dinsdag 31 december 2013

Gelukkig Nieuwjaar!!!!!









Ik hou van 1 januari, want er ligt een nieuw, bijna blanco jaar voor je, waarin je allemaal verrassingen krijgt. Sommige dingen weet je al wel, maar sommige dingen zijn echt nieuw.
Het einde van dit jaar heeft me een aantal verrassingen opgeleverd waar ik nog een beetje van zit na te daveren.
-Een voorgenomen huwelijk. Hoe tof is dat.
-Een nieuwe club om les te geven. Overgenomen van een vriendje. Nieuwe impulsen. Nieuwe kinderen om met alle vrolijkheid te doordrenken met muziek en plezier.
-Het einde van mijn carriere als beroepschauffeur. (Hoewel... Carriere... Die anderhalve keer per 7 weken dat ik mocht rijden, tegen een betaling van omgerekend 3 euro netto per uur, is nauwelijks beroeps te noemen, laat staan een carriere).
-De ene deur is nog niet dicht, of de andere wordt met grote kracht opengesmeten: meteen nadat ik geen buschauffeur meer mocht zijn, werd ik benaderd met de vraag of ik een opleiding wil doen tot rijinstructeur. Vervoer en mensen vind ik fascinerend. Plus dat ik het met mijn muziek een prachtige combinatie vind. Begin van het komende jaar start ik ermee.
-Ik ben gevraagd of ik vast wil meespelen in een bestaand en professioneel koperensemble. Met allemaal leuke mensen, die op hoog niveau toffe concerten willen spelen.

Mijn aanstaande is een kruidje-roer-me-niet. Zo is inmiddels in 1 jaar tijd het hele huis wel 3 keer van indeling veranderd.
We begonnen met slapen op de grote slaapkamer. Toen moest het vanwege de ruimte, de zolder worden waar we gingen slapen. Maar dat bleek niet handig, dus moesten we terug naar beneden, naar de kleine slaapkamer. Maar dat was ook niet prettig genoeg, dus moesten we weer naar de grote slaapkamer. Daar waar we ons samenwonen ook begonnen, zeg maar.
Onze woonkamer is ook al diverse malen in verschillende gradaties van uiterlijk veranderd.
Nu staat de bank op een heel andere plaats.

Claus, onze brave, afstandelijke theemuts-kater, beziet deze veranderingen telkens met enig misnoegen. Colette, onze wat minder brave spring-in-het-veld poes ziet deze veranderingen wel zitten. De boekenkast is inmiddels hoog genoeg, en nu kan ze vanaf het plafond iedereen gadeslaan.

2013 was ook het jaar dat mijn moeder helemaal niet meer heeft meegemaakt. Raar idee. Helaas is opvoeding vaak besmettelijk, en dus heb ik weinig met het hele oud en nieuw gebeuren. De enige reden dat ik met oud en nieuw precies om 0:00 uur wakker ben, is dat het onnozel is te willen slapen terwijl Nederland de crisis bezegelt met het verstoken van 65 miljoen aan vuurwerk.
Deze oud en nieuw is wel de eerste oud en nieuw die ik mee ga maken in mijn eigen huis. Nooit eerder was dit in mijn volwassen leven het geval. Ik was bij vrienden, ik was in Limburg, ik was bij exen, ik stond op het podium, maar nooit daar waar ik me het fijnste voel: in aanwezigheid van mijn eigen bed.
Ik ga dus dit jaar voor het eerst meemaken hoe Claus en Colette op vuurwerk reageren. Zouden ze onder het toilet kruipen van angst? Of zouden ze de gordijnen aan repen trekken...

Ons menu voor vanavond is wel al bedacht:
Zelfgemaakte ravioli.
Met kip-tomaat-parmezaan vulling, met champion-knoflook-sherry vulling, en met spinazi-feta vulling.

Dat zou een mooi laatste avondmaal van 2013 zijn.

Ik wil alle lezers van mijn blog wederom bedanken voor het (mee)lez(v)en. Voor moeite van het reageren, en het voorhouden van spiegels. 
En voor allemaal een mooi 2014.
Dat we ons maar weer met volle teugen mogen verbazen en verblijden in de kleine en grote dingen des levens.







donderdag 26 december 2013

Open brief aan Giel Beelen.

Hallo Giel,

als eerste wil ik je op tweede kerstochtend oprecht feliciteren met jouw en jullie prestatie.
Het is niet niks. Een paar dagen zonder vast voedsel keihard werken.
En met deze hardcore commercieele Ramadan hebben jullie wel bereikt dat er weer een flink aantal mensen geholpen kunnen worden. Dat is uiteraard een heel erg mooi gegeven.
Hulde daarvoor.

Giel, deze hele eerste alinea is geschreven uit de grond van mijn oprechte hart. Maar ook ik ben toch een van die mensen die niks gedoneerd heeft. Ik ben een van die cynici waarvan jij zegt dat dat gefuckt moet worden.
 En ook dat vind ik een kleine hulde waard aan jouw adres, want blijkbaar is het je opgevallen dat er nogal wat mensen cynisch worden als er weer ettelijke miljoenen het land verlaten.

Ik hoop oprecht dat je deze open brief verder leest, en niet geirriteerd wegklikt, of negeert. Want ik wil je graag uitleggen waarom ik (en met mij velen) cynisch worden als er zoveel geld het land verlaat.

Ik zag een trotse foto voorbijkomen van een DJ die zijn broekriem nog verder kon aanhalen. Hij was afgevallen.
De hardwerkende vader die in de rij bij de voedselbank staat, omdat hij toch zijn kroost moet voeden, zal daar zo het zijne van denken.
Mijn eigen gedachte: waarom laat je zoveel geld het land verlaten terwijl er hier, op nog geen 10 kilometer bij jou vandaan zo veel goeds gedaan kan worden met dat geld? Waarom niet eerst in eigen land de problemen oplossen?

Ik denk aan een hospice, waar vrijwilligers keihard en belangeloos werken om stervende mensen een zo menselijk mogelijk einde te geven. Met een fractie van dat geld kan er weer voor een paar jaar een beroepsverpleegkundige worden ingehuurd voor de broodnodige medische ondersteuning. Kunnen kamers in een hospice weer worden schoongemaakt, en kunnen hospices worden uitgebreid.
Waarom laten jullie zoveel geld het land verlaten, terwijl dichtbij stervende mensen die hulp zo goed kunnen gebruiken?

Ik denk aan Vluchtelingenwerk Nederland. Een organisatie die vluchtelingen helpt integreren. En niet alleen door middel van het wijzende vingertje, maar ook met raad en daad mensen bijstaan. Wegwijs maken in Nederland, door bureaucratische instellingen heen loodsen om te voorkomen dat ze verdwalen in ons land van papier en formulier.
Ook deze instelling leeft op giften.

Ik denk aan alle non-profit culturele organisaties die concerten geven. Muziekverenigingen die optredens verzorgen op allerhande locaties. Die onze (culturele) identiteit in stand houden, en willen uitdragen, maar het steeds moeilijker krijgen.
Juist deze verenigingen maken Nederland tot wat het is.

Waarom willen jullie zo dolgraag andermans problemen oplossen, maar lijken jullie totaal geen oog of oor te hebben voor de schrijnende problemen die we in eigen land hebben? Is dat een soort van struisvogelpolitiek? Als we het negeren, dan is het er niet?
Of is het het goedkoop afkopen van dat onprettige gevoel. "Ik heb een paar euro gelapt, dus ik kan me met kerst weer lekker volvreten".

Dan toch iets over jullie trots, toen het glazen huis weer open ging: Vol trots kwamen jullie naar buiten, jij twitterde: "Fuck het cynisme, Nederland bedankt!"
Dat het jou ook opviel dat er cynisme heerst, vind ik goed. Ik hoop wel dat je er iets mee gaat doen. Want alleen maar afgeven op dat cynisme is veel te makkelijk.
De mensen die werkzaam zijn bij een van de voorgenoemde instellingen doen dit vaak al jaren. En niet een paar dagen per jaar, maar een paar dagen per week. Mentaal en fysiek zwaar (vrijwilligers) werk waar weinig meer dan waardering van de directe omgeving tegenover staat. Voor hun geen optredens van Racoon. Voor hun geen daverende applausen en mediageilheid. Daar doen ze het niet om. Maar een steuntje in de rug van hun organisatie zou meer dan welkom zijn.
Vergeleken daarmee is een paar dagen vasten voor het goede doel een lachertje. Dit zeg ik, ondanks het respect dat ik echt oprecht voor jou en jullie heb.

Daarom hoop ik dat jij en jullie volgend jaar met Serious Request ook eens wat "terug gaan doen" voor Nederland.
Zamel met even veel vuur en passie eens zoveel geld in voor de verschillende goede doelen in Nederland.
Help een hospice, een muziekvereniging en noem het allemaal maar op.

Verbeter de wereld, begin bij jezelf. Het is mijn wens dat Serious Request de wereld verbetert, en bij Nederland begint.

Hartelijke groeten,

Marnix Coster.







zondag 22 december 2013

22-12-1948

22-12-1948.

In een armoedig gezinnetje in de Amsterdamse Jordaan (jaja: vroeger was de Jordaan nog een volksbuurt, en niet dat van juppen en expats vergeven luxe-reservaat dat het nu is) werd een hoogzwangere vrouw naar het Onze-Lieve-Vrouwe-Gasthuis gebracht. Er moest bevallen worden. En dat is op zich best knap voor een vrouw die 9 maanden eerder al een zoon ter wereld bracht. Maar ja, het was oorlog geweest, het land was in opbouw, en er was nog geen groots aanbod aan uitgaansgelegenheden, dus werd er meer gefeest tussen de lakens, wat ook al weer leidde tot meer geboortes.
Bij die geboorte kwam mijn moeder ter wereld.
De hygiene was toen zelfs in ziekenhuizen niet zo strikt als tegenwoordig, want een verpleegster die mijn moeder waste, waste zichzelf niet echt denderend, waardoor ze mijn moeder een huidinfectie bezorgde, die ertoe leidde dat een arts zich liet ontvallen dat ze nieuwjaarsdag niet zou halen.

Dat kleine, zieke baby'tje haalde in elk geval kerst wel. En zeer overtuigend zelfs.
Tijdens kerstavond kwam de dominee het kerstverhaal vertellen aan alle hoogzwangere vrouwen, alle net bevallen vrouwen en alle baby's. Destijds was meneer de dominee nog een echte autoriteit. Als hij sprak diende iedereen stil te zijn. Baby's incluis.
Meneer de dominee was net met zijn verhaal begonnen, of er klonk ergens uit een wieg al een overtuigend gehuil. Daar was de dominee niet op bedacht. Wie waagde het om hem, dé dominee van dienst, te onderbreken met irrelevant en irritant gejammer? Bijna uit zijn concentratie gebracht ging hij verder met zijn verhaal.
Maar nee. Nog maar een paar zinnen verder in zijn verhaal, werd hij wederom onderbroken. Dapper probeerde hij door te reutelen, maar de baby in kwestie was minstens net zo dapper.
Uiteindelijk wist de dominee niks beters te doen dan de baby in kwestie uit de zaal te laten verwijderen. Zodat hij in alle rust het kerstverhaal kon vertellen.

Dit verhaal is echt gebeurd, en heb ik gehoord van mijn moeder, die het weer van haar moeder had gehoord.
Ik zie hier een pracht van een parallel met het werkelijke kerstverhaal.

Uiteraard had de somberende arts ongelijk, en haalde mijn moeder nieuwjaarsdag wel. Sterker nog: ze haalde nog vele nieuwe jaren.

Even verder mijmeren: ze leefde nog lang. Helaas overleed haar moeder veel te jong, en kwam ze terecht bij een totaal van de pot gerukte oma. Dat de kinderbescherming haar en haar broers bij die oma plaatste is een schande en een blijk van totale incompetentie geweest.
Een ongelukkige jeugd, gespeend van liefde en vol van mishandelingen volgde. Gebrekkig voorbeeld doet gebrekkig volgen. Ze trouwde met de verkeerde man, kreeg 3 kinderen, waarvan er een dood was bij de geboorte, scheidde, voedde ons op met alle liefde die ze in zich had (en dat was veel) stapelde daarbij liefdevol fout op fout, maar kreeg het wel voor elkaar om telkens weer op te staan.
Geen tegenslag of ze stond weer op. Totdat ze niet meer op kon staan. Totdat het leven haar definitief in de steek liet.
Maar zolang ze kon, stond ze weer op. En dat is iets waar ik toch wel veel respect voor heb.
Die eeuwige volharding. Dat koppige niet op willen geven. Het eigenwijze doordouwen, tot er weer een muur was waar ze omheen moest, in plaats van erdoor breken.

 22-12-2013

Vandaag zou ze 65 geworden zijn.
Dat feest moet ze missen.

Maar ik ben in veel opzichten een kopie van haar. En vooral de koppige eigenwijsheid van haar leeft voort.

De kerst komt er weer aan. De tweede kerst zonder dat ik afreis naar Limburg. Het is al minder rauw.
Vorig jaar voelde ik me een beetje schuldig. Omdat het leven wel doorgaat. Dit jaar voel ik me niet schuldig meer. Maar het voelt toch nog een beetje raar.
Alsof ik iets vergeet. Alsof ik iets zou moeten doen. Maar ik kan er dan toch de vinger niet goed opleggen wat dat dan zou moeten zijn.
De drukte van alle kerstconcerten maskeert dat gevoel maar ten dele.

Ik ga door. En hou een herinnering in mijn hoofd van een jeugd waarin ik met alle liefde ben groot gebracht. Dat is een ding dat ik wel kan doen. Dat is een ding dat mijn moeder verdiend heeft.
Met een lach en een traan.
Het is geen pijn meer van gemis, maar wel met een zeker gevoel van weemoedigheid ga ik de kerst in.







woensdag 18 december 2013

Dag Ozzy...

Ozzy, het hondje dat 8 jaar lang bij Ilse een fantastisch leven had, is er niet meer.  Het arme dier was zo ziek geworden dat verder laten leven gelijk stond aan meer lijden, en een veel pijnlijker dood, dan het heft zelf in handen nemen.
Ilse heeft hem 8 jaar lang verzorgd, lief gehad, vertroeteld, verwend, mee op reis genomen, uitgelaten, boos op geweest, opgevoed (tegen beter weten in, want tekkel). Talloze verhuizingen, wat minder vriendjes en een schare katten waren zijn deel. En dat alles slikte hij, want Ilse was erbij.

Iets later dan Ilse zelf, kwam Ozzy in mijn leven. Ozzy was er nu eenmaal niet bij toen we elkaar ontmoetten in Frankrijk.
Zijn entree in mijn leven leverde gemengde gevoelens op: ik ben gek op honden, maar zat nu niet bepaald te wachten op een hond in mijn leven.
Maar ja. De hond was een part of the deal.
Na verloop van tijd wenden we aan elkaar. Ozzy, Claus, Ilse en ik. En het wennen aan ging over in waarderen. Ik raakte toch wel erg gehecht aan dat wat scharminkelige mormel. En zijn gekkigheid. Zijn onhandige pogingen tot kattekwaad. Zijn wat megalomane machismo. Zijn trouw, en vriendelijkheid. Zijn onhebbelijkheden. Die toch ook wel weer grappig waren.

Ik ben loeitrots op het feit dat Ilse een moeilijke, zware keuze heeft gemaakt. Want een lief vriendje van jaren in laten slapen is zwaar. Is moeilijk.
Maar ook op het feit dat ze een moeilijk hondje een fantastisch leven heeft gegeven. Geen cent heeft bespaard op zijn leventje.

We zullen hem missen. Dit geinige monstertje. Maar als er zoiets is als een dierenhemel (als jongetje geloofde ik hier heilig in: alle dieren kwamen daar terecht, en het zou ze daar aan niks ontbreken) dan is hij daar al in goed gezelschap van alle andere dieren die inmiddels mijn leven hebben verrijkt.

Dag Ozzy....

zaterdag 14 december 2013

Over een wisselweek, en verzekeringen




 Wisselweek.
Een mooie term. Want er gebeurde van alles.
Sinds een week mag ik mij vol trots aankondigen als nieuwe klein koper docent bij fanfare Prins Hendrik in Aalst. Aan mij de moeilijke, maar uitdagende taak om vriendje Anton op te volgen. Leuke leerlingen.
Ook wat droevig nieuws. Aan de samenwerking tussen mij en Arriva is een einde gekomen. Want de agenda's bleken best lastig combineerbaar. Een aangezien ik tot veel bereid ben, maar niet tot het stelen uit mijn eigen portemonnee, bleek er geen verdere interesse in mijn persoontje te zijn.
Maar dichtgeslagen deuren openen altijd weer ergens anders een nieuwe.

Ook is het spelend weer druk. Van een Weihnachts in Castricum naar een Brixi in Den Haag. Van kerstliedjes in Vaassen, naar een ijzig koude en ellenlang durende beediging in Apeldoorn.
Bijna 1000 kilometer in 1 weekend. Maar wel heel gezellig met collega's die ik eigenlijk wel vaker zou willen zien en mee samenspelen.

Over verzekeringen.

In een nog niet zo heel erg ver verleden landde ik nog wel eens in discussies over verzekeringen. Over gezondheid. Over donor zijn.
In die discussie kwam het erop neer dat een bepaalde groep mensen vond dat rokers niet zo moesten zeuren. Hun longkanker hadden ze aan zichzelf te wijten. Dus hun zorgpremie moest maar omhoog.
En op zich, ik kan me bij die gedachtengang wel iets voorstellen.
Iemand die willens en wetens het risico loopt op ziekten, is misschien niet zo heel slim bezig.

Het mooie is wel dat ik een aantal parallellen zie, die ik hier toch even wil aanstippen.
Er zijn namelijk talloze andere riskante dingen, die mensen doen, waar ik niks aan heb, of last van heb, en waar wij ook met ons allen voor opdraaien.

Ik noem bijvoorbeeld vuurwerk.
Ook dit jaar weer talloze etterbakjes die de straat opgaan met tassen vol vuurwerk. Lekker stoer knallen. En liefst met zo zwaar mogelijke bommen. En als het even kan zo illegaal mogelijk, want dat is wel de ultieme stoerigheid.
Lekker geen rekening houden met oudjes die zich lam schrikken, en dieren die van ellende onder het toilet kruipen.
En owee als er vingertjes of oogjes verloren gaan. Dan is het huilen geblazen. En moet de hele samenleving nogmaals last ondervinden van deze etterbakjes. Want reken maar dat de zorgpremie niet dekkend is voor de operaties die volgen.

Ik noem fietsers.
Gisteren nog twee stadswachten nota bene. Na het concert wilde ik even bij een dorps pompstationnetje een flesje water halen. Vriendje Nando had zo mooi gespeeld dat ik er een droge bek van kreeg. Om dat pompstationnetje op te rijden, moest ik een fietspad oversteken. Links kijken, rechts kijken, pad was vrij, dus opstomen maar. Jammer alleen dat vanaf het pompstation twee fietsers zonder te kijken, zonder hun poot uit te steken zich frontaal voor mijn auto gooiden. Zomaar het fietspad op. Piepende remmen. Van fietsers en mij. Goed kijken: jawel hoor: twee stadswachten! Figuren waar ik sowieso al weinig mee op heb. En nu wederom een blijk van waarom: het uniform is heel stoer, maar basale regels en omgangsvormen en communicatie in het verkeer is al te moeilijk of te veel gevraagd. Maar owee als het een aanrijding was. Dan was het huilen. Maar wel een vermanend vingertje naar mij opsteken. Alsof ik kan anticiperen op het zwalkende kutgedrag van stadswachten die nota bene beter zouden moeten weten.
En ook hier is de verzekeringspremie echt niet dekkend voor de ellende.

Maar als ik dit soort dingen dus aangaf in de discussie, werd mij verweten dat ik appels met peren vergeleek. Want roken heeft iedereen last van!!!11!!!!one!1

Dus blijkbaar mag iemand die levensmoe is op de fiets wel potentiele doodswensen uitvoeren, en mag een etterbakje met vuurwerk wel op de maatschappij teren als het misgaat, maar een roker niet.

Of misschien moeten we gewoon accepteren dat mensen nu eenmaal domme dingen doen, en niet zo mauwen over de onkosten die dat met zich meebrengt.


zondag 1 december 2013

December...



Ik omschreef mezelf eens als onbeschaamd voyeur van het grote spektakel dat Leven heet. Deze omschrijving is niet van mijzelf, maar van Thea Beckmann. (Uit: de trilogie over de 100 jarige oorlog in Frankrijk. Dit is serieus leesvoer voor kinderen, maar ook volwassenen. Kopen, die boeken! Flikker die ellendige pleesteesjon en andere kompieoeterspellutjus het huis uit en laat kinderen weer lezen!)
En lange tijd was dat ook zo. Ik gaf en geef, niet gehinderd door enige vorm van subtiliteit, commentaar op alles wat er langskomt. Maar dat impliceert ook wat anders: het impliceert dat ik, gezeten op een prachtige troon, het leven aan me voorbij zie trekken, zonder er bewust deel van uit te maken.
En dat is dus absoluut niet zo. Zelfs niet toen mijn leven 'stilstond' omdat ik bezig was met kanker.
Dat het leven sindsdien in een absurde stroomversnelling is geraakt, voelt nog steeds heel raar.  Trouwen, huizen kijken, nieuwe kansen op de arbeidsmarkt voor 2 personen.

Het is 1 december. Het begin van een maand waarvan een wijze sportinstructeur ooit zei: het gemis, dat gat, dat blijft open. Dat blijft zichtbaar. Dat blijft voelbaar.
December. De maand van Sinterklaas en ZWARTE!!!!! Piet. De maand van veel optredens. De maand van kerst, oud en nieuw. Maar ook de maand waarin mijn moeder 65 jaar zou zijn geworden.
Mijn moeder had het al helemaal bedacht: het moment dat ze 65 jaar werd, zou de bijstandsuitkering en de aow samenvallen. En dat zou een maand van extra inkomen betekenen. Na een levenlang armoedig dubbeltjes omdraaien, had ze besloten dat dat een moment van extra feest zou worden. Een moment waarop ze alle registers open zou trekken. En zich geen zorgen meer zou maken of het allemaal wel kon. Ze zou er een groot feest van maken.

Dat liep een klein beetje anders. Het leven was zozeer een vijand geworden, dat de dood (hoe angstwekkend ook) kwam als een vriend.

Ik zie nog regelmatig posters voorbijkomen, waarop staat dat als je ze kopieert, je mensen met kanker steunt. En als je dat niet doet, ben je een harteloos wezen.
Om te kotsen. Werkelijk waar, om te kotsen.

Onderstaande tekst was mijn antwoord:

Ik deel dit toch wel. Niet omdat ik dit zo'n geweldige poster vind, maar omdat ik iedereen in mijn vriendenlijst (en ver daarbuiten) wil proberen te overtuigen van het feit dat dit vies, goedkoop sentiment is. Iemand die aan kanker lijdt, wil helemaal niet maar 1 ding. Tuurlijk: het overwinnen van kanker staat op nummer 1. Maar met het overwinnen van kanker alleen ben je er nog niet. Mijn moeder moest het vaak in haar eentje opknappen. Uiteraard waren wij er zo vaak als maar kon, en zelfs als het niet kon, waren we er toch. Maar, de omgeving kan ook veel doen. "Ken" je iemand uit je omgeving die kanker heeft? Re-post dit dan NIET. Daar heeft diegene geen flikker aan. Maar ga eens bij hem of haar langs. Vraag hem/haar naar zijn/haar verhaal. Bied aan om te helpen, waar je maar kan. Kanker hebben, kan een heel erg eenzaam proces zijn. Ga eens naar een hospice. Men zit daar verlegen om vrijwilligers die steun aan kankerpatienten willen geven. Mensen die echt willen steunen, in plaats van alleen maar zoete plaatjes ronddelen om een beetje sentiment te kweken. Ook de directe omgeving van een kankerpatient is gebaat bij steun. Gelukkig had ik dat. Zowel hier op facebook als in het echte leven. En die steun haalde ik NIET uit de rondgedeelde plaatjes als onderstaande, maar uit vriendelijke, liefdevolle woorden, uitgesproken of uitgetypt door mensen. Dat doet veel meer goed, dan het lezen van dit soort holle woorden. Lieve facebookvrienden: ergens snap ik dat jullie op deze manier steun willen betuigen. Maar een echt bericht, op facebook, of per telefoon doet de patient, of de omgeving veel meer goed dan dit. Zeker omdat er ook nog zo'n quasi beschuldigende tekst bijstaat in de trant van: "wie dit niet ronddeelt, heeft geen hart" --einde citaat van mezelf.

Uiteraard, kan men zich afvragen wat IK dan doe om kankerpatienten wél te steunen. 
Het eerlijke antwoord: ik kan het niet. Ik heb ruim 1,5 jaar lang gesteund. Gezorgd. Me zorgen gemaakt, bijna 90.000 kilometer gereden, dus 4500 liter diesel verstookt. Tot het moment dat het me brak, en ik tóch verder bleek te kunnen. Ik ben er nog niet aan toe om weer met kanker in aanraking te komen. Misschien komt dat ooit weer. Maar nu nog niet. 

December. Een soort van gatenkaasmaand. En ondanks dat ik mezelf als redelijk nuchter beschouw, borrelt er iets. Het gevoel dat ik een drempel over moet stappen. Maar als ik die drempel eenmaal over ben, dan is het ook goed. Dan besef ik weer wat ik wel heb. En dat ik daar best trots op ben ook. 

Het leven, dat ik zo graag bekijk, heeft mij toch veel mooie dingen toebedeeld. 

Om december maar eens wat kleur te geven: wat dachten we van een lekkere, in de oven  gebakken visschotel, met groene bloemkool, verse doperwten en zelf gebakken en gekruide potatowedges? 
Met als voorafje een gevulde tomaat, en als dessert een kaasplankje en lekker zelfgemaakt likeur-ijsje? 


Ik heb al wel zin in kerst!


 
 





Een frisse update.

Week twee van de relatieve lock-down. Inmiddels heb ik mij uit pure verveling gestort op allemaal klussen, van welke ik de eindresultaten t...