maandag 26 november 2018

Veranderingen. (Dit is alweer 401)

Er zal geen studie psychologie nodig zijn om te beseffen dat ik op dit moment even niet zo goed om kan gaan met veranderingen. Mijn toch al lichtelijk autistische karakter, zou serieus door het plafond gaan van ellende als ik nu ineens mijn hele huis zou gaan verbouwen.
Er zal ook geen graad in paragnosme voor nodig zijn, om te bedenken dat er dus echt het een en ander groots veranderde in mijn leven, in de afgelopen vier dagen.
Dat begon vrijdag al.
Ik wilde weten of ik mijn contract mocht verlengen bij mijn grote vrienden van T-Mobile. Dat doe ik het liefst in de winkel. Dan kan ik de verkoper eens diep in zijn of haar ogen kijken, en vriendelijk brommen dat ik elders toch echt goedkoper terecht kan. Dat weet de verkoper daar ook, en we weten allebei dat ik uiteindelijk dat krijg wat ik wil: een nieuwe telefoon, en lagere kosten per maand. Maar dat spelletje speelt nu eenmaal lekkerder in real life, dan via de telefoon.
Maar om nu te voorkomen dat ik naar die winkel ga (zwarte vrijdag, en dus achterlijk druk, zelfs in het centrum van Almere-buiten) om er daar pas achter te komen dat ik nog helemaal niet aan verlengen toe ben, leek het me handig om eerst even te bellen.
Toen ik eindelijk, na veel minuten in de wacht te hebben gehangen (het wachtmuziekje van T-Mobile verdient een serieuze aanbeveling: het is alsof je in de wacht hangt voor een sekslijn, zo zwoel, hitsig en geil klinkt dat wachtmuziekje) was het eerste dat ik tegen die gozer aan de lijn zei dat ik mijn contract wilde opzeggen.
Fuck, dat was helemaal fout. Ik wilde verlengen en weten wanneer enzo. Maar om een of andere onduidelijke reden, verhaspelde mijn brein en mond de diverse zinnen en kwam er totaal het tegenovergestelde uit van wat ik wilde. Gelukkig konden we erom lachen, en kon ik lopend (ja, meer dan 2 (twee) kilometer!!!) naar de winkel om een nieuwe telefoon te kopen.
Ik was al een poos helemaal klaar met de Iphone. Na 2 jaar was het nauwelijks meer een mobiele telefoon te noemen. Continu aan de lader, omdat de batterij bijna letterlijk voor mijn ogen leegliep. En als je hem dan aan de lader wilde prikken, pakte die 9 van de 10 keer niet gelijk, en moest je dus serieus goed kijken of je hem goed ingeplugd had, anders viel die dood aan het snoer.
Het ding werd traag als dikke poep, en ook het feit dat het synchroniseren met de oude laptop een crime pur sang was, werd me steeds meer een doorn in het oog.
Ik meldde de verkoopster vrolijk dat ik klaar was met meneer Appel, en ik graag een Kimchi telefoon wilde. Samsung dus.
Die verkoopster keek mij grijnzend aan, en deed iets wat niemand met kennis van zaken mij eerder flikte: ze vroeg naar mijn eisen en wensen. En raadde vervolgens de Samsung af. En kwam met een Motorola aan. Dat is geen onbekende. Mijn allereerste telefoon was een Motorola, en dat ding kreeg ik zelfs met grof geweld niet stuk. Een valpartij van het balkon 3 hoog, overleefde het ding. Dus ach, God zegene de greep, als ik maar geen Iphone meer hoef. En dus toog ik opgewekt met een Motorola naar huis.
Je gelooft het niet, maar het omzetten van al mijn zut van Iphone naar Android ging eigenlijk zonder maar een lelijk woord te laten vallen. Dit met dank aan een speciaal ontwikkelde app, anders denk ik dat ik alle heiligen die ik ken, afgestoft had, tot de verf verbleekt.

En daar bleef het niet bij.
Van het weekend viel mij op dat het aquarium niet helemaal waterpas stond. De kast waarop we hem gezet hadden, bleek bij nadere inspectie slechts 30 kilo te kunnen dragen. Op zich dom dat we dat niet van te voren gecontroleerd hebben. En mijn aquarium alleen weegt al het dubbele. Geen wonder dat dat kastje uit het lood kwam te staan. Op zich wel hulde voor de Ikea dat dat kastje dus beter presteert dan zij denken.
Ilse waarschuwde me al dat dat niet lang goed zou gaan.
Maar ik was gisteren te moe om erover na te willen denken. Al kon ik met al mijn realisme in mijn hoofd het aquarium diep in de nacht op de plavuizen horen kletteren. En dat zou hoe dan ook tot overenthousiast vloeken, tieren, schreeuwen en schelden hebben geleid.
Maaaaaaar.....
Na een lange werkdag vandaag, kreeg ik een bizarre kolder in mijn kop, en leek het me een fabeltastisch goed idee om het dreigende probleem van een ten onder gaande kast en aquarium te tackelen voor het begon.
En aldus begon er een geschuif en geklooi met meubelstukken.
(En dat dus allemaal uit mijzelf. Vraag Ilse of ik graag iets aan de inrichting verander, en ze zal je zuchtend vertellen dat ik zo eigenheimerig ben als een opperdoezer, en dat verandering in huis, gelijk staat aan nachten aaneengesloten nachtmerries. Meestal weet ik Ilse's enthousiasme tot verandering in te tomen met de opmerking dat al die verandering niet goed is voor Jente. En al helemaal niet voor die arme Claus die na zijn strooptochten door de wijk telkens weer totaal verbijsterd thuis komt en zijn eigen territorium niet meer herkent. Alles om maar aan te tonen dat verandering echt niet nodig is, en alles om maar te voorkomen dat het lijkt alsof ik gewoon niet zo happig ben op verandering). 
Het gevolg is echter wel dat we weer meer ruimte hebben gecreëerd, en dat het aquarium veilig staat.
Omdat het energielevel nog steeds beneden alle peil is (gelukkig ben ik niet depressief of zelfs maar ongelukkig te noemen) heeft met name deze verandering (en eigenlijk meer het harde werken dat erbij kwam kijken) er wel toe geleid dat ik nu dus compleet uitgeteld op de bank deze blog aan het tikken ben.
(Nummer 401 op deze pagina, gepubliceerd. Toch leuk om te weten, nietwaar?)

Om dan toch even af te sluiten met een klein bizarrigheidje.
Als je je auto parkeert, zet je hem op de handrem. Althans, sommigen doen dat. Er zijn ook mensen die de auto in de eerste versnelling zetten. Weer andere mensen maken gebruik van de natuurlijke glooiing van de plaats waar ze hun auto zetten, maar dat is meer een kwestie van geluk.
Sommige mensen zijn te laat, of te dom en doen geen van allen. Kwakken hun auto neer in een parkeervak, stappen uit, vliegen naar hun (eind)bestemming en dat is dat.
Dat is dat, ware het niet dat ze beter wél hun auto op de handrem of in de versnelling hadden kunnen laten staan.
Zo kon het gebeuren dat ik samen met wat collega's huiswaarts keerden na een lange en leuke werkdag op de bus, en wij bij het parkeerterrein geconfronteerd werden met een auto die midden op de rijbaan stond. Stil stond. Zonder eigenaar in de buurt. Das gek.
Even kijken: jawel, op slot. En inderdaad: handrem omlaag, en versnellingspook in zijn vrij. Een heel kleine glooiing in het wegdek, was voldoende om die auto naar het midden van de weg te laten rollen. Had die vent (vrouw?) nog geluk dat de glooiing niet eindigde bij de volgende rij auto's. De ellende zou niet te overzien zijn geweest.
Wij zijn niet de lulligste (en ook niet geheel altruïstisch, want wij moesten door dat laantje ook weer naar de uitgang) duwden wij die auto (een volkswagen golf. Zo zie je maar: mensen die niets met auto's hebben, rijden in een Golfje ;) ) terug zijn vak in, legden een steen voor de wielen, en schreven een briefje voor de eigenaar, met daarin de tip om volgende keer toch maar wél de handrem of versnelling te gebruiken, aangezien niet iedereen heel voorzichtig met andermans auto omgaat als die midden op de rijbaan blijft hangen.
Nu ja, we blijven allemaal mensen.

maandag 19 november 2018

Zul je minder over me denken?

Als mensen vragen hoe het gaat, kun je 2 dingen doen.
1) "Het gaat goed". En dan over tot de orde van de dag. Vaak voelt dit sociaal wenselijk. En vaak ook het makkelijkste, want je hoeft dan niet uit te leggen waarom het eventueel niet goed gaat.
Dat dat in wezen een energie-rovend antwoord is, komt pas veel later in je op. Je bent namelijk op een negatieve manier toneel aan het spelen.
Dit mocht ik ervaren in de periode tot en tijdens 2012, toen ik 2 huishoudens moest runnen. Alleen vrienden en directe collega's wisten het. Maar verder. Sociaal wenselijk doen, want ik heb niet echt het idee dat een voorbijganger, of (vage) bekende heel erg op je levensverhaal zitten te wachten. Of er zelfs maar tijd voor hebben.
2) "Het gaat niet goed", en dan hopen dat de vrager niet van spijt zijn tong afbijt, want hij/zij had niet echt gerekend op een droevig levensverhaal. En dan twee mensen onbevredigd achterlaten. Of zo.

Het gaat goed. Alweer een klein half jaar is dat mijn antwoord in de meeste "koetjes-en-kalfjes-gesprekken" die ik voer.
Het gaat op zich ook wel goed. Ik heb een heel erg toffe baan op Schiphol, waar ik veel en vriendschappelijk met mijn collega's optrek. Het werk is leuk, en na de werkdag flikker ik de bus op zijn plek en ga ik naar huis. Fluitend erheen (niet letterlijk, want de vroege uurtjes blijven voor mij iets buitenaards, en voor ik daadwerkelijk mensen kan ontvangen in mijn bus, moet en zal ik meer koffie slurpen dan medisch gezien verantwoord is), en fluitend naar huis. Weer een gezellige dag met toch wel hard werken achter de rug.
Ik heb een leuke baan bij de kapel. 
Maar...
Het gaat stiekem toch niet zo goed. Ilse zit nu alweer een geruime tijd ziek thuis, en doet haar uiterste best om haar burn-out te boven te komen. Dat is geen sinecure. Energielevel om van te janken. Een soort van oplaadbare batterij, die maar niet boven de 40% wil opladen.
En dus komt er, los van mijn werk, nogal wat werk op mijn bord. Als ik thuiskom van een lange dag sturen of spelen, moet ik (als ik pech heb) nog koken. Vaatwasser inruimen (really: wij doen wat fout. Elke dag moeten we de vaatwasser compleet dichtmetselen om alle afwas erin te krijgen), troep opruimen.
En wat me nog het meeste verdriet doet: als ik thuiskom, en Jente helemaal blij op me afrent om te knuffelen en te stoeien, moet ik serieus alle zeilen bijzetten om mijn tandvlees (waar ik heel de tijd op liep) op te rollen, en haar even de aandacht te geven die ze verdient. Waar ze recht op heeft. En dan dus neerzakken op een stoel. En dan moet ik dus vaak mezelf net ff te streng toespreken: Jente kan er niks aan doen, ze is pas 3.
Ilse doet keihard haar best, en ik verwijt haar uiteraard niks. Ziek is ziek. En alle lof voor haar, dat ze ondanks haar eigen burn-out, haar best doet om te doen wat ze kan. En toch te re-integreren. Maar ik merk, net als in 2012 dat twee banen, 1 huishouden en de zorgen om mijn zieke vrouw bij mij ook zijn tol beginnen te eisen.
Toen mijn moeder aan het overlijden was, had ik dit ook. Hoewel: blijkbaar (en helaas kan ik die vergelijking maken) minder heftig als nu. Wellicht omdat het nu om mijn eigen gezin gaat. De vrouw van wie ik hou, en mijn dochter op wie ik stapelgek ben. Toch letterlijk en figuurlijk dichterbij, want als ik van Limburg weer naar huis ging, kon ik deels gewoon de deur achter me dicht flikkeren.
Dus moet ik toegeven dat ik van mijn eigen situatie in 2012 bitter weinig geleerd heb. Of in elk geval te weinig heb zien aankomen, dat ik bij dit soort toch wel maximale belasting het niet helemaal zelf kan. En dus ergens wat tools, tips, tricks vandaan moet halen, om nog eventjes door te zetten.
Door te zetten voor mezelf, voor Ilse en voor Jente. Maar ja... Hoe dan?

Het is dus een worsteling hier thuis. Om overeind te blijven.

Ik heb ooit bewust de keuze gemaakt om mijn lesgeven in te ruilen voor een baan op Schiphol. Dat heeft me niet meer tijd opgeleverd. Wel meer financiele ruimte. Hoewel... De salaris-omstandigheden blijven hetzelfde: niet werken, is niet verdienen.
En in principe werk ik als chauffeur meer uren, dan als docent.
Dat ik met die ruil blijkbaar en verbazend genoeg toch ook ongemerkt mijn carriere als freelance trompettist opgaf, viel me later pas op, toen mijn agenda wat dat betreft leeg bleef.
Zó leeg, dat ik na veel nadenken toch maar mijn piccolo-trompet verkocht heb. Ik speel er toch niet meer op.
Niet zonder weemoed heb ik het ding weggedaan. Geen Bach meer. Geen Haendel meer. Toch een hoofdstuk van mijn leven dat afgesloten lijkt. Ik hou de deur op een kier, maar moet realistisch zijn. Met de hoeveelheid studenten die conservatoria op de steeds krapper wordende markt uitbraken, zal dat er ook niet beter op worden.
Maar aan de andere kant: ook geen handengewring omdat ik die snabbels toch wel nodig heb om het einde van de maand te halen. Geen snabbels meer waarbij je boekhoudkundig toch wel erg optimistisch, of gewoon erg dom moet zijn, om jezelf voor te houden dat je na aftrek van de reiskosten en belastingen, meer verdient dan een gemiddelde vakkenvuller van 13 bij de lidl.
Wel levert dit me de mogelijkheid op om de leuke dingen met meer plezier te doen. Filmmuziek, operette. Dat betaalt ook niet denderend (of zelfs helemaal niet) maar het kan allemaal wel. Omdat ik er niet meer van afhankelijk ben.

Kortom: veel om over na te denken, als ik er de energie voor heb. En ik hoop snel een paar handvaten te hebben om te voorkomen dat ik straks finaal door het ijs ga.
Zou erg fijn zijn.
Gelukkig heeft Ilse iets, waarmee ze me heeft aangestoken: een soort van blijmoedigheid om het toch een beetje te accepteren.
Een soort van Luctor et Emergo 2.0

Bed roept.



 





zondag 11 november 2018

Voedselnijd

Het staat echt supermooi op de verpakking. "Kinderen vinden het heerlijk!!!".
Dus ik blij als een kind (pun intended) die zak zoete aardappelen in mijn mandje geknikkerd.
Het plan was namelijk om een lekkere stamppot te maken van onder andere zoete aardappelen. En ik was helemaal blij dat die mededeling erop stond.
Want het eten van Jente houdt niet over.
"Ik lust dat niet".
"Dat wil ik niet."
"Ik wil niet eten."
"Ik wil alleeeeen macajonie".
En dus flikker ik al een paar maanden haar bord vaak maar half of minder leeggegeten in de kliko. De daar huizende entiteiten smullen al een paar maanden van overheerlijke verse groenten, vlezen en andersoortig voedsel. Als de katten de kliko open zouden kunnen krijgen, zou zelfs de buurt-terror-kater Claus te weinig energie hebben om al die beesten uit de tuin te jagen en te houden.
Ik durf best te stellen dat haar eigenwijsheid bij haar moeder vandaan komt. Ik heb het mijne ten slotte nog.
Maar dat ze nu al (voor mijn gevoel) maanden leeft op boterhammen met worst, hagelslag of pindakaas, omdat ze de rest niet lust, komt echt niet van mij. Of haar moeder, for that matter. Ik ben op drop en bananen na, een hele makkelijke eter. Ik hou van lekker en veel (of omgekeerd) eten. Ilse is ook best makkelijk. Ondanks dat ze vegetariër is, want hou haar een lekkere verse rookworst of goudbruin gefrituurde frikandel voor, en je ziet zelden een blijere vrouw.
Ik weet soms echt niet waar ik goed aan doe.
Bestraffen? Er een spel van maken? Niks meer te eten geven tot haar bord leeg is? Alles al geprobeerd, en niks werkt. Ze wil gewoon niet eten. Ja, vlak voor ze naar bed moet. Dan heeft de draak ineens wel honger. Maar niet in haar bord inmiddels koud geworden eten. Nee, dan blieft madam toch wat anders.
Ja dahag. En dat levert ons weer een huilpartij op waar de honden (en ik) geen brood van lusten (no pun intended, want ook dat brood krijgt ze dus niet).
Inmiddels zit ik dus met mijn handen in het haar (niet tijdens het eten, of koken, want dat is niet zo hygienisch), omdat ik niet weet waar ik goed aan doe.
Verder is het best een leuk kind, eigenlijk. En herken ik er best veel van mezelf in, gelukkig.

En nu ik het toch over goudbruin gefrituurde frikandellen heb...
Ik kwam laatst thuis, en toen trof ik op het aanrecht een frituurpan aan. Een hele nieuwe.
Ik heb ooit eens voor mezelf besloten dat het beter zou zijn om geen frietenpan in huis te hebben. Dit omdat mijn aangeboren luiheid voorkomt dat ik al te vaak naar de snackbar loop, en als ik geen bruin te bakken fruit in huis heb, ik toch sneller voor het gezonde kies. (De snackbar ligt 50 meter verder van mijn huis dan de supermarkt, en ja: dat is een argument om voor de supermarkt te kiezen ipv de snackbar).
Maar goed, die beslissing stamt uit een tijd dat mijn gewicht dichter tegen de 150 kilo zat dan tegen de 100 kilo. Die beslissing is een beslissing uit de tijd dat ik nog geen vrouw, kind, 2 auto's, 2 katten en ettelijke waterdieren had.
En aangezien de frituurpan reeds betaald was, had ik er verder ook weinig tegenin te brengen. Ik bedoel: terugbrengen is zonde, buiten gooien is zonde, niet gebruiken is zonde en om vanwege een aankoop zonder overleg een echtscheiding aan te vragen, gaat zelfs mij een brug te ver. Dus we hebben een frietenpan in huis.
Aan mij de opdracht om frituurvet, frieten en andere zut te halen, om onze nieuw verworven frietenpan uit te gaan proberen.
Dat allemaal in huis hebbende, ben ik dus wel een beetje bang dat we het ding vaker gaan gebruiken dan voor mijn lichaam gezond is. Want het is zo lekker makkelijk.
Te weinig gebruiken levert overigens ook een zeker risico op: als het ding in de hoek staat, loop je natuurlijk de kans dat een verdwaald insect op de geur afgaat, denkt dat er verrukkelijkheden in liggen, en vervolgens sterft aan een hartvervetting. En omdat wij toch iets te nonchalant in het leven staan, krijgen wij dus een goudbruin gefrituurde spin of bromvlieg tussen de frietjes. Iets waar ze in Afrika hoogstwaarschijnlijk minder moeilijk over doen, dan hier in Almere.
Inmiddels hebben we het ding dus al gebruikt, en ik moet toegeven: de frieten komen er precies goed knapperig (zonder tand-verwoestend hard te zijn) en goudbruin (zonder dat ze op de bbq als kooltjes gebruikt kunnen worden) uit. En met de door mij uit Engeland meegenomen zeezout met knoflookvlokken smaken ze ernstig lekker.
En inmiddels met de vanavond klaar gemaakte stamppot met kibbeling en inktvisringetjes ben ik tot de conclusie gekomen dat ook hier de frietenpan beter was geweest dan de oven waarin ik ze had klaargemaakt.
En dus: welkom risico op verder overgewicht dan me stiekem lief is, maar ik kan wel een beetje zelfdiscipline opbrengen om het ding niet vaker dan 3 keer per week aan te zetten. Denk ik.








zaterdag 3 november 2018

Mijn doorsnee dag.

Het is koud. Echt van die Nederlandsch-herfstige waterkou. Een dikke jas aan, de verwarming in mijn bus op standje bak-en-braad, om te voorkomen dat ik aan mijn stoel vastvries en om de reiziger een comfortabel gevoel te geven.
Mijn bus is leeg, en over de radio komen de nieuwsberichten. Een eigenaar van een kinderdagverblijf dreigt om de prijzen te verhogen. Met het verbod op de Stint, na dat afgrijselijke ongeval in Oss, moet hij auto's kopen en huren, en die prijzen dienen natuurlijk voor 100% bij de klant op het bord te landen.
Ik ben enigszins gepikeerd door dit nieuws.
Wat ik me daarbij dan als eerste afvraag: dit soort plotselinge en spontane acties vanuit de overheid (die mij overigens dan weer heel erg op paniekvoetbal en "straatje schoonvegen" lijken omdat er in eerste plaats bij toelating op de weg te weinig onderzoek is gedaan), behoren volgens mij tot het ondernemersrisico, waar een klant verder weinig mee te maken heeft.
Verder weiger ik per definitie te geloven dat de prijzen met de komst van de Stint ineens omlaag zijn gegaan. Ik weiger te geloven dat toen de kosten voor de ondernemer omlaag gingen, de klanten daar van mee konden profiteren. Met name dit laatste geeft mij een wat duister gevoel...
Klanten klagen al heel lang dat de kosten voor een KDV de pan uit vliegen. En dit klopt op zich ook wel. En als het KDV waar Jente zit, die kosten aan ons zou doorrekenen, zou ik aan mijn kant ook gaan rekenen. Want als het erop neer gaat komen dat ik moet werken om louter en alleen KDV te betalen, kan ik beter minder werken, want dan maak ik minder kosten.
Mij komt deze specifieke KDV eigenaar een beetje als een lijkenpikker over. Letterlijk en figuurlijk.

Het blijft koud, en het regent. Mijn eerste ritje gaat van een vertrekpier naar een vliegtuigopstelplaats. De meeste reizigers laten het allemaal gebeuren. Op één na. Die zag ik binnen al geagiteerd rondlopen. Een paar keer naar de stewardessenbalie, om te vragen wanneer het boarden zou beginnen. Maar dat begint echt pas als het vliegtuig klaar is. Hoofdschuddend liep hij rond. Het stoom kwam nog net niet uit zijn oren.
Maar eindelijk werd het bericht gegeven dat het boarden zou beginnen, en de man wist niet hoe snel en hard hij zijn ellebogen moest gebruiken om maar als eerste in de bus te kunnen zijn. Hij zag echter over het hoofd dat de draaideur niet elektrisch werkt, en stootte dus nogal hard zijn smoel. Woest gaf hij de deur een zwiep, en stormde de bus in, om precies in de deur-opening te blijven staan. De remsporen van zijn zolen staan nog in bus 117, 2e deur.
Moest hij daar 5 minuten staan wachten. En opzij stappen voor de andere 50 passagiers, was er niet bij. Hij bleef maar woest om zich heen kijken.
Tijdens dat ritje, hoorde ik het bericht dat er een dodelijk ongeval was op de A58, en dat de politie 45 mensen bekeurd zijn voor het filmen of fotograferen ervan. Waarschijnlijk waren die nitwits even vergeten dat foto's of filmpjes maken met je mobiele lulijzer ook valt onder het vasthouden van je telefoon tijdens het rijden.
Niet alleen dat, maar ook waren er mensen die 600-700 meter langs de snelweg zijn gaan wandelen om op hun dooie akkertje de laatste minuten van het slachtoffer en de ongelooflijke ravage op hun gevoelige plaatje te zetten voor het thuisfront.
Niet alleen de maker van de Stint is failliet, ook deze zielloze net-niet-mensen zijn failliet. Geestelijk en moreel failliet. Zouden die hufters dat tijdens hun aankomende verjaarspartijtje durven vertellen? Dat ze wel 600 meter hebben gelopen om een dodelijk ongeluk te filmen. Wat een wapenfeit in de familie. Of zou er in hun omgeving iemand zijn die deze sneue sukkels tot de orde roept. Die de lokale afdeling van de GGZ belt om deze sub-vorm van het menselijke bestaan af te voeren, en voor heel erg lang op te sluiten?

Ik kwam aan bij het beoogde vliegtuig, en het regende nog steeds pijpenstelen. Het beleid (en dus regel) is dat je bij regenval maar 1 deur van de bus opent, en dan de passagiers per 5 naar buiten laat gaan. Dit om te voorkomen dat de passagier onnodig natregent. En om het ontvochtigingssysteem (airco) van het vliegtuig niet onnodig te belasten.
Ik stond erg knap (al zeg ik het zelf) met de voordeur bij de trap van het vliegtuig geparkeerd. Een van mijn betere instekertjes.
En opende dus slechts 1 deur. De voordeur. Na de eerste groep van 5 uitstappers hoorde ik ergens achterin iemand balken. Echt letterlijk balken. Het klonk ongeveer zo: "Iaannatoplee. Wajoedoodoodoo". 
Omdat ik enig gevoel voor decorum heb, vond ik het niet nodig om terug te balken. Dan krijg je zo'n raar imago bij de rest van de passagiers. En ik ging er terecht vanuit dat de balker wel langs zou schuifelen. En dat deed hij. Hij was de eerste in de voorlaatste groep van 5, en snauwde mij iets toe. En vervolgens duwde hij mijn arm opzij, en rende naar het vliegtuig. Om vervolgens in de stromende regen te moeten wachten tot de vorige groep het vliegtuig in was. Nog bozer keek hij naar beneden, en ik staarde vrolijk grijnzend terug.
Bij elke regen-rit, zitten er wel zulke mensen tussen. Ze doen maar. Hun natte kleding. Sneu voor het personeel en de mensen waar ze naast zitten, maar niet mijn probleem.
Een van de laatste passagiers was een vrouw van in de 30. Ze had een kind bij zich, en een kinderwagen. Ik hield haar even tegen, en zei haar dat ze dadelijk met haar kind naar boven zou gaan, en dat ik haar kinderwagen en koffertje wel zou regelen, als ze dat goed vond. Dankbaar keek ze me aan, en zei dat ze het fijn vond dat ze niet in de regen hoefde te wachten met haar dreumes. Toen ze de deur van het vliegtuig door was, legde ik de kinderwagen naast de trap, en racete met koffer naar boven. Vriendelijk glimlachend wenste ze me een prettige dag. En daar doe je het dan voor. Gewoon wat vriendelijkheid van mens tot mens.

Op de terugweg drukte ik een verkeerde knop in, en kreeg ik ineens een heel andere radiozender te horen. Decibel.
Q-music is eigenlijk mijn station. Het flauwe, slappe geleuter van de DJ's vind ik soms best te pruimen, en ze draaien vaak leuke muziek. Maar Decibel maakte iets in mij wakker.
Ik kreeg 20 minuten stand-by. Er kwam even geen vlucht binnen, en ik mocht heel even naar het plein om een warm bakkie koffie te halen en een peuk te roken. Decibel draaide op dat moment Equador, van Sash. Mijn grijns die niet verdwenen was na het natte pak van de balkende meneer, werd groter. Mijn muzikale jeugdsentiment kwam gewoon op standje burengerucht uit het enkele boxje van de bus. Heerlijk. Snel bus wegzetten, koffie uit het apparaat sleuren, peuk oproken alsof de dood me op de hielen zat, en racen terug naar mijn bus, precies op tijd voor Charley Lownoise en Mental Theo.
Jammer dat Decibel een beperkt bereik heeft.
Op weg naar Apeldoorn voor een diploma-uitreiking, valt net na Garderen het laatste liedje definitief weg in geruis.

Ik ga even een dagje weekend vieren. Even lekker bedenken wat voor pastagerecht ik vanavond ga koken.
Ook leuk.



Een frisse update.

Week twee van de relatieve lock-down. Inmiddels heb ik mij uit pure verveling gestort op allemaal klussen, van welke ik de eindresultaten t...