. Die had blijkbaar binnen de stewardessen al verteld hoe ellendig het was, en hoezeer hij zijn veel te duur betaalde starbucks blerf mee wilde nemen.
En ineens stond hij voor mijn neus te stamelen. Of hij alsjeblieft zijn koffie mee mocht nemen. Hij zou in de bus de deksel erop laten en wat al dies meer zij. Want hij had zoveel stress en het was allemaal moeilijk.
Het leek me allemaal oprecht, dus ik zei hem dat we pas over 6 minuten zouden vertrekken, dus dat hij nu maar even moest genieten van de koffie (buiten de bus) en als het dan niet op was, dat hij de rest maar in het vliegtuig naar binnen moest gieten.
4 minuten later was zijn koffie op, en heb ik de lege beker voor hem weggeflikkerd.  Zo maak je toch iemands stressige dag een heeeeeel klein beetje beter.

En in de categorie "Ergert u niet, verbaast u slechts": Ik verbaas me met totale overgave over het feit dat mijn dochter zo'n kieskeurige eter is. En het kost me moeite om het bij verbazing te houden, en die niet over te laten gaan in totale ergernis.
Nog voor ze geroken heeft, zit ze al te blaten dat ze het niet lust. Hapjes die ze dan na eindeloos geduldig aandringen van Ilse neemt, belanden zonder te zijn gekauwd weer terug op tafel. Ik vraag me af of haar smaakpapillen uberhaupt de kans hebben gekregen om iets te proeven.
Zelf een redelijke alleseter zijnde (alleen banaan en drop krijg ik niet langs mijn huig, sterker nog: ik krijg het niet langs mijn lippen zonder dat ik anti-peristaltische bewegingen voel opkomen in mijn torso) snap ik hier weinig van. Misschien ook omdat ik het nog steeds lastig vind om me te verplaatsen in de denkwereld van een 4-jarige.

Maar het mag tijd worden dat de lezer zich ook een beetje mag verbazen. Sinds vandaag ben ik in bezit van een roze-paarse fiets. En nee, ik ben niet dronken.
Dat zit zo:
Mijn onvolprezen echtgenote heeft een veiligsite ontdekt, en is nogal voortvarend aan de slag gegaan. Voor bijna letterlijk een appel en een ei komt er binnenkort een laptop, een hi-tech prullenbak met sensor die de deksel open laat klappen, een wasrek en een heusche e-bike naar ons huis.
Vooral die e-bike was een dingetje. Woest werd er op de telefoon gedaan als iemand de euvele moed had om haar te overbieden, maar uiteindelijk is ze binnen haar budget gebleven, en heeft ze de fiets gewonnen.
En dat terwijl er een pracht van een roze-paarse batavus voor de deur staat, met aan het stuur een roze krat.
Die gaan we niet verkopen, want mijn blauwe "kronan"achtige fiets is inmiddels vergroeid met de heg van de buren, en kan ik oprecht gewoon niet meer terugvinden. Ik denk dat de klimop hem inmiddels opgevreten heeft.
Maar dus zit Ilse tegenover me de blije uit te hangen, terwijl ik mezelf wanhopig afvraag of ik na 8 jaar nog wel weet hoe of dat ik op een fiets moet stappen. En of ik nog weet hoe ik mezelf dien voort te bewegen zonder een acuut gevaar te worden voor elke vorm van medeweggebruiker.
Dit nog los van de vele bloem- en kleurrijke verwensingen die ik uitbraak als ik ter aarde stort. En dan is er nog een Jente die daarbij komt.
Ik stel me voor dat ik Jente heb vastgesnoerd in dat stoeltje. Vervolgens zelf opstap, en Jente met een royaal gebaar met mijn been van dat stoeltje aftrap.
Want als man ben ik in het verleden gewend om mijn been over het zadel te moeten zwaaien. Mannenfietsen hebben nu eenmaal een ballen-breek-stang. Ook bij mijn blauwe fiets zwaaide ik koppig doch manhaftig mijn been over het zadel. Dat is een beetje een principe kwestie.
Ik ga er van uit dat mijn pogingen om te fietsen nimmer op video vast gelegd worden.
Dus wees niet verbaasd als u mij ooit tegenkomt met pleisters, verbanden en lichaamsdelen in het gips.

Dit geschreven hebbende, heb ik morgen nog een concertje in Breda, en dan ook weekend.
Ik wens u allen een prima weekend.






zondag 2 juni 2019

Het is bijna zover: vakantie!!!!

De trouwe lezer zal inmiddels wel weten dat technologie en Marnix geen "match made in heaven" is.
Mijn eerst zo bejubelde Motorola telefoon is gewoon een kutding, die ongewenst en zelfstandig allemaal instellingen verandert, en apps verplaatst of verwijdert en mij volstrekt in het ongewisse laat over waar die dan volgens Motorola wél zouden horen.
Maar de "Chrome" app staat nog wel (NOG) op de plek, en zo landde ik bij het volgende artikel over een leuk display.
klik hier
Dit display hang je aan de achterruit van je auto, en daarmee kun je communiceren met je mede-weggebruikers middels voorgeprogrammeerde teksten of (en dit vind ik dan weer feestelijk) zelf bedachte teksten.
Uiteraard zijn dit soort displays dan weer niet voor Audi of BMW rijders (uitzonderingen daargelaten, om politiek correct te blijven) want die zijn over het algemeen te gierig om knipperlichten op hun auto's te kopen, dus dit soort bordjes zullen ook het maandelijkse leasebudget wel overschrijden.
Het idee achter het display is leuk. Je kunt er net wat persoonlijker mee communiceren, en je kunt zelfs je mede weggebruikers waarschuwen voor onverwacht gevaar dat jij wel, maar zij niet zien. Lijkt me in dezen voor die achterlijk grote pick-ups of pc-hooft-trekkers dan eigenlijk een verplichting aangezien die altijd alle zicht naar voren ontnemen.
Ik zie als doemdenker (dat ben ik volgens Ilse, ik noem mezelf liever realist) toch wat beren op de weg. (Pun intended).
Ben je lekker aan het cruisen, wil je wat extra communiceren naar je achterligger, ben je vervolgens meer met dat display bezig, en rij je alsnog je auto aan gort omdat je wél op dat apparaatje bezig was, maar niet met de situatie op de weg.
De achterligger was gewoon met het verkeer bezig, en kan alles omzeilen, terwijl jij de potentieel gevaarlijke situatie helemaal uit de klauwen laat escaleren.
Hoewel volgens de maker is dat getackeld omdat het ding ook op spraak zou reageren.
En hier gaat mijn fantasie in de overdrive, so to speak.
Zeker met mij als chauffeur, is zo'n functie dan serieus een extra gevaar op de weg.
Dat ik vloekend en tierend iemand inhaal, en dat diegene verbijsterd de teksten leest die ik uitbraak, en vervolgens van schrik in de berm belandt. Of mij klem rijdt en verhaal komt halen.
Of dat ik Ilse middels allemaal schunnige teksten alvast warm maak voor een avondje stomende bedpret, terwijl ik op dat moment net oma van 66 inhaal, die mij vervolgens aanklaagt voor seksuele intimidatie op de snelweg of zo.
En zoiets is met een aandoening als Gilles de la Tourette ook niet erg praktisch, lijkt me.
Aan de andere kant, ik ben dan ook wel weer zo dat als ik een fout maak, ik dat toe durf te geven, en dus ook via dat schermpje even sorry te willen zeggen als ik iemand op wat minder koosjere manier inhaalde of afsneed of in de weg zat. 
En daarop voortbordurend: Het valt me op dat "ons" weggedrag niet beter wordt. Als we nu allemaal zo'n bordje kopen, en dan alleen nog maar vriendelijke teksten laten zien. Of af en toe eens een duimpje omhoog steken. Dan zouden we allemaal veel vriendelijker op de eindbestemming aankomen. En in plaats van dat we elkaar knarsetandend goeiemorgen toesnauwen omdat we de nekharen nog overeind hebben staan van de laatste verkeershufter, zijn onze gezichten wat meer ontspannen, en komt het goeiemorgen er al veel liever uit (uiteraard pas na de eerste, tweede of zesde kop koffie). 
Kortom: als dat ooit op de markt komt: hebbehebbehebbe.

Nog ongeveer 60 dagen en ik vertrek weer naar mijn favorieten vakantie bestemming. Frankrijk.
Deze keer is het de Dordogne. 10 uur rijden zonder tussenstops, dus dat betekent dat ik om 0:00 ga rijden. We gooien de auto vol met spullen voor 2 jaar (we gaan 2 weken) en als het tijd is om te vertrekken, gooien we Jente in haar stoel, en gas erop.
Ten minste dat is voor nu mijn planning. Dan rijden we namelijk voor de ochtendspits nog langs Parijs, en zijn we op een redelijke tijd op de camping.
Ik ben serieus de dagen aan het aftellen, want ik merk dat mijn weekends steeds korter lijken, en de werkweken steeds langer.
En los van dat gevoel (en een gevoel is een emotie en sommige mensen kunnen emoties uitschakelen) vind ik dat mijn onvolprezen echtgenote en ik dit gewoon dubbel en dwars verdiend hebben. Zeker mijn Ilse, die gewoon maar eventjes aan het reintegreren is. Die doet dat toch maar. Eventjes uit een diep dal opkrabbelen. Mateloos trots ben ik op haar omdat ze toch maar die balletjes in de lucht weet te houden. Tuurlijk stuitert er wel eens eentje naast, maar die probeer ik dan weer op te vangen, en terug te wippen. Maar toch.
Dus ja, we hebben vakantie verdiend, en Frankrijk heeft ons dit jaar ook weer verdiend.
Lekker foye gras eten (ja, nondeju, ik weet hoe het gemaakt wordt, en nee, dat kan me geen donder schelen, hadden die beesten maar geen gans moeten worden. Thieme, sue me) de meest ranzige schimmelkazen langs mijn tong laten dansen, heerlijke stokbroden, wijnen en ricards naar binnen gieten als Jente lekker ligt te slapen na een dagje lekker spelen op de camping.
Maar voor het zover is moet ik nog een paar duizend noten spelen op mijn trompet (met de meest (te) gekke trompetsectie van het land) en nog een paar duizend reizigers op Schiphol van en naar hun vliegtuig brengen. (Ook hier met een paar van de meest (te) gekke collega's die je je maar kan wensen.

Over Jente gesproken: dat arme schaap had dus een blaasontsteking, en op die leeftijd gaat dat gepaard met een verminderd tot verdwenen gevoel voor plasdrang. En dat leverde ons nogal wat extra werk op aan droge broekjes en het opruimen van textiel dat ongewenst was voorzien van jongemeisjes plasjes.
Dat kon niet voorkomen dat onze druif steeds maar groter groeit. De volgende stap is inmiddels gezet. Het kind kan zelfstandig naar de speeltuin.
Doodeng.
Dus meteen maar geleerd dat ze met NIEMAND mee mag. Alleen met papa of mama. Maar voor de rest mag ze met NIEMAND mee.
Dus uitgelegd hoe en wat, en dat ze tegen IEDEREEN nee moet zeggen.
Maar toch. Ik denk dat de volgende les gaat zijn: keihard gillen als iemand haar aanspreekt, en keihard gillend naar huis rennen. Maar misschien overdrijf ik.
Das de vermoeidheid denk ik.

Straks lekker naar een bos, de koelte van een beekje opzoeken.

Dit geschreven hebbende, wens ik u alleen een goed weekend toe.






Een frisse update.

Week twee van de relatieve lock-down. Inmiddels heb ik mij uit pure verveling gestort op allemaal klussen, van welke ik de eindresultaten t...