vrijdag 26 maart 2021

Het is weer bijzonder allemaal.

 Ik doe absoluut niet geheimzinnig over mijn sollicitatie avonturen. En dus die bij het CBR zal ik u ook niet onthouden, aangezien dat wel een heel erg rare rollercoaster is geworden.
Het begon uiteraard allemaal met een kleine zoektocht op het wereld wijde web. Want omdat ik het nieuws niet tot de millimeter volg, was ik me er niet van bewust dat het CBR een achterstand van ongeveer 50.000 examens heeft, en een groot examinatoren tekort.
Maar goed, ik meldde mij aan, en als eerste moest ik een ie-assessment doen. Dus via allemaal programmaatjes allemaal wilde vragen beantwoorden. De uitkomst kon (hoe toepasselijk, doch kleuterachtig) in drie kleuren komen: Groen = door. Oranje = misschien. Rood = niet door.
Ik kreeg oranje. En ze wilden niet met me door, want er was meer dan voldoende aanwas, en dus konden ze zich het permitteren om alleen door te gaan met de groene poppetjes.
Oke, prima. Aangezien mijn leven vraagt om een soort van continue doorgang, had en heb ik weinig tijd en ruimte om langdurig mijn wonden te likken. Ik was het eigenlijk al rap weer vergeten.
Tot ik na een paar weken, of misschien wel maanden ineens een mailtje kreeg van het CBR, dat ik weliswaar "maar oranje" was, maar of ik toch nog interesse had om verder te gaan in het proces.
Blijkbaar viel de aanwas toch wat tegen, en liep de achterstand wanhopig op, dat ze toch ook met de mindere goden verder wilden.
Nou, ik ben de moeilijkste niet, en het leek en lijkt me nog steeds enorm leuk om examinator te zijn. Dus ik wilde wel.
Ik kreeg een mail met allemaal info. En een afspraak. Want er zou een online videogesprek komen met een soort van poortwachter. Ik moest een elevetorpitsj doen van 2 minuten en daarna een gesprek van 15 minuten. En dat via een online kletsprogramma.
Ik heb dus een eleveterpitsj gemaakt over mezelf, dat goed voorbereid, en klaar als een klontje zat ik op de afgesproken dag en tijd achter de opstelling die Ilse en ik voor die heugelijke dag hadden gemaakt.
Te wachten tot ik een seintje zou krijgen dat ze klaar voor me waren. Ik verwachtte dus een link of een app of iets te krijgen, via welke ik in de vergadering kon stappen.
Op de afgesproken tijd gebeurde er niks. Na 2 minuten ging ik eens kijken of ik al een link had, en toen zag ik dat ik stomweg het verkeerde videoklets programma had geinstalleerd. Het moest niet via klets@internet, maar via ouwehoer@internet. En toen ik dus ouwehoer@internet ging downloaden kreeg ik een telefoontje van de dame met wie ik dus blijkbaar een afspraak had, die mij volstrekt onaangenaam uitkafferde over mijn fout. Goed, ik heb genoeg inlevingsvermogen om me voor te kunnen stellen dat het vervelend is als zoiets gebeurt, maar de onaangename juffrouw nam me wel zo ongelooflijk de maat, zonder mij ertussen te laten, dat ik eigenlijk al klaar was. Dat zo'n juffie haar irritatie laat blijken, is terecht. Maar ik bood mijn verontschuldigingen aan, en dat werd niet geaccepteerd. En als er nu doden waren gevallen omdat ik moeite had met het videokletsprogrammatje, zou het inderdaad heel naar zijn geweest, maar dat was niet zo.
En daardoor gingen mijn gemillimeterde nekharen behoorlijk overeind staan.
Dus, mijn minder sterke kant: omgaan met digitale kutzooi. Dat blijkt. Ik kan het wel (mijn telefoon heeft geen geheimen zolang er niks op komt wat ik niet snap, mijn blogsite en facebook gaan me behoorlijk goed af, en meer heb ik niet nodig en dus geen ervaring mee), maar het moet niet tegenzitten.
Ik was dus behoorlijk humeurig, en goed dat ik een Ilse heb, die me even tot rust maant. Ik wil die baan wel, dus kijk of er een nieuwe afspraak te maken is. En dat was zo.
Ik kreeg een veel lievere recruiter aan de lijn, die begripvoller was, en die maakte een andere afspraak voor me, met een ander persoon.
Nog even ouwehoer@internet gedownload en met de schoonmoeder getest, en ready to go.
Hoewel ik me wel heel sterk bewust was van het feit dat ik dus 2 minpunten achter mijn naam heb: namelijk dat ik maar oranje was, en dat ik me de woede van een of andere managements-kenau op de hals had gehaald.
Die afspraak was dus woensdag. De zorgvuldig uitgewerkte eleveetor-pitsj had ik net zo goed niet kunnen doen, want de meneer met wie ik sprak, wilde dat nauwelijks horen. Meteen ontstond er een gesprek waar ik maar moeilijk de vinger achter kon krijgen.
Het was zeker geen negatief gesprek, maar ik werd continu onderbroken kon continu mijn gedachten en antwoorden niet afmaken of uitleggen.
Voortdurend werd er gedaan alsof mijn antwoorden en mijn motivatie onzinnig waren.
Uiteindelijk kreeg ik dus te horen dat ze me niet wilden hebben. Oke, prima. Maar dat ging niet om de inhoud, maar om twee heel andere redenen: ik was communicatief niet sterk, en ik zou teveel van de regeltjes zijn.
Toen de verbinding verbroken was, ben ik even gaan roken, want ik had een giecheltje in mijn buik. Je weet wel: een soort van gevoel in je buik dat je je schaterlach in moet houden.
Dat had meerdere oorzaken.
Het CBR komt schreeuwend mensen tekort. En de poortwachter meneer moest alle kaf van de koren scheiden. Trots wist hij te vertellen dat 1 op de 100 kandidaten maar examinator wordt.
En dan wijst hij me af omdat ik communicatief niet sterk ben... Nu durf ik veel van mezelf te zeggen, maar dat ik communicatief niet sterk ben, is volslagen lulkoek. Dat ik niet altijd zeg wat mensen willen horen, en dat het vaak wat ongepolijst is, is een feit. Maar communicatief niet sterk... Nee. Dat is gewoon volstrekte nonsens. (Maar hey: zelfs als dat zo is, lijkt me dat leerbaar, naar de wens van de werkgever, zeker als die werkgever een oplopende achterstand heeft van 50.000 examens en een schreeuwend tekort aan examinatoren, waarbij je trots vertelt dat je maar 1 van de 100 sollicitanten (zijn het er wel echt zoveel?) aan wordt genomen).
Dat ik teveel van de regels ben, werd mij verweten. Oke, dat kan. Het argument was dat als je teveel op de regels zit, geen enkele kandidaat zou slagen voor zijn rij-examen.
Kijk, ik snap best dat een organisatie me niet in dienst wil nemen, en daar zullen echt wel redenen voor zijn.
Maar als iemand de moeite neemt om zich voor te bereiden met een eleveetor-pitsj en die wil je helemaal niet horen, en je gaat meteen een gesprek aan waarbij het continu de bedoeling is dat de gesprekspartner zijn balans moet zoeken, en vervolgens wijs je hem af op redenen die spijkers op laag of totaal verdampt water liggen, dan ben je mijns inziens niet eerlijk. Sterker nog: dan verkeer je als bedrijf in de volslagen verkeerde illusie dat een achterstand van 50.000 examens en een schreeuwend tekort aan examinatoren een klein ongemakje zijn.

Er is uiteraard geen man overboord. Ik eet voorlopig gewoon mijn boterhammen en mijn warme prak. Jente is goed gekleed, dus we lijden geen honger en we leven niet in volslagen armoe. Het had me een leuke baan geleken, en nogmaals: dat ze me afwijzen, is prima, jammer dat dat niet op een eerlijke manier gebeurde.
En er zijn meer leuke banen in Nederland, waarvan ik er toevallig een heb, dus het leven gaat door.

Na jaren van veelvuldig gebruik worden gasveren slap.
Gasveren worden bijvoorbeeld gebruikt om een klep omhoog te houden. Dat is handig bij het in en uitladen van bijvoorbeeld je auto.
Ook mijn auto ontkwam er niet aan: de gasveren waren volslagen versleten. En uiteraard doet de winter geen goed aan toch al verouderde veren, dus ergens begin deze maand, toen Jente voor haar verjaardag mocht trakteren, kwam ik tot de conclusie dat de gasveren van mijn achterklep echt op waren.
Helaas kwam ik daar op de harde manier achter. Ik opende de achterklep om de traktaties uit de auto te halen, en meteen toen ik me voorover boog, kreeg ik het deksel niet zo zeer op mijn neus, maar op mijn nek (gelukkig heb ik geen stationwagen, waarbij de klep dan op je kop landt).
Het moet er enigszins sukkelig uit hebben gezien, en ik voelde me, al zeulend met versierde lekkernijen  toch een beetje voor de spreekwoordelijke penis lopen.
Dat was wel het moment dat ik mijn ADHD even aan de kant zette en meteen een setje nieuwe veren bestelde. Een maatje sterker, want mijn achterklep is verzwaard door dikkere isolatie vanwege betere geluidsapparatuur.
Het (de)monteren van die dingen is een klusje van niks. Maar op het moment dat die veren met hun laatste drupje olie die klep omhoog houden, ondersteund met een arm van mij, en je haalt er één weg, dan is er geen houden aan. Dan stort die klep gewoon neer.
En dat gebeurde dus ook. Op mijn nek. Voor de tweede keer....
En dat terwijl ik tijdens het hele proces een stok klaar had liggen om het ding te ondersteunen, en mijn handen vrij te hebben.
Dus... Het is niet zo dat ik onhandig ben, het is meer zo dat ik op sommige punten gewoon wat draadjes verkeerd heb zitten. En meestal gaat dat goed, soms krijg je het deksel in je nek.

Ik verzamel dus modelauto's. Van één merk, in één schaal, alle varianten. Ilse vindt dat ik er veel heb, persoonlijk ben ik van mening dat dat absoluut meevalt.
En omdat ik verzamel, struin ik marktplaatsen af, en doe ik zo af en toe (ik vind het af en toe, Ilse vindt het vaker dan dat) een bestelling. Meestal bij handelaren/verkopers die ik al langer ken, soms bij mensen die éénmalig iets leuks hebben.
99% van de keren dat ik op marktplaats bestelde ging dat goed. Een maand geleden helaas niet.
Het bedrag was gelukkig niet groot, maar mijn auto heb ik nooit gekregen. Wel kreeg ik veel smoesjes te verduren van meneer Bavinck (ja, dit is zijn echte naam, iemand die mij bedondert verspeelt zijn recht op privacy). Ik kreeg zelfs de mogelijkheid om een ander model toegestuurd te krijgen (u raadt het al: never happened). Maar mijn geld was en ben ik kwijt.
Voor die 22 euro heb ik niet de minste zin om heel veel moeite te doen. Ik beschouw het als mijn verlies. Er zijn nu eenmaal minne etterbakjes die misbruik maken van verzamelaars. Wél ben ik zo lomp dat ik in alle groepen die met modelverzameling te maken hebben, mede-verzamelaars waarschuw voor de praktijken van meneer Bavinck. En ten slotte is het zo dat ik niet per se heel gewelddadig ben aangelegd, en ik per se wil dat mijn onschuldige hobby precies dat blijft: onschuldig en heel erg leuk. Als ik dat laat overschaduwen door een loser met de naam Bavinck, is de lol eraf.
Dit heb ik de beste meneer Bavinck dus ook medegedeeld voor ik hem definitief blokkeerde:
Gefeliciteerd meneer Bavinck, u heeft mij opgelicht. Vanavond gaat u naar bed, u kijkt tijdens het tandenpoetsen in de spiegel, en u ziet niets meer dan dat: een loser. Een oplichter. Ik heb uw naam overal waar verzamelaars komen laten vallen als oplichter, met wie men beter geen zaken kan doen. Dat is ook alles wat ik doe, want u bent verder geen seconde van mijn tijd of energie meer waard.
 

Dit zou een les kunnen zijn, ware het niet dat als ik continu bang moet zijn voor oplichting, de charme er wel afgaat. En dat gaan we dus niet doen. Dan heeft meneer Bavinck gewonnen, en dat verdient hij niet.

Hoe dan ook: het weekend staat voor de deur, en ik ga eventjes 4 uur back-up zijn voor het bedrijf Telesuper, alwaar ik werk als boodschappenbezorger. Dat werk op zich bevalt mij wel. Je rijdt lekker over de meest bijzondere weggetjes in de meest bijzondere provincies. Je wordt dus betaald om lekker uit het raam te kijken, naar opkomende zonnen, gekke verkeerscapriolen. Tussendoor flikker je wat boodschappen bij mensen naar binnen, maak je een gebbetje met de meisjes van een of ander KDV en rij je zonder schade (als het allemaal loopt zoals wenselijk is) weer terug naar het depot.

Ik wens u allen een prettig weekend,.



vrijdag 19 maart 2021

Wat een week.

Het was nogal een week.
Omdat er nog steeds geen perspectief is op meer werk op Schiphol, en ik rosbief  op de boterham lekkerder vind dan gebraden gehakt én omdat het bezig zijn beter voor me is dan stil zitten, heb ik er maar een baantje bij genomen.
En dan zien we wel hoe ik 3 werkgevers ga combineren. Ik vond twee al behoorlijk pittig, laat staan drie, maar soit.
Ik vervoer sinds maandag voedsel en parafernalia naar kinderdagverblijven, bedrijven en consumenten.
Dit doe ik met een door diesel aangedreven 6 cilinder half-automaat van Fiat. En dat gaat van het uiterste zuiden van Limburg, tot het noordelijkste puntje van Groningen en alles daartussen.
Maandag dus begonnen met de "opleiding", die woensdag klaar was. Ten minste, dat denk ik.
Op zich is het geen verkeerd werk. Solistisch lekker veel kilometers maken, even een gebbetje maken met de meiden van het kdv/bso/ secretaresse van een bedrijf dat ons binnenlaat, etc, dan weer volgas door naar de volgende.
Fysiek gezien valt het allemaal wel mee, en word ik gewoon betaald om lekker een beetje door het raam naar buiten te staren, te genieten van de behoorlijk mooie landschappen die zelfs Friesland rijk is.
Steken met een net iets te brede bakwagen door een net iets te smalle straat, waar net iets te veel tegenliggers staan/rijden/fietsen/lopen/stuntelen, is natuurlijk een kolfje naar mijn hand. Dat is leuk, daar geniet ik dan echt met volle teugen van. Mensen zenuwachtig zien worden als ze zien dat ik toch echt ook door die straat moet/wil en vooral kan, en dan vol opluchting merken dat het ook kan zonder schade, verwondingen of andere ellende.
Oke, goed. (Hoofd)rekenen was/is nooit mijn sterkste punt geweest, dus dat ik per ongeluk een klant teveel liet betalen, omdat ik de bon verkeerd las, is even jammer. Gelukkig nam de klant het sportief op, en zou het regelen met de klantenservice. Verbazend wat eerlijkheid vermag. Ik zei dat het mijn eerste keer was, en ik het allemaal nog een beetje onder de knie moest zien te krijgen. Samen met mijn verontschuldigingen was dat voldoende om een vriendelijke en zelfs "supportive" reactie te krijgen.
En dus zal ik zeker in het begin niet de snelste zijn. Het feit dat een oud dametje op 6 hoog even heel blij is als je haar wekelijkse levensvoorraad aan komt vullen, én even een praatje maakt (juist nu belangrijk, omdat juist ouderen zo allenig zijn met die verrekte kut-corona) maakt dat het een welbestede dag is.
En dan kom ik erachter dat ik misschien toch iets meer sociale menselijkheid in me heb, dan ik mezelf ooit toedichtte.
Al met al een drietal vermoeiende dagen, vooral vanwege de indrukken die ik op moest doen.

En ook dit jaar koos ik ervoor om mijn burgerrecht (dus geen plicht!!!!) te doen gelden, en te gaan stemmen. Tot het allerlaatste moment was ik een zwevende kiezer. Want waar doe je goed aan? Zelfs de FvD heeft wel punten waar ik het mee eens zou kunnen zijn. Maar ja, om daar nu op te stemmen, omdat meneer Beaudet per ongeluk iets intelligents roept, is ook weer zoiets. En dit gold voor nagenoeg alle partijen.
Gezien het feit dat in onze democratie het zo is dat van alle gouden bergen die er beloofd worden, er nog geen 10% daadwerkelijk waargemaakt kunnen worden, en ik vind dat politici pas de laatste weken aan het paaien zijn, vind ik niet dat er op mij een verplichting rust om te stemmen op de volgende jodocus die het land naar zijn of haar idealen wil scheppen. Dat is een recht waarvan ikzelf bepaal of ik er gebruik van wil maken. Want uiteindelijk vind ik het allemaal een beetje lood om oud ijzer.
Dus heb ik maar gestemd op een partij waar ik de minste gaten in kon schieten, al was het maar omdat ik er heilig van overtuigd was dat ze het toch niet tot de 2e kamer zouden redden. Verdomd dat ze binnenkomen met een zeteltje of 3. Het blijft dan gelukkig enigszins beperkt.

Ook was er een sectierepetitie gepland. Niks bijzonders gedaan. Een beetje lange tonen gespeeld, samen met de sectie.
Maar mooi dat ik ook dat toch blijkbaar gemist heb. Niet die trompet op zich. Maar wel het samenspelen. Het samenspelen met die 4 totaal verschillende karakters, die het leven op donderdagen en vrijdagen soms zo intens lastig, vaak intens leuk en eigenlijk altijd muzikaal maken. Ik heb die sociaal-professionele contacten toch wel gemist. En ik mis het nog steeds.

Wat ik ook heel erg mis, is het regelmatige contact met mijn collega's op het platform. Vandaag was ik er weer even een dagje, en het was als thuiskomen op mijn werk. Een aantal mensen waren op pad voor andere dingen, maar gelukkig waren er ook een paar ouwe trouwe makkers. De busco bood gelijk aan om koffie te komen brengen als ik de schoonmaak-express ging rijden, gewoon omdat ze het fijn vond me weer te zien.
En voor dat ik die pendel ging rijden, kreeg ik ook een ritje vanaf het nieuwe busstationnetje voor mijn kiezen. Dat hebben ze wel echt mooi gemaakt en aangelegd.
Er moest natuurlijk ook wel weer een gekkigheidje.
Blijkbaar was ik zo van de leg van afgelopen week, dat ik deze ochtend niet goed oplette bij welke kleding ik aantrok.
Ik trok een broek uit de kast (uit mijn, zij het bescheiden, deel van de kast) trok mijn fleecevest aan, en verwonderde mezelf over het feit dat die broek zo lekker zacht aanvoelde.
Ik maakte daar verder niks van, tot ik, aangekomen bij de beveiliging van Schiphol, van alles uit mijn zakken moest halen, en er weer in terug moest stoppen.
Toen pas viel me nog iets vreemds op, los van dus dat continu lekkere zachte gevoel: de broekzakken waren wel erg ondiep. Nagenoeg nutteloos ondiep. Mijn portemonnee viel er gewoon weer uit.
En dat ik me dat realiseerde, was ik ook bijzonder blij dat ik niks verloren was tijdens de busrit van de parkeerplaats naar de garage. Raar was het wel, tot ik me realiseerde dat ik helemaal geen broek heb met zulke ondiepe, nagenoeg nutteloze zakken. Mijn broeken koop ik juist omdat ik gebruik wil maken van mijn zakken. En werkelijk geen enkele broek die ik bezit, voelt zo zacht als deze. Mijn broeken zijn gewoon mannen-broeken. Die gewoon rechte pijpen hebben. Rechte pijpen, dus geen skinny jeans. En ook geen zwierig wijd uitlopende pijpen, maar gewoon rechte pijpen.
Naar beneden kijkende vond ik het ook opvallend dat deze broek toch wel erg frivool uitliep naar beneden.
Lang verhaal kort: waarom een broek van Ilse op mijn stapel in de klerenkast terecht is gekomen, zal me immer onduidelijk blijven, feit is dat ik gewoon een broek van Ilse aan mijn billetjes had gehesen, en ik mezelf de rest van de dag heb kunnen laven aan een heerlijk zachte broek aan mijn billen, die me ongetwijfeld veel vrouwelijker maakte dan ik voor mijn imago wenselijk acht.
Volgens de busco viel het niet op, en ik vraag me af of dat een geruststelling moest zijn, of dat ze toch al vond dat ik er wat vrouwelijk bijliep. Hoe dan ook, gezellig was het wel.

Dan staat er voor komend weekend een nieuw avontuur: Jente wil oorbelletjes. En wij vonden 6 jaar een mooie leeftijd. Dus dat ga ik morgen met haar doen. Gaatjes laten schieten.
Mogelijk dat ik het voordoe, en mezelf nog maar een gaatje laat schieten, mogelijk vindt ze het genoeg om het alleen bij haarzelf te doen.
Ik ben heel benieuwd.



vrijdag 12 maart 2021

Grote mensen dingen.

 Nee, nauwelijks iets 18+, hoewel... Eigenlijk ook wel. Want hoeveel achttien jarigen zijn er die zich bezig houden met het op orde houden van hun koophuis.
We hebben dus het plan opgevat om zonnepanelen op ons dak te gooien. Dat zou in theorie goed moeten zijn om de maandelijkse lasten wat omlaag te halen. En het is goed voor het milieu. Zegt men. Of men ontkent het nog veel harder. Maar eerlijk gezegd: als het mijn lasten omlaag haalt, vind ik het mooi. Haalt het ook mijn ecologische voetstap omlaag, is dat mooi meegenomen.
We hebben wat offertes gevraagd, en er zijn er een paar onderweg, en mooi dat we die, als het zo uitpakt als ons is voorgeschoteld, we dat van de belastingteruggave gaan betalen.

Er is dan wel 1 klein detail: om die zonnepanelen te kunnen installeren, moet ons 22 jaar oude dak ververst worden.
En ook daar hebben we offertes gevraagd. 

Wie zal dat betalen, zoete, lieve Gerritje?
Nou, die dus niet. Helaas, dat geld komt dus uit de kleine extra revenuen die ik zo nu en dan bij elkaar krijg, scharrel en werk.
In eerste instantie wilde ik het geld voor deze klussen uit de overwaarde halen. Dus met de ABN, gebeld, en de zaak voorgelegd, ten slotte, zo redeneerde ik: het is in principe hun huis, want hun hypotheek. En met de overwaarde, plus het feit dat ze over een kleine 25 jaar ongelooflijk veel geld aan ons verdiend hebben, zou het zomaar eens kunnen zijn dat ze wel welwillend zouden willen zijn ten opzichte van ons plan.
En dat waren ze.
950 Euro voor het adviesgesprek. 450 euro voor het inleveren van de stukken.
Mijn bek zakte los. 950 euro voor een 10-minuten gesprekje en 450 euro om die stukken in te leveren.
Gegeven het feit dat wij een huis aanleveren dat bij verkoop ongeveer 2x zoveel waard is, en wij dus omdat we altijd op tijd, zonder mankeren betalen, en je als hypotheek-klant altijd een goeie klant bent, had ik verwacht dat een bank op zijn minst zo klantvriendelijk zou zijn om geen 1400 euro te vragen voor een paar formaliteiten.
Maar goed. Ik neem aan dat de bankdirecteur niet zonder zijn 283 Porsches, zijn 23 maitresses, 36 buitenechtelijke kinderen, een paar al dan niet frauduleus bekomen hutjes in verre belastingparadijzen, en 2 doorgefokte tekkeltjes  kan, dus soit. En misschien maar beter ook, want alle geld die ik niet naar de ABN hoef te brengen, is mooi meegenomen.
En dus komt de besparing die we hebben van de zonnepanelen rechtstreeks in onze eigen zakken terecht. Ik moet zeggen: ik kijk er naar uit. Helaas hebben we geen meter die zichtbaar terugloopt, maar als ik dag en nacht alle lichten kan laten branden, de wasmachine en de tv aan kan laten staan, en vooruit: mijn telefoon op kan laden op kosten van de zon, vind ik het best.
Dat betekent wel dat we dus dit jaar een kleine 8 ruggen stuk gaan slaan op het dak van ons huis.
Maar dan heb je ook wat.

Verder naar andere zeer volwassen zaken.
Boodschappen doen voor mijn gezin is elke 2 tot 3 dagen weer verzinnen wat we gaan eten, en de bijbehorende boodschappen doen. Ik vind het geen vervelende klus, en alles beter dan Hallo Vers.
Maar ook ik maar nog wel eens de fout dat ik niet luister. 
In het nu komende geval, luisterde ik niet naar mezelf.
Ik had bieten gehaald, en bloemkool. Daarbij aardappels, en wat vlees en vega-blerf voor Ilse.
Ik haalde bietenburgers. Een soort van op hamburger lijkende schijf bestaande uit vleesloze zut en bieten. Ergens wist ik wel dat Ilse weinig met bieten heeft, en nu veroordeelde ik haar tot bieten en bietenburger. Het arme schaap.
Voor mezelf had ik kippenbouten en worstjes met bbq-smaak van de "slagers van Albert Heijn".
Van die worstjes met een overvloed aan rood-oranje marinade. Van die worsten waarvan mijn onderbuik al in de winkel aangaf dat dat wel eens niet de meest verstandige keuze zou kunnen zijn.
Dat gevoel drukte ik weg, want het zag er zo lekker uit.
Goed, die avond sloeg ik aan het koken, en om voor Ilse de zure appel maar meteen op haar bord te mikken, werd het bieten, met bietenburger en aardappelen. En voor mij en Jente een BBQ worst van de slagers van Albert Heijn.
Al tijdens het bakken van die op worst lijkende tinnef, werd het me wee in de buik. Een vaag soort misselijk gevoel. De geur... Het stond me gewoon niet aan.
Eenmaal aan de maaltijd zag ik Ilse met enorm lange tanden intens niet genieten van haar bietenburger met bietjes. En zelf kreeg ik het steeds moeilijker met die worsten. 2,5 hap, waarbij de laatste 1,5 puur en alleen op wilskracht gingen. Meer was niet mogelijk. Mijn handen weigerden gewoon simpelweg om meer van dat worstje klein te snijden, met als doel het in mijn mond te krijgen.
Ik ging ook steeds ongelukkiger kijken, en me ongemakkelijker voelen. Mijn maag begon steeds duidelijker signalen af te geven. En dat leidde ertoe dat ik voor de tweede keer in mijn leven gedwongen was vlees weg te gooien. En met dat ik dat deed, werd het protest van mijn maag dusdanig explosief dat ik te laat was om met goed fatsoen naar de wc te rennen. De paarse bietenbrokjes plus 2,5 hap worst liet ik bij gebrek aan betere opvangmogelijkheid maar even in mijn hand, tot ik dan eindelijk het toilet bereikt had. En zo verdween de worst, sneller dan ik had geanticipeerd richting riool.
Jente, die ook een worstje had, had nergens last van. Die lustte er nog wel één.
Ik moet dus onthouden dat Ilse niks met bieten heeft, en ik erg slecht ga op BBQ worsten van de slagers van de Albert Heijn. (Als ik zo'n slager was, in dienst van 's lands grootste kruidenier, zou ik me doodschamen om zulke worstjes te maken, sterker nog: ik zou mezelf van pure ellende in die gehaktmolen flikkeren, want dik kans dat de klant er dan minder van gaat overgeven dan van de tinnef die ze "worst" noemen. Of zou dit per ongeluk al gebeurd zijn, dat mijn maag daarom in opstand kwam?)

Goed, hoe dan ook.

Van het ene huis naar het andere.
Onze tent (en daarmee bedoel ik dat enorm lange ding waar een auto in past, en waarmee we bij (mijn) voorkeur naar Frankrijk afzakken) heeft ook wel zijn beste tijd gehad. De elastieken waarmee de binnentent aan de buitentent vast gemaakt kunnen worden, zijn zo elastisch als beton, de naden van de buitentent, daar waar de binnentent eraan hangt, beginnen wel erg op te rekken, en enkele van de stokken zijn zeg maar ook niet helemaal fris meer.
En waar we een aantal jaren geleden nog jaarlijks een gesprek hadden over het wegdoen van de caravan, begint het er nu op te lijken dat we dat gesprek nu over de tent gaan hebben.
Ik vind aan de ene kant dat, zolang die tent niet wegwaait of verder uitscheurt dan ze nu doet, dat die nog wel een jaar mee kan. Dit roep ik inmiddels ook al 3 jaar. En al 3 jaar wordt het erger, maar al 3 jaar verrekt die tent het om helemaal naar de galemiezen te gaan.
Aan de andere kant: deze tent is groot. En deze tent is zwaar. Twee best wel behoorlijke nadelen van formaat. Het opzetten is een kwestie van 30 minuten doorbuffelen, en eigenlijk is dat ook al niet iets dat we willen. Ik. want meestal rij ik. En ben ik bij aankomst toch wel zo gaar dat ik veel wil, maar niet per se een half uur nodig hebben om een tent op te zetten.
Dus we willen ongeveer het zelfde formaat terug. En dan het liefste nieuw, en nog liever: oppompbaar.
Hoe lekker is het om aan te komen, de tent op de grond te leggen, slangetje erin en hoesten tot die stijf staat. Harinkie prikken en inruimen maar.
Dus staan er nu een aantal tabbladen op mijn pc open met allemaal nieuwe oppomptenten. De een nog mooier en luxer dan de ander.
In de hoop dat we beiden tot overeenstemming kunnen komen. En ook in de hoop dat er ergens een keer tijd is en mogelijkheid is om zo'n tent dan in het echt te zien. Want waar ik meer van het "livin' on the edge"- principe ben, vindt Ilse het fijn om vele kilometers te rijden om het ding in het echt te zien.
Ook hier: ik snap dat wel, want het is geen halfje wit dat je koopt, maar ik vind het zo'n gedoe.
Gewoon klik en bezorg, en hoe we hem opgezet krijgen, gaan we op het veldje hierachter wel uitproberen. We zien de plaatjes, dus heel erg verrassend zal de uitkomst niet zijn.
Maar goed, de zakelijk leider van ons gezin moet af en toe ook gewoon haar zin krijgen, dus gaan we ergens een keer naar zo'n kampeer-super om daar een tent te kopen die ons zint.
Tenzij het heel anders loopt allemaal, want ondanks dat we grote mensen zijn, is het soms nog steeds een beetje een warrige chaos, in huize Coster- van der Wal.

Dit geschreven hebbende, wens ik u een prettig weekend.





zondag 7 maart 2021

Verwende nesten

"Laten we eens kijken wat de kracht is van social media!!11!1!1!!one".
Deze zin staat bij allerlei onzinplaatjes en teksten, waarvan de maker (of deler) vindt dat het gedeeld moet worden, en vooral ook dat de opdracht die er staat uitgevoerd moet worden.
Over het algemeen krijg ik van dat soort plaatjes een weeë maag en zure oprispingen, want ze appelleren aan een vals soort schuldgevoel.
Hypocriet als ik ben, maar vooral ook begaan met de verjaardag van mijn dochter, besloot ik om eens te kijken naar de kracht van social media.
Er was namelijk weinig te feesten. Weinig mogelijkheden tot feesten. Geheel in tegenstelling tot wat de gemiddelde viruswap over het algemeen vindt, vind ik het niet heel prettig om al te veel overbodig risico in huis te halen door meer kinderen uit te nodigen dan het absolute minimale. Hoewel ik het haar absoluut gegund had.
Dus wat ik deed was op gezichtenboek vragen of mijn vriendjes misschien een kaartje naar Jente zouden willen sturen, om haar verjaardag wat specialer te maken.
Ik hoopte op een of twee kaartjes, maar Jente kreeg meer dan dat. Veel meer. Ze snapte niet zo goed waarom collega's en vrienden die zij nog nooit gezien heeft, allemaal kaarten naar haar stuurden, maar verguld was ze er zeker mee. En ik ook.
Wat was het tof om te zien dat mensen zo met elkaar meeleven, en gewoon massaal aan mijn verzoek gehoor gaven.
Van lieve teksten tot gekke kaarten, en alles er tussen in. Een schriftje met stickers en enorme ballonnen die tegen Jente's neus aan bonsden toen de doos openging. En ik vermoed dat de post nog wat stukken in bewaring heeft gehouden, om de feestvreugde over nog wat meer dagen uit te spreiden.
Ze is werkelijk verwend als een malle. Niet alleen doordat voor haar wildvreemden zo lief voor haar waren, maar ook qua kadootjes. En voor het eerst sinds ik denk 32 jaar, heb ik mezelf ertoe moeten zetten om met de barbies te spelen.
32 jaar geleden was ik 8, en kon mijn grote zus me nog dwingen om te doen alsof ik met die poppen wilde spelen, dat hield gelukkig vanzelf op, toen ze besefte dat ik een armoedige poppenspeler was.
Nu ben ik 40, is mijn dochter 6, en die vindt het veel minder vervelend om mij te moeten dwingen om met die kutpoppen te spelen. Doet ze gewoon. Want anders is er gewoon geen land mee te bezeilen.
Met mijn grote zus was ook geen land te bezeilen als ik niet wilde, maar dat was dan een probleem voor mijn ouders. Nu ben ik zelf de ouder, en ga ik kreunend op de grond zitten doen alsof ik weet wat het is om met barbies te spelen.

Vandaag ben ik jarig. 40 dus. Voor de 4e keer dat er een pubertijd begint. Ook voor mij gold dat ik mijn verjaardag wel op een andere manier had willen vieren, maar zoals het nu is, is het me ook best.
Ik voel me niet beroofd van een feestje omdat de omstandigheden nu eenmaal niet zo jofel zijn.
Want verwend ben ik toch wel.
Kaarten, berichten zo hier en daar. Allemaal heel lief. En ook hele gave zaken die zó intens toevallig zijn, dat ik er bijna een complot omheen kan verzinnen.
Een cadeaubon voor een ring van een maker van houten sieraden bijvoorbeeld. Ik was al met deze kerel in gesprek over een gepersonaliseerde ring, en toen kreeg ik van mijn zwager een bon voor een ring van: jawel: ringman. (Zoek hem maar eens op: die maakt van bijzondere houtsoorten de meest mooie ringen).
Van veel komischer kaliber was het geschenk van mijn betere helft. Die bedacht dat ik wat extra vrolijkheid kon gebruiken in de vorm van een abonnement op de Donald Duck. En laat ik dat dus echt leuk vinden, want de Donald Duck is niet alleen uitstekend leesvoer voor Jente, maar ikzelf kan er tot op heden enorm van genieten. Simpele stripverhaaltjes. Een pet. Een mooie pet. Ik ben ten slotte ook maar gewoon een Jan-met-de-pet. Hoewel ik wel uitdrukkelijk voor de kwalitatief betere petten. Dus niet die goedkope troep, die na 1 keer dragen al afgevoerd kan, maar echt goede katoen. Met een fijn draagcomfort, en toch hip. (Althans, dat wat ik onder hip versta). Een armband van mijn schoonouders. Ook van hout. Komende van en passende bij de armband die ik vorig jaar van Ilse kreeg een Oostenrijkse juwelenmaker die veel van hout maakt. Kortom: allemaal zaken die maken dat ik er ondanks mijn stijgende leeftijd toch nog patent uitzie.
Dan is daar een schoonvader met gouden handen in de keuken. Niet alleen in de keuken, maar in dit specifieke geval wel.
Ik ben weinig Limburger meer, maar het gene dat me -los van mijn oude klasgenoten, en een paar andere mensen-  het meest is bijgebleven, is de vlaai. Ik weet precies hoe een lekkere vlaai hoort te smaken. Hoort te zijn. Soort van armeluis taart. Veel simpeler van opzet, veel lekkerder ook. Naar mijn onbescheiden mening. Er was of is ooit een bedrijf geweest die de Limburgse vlaai naar het noorden heeft gebracht, maar de plakkaten vette, zoete, maar vooral kitsche zooi die zij als vlaai durven verkopen, heeft mij doen besluiten om daar nooit ook maar 1 kruimel te kopen.
Ik wilde echter wel voor mijn verjaardag een echte, lekkere kersenvlaai. Mijn all-time favourite. En mijn schoonvader kweet zich van die min of meer opgelegde taak. Het resultaat was niet minder dan verbluffend. Een onvervalschte Limburgse vlaai. Alsof die niet gemaakt is door iemand die uit Den Helder komt, maar door een Limburgse dorpsbakker. Die is dus ook tot de laatste kruimel verslonden. En voor het grootste deel door uw nederige scribent.
40, dan ben je dus officieel middelbaar. In mijn depressie grapte ik nogal wrang dat ik meteen door zou kunnen voor de midlife-crisis, maar aangezien ik op wat gebieden achterloop, denk ik dat ik goeie hoop heb dat ik dat ook nog even voor me uit kan schuiven.

We zijn namelijk heel volwassen bezig met allemaal offertes voor allemaal comfort, kwaliteits-, en waardeverhogende zaken aan ons huis.
Het vernieuwen van ons dak, maar ook zonnepanelen. Dat eerste moet toch, want met 22 jaar is het originele dak echt wel aan vervanging toe. Dat is niet iets dat ons is aangesmeerd door de offerte-uitgevende-dakdekkers, ik heb dat met eigen ogen kunnen zien.
Dat moet toch, want zonnepaneel-installateurs vinden het -terecht-  prettig als het dak waar ze op werken, niet van ouderdom totaal verpulvert als ze hun waren erop schroeven.
En dan gaan we bedenken of we ons kleine kapitaal ervoor inzetten, of dat we dat doen uit de overwaarde van het huis.
Die overwaarde is namelijk aanzienlijk, en het eventuele kleine bedragje per maand dat dat ons aan hypotheek meer kost, krijgen we terug via de besparing op de energie.
Voordeel daaraan is dat we ons kleine kapitaal kunnen houden voor andere comfortverhogende zaken in het leven, zoals een nieuwe tent voor de kampeervakanties, of gewoon, voor als de wasdroger.... Oke, die hebben we net vernieuwd. Geen seconde te laat, want het ding was hard op weg om een fik te veroorzaken waar de hel nog onschuldig leed bij is.

Dit alles geschreven hebbende, heb ik inmiddels een behoorlijk goed beeld van wat ik mijn echtgenote over een kleine 2 maanden kado ga doen, en ga ik me nu verheugen op mijn 15 minuten privé shop tijd bij de praxis. Nu dat weer mag, heb ik de kans om mijn opgespaarde cadeaubonnen eens uit te geven en mijn voorraad aan klusmateriaal weer aan te vullen.
En los daarvan heeft het geen enkele zin om u nog een prettig weekend te wensen, want dat is bijna voorbij.

Tot de volgende.



vrijdag 26 februari 2021

Onbegrip

"Kun je die bus dan niet even aan de kant zetten, dan?"
Vol onbegrip staarde ik, zeer ingehouden kreunend van de krampen naar mijn telefoon.
En mijn brein begon beelden te vormen. Hoe ik dat zou moeten doen.
Mijn lichaam had besloten dat mijn verkeerd gevallen voedsel er zo pijnlijk, dun en explosief mogelijk uit moest. Precies 2 ronden na mijn eetpauze. In een split-second vormde zich het beeld dat ik al spuitpoepend door de kantine rende, mijn bus instapte, met een van spuitpoep doorweekte broek in de stoel ging zitten en de bus een paar meter verder op neerzette, om al spuitpoepend weer door de kantine terug naar het toilet te rennen om af te maken waar mijn lijf mij mee martelde. Los van het spoor van ellende dat ik achter zou laten in de kantine, zou op zijn best de stoel van de bus rijp zijn voor de verbrandingsoven.
Naar mijn idee had ik best duidelijk uitgelegd waarom mijn bus in de weg zat, en ik snapte dus echt niet dat de verkeersleiding me vroeg om die bus aan de kant te zetten. Maar ja. Het zou zomaar kunnen dat ik in mijn peristaltische ellende gewoon niet duidelijk was.
Achteraf konden we er samen om lachen, reed ik mijn volgende rit met slechts 4 minuten vertraging, en dat was dat.
Een bijzondere dienst weer.

Zoals ik al schreef: er zijn behoorlijk wat bedrijven die dingen naar mijn aanwezigheid, en de meest leuke en toepasselijke leek mij de GGD.
Het traject naar de tijdelijke baan was al ingezet, tot en met getekend contract aan toe. En toen kreeg ik een onontwarbare shitload (excusez le mot, ik zit nog een beetje met mijn hoofd in het vorige avontuur) aan informatie op me af. Informatie die voor 70% niet van toepassing was op mijn functie. En via maar liefst 4 verschillende apps en accounts moest ik zelf maar de voor mij bedoelde e-learnings en andere relevante informatie halen, en dat was een verplichting, anders zou ik niet mee mogen doen met de real-life trainingsdag.
Dit alles onder het motto:"Welkom en zoek het uit".
Tijdens een eerder gesprek was verteld dat ik 5 uur bezig zou zijn met al die e-learnings, maar alleen al uitvogelen welke voor mijn functie relevant zijn, kostte me 5 uur. En toen was ik erachter dat de verwachtte zelfstudietijd 20 uur was, maar nog niet wat ik dan van die 20 uur moest doen.
Ik heb vervolgens met het betreffende uitzendbureau gebeld. Geen contact gekregen. Ik heb gemaild. Geen reactie.
Ik zocht contact omdat ik er (misschien naïef) vanuit ging dat als je ergens tegenaan loopt, je bij je werkgever moet zijn om het op te lossen.
De reactie van het uitzendbureau was schokkend: doodse stilte. Gewoon helemaal geen.
Uiteindelijk, een dag voor de training, heb ik mijn ontslag maar ingediend, nog zonder één seconde gewerkt te hebben. Dat is zelfs voor mij een record.
Een dag nadat ik aanwezig had moeten zijn op de real-life training, kreeg ik een verbaasde, teleurgestelde mail van het uitzendbureau. Dat ze zo niet willen werken, en mijn ontslag accepteerden.
Blijkbaar genoeg mensen bij de GGD, en ik hoop dat de GGD dit avontuur niet leest, want dan komt het uitzendbureau welke ik niet bij zijn Unieke naam zal noemen, er niet best vanaf.
Exit dus, en door naar een andere baan die me leuk lijkt: gewoon koerieren.
Die waren een stuk minder veeleisend, en willen me hebben. En is nog best te combineren met een dienstje af en toe op Schiphol. (Waar ik ze dus dankbaar voor ben, want ze willen de uitzendkrachten niet kwijt, en proberen af en toe ons er toch bij te houden om feeling te houden, ondanks dat er eigenlijk helemaal geen werk is).

Zo rond januari, ben ik al helemaal in vakantiestemming. Al een heel aantal jaren probeer ik Ilse zover te krijgen dat ze actief meezoekt en meedenkt over de volgende bestemming.
Voorpret is ook pret, toch?
Ik zoek, en schift, ik filter, ik kijk foto's, en ik verheug.
Ilse ziet dit allemaal met lede ogen aan. Zij begrijpt niet zo goed waarom ik een half jaar van te voren al onze vakantie vast wil leggen.
Mijn redenering is: hebben is houden. Als we geboekt hebben, hebben we wat om naartoe te leven. Dat is weinig spontaan, maar ik ben dan ook niet de meest spontane mens in de wereld.
Inmiddels is het bijna maart, en heb ik nog niks weten te boeken. Ik moet Ilse een paar keer vol onbegrip hebben aangestaard. En zij mij. We snappen elkaars beweegredenen niet zo goed. Of de achterliggende motivatie achter die beweegredenen niet. Omdat we op een heel ander level opereren of denken. Niet gezegd dat Ilse daarmee minder intelligent is, maar onze breinen zijn nu eenmaal iets anders ingesteld.

En dit zijn relatief onschuldige vormen van onbegrip die ik in mijn zeer recente verleden tegen ben gekomen. Er zijn natuurlijk veel meer dingen waar ik met mijn bescheiden pet niet bij kan.
Zo is daar een partij die zich Forum voor Democratie noemt.
Die heeft in de afgelopen maanden al vaak laten zien dat hun idee van democratie niet strookt met wat democratie werkelijk is (of zou moeten zijn).
Maar de laatste stunt van meneer Beaudet, het aanzetten tot stemmen-ronselen is toch wel een van de meest bizarre dingen die ik mocht zien.
Dan noem je jezelf Forum voor Democratie, en vervolgens ga je iets doen dat zo gruwelijk tegen de democratie ingaat, dat je stante pede je partij een andere naam moet geven. 2e piratenpartij of zo.
Wat een losgeslagen cowboy is die jongen.
Het is niet alleen volslagen tegen de democratie in, het is gewoon illegaal om stemmen te ronselen.
En het is ranzig.
Maar ja. Als ik stemmenwijzers, of kieswijzers doe, kom ik uit bij partijen die ik ook niet echt lust. Ik voel mezelf als behoorlijk rechts, dus de VVD zou een goede optie zijn. Ware het niet dat de VVD straks rechtstreeks tot gevolg gaat hebben dat Ilse geen insuline meer kan betalen. En dus doodgaat.
Ik zie veel goeie dingen bij de VVD, maar dit ene puntje is bij mij behoorlijk heikel, moet ik bekennen.
Te kleine partijen vallen sowieso af. Bijeen vind ik, net als Denk of PVV gewoon te eng. Niet dat ik bang ben, maar hun punten zijn niet mijn punten. Code oranje wordt geleidt door iemand tegen wie een behoorlijk onderzoek loopt, en om daar nu mijn stem aan te verspillen, lijkt me waanzin.
Christelijke partijen zouden een optie zijn, ware het niet dat met name de SGP er wat levensbeschouwelijke opvattingen betreft volslagen van God los lijken te zijn geraakt. Dus hou je de christenunie over. Maar ja.
En zo kan ik nog wel even doorgaan.

Ik heb nog wel even de tijd om te bedenken wie ik mijn stem gun. Maar voor een zwevende kiezer als ik, is dit telkens weer een lastige keuze.
Misschien maar gewoon blanco. Omdat ze mijn stem allemaal niet waard zijn. En wel zo veilig, want dan kan ik weer lekker mopperen over al die mensen die wel op de VVD stemmen, en vervolgens boos zijn dat die hun verkiezingsbeloften juist niet, of wel waarmaken.

Hoe dan ook: ik ga straks nog even een dienstje werken, en dan is het weekend.
Ik wens u allen een goeie toe.

vrijdag 19 februari 2021

Een achtbaan

Het is toch wel weer fijn om te merken dat ik niet anders ben dan anderen.
Gewoon een van de 17 miljoen mensen die op wat voor manier dan ook last heeft van de maatregelen rondom Covid. Gewoon een van de velen die zich afvraagt of de genomen maatregelen nog wel opwegen tegen de ziekte.
Of het middel niet erger is dan de kwaal.
Ik vraag het me af, maar aangezien ik geen betere middelen weet, volg ik maar gewoon wat er gezegd wordt.
En ja, net als alle andere 17 miljoen mensen, ben ik er wel een beetje klaar mee. Gisteren had ik een skypegesprek met wat collega's van de KMar. Heel fijn om die koppies weer even te zien. Heel fijn om die stemmen weer even te horen. En ondanks dat er beslissingen worden genomen bij defensie, waarvan ik oprecht vind dat ze verder gaan waar elke vorm van logica al lang en breed is afgestorven, zou ik er best wel een tank benzine voor over hebben om gewoon weer even in real life met dat volk te praten, te geinen, ja zelfs muziek te maken.
Op het platform is het rustig. Dat weet ik omdat ik als uitzendkracht nauwelijks nog nodig ben. Ze moeten er bijzonder blij met me zijn, want als het tegenzit, sta ik op straat. En vanuit bedrijfsmatig standpunt, heb ik daar alle begrip voor. Maar ook daar mis ik het werk, de collegialiteit en de humor. Ik mag volgende week vrijdag weer, en ik verheug me erop als een complete gek.
Het is niet eens dat ik me verveel, want Jente en Ilse houden me lekker bezig. Maar ons huis is niet al te groot, en dus komen de muren sneller op me af dan ik wenselijk acht, en puur alleen al om sociaal gezien niet al te vreemd te worden, zou ik gewoon willen werken.

Ik zou gewoon willen werken, dus heb ik mezelf de laatste weken helemaal suf gesolliciteerd.
Ik heb zelfs bij PostNL gesolliciteerd. Als pakketbezorger. Zij bieden maar liefst 10 hele euro's en een paar centen bruto. Per uur, dat dan weer wel. Financieel gezien geen argument om daar te werken, maar het helpt wel tegen de mentale en fysieke stilstand die ik ervaar. Dat dat mijn grootste motivatie was, liet ik mezelf iets te duidelijk ontvallen, maar toch werd ik niet meteen geweigerd, integendeel. (Let wel: ik benoem dit als stilstand, welke op zichzelf gezien niet positief is, maar ik ben absoluut niet weer bezig om in een depressie te raken. Daar heb ik geen zin in, en daarvoor voel ik me ook gewoon veel te prima).
Ik solliciteerde bij een voedselbezorger, die beter salaris biedt, mogelijk ook leuker werk (want lekker lang en veel onderweg zijn, en die paar keer dat ik daadwerkelijk uit moet stappen om die kratten voer eruit te smijten, neem ik dan maar voor lief).
En ik solliciteerde bij de GGD, als "allround medewerker". Die bieden een prima salaris, uitdagend en tijdelijk werk, en het is weer eens wat anders. Dat lijkt me wel leuk. Want mijn eerste alinea is natuurlijk gewoon een beetje gezeur, maar wat kun je in deze situatie beter doen dan er iets áán doen en er nog voor betaald krijgen ook. En omdat dit een tijdelijke baan betreft voor zolang als covid een dingetje is in de wereld, komt het mij ook wel prima uit. Want ik kan het dan prima combineren met die paar diensten op mijn zo geliefde platform, een eventuele opstart bij defensie, en als dit covid gedoe achter de rug is, ben ik klaar bij de GGD, en kan ik mijn werkzaamheden op Schiphol weer gewoon oppakken.
En ik deed een sollicitatie bij het CBR om opgeleid te worden tot examinator. Daar viel ik in eerste instantie af, maar ik kreeg een mail waarin ze vroegen of ik toch nog interesse had. Dat traject ga ik ook volgen, al was het maar om te kijken hoever ik kom. Lijkt me op zich ook wel heel erg tof.
Een rollercoaster dus. Want in 1 week tijd, zijn er 4 bedrijven die me hebben willen, en dat op zich is ook al een kunst, en redelijk ego-strelend. Wat er allemaal van overblijft, weet ik nu natuurlijk niet, maar het is op zich best spannend allemaal.

En dan wordt er door en vanuit het onderwijs naar mij gelonkt. In eerste instantie voor het vak Nederlands. En de hypocriete taalnazi in mij, maar ook de geëngageerde, sociale en uitleg-grage goochem in mij zag en ziet dat best wel als een realistische mogelijkheid. Ja, heus. Ik geef u, lezer, een paar seconden om weer op uw stoel te stappen, nadat u van verbazing er vanaf donderde....

De eerste poging was via een opleidingsinstituut, dat zijinstromers werft voor docenten in het mbo. Klonk allemaal best goed, en ik zou van de week terug gebeld worden. Dat is niet gebeurd. Ik ging tijdens het wachten op hun belletje nadenken over hun volgende uitspraak:"Het is een pittig traject, maar je hebt wel tijd voor een bijbaantje". Nu heb ik niet helemaal kunnen achterhalen wat de doelgroep van dit traject is, maar Ilse wees mij er niet ten onrechte op dat een bijbaantje nagenoeg onmogelijk genoeg kan verdienen om zoiets basaals als de hypotheek en het eten voor ten minste Jente van te betalen. Een bijbaantje, zou genoeg zijn, want ik zou al snel ook gaan verdienen. Dat "snel" werd niet nader gespecificeerd. Nu heb ik bijzonder veel over voor mijn toekomst en zo, en ik zou er goed mee en van kunnen leven als ik zelf wat kilo's af zou vallen omdat we moeten bezuinigen op eten. Maar Jente moet gewoon nog groot groeien, en dat lukt niet zo goed zonder eten. En ik vrees dat ook de ABN bank zo zijn mening zal hebben over mijn omscholing als dat betekent dat ik een x-aantal maanden geen hypotheek betaal. Ze zullen lankmoedig zijn tegenover de mensen die door covid in de problemen kwamen, maar voor een omscholingstraject zullen ze minder begrip tonen, vermoed ik zo.
Maar goed, uiteindelijk heb ik niks meer van ze gehoord, dus mijn vraag of het echt allemaal bij mij vandaan moet komen, zal onbeantwoord blijven.
Daarnaast heb ik een beetje rond gebeld zo her en der, en zijn er financieel gezien aantrekkelijker wegen om in het onderwijs te raken.
Maar daar doet zich dan een wat bizarre emotionele rollercoaster voor.
Het onderwijs lijkt me heel erg leuk. Maar zou het zo leuk zijn dat ik mijn werk op bijvoorbeeld het platform er voor wil opgeven? Ik twijfel heel hard. Want als ik dat stuur van die BYD in mijn klauwen heb, en over de rondweg laveer, en naast dikke vliegtuigen mag parkeren, voel ik me toch wel heel erg in mijn sas. Tuurlijk, het onderwijs betaalt veel beter dan het personenvervoer. En geeft me heel andere uitdagingen, wat goed zou zijn voor mijn soms op gekke punten vastgeroeste brein. Maar in mijn werkzame leven heb ik 1 ding geleerd: je kunt beter minder verdienen met iets dat je met veel plezier doet, dan veel verdienen met iets waar je een pleurishekel aan hebt.

Met de uitdaging bij de GGD, de bus en defensie, denk ik dat ik voorlopig wel goed zit. Als het allemaal zo lukt als dat ik het voor me zie. Maar covid heeft inmiddels heel wat plannen en wensen in de koelkast gezet, of simpelweg een streep erdoor getrokken.

Het mooie is dus wel dat ik hoe dan ook veel tijd met Jente doorbreng, (Ilse werkt thuis, en dat is als chauffeur een wat lastig ding, dat thuiswerken) en ik haar ook steeds meer zie groeien. haar gevoel voor humor, heeft ze beslist van mij. Dat toch wat platvloerse, bijna mannelijke, lompe gevoel voor humor.
Haar woordgrapjes, en ook uitdrukkingen, waar als volwassene mijn bek 2 etages van naar beneden stort, heeft ze van ons samen.
Haar onhandigheid heeft ze beslist van haar moeder. Ze durft veel, is daarin absoluut onhandig, en als iets niet lukt, uit ze haar frustratie dan weer meer op mijn manier.
En in al die dingen groeit ze. Wordt ze wijzer. En vreten als een bootwerker. Niet normaal. Zit er een hele maaltijd in, wil ze gelijk weer eten. Waar ze het laat, mag Joost weten, maar als ik haar de kans zou geven, zou ze de hele voorraadkast plunderen inclusief het kattenvoer en vragen om de restjes.
Ze zal wel in een groeispurt zitten.
Gelukkig is ze nog niet te oud om met mij te spelen, lol te maken of zo af en toe hand in hand over straat te lopen, en daar geniet ik dan toch wel van.
Hoeveel generaties kinderen zijn er niet opgegroeid zonder dat pa thuis was? Jente en ik hebben dat geluk dus wel. En dat is ook wel onbetaalbaar.

En om dat allemaal weg te spoelen (letterlijk) ga ik morgenochtend in Overijssel met een collega buschauffeur mijn auto eens wassen. De gozer heeft daar lol in, en heeft ook lol in Citroën, dus dat schept een band. En na alle pekel van een keiharde, ijskoude, lange winter mag het ook wel even. Mijn antraciete auto heeft zo'n verdacht wit waasje. Ik begreep dat er een McDonalds in de buurt zit, dus na het wassen ga ik genieten van een big tasty, want ik heb begrepen dat juist die ongelooflijk lekkere burger eruit gaat, en ik dus voor de betere burger maar beter voor een Dubbele Whopper met kaas en bacon kan gaan bij de concurrent.

Goed, dit alles geschreven hebbende, begint het weekend, en wens ik u allen een goede toe. |



zaterdag 13 februari 2021

Het werkt, klootviool.

Nu zal ik toegeven dat we een imposante collectie nutteloze zaken in huis hebben.
Ik noem een verzamelingetje modelauto's, een trekzak (a.k.a. accordeon) een viool en een keur aan apparaten die verder nergens voor gebruikt worden, maar bij aanschaf heel erg noodzakelijk leken.
En al die meuk, daar moet of kan wat mee.
En al die meuk, doen we of kunnen we niks mee.
Zo ook de viool. Die is niet van mij, ik ben trompettist en dingen met snaren zijn dus ver beneden mijn decibel-verlangen. Oftewel: hard en lomp, anders vertrouw ik het niet.
Die viool is dus van mijn betere helft, en as I type wordt het ding tevoorschijn gehaald, voor het eerst sinds dat ik haar heb leren kennen.
Die viool heeft al talloze verhuizingen min of meer overleefd, en een paar maanden geleden (en dit verwacht je niet, van iemand die inmiddels 2 van mijn brillen gemold heeft) liep het ding averij op.
Dus moest naar een vioolbouwer. Iets met een gestapelde kam of zo. Voor mij reden om geheel altruistisch aan te bieden dat het ding wel in mijn hout-opslag mag, zodat ik er op later moment een leuke, arti-farti vitrine van zou kunnen maken, maar dat was blijkbaar niet de bedoeling. Viooltje moest weer speelklaar gemaakt worden.
En een paar weken later (zegge vorige week zaterdag, toen de sneeuw losbarstte) kon de viool opgehaald worden. Maar goed, om voor een viool nu door sneeuwstormen te gaan rijden, vind ik werkelijk zonde van de benzine, en alle eventuele schade voortkomend uit ongelukken. Gingen we niet doen.
Maar goed, die vioolbouwer heeft blijkbaar ook geen onbeperkte ruimte, en genoeg reserve onderdelen om andere violen op het podium te houden, dus vanmorgen moest het kreng eindelijk eens ophalen.
Ilse ging liever niet, want glad en koud en niet fit, dus als ideale echtgenoot, stapte ik min of meer monter achter het stuur van mijn onvolprezen Citroen om dat ding op te halen.
De eerste 300 meter was het glibberen, en de laatste 300 meter was het glibberen, voor de rest heb ik heerlijk genoten van mijn nieuwe audio.
En dan komt het moment waarop ik mij mentaal beter voor had moeten bereiden: ik kreeg een viool in mijn handen gedrukt.
Er zijn twee soorten muziekinstrumenten: trompet, en trompet-begeleidende-instrumenten. En nu kreeg ik dus voor het eerst in mijn leven zo'n trompet-begeleidend-ding in mijn handen. Ondanks dat het in die straat best normaal zou zijn om met een viool te lopen, voelde ik me toch enigszins beschaamd. Opgelaten. Ongemakkelijk. Gleed nog bijna uit over het ijs, maar ik wist me, met behulp van de viool overeind te houden.

Om vandaag te bereiken, moest ik eerst gisteren door.
En gisteren had ik weer een dienst op het platform, een sluitdienst. Op zich niks aan de hand, heb zelfs nog een paar passagiers weten te strikken om bij mij in te stappen.
Maar dan moet je ook weer naar huis. om 2400 uur. Dus in spertijd. Niemand mag zonder reden op straat zijn.
Nou moet ik zeggen dat ik in sommige opzichten onbehoorlijk naief ben, maar mijn thuisreis ging niet zonder diverse ongemakkelijkheden.
Ik wilde rap thuis zijn, dus zou het zo kunnen zijn dat ik ongewenste, maar terechte aandacht trok van een paar agenten op patrouille. Die aandacht kreeg ik, en ik verwachtte half en half een stevige boete. Ten slotte wie zijn gaspedaal vloert, loopt de terechte kans dat hij snelheidsbelasting moet betalen.
Dat viel mee. Ik kreeg een reprimande voor het feit dat ik maar liefst 5 kilometer per uur harder reed dan toegestaan, en geheel deemoedig accepteerde ik dat.
Maar, of ik ook maar even wilde verklaren waarom ik niet thuis was.
Ik keek wat sullig naar meneer agent, en naar mijn bijzonder herkenbare jas. Keek weer terug. En vroeg toen oprecht verbijsterd wat meneer agent dacht dat ik op dit onzalige uur aan het doen was.
Het dragen van bedrijfskleding met naam van het bedrijf was niet voldoende. Gelukkig had ik de werkgeversverklaring op mijn telefoon staan, waarmee ik aan kon tonen dat ik met een goeie reden op onzalige tijden buiten was.
Mijn verbazing zit erin dat als je bedrijfskleding draagt, die door de kleur licht geeft in het donker, het toch wel duidelijk is dat je aan het werk bent.
Want als ik inbreker of relschopper zou zijn geweest, zou ik daar geen hoge-zichtbaarheids-kleding bij dragen, al was het maar om te voorkomen dat de ME het wel heel makkelijk heeft om me te meppen.
Die kleding is voor een inbreker ook al niet praktisch, dus mijn verbijstering over het feit dat mijn kleding al duidelijk aangaf dat ik moest werken, maar niet als zodanig te accepteren was, zal ongetwijfeld naïef zijn geweest.

Ik mocht dus afgelopen week weer 2 diensten op Schiphol invullen. En dat is weinig. heel weinig. Ik snap dat ze er ongelooflijk blij met me zijn, want als uitzendkracht, ben je wegwerpmateriaal. Ik snap ook dat het zo nu eenmaal werkt in het bedrijfsleven. En ik ben onverminderd blij als ik weer naar het platform mag, want het werken is gewoon top.
Ondertussen verveel ik me de tyfus.
Zozeer dat ik bij PostNL heb gesolliciteerd. Ik moest tijdens dat gesprek aangeven waarom ik solliciteerde, en ik was misschien iets té eerlijk toen ik zei dat met hun salaris, de financiele motivatie nagenoeg 0 was, maar dat ik gewoon iets tegen de verveling zocht.
In de categorie uitdagingen van formaat, heb ik mezelf ook ertoe gezet om te solliciteren als docent in het MBO. Ik heb mezelf nooit echt als docent gezien, maar diverse gesprekken met mensen uit het onderwijs, brachten mij toch op het idee dat dat nu juist wel wat voor me zou kunnen zijn. Groot was dus ook mijn verbazing dat het eerste gesprek met dat instituut best wel positief verliep. Niet gezegd dat ik dat ga kunnen doen, maar het kwam allemaal erg professioneel over. Want er zijn haken en ogen.
De eerste is dat ik gevoelsmatig het platform van Schiphol heel erg ga missen.
Dan is er de financiele component. Want gedurende 1,5 jaar zal het houtjesbijten zijn. En mogelijk financieel gewoon niet haalbaar, omdat ik tijdens het opleidingstraject wel iets maar geen salaris krijg waarvan ik hypotheek en eten kan betalen. En dat zijn twee stevige hobbels. Misschien wel onneembare hobbels. Maar dat moet de toekomst maar uitwijzen, en een beetje onderzoek doen. Avondje googlen of zo.

Ik heb zonet voor het eerst van mijn leven, vrijwillig, op het ijs gestaan. Zonder schaatsen, want als moeder natuur had gewild dat we ons als sierlijke zwanen over het ijs zouden verplaatsen, had hij ons wel smalle voeten gegeven.
Maar Ilse en Jente hebben schaatsen, en wie ben ik om dan de spelbreker te zijn.
Ik was in eerste instantie wat huiverig (pun intended) want de ijsmeesters van de elfstedentocht, verklaarden dat het ijs in Nederland volstrekt onbetrouwbaar was. En zij hadden gelijk, want diverse eigenwijze prutsneuzen moesten van de hofvijver in Den Haag gered worden.
Maar mijn figuurlijke huiveringen gingen over in letterlijke toen ik samen met mijn meisjes het ijs betrad, en Jente al kirrend en koerend samen met ons haar eerste ijskoude stapjes maakte.
Toch leuk.

Goed, dit alles geschreven hebbende, is mijn weekend dan ook min of meer begonnen.
Ik wens u allen een goede.

"het Eiland"

 En dat was de vakantie alweer.  En niet zo voor de hand liggende keuze, dit jaar. Want dit jaar gaat alles anders.  Alles gaat anders, want...