Wat een week....
Ik had dus vorige week een afspraak met de tandarts, en de uitkomst was dus dat ik een volledig mechanisch en chemische reiniging beurt nodig had.
En ja, dat zou onder verdoving gebeuren, want: te dit en te dat....
Hele week als een huis op gezien tegen die behandeling want naalden en Marnix is een van de meest ongelukkige huwelijken, zeker in combinatie met het feit dat die naald ín míjn smoel moet.
De dag zelf moest ik dus wat eerder naar huis, en strak als een plank van de spanning togen we in de richting van de praktijk.
Ik had al 4 keer willen afbellen, maar mijn echtgenote is verstandiger en bemoedigender.
Daar gezeten verklaarde de dame die mijn tanden zou gaan afgraven, dat er helemaal geen spuit nodig was.
Het was een optie, en voor wat ons beiden betreft, de laatste optie. Waarschijnlijk iets dat de vertaling vanuit het Italiaans, via Engels naar het Nederlands niet heeft overleefd. Ik ben ook financieel wel blij, want de gekozen methode was een dikke 70% goedkoper.
Ze zou het namelijk met een zalfje wel verdoven.
En dat zalfje kende ik nog van vroeger.
Zo'n vreselijk bitter wit goedje. Iets dat op vaseline lijkt, maar dan heel erg bitter en smerig. (En de ranzige zielen hier: ja, ook ik doe aan doordenken, en heb ze allemaal al overdacht, nee: daarvoor is dit niet helemaal de plaats).
Dat witte goedje deed zijn werk ernstig overdreven enthousiast, tot mijn tong aan toe, maar dat leek me niet zo heel erg. Kan ik van de zenuwen ook niet al te veel gaan ratelen.
Maar goden zij dank: geen naalden.
Ik kon haar van pure opluchting wel zoenen.
Maar ja, moet je dat weer uitleggen aan in de haast opgetrommelde psychiatrisch verpleegkundigen en de wijk agent.
De hele behandeling duurde lang, omdat ze lang de tijd nam om dingen uit te leggen, en vervolgens in alle rust elke stap aan te kondigen, en veel tijd nam om te vragen of het nog ging.
En ja: dat zalfje deed zijn werk. En ja: het was op sommige punten serieus niet fijn, maar al met al was het een minder erge ervaring dan ik me van te voren op had in gesteld. Beter zo, dan andersom.
Maar goed, omdat ze zó kalm aan haar werk deed, bleef er voor mijn onderkaak geen ruimte meer over, dus die moet volgende week.
Ik denk dat ik daar dan toch minder heftig tegenop zie, dan tegen deze. Ik heb wel gezegd dat ik geen enkele behoefte heb aan een ander persoon die in mijn mond op schatgraverij gaat, dus dat ik heel specifiek haar wil. Ik ben blijkbaar nogal honkvast wat betreft mijn zorgverleners.
Iets veel vreemders:
Ik kwam dus thuis, moest me omkleden omdat de opdrachtgever van mijn werkgever liever niet wil dat ik andere dingen in werkkleding doe, dan werken. Op zich geen onredelijke wens. Het staat op zich wel vreemd als een in Schiphol kleding getooide stoere vent van in de 40, bibberend als een rietje zo bang bij een tandartsenpraktijk binnen komt stiefelen. Krijg je ook weer rare verhalen van.
Ik trok een overhemd met korte mouwen aan, en vond er verder vrij weinig van.
Toen ik in die tandartspraktijk aan kwam en mijn tanden ging poetsen ter voorbereiding op het martelmoment, ontdekte ik een donkere vlek op mijn overhemd.
En nee, die was niet van het overmatige angstzweet (dat stond namelijk duimen dik op mijn voorhoofd) maar dat was een vlek die correspondeerde met de vorm van een borstzak die je op die overhemden vaak hebt.
Ik heb dat overhemd denk ik al wel 10 jaar niet bewust bekeken. Of aan gehad. Bewust dus, heh, bewust. Maar ik kocht en koop mijn overhemden en of shirts altijd op het feit dat er zo'n borstzak aan zit, vanwege telefoon, aansteker en sigaretten.
En ik wist dat dit overhemd er dus ook één gehad had. Vanwege de verkleuring die de rest wél maar dat ene plekje niet had.
Gewoon verdwenen. Dat hele borstzakje. Weg. Het zit er niet meer.
En als je me nu vraagt hoe, waar en wanneer ik dat zakje verspeeld heb.... Reden voor speculatie, en ieders gissingen zijn zo goed als de mijne.
Ik heb om puur praktische redenen nooit behoefte of intentie gehad om borstzakjes van mijn overhemden te demonteren.
Ik heb nooit de technische kennis, kunde of geduld gehad om zo'n zakje zó netjes van zijn overhemd te scheiden.
Ook ben ik de afgelopen 10 jaar niet zó dronken geweest dat ik het in een bui van benevelde baldadigheid zou hebben kunnen overwegen en uitvoeren (en zeker niet zo netjes).
En dus had ik een zekere mysterieuze afleiding, want ik was helemaal in de ban van het zoekgeraakte zakje terwijl ik achter de professionele mond mishandelaarster aan wandelde.
(En daarmee had ik dus ook niet in de gaten dat mijn gulp open stond, hetgeen goddank niet echt opviel).
En nog steeds, een paar dagen na dit feestelijke geheel, kan ik me niet voor de geest halen hoe en wat.
Ook dit jaar viel er weer niet aan te ontkomen.
Mijn dochter doet mee aan de avondvierdaagse.
De eerste dag werd tot onze immens grote teleurstelling afgelast vanwege de regen en het onweer. Heel jammer, vooral omdat we op de fiets waren gekomen, en dus alleen zeiknat terug kwamen vanwege het fietsen en niet vanwege het lopen.
De tweede dag was het gewoon heet, bedompt en feestelijk, de derde dag was serieus afzien.
Los van het feit dat ik mijn vrouw en dochter simpelweg kwijt was geraakt, had ik om de een of andere karmatische reden de pech dat ik tussen een paar [vul hier een paar liederlijke scheldwoorden in]kotertjes terecht kwam, die een klein radiootje bij zich hadden, dat een volume kon ontwikkelen waar een Boeing 747 jaloers op is. Op zich was dat nog wel te tolereren, maar het feit dat die [vul hier een paar liederlijke scheldwoorden in]kotertjes oprecht vonden dat ze mee moesten zingen, dat dan ook veel te enthousiast deden, en dat totaal niet gehinderd door enig muzikaal gevoel of inzicht, en de veel te perfectionistische musicus in mij kwam bovendrijven en laten we zeggen: ik werd er serieus onpasselijk van.
Ik vond dat het dit jaar qua organisatie al wel wat beter ging, afgezien van het feit dat er telkens oranje hesjes waren die hardnekkig net te laat (of gewoon niet) het verkeer probeerden te stoppen van hun voornemen om maar gewoon lompweg tussen al die kinderen door te rijden.
Maar los daarvan: Jente heeft hem gewoon weer uitgelopen.
En dit jaar wilde ze het liefst zo ver mogelijk bij ons vandaan lopen. Liever met haar vriendinnetjes.
Iets met loslaten? Lastig, heel lastig. Pijnlijk lastig. Gelukkig wilde ze wel nog even op de skates aan mijn hand mee naar de buurtsuper lopen.
Maar ik vrees de dag dat zelfs dat niet meer cool is.
Mijn probleem.
Goed, dit alles maar weer getikt te hebben: ik heb uiteraard geen weekend, maar voor allen die dat wel hebben: een hele beste.
vrijdag 24 mei 2024
VersTANDig en VERlopen.
vrijdag 17 mei 2024
een versTANDig? verhaal.
Een kerel. In de 40, mogelijk bezig aan een midlife-crisis. Misschien gewoon wat overwerkt, omdat zijn werkgever vindt dat overuren normaler zijn dan een rooster dat conform cao 40 uur duurt. Vandaar wellicht de rimpeltjes (die verder ook door zouden kunnen gaan voor lachrimpeltjes), het grijzende haar.
Gewoon een struise verschijning. Niet dik, maar eerder volrond. Romig. Als een kaas, maar dan zonder de geur. Stoere verschijning ook wel, want behoorlijk wat tattoo's, oorbelletje, gemilimeterd haar, stoppelbaardje en een pet ferm op het hoofd geplant.
Een kerel die niet te beroerd is om te zeggen wat hij denkt, ook al vliegt hij daarmee soms nog wel eens de bocht uit. Een kerel die dan ook niet te beroerd is om bakzijl te halen.
Die kerel zal van zichzelf vinden dat het een "gezonde Hollandse vent" is, welke definitie je dan ook aan dat begrip geeft. Die kerel zal van zichzelf vinden dat hij niet bang is. Voor het leven. Om te leven.
Verhip, geef ik nu een redelijk correcte, doch volstrekt incomplete beschrijving van mezelf?
Ja.
Ja, ik vind mezelf niet echt bang uitgevallen.
Tot ik van de week een zeurende pijn aan mijn kies begon te voelen. Niet alleen van de hitte begon het zweet me uit te breken.
Nog meer poetsen, met een aan agressie grenzend fanatisme. Schoon moeten die krengen. Weg met die pijn. Want ik wil niet, echt heus niet, gewoon niet naar de tandarts.
Een onrealistische angst, geboren uit een trauma, veroorzaakt door een tandarts die bij alles wat pijn deed, zei dat het geen pijn zou doen. Die met naalden zo dik als een potlood een verdoving in mijn kaak ramde. Die begon te trekken nog voor die verdoving kans had om in te werken. Maar pijn zou het nooit doen volgens die man met zijn zalvende stem.
De rotzak werd later een fervent voorvechter van wappie cq. complottheorie-politicus Baudet. Ging zelfs voor die griezel in de eerste kamer. Zo zie je maar: als tandarts moet je wel een onmenselijke inborst hebben.
Dat is dan ook mijn enige angst. De tandarts. En die traumatandarts in mijn achterhoofd, ben ik dus veel en veel te lang niet naar een tandarts geweest. Net als miljoenen anderen die bang zijn voor de tandarts.
(Of het simpelweg niet kunnen betalen, maar dat is dan vaak geen angst).
De pijn ging maar niet weg. Was niet allesoverheersend, maar wel aanwezig.
Met een klein stemmetje bekende ik aan mijn echtgenote (die overigens al wel veel eerder op de hoogte was van mijn angst voor de smoelenslager, je bent ten slotte niet voor niks dik 10 jaar samen) dat het misschien wel tijd zou zijn om eens een tandarts te zoeken.
De eerste poging liep weinig soepel, want ik moest me eerst online inschrijven. Zwaaiend met mijn digibetie meende ik er onder uit te komen, maar Ilse deed het enige verstandige: ze schreef me online in. Terwijl ik zwetend van ellende bozig een peuk zat te roken.
Vrijwel direct daarna werd ik terug gebeld, ik kon dezelfde middag nog terecht. In alle haast Jente bij een vriendinnetje onder gebracht, en samen naar die gebitsgenezer gereden.
Keurig op tijd waren we binnen. Uiteraard zat ik daar vervolgens nog dik een half uur te wachten. Mezelf op te vreten (wat ook niet bepaald goed is voor gebit en ziel).
En, alsof er een wreed soort karma aan het werk was, werd ik opgehaald door een tandenslager die er uit zag alsof hij er onheilsspellend veel zin in had, maar ook nauwelijks de Nederlandse taal machtig is. De man komt uit Italie, sprak vlekkeloos Engels en is (en dat schept een band) een AHDH'er als een gek. Hij doet me denken aan een collega op de bus die ook uit Italie komt. Kan geen seconde stil zitten, maakt een hoop leven en gezelligheid.
Op zich leuk.
Maar ik zit daar niet voor de leuk. Ik zit daar omdat ik pijn heb aan een van mijn kiezen, als de dood voor de pijn. Het geknars en gepiep, en die vermaledijde potlood-dikke naalden die ze veel te enthousiast in mijn bakkes willen rossen.
Ondanks dat alles bleek de man bij de uitleg duidelijk te zijn, rustig te zijn en al hele toekomstplannen in zijn hoofd te hebben voor mijn bijters.
Maar we zouden beginnen met een foto om te kijken wat precies de schade is, waar ze moeten boren, breken, hakken, klieven, schuren, polijsten en trekken.
De uitslag: meneer, u heeft een pracht van een gebit. Zo mooi hebben we ze nog nooit gezien. Geen gaatjes, geen rottige tanden, gewoon een ijzersterk gebit. Dat is dan godzijdank één van die dingen die ik van mijn moeder georven heb: een ijzersterk gebit.
Jamaar, de pijn dan?
Nou kijk: u poetst uw tanden wat te ruw. Met de verkeerde tandpasta en tandvlees begint op te kruipen, vandaar de gevoeligheid. Dus wat liefdevoller poetsen, want ik heb "goud" in mijn bek en dat moet ik met liefde behandelen. Zo zei de man dat echt.
Oh, en een grondige chemische en machinale en verdoofde reiniging was wel een zeer urgent aangeraden iets, want jawel: daar komt-ie weer: ik rook en dat is slecht voor mijn gebit.
En als we dan toch bezig zijn: dan gaan we cosmetisch gelijk wat tanden 100% perfectioneren.
Ho! stop. Nee. Gewoon nee.
Ik ga akkoord met een grondige chemische en machinale reiniging, maar die spuit blijft op minimaal 100 meter bij me vandaan.
De man gaf toen aan dat het pijnlijk zou kunnen zijn. Een dergelijke reiniging. En op zich zou het helemaal mijn keuze zijn, maar van de pijn zou ik waarschijnlijk (mezelf kennende: zeker) niet 100% stil kunnen liggen, en daardoor de mondhygieniste die het werk zou doen, het moeilijker maken, zo niet onmogelijk om haar werk naar 100% tevredenheid en resultaat te kunnen doen.
Een haast onmogelijke keuze. Ik zag als mannetje van 7/8 die zogenaamd pijnloze naald ter dikte van een whiteboardmarker voor mijn ogen langs mijn kaak in gedreven worden. Die me vervolgens absoluut niet pijnloos een verdoving zou moeten geven, die uiteraard niet leidde tot pijnloze behandeling. Nu ben ik 43, en alleen al als ik denk aan die naald, krijg ik een wee gevoel van binnen. Ik heb gaatjes laten boren en ontstekingen weg laten halen zonder verdoving. Waarom zou ik niet bestand zijn tegen wat ellende bij een chemische reiniging?
Aan de andere kant: als het zo is dat mijn gebit na een verdoofde en dus pijnloze en dus volledige reiniging weer goed is voor een jaar of 10, moet ik dan niet een keer flink zijn? De tering.
Bizar: een spuitende diabeet als ik, met 5 tattoo's, die als de dood is voor naalden in zijn smoel....
Dat cosmetische daarvan ga ik nu al tegen in beroep. Gaan we niet doen. Het enige dat ik wil overwegen is om de draden achter mijn voortanden te laten verwijderen. Toen ik 17 was, werden die draden erin gezet nadat mijn beugel eruit was gebroken. Omdat ik toen nog trompet speelde, zou het verstandig zijn om mijn vers rechtgezette gebit te ondersteunen met 2 spalkjes zodat de druk van het trompetspelen niet zou leiden tot verschuiving van mijn nieuw gevormde bijters.
Die spalken heb ik dus sinds mijn 17e, zijn al een aantal keren opnieuw vastgezet omdat de lijm loslaat, en ik neem aan dat ze inmiddels als een heuse Mazda zo roestig zijn als maar kan.
Die mogen ze er wel uit halen.
Ik vroeg aan de smoelensmid of mijn tanden dan niet juist weer uit het gareel zouden gaan staan. En hij hangt de "Zuid-Europese School voor Monden-marteling" aan: een jaar ter ondersteuning zou voldoende moeten zijn. De Noord-Europese School voor Monden-marteling vindt dat het gewoon de rest van je leven mee kan. En het is na de crematie natuurlijk lekker makkelijk met identificeren, want zo'n draad zorgt er natuurlijk wel voor dat je geen id-steentje meer toe hoeft te voegen aan de kist. (Lijkt mij dan).
En natuurlijk: ze willen die spalkjes wel verwijderen, maar ook weer onder verdoving. Ehhh. Nee. Gewoon nee. Nee NEE.
Of wel, als ze dan toch bezig zijn met dat chemisch en machinale sadisme, kunnen ze die spalken net zo goed weg hakken.
Maar al met al ging ik met een prettiger gevoel naar huis, dan ik kwam. Ik kan me namelijk op mijn gemak voelen bij iemand die eruit ziet als een rugby line-backer die nauwelijks Nederlands spreekt en mijns inziens behoorlijk aangeraakt is door ADHD.
Dat hij daarnaast de stommiteit beging om tandarts te worden, is hem vergeven, aangezien hij me wel (naar ik inschat en hoop) een vakkundig (en onbetaalbaar) mooi en gezonder gebit gaat geven.
Volgende week mag ik mij melden voor dit nieuwe hoofdstuk uit deze orale-operette. En wederom prijs ik mezelf gelukkig met een vrouw die onvermoeibaar naast me staat en meegaat. Als ik alleen moest gaan, zou ik verdwalen, uit pure zenuwen en doodsangst sociaal de meest onacceptabele opmerkingen maken (hoewel het grootste deel van de praktijk daar Engelstalig is, dus ze zouden me toch niet snappen).
En een operette wordt het. Want de afspraak die ik van de week had, kostte me 137 euro en een beetje.
Ik denk dat ik met spoed mijn hypotheek moet gaan verhogen voor de komende behandeling. Want goud in mijn bek is één ding. Misschien moet ik mijn kwalitatief oh-zo-sterke gebit maar gewoon doneren tegen vergoeding van kunstbijters. Ben ik in één klap af van alle ellende. Met als bijkomend voordeel dat je kaken dan wat slinken en ik dus een wat minder dik hoofd krijg.
Tijdens één van mijn werkdagen kreeg ik van mijn eega een berichtje waar ik over het algemeen van ga tandenknarsen. De woonkamer heeft weer eens een andere indeling gekregen.
Claus en ik kunnen namelijk slecht tegen dit soort veranderingen. En bij Claus heeft dat veel verstrekkender gevolgen: hij ziet slecht. Dus op spiergeheugen loopt hij het risico op een bank te willen springen, die er niet meer staat.
De verandering heeft te maken met het feit dat onze overleden televisie niet vervangen is, we beiden erg veel schik hebben met lego-knutselarij, en Ilse het wel fijn vindt om rechtstreeks de tuin in te kijken waar onze bessenstruiken, de knoflook en het onkruid (wat dus geen onkruid meer is, puur om logistieke redenen) welig tiert.
Dat wat bij ons voor televisie door gaat, staat nu op een verrijdbaar kastje, en tot mijn eigen verbazing was ik niet volstrekt real-life ontdaan door deze zoveelste inbreuk op mijn woonkamergenot.
Sterker nog: ik begon te watertanden bij het idee dat er nu voor mij ook wel eens plaats is op de bank. Dat er voor mijn lego-sets ineens veel meer plaats is.
En wat helemaal fijn is: ik loop niet meer met mijn smoel tegen de lamp aan omdat er op die plek nu een poef (in hip NederEngels: hockerrrrrrrrr) staat, die het voor mij simpelweg onmogelijk maakt om mijn tanden te breken op mijn tocht naar de tuin.
Ik heb geen weekend. Maar een groot deel van Nederland gaat het weekend in met de gedachte dat het nieuwe kabinet er in geslaagd is om onderwijs en gezondheid op voorhand al niet beter te maken. Ik hoop dat de plannen wel dusdanig zijn dat ik meer overhou, en dus de hogere kosten daarvan kan dragen.
Veel zin om me daar druk om te maken, heb ik overigens niet. Het is wat het is.
Ik wens eenieder een mooi weekend toe.
zaterdag 11 mei 2024
Ironie keer 3.
Algemene Periodieke Keuring.
Dit gaat om het min of meer veilig op de weg houden van een auto. En ook mijn auto ontkomt er niet aan.
Nu heb ik een garage die mijn auto levert, en er garant voor staat dat het goed is, dus ik maak me maar zeer ten dele zorgen om.
Hoewel....
Mijn auto vond dat het tijd was om een deel van haar laklaag los te laten en wat roestig te worden op plekken waar een keurmeester de kriebels van krijgt, en derhalve ik ook.
Maar vriendje Ken zou vriendje Ken niet zijn als hij het niet keurig oplost.
Met het woordje "keurig" doe ik hem te kort. Die dorpel is nog nooit zo mooi geweest. En niet lullig met een zwarte deklaag, maar gespoten alsof die nieuw uit de fabriek kwam rollen.
Los daarvan kreeg ik voor de tweede keer in twee maanden op mijn flikker van hem omdat hij vind dat ik mijn banden op spanning dien te houden. En daar heeft hij gelijk in. Hij bestrafte mij met 4 nieuwe banden omdat de vorige set echt niet meer in leven te houden was.
We kunnen met gerust hart op vakantie, komende zomer, de motor was en is nog steeds in betere conditie dan veel nieuwe motoren, de airco doet het alsof je in een mortuarium zit, en alle overige zaken zijn prima in orde.
In de tijd dat ik mijn auto kwijt was, kreeg ik een leenauto mee.
Mijn oude wel te verstaan. Ingeruild omdat ik geen zin meer had in de kosten, en door Ken in leven gehouden om te dienen als luxe leenwagen.
En hier merk ik dat ik oud word. Mijn eigen auto heeft een hoge instap. De leenauto heeft geen instap, maar een in-val.
Ik ging niet zitten in die auto, ik flikkerde stomweg achterover en was blij dat er een rugleuning aan die stoel zat. Totaal gewend aan en gesteld op een hoge instap.
Maar de manier waarop ik instapte, was nog niet het meest genante.
Bij aankomst op mijn werk, klauterde ik omhoog, de auto uit, zette mijn tas naast de auto en voor ik de deur kon sluiten, deed de wind "WAAAIII", de deur "PLOF" en ik: "huh?"
Ik was nog niet zover, want ik moest nog wat uit de auto hebben, wilde de deur openen en merkte dat de gordelgesp vast zat in de deursponning.
Met geen mogelijkheid meer open te krijgen. En heel veel kracht durfde ik niet te zetten. De leenauto is ten slotte nog wat ouder.
Soit, het is een veilige parkeerplaats, en ik ga er van uit dat niemand een auto wil stelen die fysiek gezien niet te openen is, dus hoppa. Naar mijn werk.
Daar gekomen, vertelde ik enigszins beschaamd wat mij was overkomen, en ronselde ik een paar collega's om me te helpen.
Ten slotte: ik zou er best mee naar huis kunnen rijden, maar met een deur die open blijft staan en een gordel die niet gebruikt kon worden, zou me dat een compleet verlichtte kerstboom aan waarschuwingslampjes opleveren in het dashboard, en dat zag ik toch iets minder zitten.
Met niet minder dan 5 collega's stonden we, eenmaal terug op de parkeerplaats, te delibereren over de te volgen stappen. Uiteindelijk was het collega "J" die met zijn ossenkracht de deur wist te ontsluiten, de gordel te bevrijden uit zijn benarde positie en kon ik juichend mijn weg vervolgen, omdat er geen schade was ontstaan aan de auto. Hooguit aan mijn ego, maar aangezien ik geen schaamte ken, tel ik dat niet mee.
Mijn eigen auto haalde ik gisteren op, en zoals gezegd: het ziet er prima uit, en ik moet zeggen dat ik een beetje vergeten was hoe stil het kan zijn op goede banden.
Ironisch. Het liedje Europapa van Joost Klein. De beste man is namelijk gediskwalificeerd van deelname aan de finale van het Eurovisie Songfestival, vanwege vermeend bedreigend gedrag.
Dus beschuldigd en bestraft, zonder proces. Waar kennen we dat toch van? Iets met een Russische Hitler wellicht? Iets met een Noord Koreaanse Poetin misschien? Beiden weinig vrije, noem het abjecte dictatoriale landen, waar dat "nobele" Europa ziedend zenuwachtig van wordt.
Joost zal zich in elk geval wel drie keer bedenken voor hij Europa nog eens gaat ophemelen.
De organisatie van dat feestje vindt (en op zich is dat een prima mening) dat iedereen er veilig zijn werk moet kunnen doen, ook het vermeende slachtoffer. Mooi, heel mooi. Maar hoe veilig ben je als je zonder enige vorm van proces gewoon gediskwalificeerd kan worden?
Vandaar dat zwaarbewapende politieagenten en een politiehelikopter bij het hotel van Joost Klein gepositioneerd zijn. Is dat dan voor de veiligheid van Joost? Of zijn ze bang dat Joost een soort van uitbraak gaat plannen om dat hele festival te grazen te gaan nemen.
Joost mag het weten.
Ik was er niet bij, ik heb geen mening over het vermeende voorgevallene, maar wel ben ik van mening dat je nooit iemand kan bestraffen zonder dat een beschuldiging daadwerkelijk bewezen is. Dat gaat regelrecht tegen dat hele Europesche gedachtengoed in. Het Eurovisie Songfestival is volledig door het ijs gezakt. Het is dat ik niet in complot-theorieën geloof, anders zou ik er een groter motief achter gaan zoeken. Misschien wel een heel Russisch trollenleger aan motieven.
Prachtig staaltje van ironie, in de meest positieve zin: de pegida-griezel Wagensveld (en ja, ik mag dit zeggen zonder dat daar (doods)bedreigingen op komen, want het is míjn recht om griezelige mensen als zodanig te betitelen) gebruikte het recht van demonstratie om een koran te verbranden. Prima, doe je ding. Lekker onder het motto van vrijheid van meningsuiting of demonstratie hele bevolkingsgroepen te beledigen. Kinderachtig. Maar goed.
Deze Wagensveld hoopte natuurlijk op ontwrichtend geweld om zo aan te tonen dat de Islam allemaal maar kut is.
Machtig mooi: er kwam geen ontwrichtend geweld. Die moslims hadden wel wat beters te doen denk ik. Genieten van het mooie weer, liefst zo ver mogelijk verwijderd van een haatkwal (wederom: is mijn mening) als een Wagensveld. Goeie keuze.
De betere keuze kwam echter van een stel gelovigen die in het centrum van Arnhem (dus niet ergens ver verwijderd van de mensen massa, integenstelling tot de actie van Wagensveld die ergens achteraf plaats vond) gratis korans uit aan het delen waren.
Ik vind dat een mooie reactie op een actie gebaseerd op domme haat.
Religie is me een raadsel, ik snap werkelijk niet waar alle commotie om moet gaan. En ja, religie is helaas ook aanstichter van geweld. Alle religies dus.
Maar dat je als gelovige een hatelijke koekwaus als een Wagensveld (mening, heh. Mag ik ook hebben) gewoon een klap in zijn smoel geeft door het verspreiden van dat wat hij aan het verbranden is, is briljant. Staat die vent toch effe extra voor lul.
Goed, het is een mooi weekend, want ik ben vrij. En het is lekker weer. Ik heb dat gebruikt om lekker te niksen. Ik wens een ieder een mooie toe.
vrijdag 3 mei 2024
Een weekje vrije herdenkingen.
1 mei geldt als de dag van de arbeid. In de rest van de wereld. De rest van de wereld herdenkt dan het feit dat bedrijven niet kunnen bestaan zonder degenen die ze het meest verafschuwen: de arbeider. Men herdenkt dan dat we ooit met open ogen in de val van het ongebreidelde en onmenselijke kapitalisme zijn getrapt. Nederland niet, Nederland gaat zelfs een stap verder. Wij hebben ten slotte al koningsdag. Geen feestelijke herdenkingsdag op 1 mei. Arbeiden zullen we.
En dat vond ik nu eens een mooi moment om een snipperdag op te nemen. Ten slotte heb ik wat van die dagen over.
Dus ik vond het wel passend dat ik op een dag die gewijd is aan de arbeid, eens lekker zou gaan niksen.
Ik herdenk vandaag dat ik moet werken, door in alle rust niet te werken. (Aan de andere kant: het volgende deel van deze alinea gaat over het feit dat ik door niet te werken, andere mensen aan het werk heb gehouden, dus ik schaam me niet in het minst. Ik draag toch weer bij aan dat ongebreidelde en onmenselijke kapitalisme).
U raadt het al: never happened. Want de verjaardag van mijn betere helft komt er aan, moederdag niet veel later en zo waren er nog wel wat dingen die op de rol staan, waarvoor ik wat spulletjes moest kopen.
Voor de echt feestelijke dagen, nam ik wederom Jente maar weer eens mee uit winkelen.
Intens genieten dat mijn dochter nog hand in hand met mij wil lopen door het wanstaltige centrum van Almere. (Ja wanstaltig. Ik hou er niet van als mensen die nooit in Almere zijn geweest, lopen te jankbekken over Almere. Ik mag jankbekken over Almere, want ik woon er. Een of andere sneuneus die Almere nog zou missen als ze er langs rijden, moet gewoon zijn mening voor zich houden, en ja: dat staat haaks op de komende dagen en de komende alinea, maar ik ben dan ook een vat vol tegenstrijdigheden) Gezellig keuvelend, en dit jaar is ze veel beter in staat tot bedenken wat een ander zou willen, zonder het op zichzelf te betrekken. Dat is groei.
Ik wilde een nieuwe bloes. Overhemd heet dat voor mannen, geloof ik. En bij gebrek aan volwassen partner (die moest wieberen omdat een deel van de aankopen als verrassing voor verjaar- en moederdag geldt) gaf ik Jente de verantwoordelijkheid voor mijn nieuwe kledingstuk.
Haar eerste commentaar: Je gaat 60 euro uitgeven voor iets dat je maar één keer draagt????
Het zou een kind van mij kunnen zijn.
Om die -op zich terechte- opmerking het hoofd te bieden, beloofde ik dat ik het ding vaker dan één keer zou dragen. Het wordt ten slotte nog zomer dus ik kan vaker shinen met zo'n overhemd.
Het zou een kind van mij kunnen zijn.
Heel veel geduld ten aanzien van het kopen van kleding heeft ze -net als ik- niet. Ik kreeg nauwelijks de kans om te passen, en mijn interesse in andere -zij het minder noodzakelijke, doch zeer appetijtelijke- kledingstukken, werd met een ferme "we moeten naar de auto, want we zijn klaar verder" afgebroken.
Hoe dan ook: we zijn erin geslaagd om leuke dingen te kopen. Ten minste, dat hopen we.
Er moet ook wel wat opgevoed worden. Want dat gaat toch niet vanzelf. En soms is het hard werken, dat opvoeden want met haar 9 jaar lijkt ze soms al een voorschot te nemen op de pubertijd. En net als haar vader: weinig subtiel. Dat uit zich in dwarse buien, onvriendelijke antwoorden en terug-praten. En dan niet op de militaire manier van "Ja, commandant", of: "Ja papa". Maar haar mening en haar wil proberen door te drijven. Ook begint ze grapjes ten koste van anderen te maken.
Laatst was haar moeder aan de beurt. In de ochtend was het nog:"jij bent zo zacht en knuffelig". Dat op zich kun je als compliment zien. En het is gewoon de waarheid.
In de avond werd het eerder een liedje over moeders dikke billen en vaders dikke buik.
Ik vond het tijd worden voor een pedagogisch gesprekje, en begon uit te leggen dat body-shaming niet heel netjes is. Mijn uitleg ging zo: "Jente, jij vindt het ook niet leuk als iemand jouw plaagt met je rode haar en je wipneus. Mama kan wel wat hebben, die heeft een dikke huid, maar er zijn dus mensen die minder goed tegen dit soort plagerij kunnen".
Daarmee schoot mama in de lach, want een kind van 9 snapt natuurlijk nog niet zo goed wat het hebben van een dikke huid betekent, en met die lachbui (overigens best terecht) was mijn poging tot pedagogisch verantwoord zijn meteen als sneeuw voor de zon zo kansloos.
We kregen op 1 mei een brief van Vattenfall. Onze leverancier van elektriciteit, verwarming en warm water.
Ze
gaan namelijk nogmaals (de vorige keer was 6 weken geleden) onderhoud
plegen aan het warmwater-net. Gezien het feit dat we sinds we hier wonen
geen warme douche kunnen nemen zonder dat er een plens koud doorheen
komt, elke douchebeurt weer, meerdere keren, juich ik onderhoud toe.
Jammer alleen dat dat onderhoud niet leidt tot het betrouwbaarder maken
van het systeem. Maar soit, die prijsverhogingen moeten ergens vandaan
komen.
Dat geplande onderhoud zou plaats vinden op 2 mei. Tussen 0900
en 1800 uur. Vattenfall schreef verder dat ze begrijpt hoe vervelend
dit soort zaken zijn, en daarom geven ze ruim van te voren aan dat dat
onderhoud gaat plaats vinden.
Oke, ik ben misschien aan de
autistische kant, maar een dag van te voren aangeven dat je van plan
bent om het warme water af te sluiten, vind ik niet "ruim van te voren".
Sterker nog: dat vind ik schofterig laat. Zelfs als de post wat later
is, was de dagtekening nog niet gek veel eerder. Dus ik vind dat
Vattenfall de eerste 'L' in zijn naam maar moet vervangen door een 'a'.
Past beter.
Want op het moment dat ik ze hierover wil bellen, om
iets over 1500 uur in de middag, dus nog ruim binnen de algemeen
aanvaardde kantoortijden, krijg ik een kutbandje dat mij vertelt dat de
klantenservice (de wát?) gesloten is vanaf 1500 uur.
Dus, als je een
normale baan hebt, heb je dikke vette pech, en kun je nooit (om welke
reden dan ook) nog in contact komen met Vattenfaal, want dan zijn ze
niet bereikbaar. Ervaar maar lekker overlast van ons onderhoud (het
heeft in mijn optiek nooit geleid tot verbetering) en bereikbaar zijn we
niet, tenzij je niet betaalt, dan zijn we ineens heel erg goed
bereikbaar.
Maar goed, aan de andere kant: heel veel keuze hebben we
niet. Die bedrijven zijn allemaal lood om oud ijzer, de ene
klantonvriendelijkeservice nog erger dan de ander.
Maar ik moet
zeggen: het idee van een elektro-boiler, een warmtepomp en een
accupakket voor de zonnepanelen begint wel steeds aantrekkelijker te
worden. Dan hoef ik nergens meer voor afhankelijk te zijn van Vattenfaal
en zijn sneue praktijken.
Wederom een 4 mei.
Volgens hoogleraar "rechtswetenschap" meneer J. Brouwer, mag de gemeente Amsterdam geen demonstratieverbod instellen op die dag (en meer specifiek, rond de tijd dat de herdenking aanvangt). Want dat zou indruisen tegen het recht op vrijheid van meningsuiting en het verbod op censuur. Het zou volgens deze meneer Brouwer tegen de grondwet indruisen.
Oke, goed.
Laat het demonstratieverbod indruisen tegen de grondwet. Parkeer die gedachte maar even.
Hoe diep ben je gezonken als je uberhaupt een verbod tot demonstreren moet uitvaardigen (en dus krijgen!!!) tijdens een moment waarop je herdenkt dat je de vrijheid terugkreeg om te demonstreren?
Kunnen die eventuele demonstranten zelf niet verzinnen dat we op dat moment de mensen herdenken die ervoor zorgden dat zij nu wel het recht hebben om te demonstreren? Een tenenkrommende ironie, waar ik persoonlijk nogal geweldadige anti-grondwettelijke verlangens bij krijg. Waar je ook voor of tegen meent te moeten demonstreren: doe het even op een ander moment. En herdenk even in dankbaarheid dat er mensen waren die voor jou dat recht terug haalden, vaak met hun eigen dood of verminking tot gevolg. Heb gewoon even het fatsoen om je te realiseren dat je ook even je bek kan houden tijdens dit soort plechtigheden. En daarna mag je weer gewoon demonstreren. Het is namelijk niet ALTIJD verboden. Maar wel op dat moment. Op dat moment gaat fatsoen en een beetje ingetogenheid vóór een recht van demonstratie. Absoluut. Dus meneer Brouwer moest zich naast de "rechtswetenschap" maar eens bezig gaan houden met wat fatsoen. Wat normen en waarden. Kan vast geen kwaad.
Wederom ook een 4 mei waarbij ik mezelf eraan moet herinneren dat ik rustig aan kan doen, want ik hoef niet meer. Ik hoef geen eresignalen meer te spelen. Sterker nog: ik rij gewoon mijn rondjes op het platform (en ja: om 2000 uur staat mijn bus stil en hou ik mijn bek. Hulde voor Schiphol, dat daar dus absoluut rekening mee houdt).
Ik heb overigens geprobeerd om te blijven bijdragen aan 4 mei. Na mijn ontslag bij defensie nam ik contact op met de plaatselijke veteranenvereniging met de mededeling wie ik ben, wat ik kan en dat ik mijn tijd met veel plezier ter beschikking zou stellen voor bijeenkomsten en herdenkingen.
De betreffende veteranenverenigingbons was enthousiast, maar na een paar uitwisselingen bleef het stil. Ze zullen iemand anders hebben. Of gewoon geen behoefte aan mij. Even goede vrienden, het is graag of niet en ik ga niet lopen bidden en smeken.
Maar de sfeer rondom herdenkingsdag is wel gebleven.
Ik hoef dan weliswaar geen signaal meer te spuiten, herdenken doe ik bij voorkeur wel. Of eigenlijk meer "overdenken".
Het is niet de eerste keer dat ik mijn gedachten over vrijheid hier neerzet. Het is blijkbaar na 13 jaar defensie een diep deel van me geworden. Ik begin me wel af te vragen of het zin heeft om dit nog vaker te doen. Een deel van mijn lezers zal het met me eens zijn (terecht, want ik heb gewoon gelijk) en een deel niet (onbegrijpelijk, maar goed, dat is deel van dat recht).
Dit alles maar weer geschreven hebbende, wens ik eenieder een goed weekend toe. Ik mag weer twee dagen werken, voor ik wederom mag genieten van anti-kapitalistisch een dagje extra vrij. Maak er een mooie herdenkingsdag van, en een leuke bevrijdingsdag.
vrijdag 26 april 2024
Een weekje niet zo vrij.
Oeps. Excuses. Een weekje overgeslagen. Maar goed, als je niks te zeggen hebt, is het misschien ook wel goed om niks te zeggen. Ik had zelfs geen inspiratie voor oeverloos, doelloos geouwehoer. Dat is wel voor het eerst in tijden, moet ik zeggen. Ik was en ben bezig met allemaal grote en kleine dingen, die op moment van (niet) schrijven nog niet echt tot grote en kleine veranderingen hebben geleid, dus ach, een weekje pauze is misschien niet eens heel erg. Maar voor de die-hard fan: excuses, ik ga niet eens proberen om mijn leven te beteren.
Ik ga (tegen wil, en zonder dank) iets vertellen over mijn betere helft.
Mijn Ilse.
Zij is een van de meer creatieve mensen, die ook nog eens beschikt over een portie doorzettingsvermogen die alle milde en vriendelijke cynisten vaak met de bek vol tanden doet staan, omdat dat wat ze in haar knappe blonde koppie haalt, ook daadwerkelijk tot een einde weet te brengen. (Ik laat het woordje "goed" even weg omdat ik dat in het midden wil laten).
Al maanden word ik doodgegooid met advertenties van auto's die campers kunnen worden. Advertenties voor vouwcaravans. En filmpjes van mensen die allerlei onwaarschijnlijke autootjes ombouwen tot al dan niet luxe en volwaardige kampeermiddelen.
Heel knap allemaal.
Dat wilde zij ook wel.
Met haar Fiat Panda.
En ja, dat werkte enigszins op mijn lachspieren. Ik zag het werkelijk niet voor me. Waarom zou je jezelf een opgevouwen, verfrommelde slaaphouding willen aandoen, terwijl we een grote tent hebben, waarin we lekker liggen te slapen op zeer comfortabele matrassen.
Maar het was ook niet de bedoeling om er full-size mee op vakantie te gaan, maar meer voor korte tripjes. Voor haar en eventueel het kind.
De twinkeling in mijn ogen was een mix van spot en ongeloof, maar ook aanmoediging. Ga ervoor. Laat mij niet in de weg staan.
En dat deed ze.
Voortvarend ging ze aan de slag. Meten. Rekenen. Tripjes naar de gamma en de praxis. Zaagje hier, zaagje daar. Plankje recht, plankje wat minder recht. Steuntje zus en steuntje zo.
Telkens kwam ze vol trots haar vorderingen en nieuwe ideetjes laten zien en sparren of het haalbaar was.
Mijn aanvankelijke goed- en aanmoedigend bedoelde spot werd allengs meer doorspekt met respect. Want verdomd: haar ideëen werden steeds realistischer en passender uitgevoerd. Tot het punt dat er inderdaad (zij het opgevouwen, maar toch) een goeie slaapplek werd gerealiseerd. Ik geef het je te doen.
Paar stukken spaanplaat en doorzettingsvermogen, en je kunt op de meest ongure plekken in een afgesloten panda overnachten.
Daar bleef het niet bij.
Voor de hoge nood wist zij met gebruikmaking van een los brilletje, biologisch afbreekbare zakjes en zaagsel een biologisch afbreekbaar toiletje te maken, zodat ze niet buiten haar (grote) behoefte hoeft te doen.
Dat wordt wat mij betreft heel erg hoge nood, en eigenlijk ook alleen maar als Adolf Poetin de bom op Europa laat vallen. Want het risico op mispoepen is levensgroot aanwezig. En ondanks het feit dat ik alle vertrouwen heb in mijn allerliefste, heb ik dat niet in de stabiliteit van haar lichaam. En mijn misschien wel verziekte ziel maakt overuren met beelden over totaal bedorven auto-interieurs.
Dit nog los van de geur die dit oplevert, die je van zijn levensdagen niet meer uit de bekleding van die arme onschuldige panda krijgt. Dan durf ik dat autootje van zijn levensdagen niet meer naar de garage te brengen voor een simpele beurt. Die arme jongens komen niet meer bij.
Maar ze flikt het wel. Tegen mijn ongeloof in. Tegen beter weten misschien ook wel in. Ze bedenkt het, maakt het. Is het mooi? Nee, mijns inziens niet. Maar wel functioneel en behoorlijk creatief. En dat met dat intens krakkemikkige lijf van haar, dat als het een auto was, ik het naar de sloop had gebracht.
En niet alleen dat. Ik werk gewoon 40 uur in de week, en los van haar camperproject houdt ze het huis aan kant, zorgt ze voor eten op tafel en dat ons kind niet in alle sloten tegelijk banjert.
Van de week moest ik een onchristelijk vroege dienst rijden. De zogeheten ochtendpendel. Van 0500 uur tot 0700 uur ongeveer 666 keer hetzelfde rondje. Ik vind het op zich geen vervelend ding om te doen. Je zit lekker warm en lekker droog. Radiootje aan en gaan.
Zoals altijd ben ik ruim op tijd om mijn bus in te stellen. Stoel achterover. Spiegels goed. Portofoon aan, boordcomputer aan, verwarming op standje "crematorium" want het duurt lang om 12x2,5 op te warmen.
Dan pak ik koffie, ik klets wat met de collega die op reserve staat, en dan rij ik naar het beginpunt.
Charly Lownoise en Mental Theo knallen uit mijn radio, want de DAB staat op Qmusic '90's. En net als ik tevreden bedenk dat de dag niet beter kan beginnen (los van het onchristelijke tijdstip dat ik mijn warme nest moest verlaten) komt de eerste passagier voor mijn pendel binnen gestapt.
Een meisje van in de 20.
Blonde haren die alle kanten op staan, omdat het grootste deel haar poging tot het maken van een paardenstaart heeft weten te omzeilen. Make-up blijkbaar aangebracht terwijl ze nog half slapend onder de douche stond, en haar tas half open omdat de beveiliging soms onbehoorlijk streng kan zijn.
Dat nam niet weg dat ze een oogverblindende lach tevoorschijn toverde en mij (ik kan oprecht niet stellen dat ik er op die tijd beter uitzie) een heel erg vrolijk "goodmorning!!!!" toe schalde.
Dat zijn wel de leukste passagiers. Die gewoon lekker ongecompliceerd zichzelf zijn, en zich geen zorgen maken over trivialiteiten. Maar gewoon lekker vrolijk iedereen een goeiemorgen toeblaffen, hoe vroeg het ook is.
En dan ineens, 'out of the blue', is onze tv kapot. Jarenlange trouwe dienst en plotseling is de mentaliteit van het ding het raam uit. Bekijk het maar. Meer figuurlijk dan letterlijk, want met een kapotte televisie valt er weinig televisie te kijken.
Het begon ermee dat onze TV spontaan besloot om uit te schakelen.
Zomaar. Eerst bij gebruik van het tv-kastje, maar later bij alle opties
die erop aan gesloten waren. We hadden eerst het idee dat er iemand met een universele afstandbediening ons zat te trollen. Maar dat bleek niet zo te zijn. Tja, de tijd dat je dit soort goederen voor de rest van je leven in je uitzet koopt, is natuurlijk wel lang en breed voorbij.
En dan is zo'n grote tv best wel een lelijke, zwarte onderbreking van je woonkamer. Dus exit tv.
Nu keek ik al weinig tv. Ik vind er over het algemeen geen flikker aan, de mensen die door die beeldbuis mijn huiskamer in worden geduwd, als zijnde "celebreties" (of "sterren" op zijn Nederlands), vind ik serieus niet om aan te gluren zo oninteressant. Ze verspillen over het algemeen een hoop zuurstof en energie om daar dingen mee te doen of te zeggen waar iedereen met een heel klein beetje verstand plaatsvervangend rood wordt van schaamte.
Het nieuws volg ik via de NOS app of NU.nl en voor de rest...
We hebben een hele stapel DVD's die we nog wel eens afspeelden, maar wat dat betreft: komt tijd komt raad.
Van onze schoonouders hebben we een flinke monitor te leen, zodat we dvd's kunnen kijken, en voor Jente wat dingetjes die zij leuk vindt en het jeugdjournaal.
En dan toch (wederom tegen wil en dank) eens kijken naar een geschikte vervanger.
Ik wil vooral geen hele grote TV. Dat is in ons kleine huiskamertje echt onzinnig. Ik wil niet dat het ding de blikvanger gaat zijn, daar waar we zulke prachtige en fijne stoelen en tafel hebben. Dus een kleine tv. De zoektocht levert een heel scala aan vooral heel erg grote TV's op. Ik denk dat de fabrikanten hun producten te zeer overschatten, want mensen zullen in de toekomst steeds kleiner gaan wonen. Dus waar je dan zo'n half bioscoopscherm nog kwijt moet, Joost mag het weten.
De kleine tv's zijn per saldo eigenlijk schofterig duur en tot mijn grote verbazing het minst energiezuinig. Vind ik gek. Een grote tv zou veel meer stroom moeten verbruiken, om dat hele voetbalveld belicht en in beweging te krijgen, maar blijkbaar is een kleine tv onzuinger. Niet dat me dat zorgen baart, want we hebben zonnepanelen.
Volgens de consumentenbond zijn kleine tv's kwalitatief ook matiger dan grote tv's. Nu geloof ik niet alles wat de consumentenbond zegt, maar ook dat zou een raar teken aan de wand zijn. Alsof fabrikanten alleen voor grote tv's hun best doen om kwalitatief wat goeds te leveren.
Dus voorlopig tv loos, en dat betekent dat ik het contract bij odido kan stopzetten. Huppaaaa besparing in de pocket, met dank aan een overleden Samsung.
Dit alles maar weer geschreven hebbende, wens ik eenieder een mooi weekend toe. Ik moet nog een dag of 4 en dan heb ik ook weer een paar daagjes vrij.
zaterdag 13 april 2024
Stoelen, mieren, oorlog en gekwek
Onze nieuwe stoelen zijn gearriveerd. Dat is een paar weken eerder dan de beloofde leveringsdatum, en daar kunnen heel wat grotere bedrijven dan "de Bommel meubelen" wat van leren.
En ze zijn prachtig. Ze zitten heerlijk.
Als je eenmaal zit, want dat is wennen, en tot op het moment van schrijven nog geen vanzelfsprekend veilige manoeuvre.
Ze werden geleverd om 0730 uur, en op dat moment lag ik nog te snurken.
Kom ik beneden, met een slaapdronken kop, wil neerploffen op een van de nieuwe stoelen, en ik eindig in de keuken.
Niet omdat ik naast de stoel ben gaan zitten, en achterwaarts salto'end richting vaatwasser en oven kukel. Ook niet omdat die stoel in de keuken stond, toen ik mijn omvangrijke achterste erop wilde neervleien. Nee, niets van dat al, maar simpelweg omdat ik niet bedacht was (en ben, en voorlopig zal zijn) op het feit dat er (erg soepel rollende) wieltjes onder zitten.
Bij een normale stoel, ga je zitten. Je denkt er niet over na. Je ploft neer en je gaat zitten doen wat je voornemens was te gaan doen.
Maar Ilse wilde dolgraag wieltjes onder de eettafelstoelen, want dat zou zo leuk zijn.
Ja, maar als ik aan tafel wil gaan zitten, en mijn stoel lanceert me richting keuken, terwijl ik een blog wil gaan typen aan de eettafel, dan heb ik daar toch zo mijn mening over.
Ons huis is nu ook weer niet zo klein dat ik zittend in de keuken bij de laptop op de eettafel kan. Noch heb ik armen die zo lang zijn dat ik dat voor elkaar zou krijgen.
Die wieltjes zijn zó enorm soepel dat ik bij elke beweging die ik maak, mezelf minimaal een centimeter of 2 van mijn oorspronkelijk geplande zitplaats beweeg.
En dan maak ik nog niet eens een beweging die tot doel had om me te verplaatsen in welke richting dan ook.
En als ik er dan in geslaagd ben om te gaan zitten, zonder dat ik via de gang, door de voordeur in de tuin ben beland, en ik heb de euvele moed om iets te verzitten, dan sta ik alsnog halverwege omdat die wieltjes nu eenmaal extreem soepel rollen.
Kortom: wennen.
En dan slaat mijn middelbare leeftijd me weer tussen mijn ogen, want ik ben het soort mens dat niet zonder geluid te maken gaat zitten, of opstaat.
Bij elke beweging van die stoel moet ik mezelf dus ook weer terug bewegen. Ik blijf geluid maken zo.
Maar zonder gekheid: de stoelen zitten wel serieus erg lekker. Lekker dikke zitvlakken. Lekker dikke rugleuningen. Zacht met veel ondersteuning.
Ja, daar kan ik wel 10 jaar op zitten.
En ze passen ook mooi bij onze nieuwe eettafel, hoewel ik persoonlijk, nu ik wat kritischer kijk, denk dat de tafel eigenlijk 10 centimeter te klein is. Of de stoelen 2,5 centimeter per stuk te groot. Maar dat zijn details. En aangezien ik niet op alle vlakken een kniesoor ben, ga ik daar gewoon wat minder op letten. Kan ook niet, want als ik wil gaan zitten, land ik toch te ver van het doel af om er last van te hebben.
De late diensten zitten er weer op, volgende week weer een poosje vroege diensten.
Ik kan nu al voorspellen wat er gaat gebeuren: ik geniet op dit moment eventjes van het feit dat ik alleen thuis ben, want mijn meiden zijn uit kamperen (niet ver weg, maar gewoon in de tuin bij opa en oma). Maar zondagavond is het vroeg te bed gaan, want ik moet er vroeg uit.
En ik gok er zomaar op dat mijn lijf minder snel als mijn verstand in de "vroege modus" gaat.
Dus dat ik om 2100 uur in bed stap, vol goede moed om een verantwoorde nachtrust te hebben. Om 2110 uur dommel ik in, om 2140 ben ik klaar wakker en stommel inwendig vloekend op die uitblijvende slaap naar beneden. Daar rook ik nog maar eens een peuk. Uiteindelijk stijg ik op naar de slaapkamer, omdat mijn lichaam zich (daartoe aangemoedigd door mijn mekkerende ziel) realiseert dat het om 0400 uur echt tijd is om op te staan, en dus val ik, nog steeds binnensmonds mekkerend, toch in slaap. Wetende ook dat het er blijkbaar bijhoort, en dat dit elke keer weer gebeurt, en ik het elke keer toch weer voor elkaar krijg om van vermoeidheid geen totaal bezopen dingen uit te spoken op dat platform.
De afgelopen week gebeurde er weinig opzienbarends. Anders dan dat een chauffeur besloot dat het een goed idee was om een passagier over het radio-kanaal te laten vertellen waar een vergeten koffer zou moeten staan.
Dat ging zo: "Regie, een passagier is een koffer vergeten, ergens bij de gate. Hier komt ze"
Dat leidde tot nogal wat verbazing en wrevel, aangezien het radio-kanaal uitsluitend bedoeld is voor mededelingen die verband houden met ons werk, en absoluut niet door derden gebruikt dient te worden. Los van het feit dat het een absolute inbreuk op de portodiscipline is, is het alleen maar verwarrend als iemand anders, in een vreemde taal, compleet niet ervaren met het gebruik van een porto en hoe je daarover dient te communiceren, ineens begint te rebbelen over zaken die ons in wezen niet aan gaan. Plus het feit dat je op die manier het kanaal verstopt en eventueel dringende berichten, hulpvragen of calamiteiten niet meer door komen.
Tuurlijk, je kunt als chauffeur zelf even kort met de regie overleggen, maar uiteindelijk is (vergeten) bagage niet ons werk, niet onze verantwoordelijkheid.
En achteraf, nadat de wrevel wat was weggetrokken, konden we er ook wel om grijnzen. Ik vooral ook omdat ik op het moment dat het gebeurde, zicht had op de toren, waar onze regie zich bevindt. En toen dit allemaal over de radio galmde, gevolgd door een nogal pijnlijke stilte, kon ik een enorme wolk vol met vraagtekens en onuitgesproken WTF's??!!??!!! om de toren zien drijven. Uiteraard is de betreffende chauffeur (nogmaals, want tijdens je opleiding leer je dat als het goed is, ook) op de hoogte gebracht over de mores en merites op het kanaal.
Weekend dus.
Eventjes relaxen. Ik heb veel gelezen afgelopen week. Een boek van krijgshistoricus S. Ambrose, over Easy Company, 506 PIR. Wat me uit dat boek vooral is bijgebleven is een bevestiging van mijn beeld van en mening over goed leiderschap. Niet dat ik daar in mijn werk of privé veel mee te maken heb (ik ben ten slotte maar een chauffeur en huisvader) maar ik vind het indrukwekkende literatuur.
Dit valt niet geheel toevallig samen met het feit dat de periode van herdenkingen er weer aankomt. De ere-signalen, de stiltes en het volkslied voor mensen die voor onze vrijheid en veiligheid gewond raakten of stierven.
Persoonlijk was dat voor mij altijd de mooiste tijd van het jaar. Iets kunnen terugdoen. Ondanks dat veel van de veteranen uit die tijd inmiddels allemaal hun rust wel gevonden zullen hebben, vind ik het voor mezelf belangrijk om wel stil te staan bij het feit dat onze vrijheid, niet goedkoop was. En dat er nog steeds mensen rondlopen die op basis van wat er op het wereldtoneel gebeurde en gebeurt dingen doen die ik niet zelf kan. Dingen gedaan hebben, die wij niet zelf zouden hebben gekund.
Ik zal daar op later moment een wat diepgravender blogje over tikken. Want het raakt me nog steeds.
En deze periode is dan ook de periode waarin ik het meeste baal van mijn beslissing om nooit meer een trompet aan te raken, want in deze periode vond ik mezelf als trompettist het meest waardevol.
Ik zal hoe dan ook op 4 mei mijn bakkes even houden.
Zelf zijn we op heel kleine schaal, want het gaat niet verder dan huisnummertje 49, ook "in oorlog".
Op de een of andere manier en om de een of andere reden, heeft een mierenkolonie het onzalige plan opgevat om ons huis te bezetten.
Toevallig??? ging dat samen met het feit dat we wat planten in huis hebben gehaald om later, bij langduriger beter weer, definitief in de tuin te planten.
Of dat door die planten komt, weet ik niet, feit is wel dat ze hun aanwezigheid bekend maakten met het plaatsen van de potten.
Ik kan inmiddels niet meer voor de geest halen hoeveel stofzuigerzakken ik vol heb gezogen met die mieren. En het is op zich ook niet zo dat ze van de grond kunnen eten. Want die plavuizen van ons zijn zó schoon, dat ik vrees dat ik ze nooit meer smerig krijg. Er is simpelweg geen voer voor ze. Dat ligt buiten. Waarom ze binnenkomen? Geen flauw benul. Waar ze binnenkomen: ook niet. We hebben alles wel zo'n beetje dichtgekit. Ik verwijderde wat tegels in de tuin om te kijken of daar mierennesten zaten, maar nee. Ook niet.
Dus veel meer dan lagen nootmuskaat (houden ze niet van) strooien, en talrijke charges met de stofzuiger kunnen we vrees ik niet doen. In elk geval niet tot na het weekend als we een ondierenverdelger kunnen laten komen.
Die dan de rol van 506PIR kan gaan vertolken in ons eigen kleine drama.
Hoe dan ook: ik ga tussen het uitmoorden van mieren, verder genieten van mijn weekend, en dit geschreven hebbende, wens ik eenieder weer een beste toe.
vrijdag 5 april 2024
Kadoodjes
Ons huis kent een aantal rariteiten, en dit is los van de bewoners.
Wij kochten het met die rariteiten, met als insteek om er een aantal zo gaandeweg te veranderen en te vervangen. Een groot deel van die plannen is al omgezet in daden, en zoals dat wel vaker gaat bij (ons?) mensen, een heel deel ook niet.
Een van die dingen was de buitenlamp. Die deed het alleen als die er zin in had. Na vervanging voor wat anders, deed hij het, maar die vervanging was erg lastig. Het materiaal waarin die lamp vast gezet is namelijk geen hout of steen, maar een of andere composiet soort waarin het moeilijk is om te boren.
Een snelle oplossing leverde dan op zich wel een functionerende buitenlamp op, maar ook weer tijdelijk. En ook niet echt heel erg mooi.
Na verloop van tijd, gaf ook de vervangende lamp het op, en niet alleen dat: de montage ervan bleek dusdanig kneuzig dat er water in de lamp kwam.
En we weten allemaal dat water en elektriciteit geen heel erg denderende combinatie is.
Het leverde in elk geval heel wat keren een doorgeslagen stop op. En een hoop irritatie.
Het licht uit laten was de enige optie, en helaas kwam het nogal eens voor dat die knop per ongeluk toch aan getikt werd. En dan vloog de stop er weer uit.
Uiteindelijk was het Ilse die gewapend met wat krimpkous, een schroevendraaier en veel geduld de buitenlamp vakkundig heeft vervangen.
En kwalitatief dusdanig goed dat er geen water meer bij kan, en de stop dus niet hoeft door te slaan.
Wat een vakvrouw.
Het is wel zo dat ik thuis kwam, en in eerste instantie mijn eigen huis voorbij liep, omdat ik niet gewend was om zo'n enorme bak licht bij de voordeur te zien.
Op mijn werk kom ik vaak mensen tegen waarvan ik denk: "wat een cadeautje". Daar heb ik vaker over geschreven, en het is blijkbaar iets van terugkerende aard.
Een meneer die zijn hele levensverhaal stond te delen met de crew. Op zich snap ik dat, maar ik had een bus vol mensen die naar huis wilden. Of hun overstap moesten halen. En ze stopten daarboven maar niet met ouwehoeren. De mensen in mijn bus werden steeds rustelozer.
Uiteindelijk kwam de beste man naar beneden, en vroeg pompeus, bijna op zijn ouwe-jongens-krentenbroods, of hij nog mee mocht. Met een zo veel mogelijk van irritatie verholen "nou, hop maar", maande ik hem om op te schieten.
Zijn reactie, na alle wachten en naar alle wachtenden: "rustig maar". Mijn onderkaak viel los. De arrogantie was hemeltergend.
Ja, vriend, zeg dat maar tegen de mensen in de bus, die op jou hebben staan wachten. Volgende keer gaat zo'n klant maar met het crew-vervoer mee.
Ik heb blijkbaar ook dagen waarop mijn gezicht blijkbaar uitstraalt dat ik een praatpaal voor piloten ben.
De één na de ander die naar beneden kwam om eens gezellig met me te babbelen. En stiekem vind ik dat best gezellig. Zo vaak hebben ze die tijd niet, en het geeft mij de kans om wat meer te leren over de secundaire zaken waar piloten of crew mee te maken hebben. We lachen samen om de gekkigheidjes van de passagiers, of om de logica-vermorzelende omgeving die een luchthaven vaak is.
De passagier die ongewild mij een mind-fuck verkocht. Hij of zij stapte uit waar het moest, en verdween de terminal in.
Hij of zij verdween de terminal in, ik sloot de deuren van de terminal en maakte vlug een rondje door de bus. Op een van de stoelen zag ik iets liggen, en dacht er verder vrij weinig van.
Mensen laten wel vaker hun zooi liggen voor de eerlijke vinder.
Dat iets, bleek bij nadere inspectie een briefje van 200. Best veel, zo dacht ik met mijn Europese Euro gewende financiele inzicht.
Dus ik roep, zonder verder te kijken, de buscoördinator op met het verzoek om het geld proberen te herenigen met de sufferd die het in mijn bus achterliet.
De busco komt, en vouwt het briefje open. Het blijkt om 200 Tjechische kronen te gaan. We gaan omrekenen. 8 hele euro's, mensen. 8 euro. Tja. Het zijn alsnog niet mijn 8 hele Euro's, dus ik moet er verder vrij weinig mee.
Volgens de letters van de wet gehandeld, helemaal overtuigd van het bijschrijven van extra karma-punten voor de dag, blijkt het om één enkel, heel erg klein biertje op Schiphol te gaan. Met de busco besloten om dat immense bedrag in een van de donatie-tonnen te gooien die verspreid over Schiphol staan. Dan gaat het naar unicef of zo'n soort goed doel. Gebeurt er nog wat goeds mee.
Terug naar mijn eigen kadootje. En dat met nadruk op "doot" in dat woord.
Van de week waren we in gesprek over hoe we het huis zouden verdelen als we ooit tot echtscheiding zouden komen.
Neenee, serieuze plannen in die richting hebben we nog niet. Voorlopig gaat alles helemaal naar wens, en zou ik ondanks komend verhaal, toch niet zo snel van mijn kadootje af willen.
Tijdens dat gesprek bespraken we dat ik de bovenverdieping zou gaan bewonen, en Ilse de benedenverdieping. Of andersom. Met welk recht van welk overpad en welk recht van gebruik van welke tuin.
En tijdens die speelse onderhandelingen, nam ik een hap van mijn wasa.
(Dat zijn gortdroge crackers, die ik vanwege een soepele en gezonde stoelgang eet, en om geen enkele andere reden. Die dingen zijn zó gortdroog dat zelfs weggespoeld met een liter van het allernatste water niet kan voorkomen dat je mond stante pede in de sahara verandert).
Die hap nam de onhandige beslissing om een afslag te missen en zich vast te rollen in mijn luchtpijp.
Ik kreeg de gierende blafhoest die dik 5 minuten aanhield. Een van pure droogte verschrompelde luchtpijp, dat laatste beetje vocht dat ik nog in mijn lijf had, perste zich via mijn traanbuizen naar buiten en mijn neus ging spontaan dichtzitten om een opgewekte bijdrage te kunnen leveren aan mijn naderende ontmoeting met Satan.
Ondertussen hoorde ik Ilse in de verte dodelijk kalm informeren of ze misschien toch maar een klopje op mijn rug moest geven, of dat ze beter 112 kon bellen.
Vanwege die uit de klauwen escalerende gier-hoest kon ik haar niet toesnauwen dat als ze nog rustiger deed, ze die hele echtscheiding wel over kon slaan en het bellen van 112 ook, en dat ze dan blij de DELA op de hoogte kon brengen van het feit dat ik gestikt was in een Wasa.
Dat is toch wel een beetje doodsangst nummer 1. Stikken in een Wasa. Als je dan stikt in een overheerlijk sappige en malse biefstuk, of dat een verse oester zich van keelgat vergist, oke. Dan sterf je ten minste nog terwijl je van culinaire hoogtepunten geniet. Maar stikken in een Wasa.... De tering. Moet er niet aan denken.
Maar goed, ik heb het overleefd, en we zijn dus nog niet naar advocaten op zoek om ons huwelijk te laten ontbinden.
Inmiddels heb ik met dank aan collega P. een reanimatie-cursus mogen volgen, mét AED. Dus nu ben ik wederom gediplomeerd ribbenbreker en electrocuteur. Wat mij dit keer opviel, is dat er kleine verschillen in de uitvoering zitten. Waar ik vroeger leerde om de nek van het slachtoffer te ondersteunen bij de "kin-lift" moet ik nu het voorhoofd gebruiken om de "kin-lift" te ondersteunen.
Wat er in eerste instantie toe leidde dat ik heel erg het gevoel had dat mijn complete en niet bepaald geringe lichaamsgewicht op het hoofd van het zich toch al niet geweldig goed voelende slachtoffer rust. Heeft de arme man niet alleen een hartprobleem, mogelijk gebroken ribben door de ferm uitgevoerde hartmassage, maar ook een hersenkneuzing omdat ik zijn leven redde.
Maar het was een leerzame avond, en goed georganiseerd. En mijn kennis is weer eventjes up-to-date.
Dit geschreven hebbende, is het weekend weer begonnen. Ja, niet voor mij natuurlijk, want ik moet weer bij gaan dragen aan de economie, maar ik wens eenieder een goeie toe.
"het Eiland"
En dat was de vakantie alweer. En niet zo voor de hand liggende keuze, dit jaar. Want dit jaar gaat alles anders. Alles gaat anders, want...
-
11 jaar geleden, op 6 maart werd ik voor het eerst vader (dat wil zeggen: voor zover ik weet, er heeft zich nog niemand gemeld die vindt da...
-
Ik ben anders bedraad. Ja, dit staat er echt, en het is echt waar. De draden in mijn brein lopen net even anders, en hoewel ik dat met een...
-
Het doet gewoon pijn aan mijn oren. En net als ik denk dat grof fysiek geweld de enige uitweg is, wordt het zwart. Ik ben hersendood geklets...