Het was weer dat moment van de maand: ik toog naar onze oosterburen, omdat mijn tabak op was. Doe ik dat niet tijdig, verander ik in een soort van wilde kat, omdat ik humeurig raak vanwege het gebrek of de werkelijk onbarmhartige prijzen in het Nederland van D66.
De vorige keer dat ik naar Elten reed, deed ik dat op zijn zachtst gezegd slecht voorbereid, moest ik alsnog in het zicht van de goedkope benzine, dure benzine tanken, omdat ik langs allemaal snelwegen raasde.
En hier snap ik google maps echt totaal niet.
Deze keer gaf google maps een aantal opties richting Duitsland. Meer opties in elk geval dan de vorige keer.
Die route riep tal van herinneringen op: ze liep namelijk tot aan Apeldoorn gelijk met de route die ik altijd reed voor mijn werk bij de Lawaai Compagnie van de Blauwe Maffia. Groot deel over de Veluwe dus.
En nog steeds prachtig rijden daar.
In een flits zag ik op de teruggaande baan bij een pompstation dat de benzineprijs daar niet zo krankzinnig was, als in de stad, dus ik besloot om op de terugweg mijn tankje daar af te vullen.
Niet dat dat nu in Duitsland niet ook veel goedkoper is, maar het was simpelweg onzin om die paar liter in Duitsland te tanken, om dan bij terugkomst alsnog.... U snapt: ik had mijn auto de vorige keer te leeg gereden, deze keer niet leeg genoeg.
Aangekomen bij het "Tabaksdepot" leek het erop alsof de mensen me er inmiddels al kenden.
Ze kennen het type, dat is zeker. Maar ook de bezoekers. Uitsluitend Nederlanders. En we weten allemaal wat voor sloebers dat we zijn; het schept een band. Een vriendelijke knik links, een guitig praatje rechts. Het is er heel snel 'ouwe jongens, krentenbrood'.
Ik wilde dus terug via het door mij voorgenoemde tankstationnetje langs de N305, en vol verwachting opende ik Maps maar weer. Geen enkele optie werd genoemd. Daar waar ik op de heenweg dus 4 opties kreeg naar Elten toe, kreeg ik nu, naar huis, maar 1 optie.
Zoeken en swipen langs de route leverde me helemaal niks op, Maps wilde doodweg niet meewerken.
Daar kan ik me dan met volle overgave compleet over verbazen. Waarom de fuck, krijg ik op de heenweg allemaal opties aangereikt, maar op de terugweg niet? Mijn verbazing grenst dan ook wel aan enige frustratie.
Uiteindelijk besloot ik om dan maar via google te zoeken op tankstations langs de N305, en eenmaal gevonden, die in Maps in te voeren.
Ik vind dat volstrekte onzin, maar blijkbaar moet het zo omslachtig.
Overigens: mocht ik ooit wat meer tijd hebben, ga ik met moeder de vrouw langs, want het is los van de goedkope tabak, een hele mooie regio, geloof ik.
Ik ben dus nu definitief overgestapt op 'matching'. Dat is een in het OV veel besproken, en niet eens negatief ervaren planningstool, waarbij ik als chauffeur zelf kan aangeven welke dagen ik vrij wil zijn.
Mijn argumenten om mijn 'fantastische' werkrooster achter me te laten, was vooral het feit dat ik een beetje lauw werd van 6 weekenden achter elkaar werken. En ja: dat leverde me weliswaar 5 vrije dagen op rij op, welke ik met het inschieten van 3 snipperdagen eenvoudig tot 11 dagen kon verlengen, maar dat haalde niet weg dat ik maar 1 weekend per 7 weken thuis was.
Na die rampzalige 40 urige werkweek, die me compleet door de strontmolen haalde, was het hoe dan ook enorm verkwikkend om maar 32 uur te werken, en dus relatief veel vrij te zijn.
Maar na een 3 tal jaren dit gedaan te hebben, begon dus het gebrek aan vrije weekenden me op te breken.
40 uur zag en zie ik niet zitten ,maar 36 uur was een prima compromis. Ik maak dan een beetje het verlies van weekend toeslag goed, en kan mezelf meer weekenden thuis geven.
Dat is althans de theorie.
Want ik zou 40 uur om 32 uur gaan werken. En dat om en om. Om en om.
Bij het invullen, bleek er al snel een bug te zitten in dat programma, waar wij (ik sprak een collega die tegen min of meer hetzelfde aanliep) nogal moedeloos van werden.
En niet alleen een per ongeluk'ke bug, maar ook een intentionele, die niemand die ook maar enigszins beschikt over iets dat lijkt op gezond verstand, zou hanteren: de week begint op zondag. Ja. Je plant dus op zondag. Totaal onoverzichtelijk, en tegen elke vorm van logica ingaand, aangezien de rest van de wereld de week ziet beginnen op maandag.
Een ander nadeel is dat wij in dat systeem alleen horizontaal kunnen plannen, en niet verticaal. Waardoor je dus eigenlijk de bejubelde flexibiliteit te niet doet.
En dan is het alsnog de vraag of ik krijg wat ik invulde. Want je vult dus in wat je wel en niet wil werken, dan gaat het systeem er een paar nachten over slapen, en dan krijg je je definitieve rooster.
Men streeft naar een 80% 'match' en dat zou neerkomen op twee dagen die niet overeen zouden komen. Ik ben dus heel erg benieuwd, of ik mezelf niet enorm enthousiast in mijn eigen voet heb staan schieten.
Op advies ben ik eens wat onderzoek gaan doen naar mijn eigen zielenheil. Er zijn namelijk best wel momenten dat ik denk:"Goh, ik lijk mijn moeder wel". En dat vaak op momenten die op zijn zachtst gezegd wat minder florissant zijn voor mij en (vooral) mijn omgeving.
Ik kan namelijk enorm kritisch zijn, en niet alleen tegenover mijn omgeving, maar vooral en weinig subtiel tegenover mezelf.
Dat onderzoek wordt ondersteund door een man die mogelijk meer dan ikzelf ADHD heeft.
En dat leidt niet alleen tot hilarische momenten der herkenning, maar ook tot de opmerking dat ik eens wat meer zelf-compassie moet hebben.
Meer accepteren dat ook ik grenzen heb, en dat dingen die ik doe nu eenmaal niet altijd 100% perfect zullen zijn. En mezelf dan niet meteen tot de grond toe afbranden, en zeker ook mijn omgeving niet. Maar vooral mezelf niet.
Zelfcompassie dus.
Ik schoot meteen in de verdediging. "Maar het is ook gewoon godvergeten tijdverspilling als ik een deur verf, die dan vervolgens godverdomme naar de godskolere gaat omdat die verf niet zo droog is, als me godverdegodver beloofd was, en als ik godverdetouwtyfus NIET met die hoerendeur tegen de muur was geschaafd dan was er veel minder godverdetouwteringse kutkrassen op die grafdeur geweest, en ik had dat allemaal moeten zien en voorkomen, en zelfs dat kan ik godverdesakkersekutzooi niet en...
Te midden van die tirade zag ik hoe de man me grijnzend aan zat te kijken, ik realiseerde me dat dit dus hét moment was dat een beetje zelfcompassie en acceptatie van het feit dat niet altijd alles in één keer goed zou kunnen gaan, wel op zijn plaats was.
Schaapachtig begon ik te grinniken. Het punt was gemaakt.
Maar ja. Dat is één moment.
Er was nog een moment. En nu kan ik er om grimlachen....
We hadden op verzoek van mijn enige echte eigen Ilse, de klapkar even verplaatst naar de parkeerplaats van ons domeintje.
Hier is meer ruimte om even te experimenteren met diverse voortenten, luifels en ruimte. Iets dat in de voortuin gewoon net niet (helemaal niet) past.
Dus dat ding uit de tuin geplukt, aangehaakt, en bij aankomst op de parking van de tuin, kwamen we er gniffelend achter dat wij beiden de sleutels waren vergeten. Dom en kut, want zonder sleutel kan het dak niet open, en kun je er geen voortent aan proberen.
Goed, Ilse was met de fiets, ik met de auto (klapkar achter een fiets, is echt geen doen), dus ik kon even heen en weer om die vermaledijde sleutels te halen.
Dat gedaan hebbende, gingen Ilse en haar moeder aan de probeer, om te constateren dat de voortent van mijn schoonouders op zich genomen wel zou kunnen, maar dat het eruit ziet alsof het geheel voorover op zijn smoel wil vallen.
Maar de luifel die wél bij zo'n paradiso past, bleek een wat kariger, maar betere optie te zijn.
Zo gezegd, zo gedaan.
Ondertussen was ik een paar dagen woest in de weer met de heg rondom ons domein. Die was veel en veel te hoog (en ook veel en veel te dik, maar dat maakt me nu de pis nog niet lauw) dus die moest ingekort worden.
Dat deden we met elektrische heggenscharen, elektrische kettingzagen, half botte kniptangen en veel geworstel.
De snoeisels: die moest ik in minimaal 15 keer naar de takkenstortplaats rollen. Zoveel kwam er af.
Ik was dus een paar dagen te zeer in de weer met professioneel heggen-worstelen, maar donderdag vond ik een gaatje om die klapkar weer terug naar ons huis te rijden.
Overal aan gedacht.
Ik had zelfs sleutels bij me.
Die sleutel was nodig omdat er een disselslot op zit.
Die sleutel, die paste niet. Die sleutel ging niet het gaatje in. Die GODVERGETEN KUTSLEUTEL.
Vloekend en tierend kwam ik thuis.
Ik was de sleutel vergeten, en zo brieste ik tegen Ilse nog wat fraais over het feit dat ik de verkeerde bos sleutels had.
Ik voelde me kortom: een heel klein beetje een sukkel.
Toen ik mijn hartje had gelucht, mijn buikje had gevuld met een bakkie koffie, ging Ilse mee om enerzijds te kijken of ik niet door de klapkar heen zou rijden bij poging 2, maar ook om haar gelijk (ik zou volgens haar de sleutel niet goed genoeg geprobeerd hebben, iets dat ik ten stelligste ontkende) te bewijzen.
Met een schmug-face keek ik toe, sardonisch blij verwachtend dat Ilse dat hoerenslot niet open zou krijgen.
Uiteraard kreeg ze het slot open.
Uiteraard.
Zelfcompassie dus...
Dat heeft wat tijd nodig.
Komt goed.
Nu lachen we erom.
En uiteindelijk is het Jente die ervan gaat profiteren, omdat ik minder mijn moeder ben op momenten dat ik dus wél in staat ben om aan zelfcompassie te doen.
Compassie.
Mijn schoonouders hebben dus ook zo'n domeintje, hemelsbreed een dikke 500 meter bij ons vandaan.
En ik ben er nog wel eens, op uitnodiging, of om een handje toe te steken.
Ook zij leven er in de lekkere rust, als Goden in Frankrijk.
Ik was daar, om even een bakje koffie te slobberen, wat gereedschap uit te wisselen en gezellig te kletsen.
Ons huisje heeft zo'n zonnescherm dat je met een slinger naar omlaag draait, zij hebben een heus frame met een mooi zeil erover.
Daarmee kweek je op het terras een lekker beschut plekje voor als je wel lekker buiten wil zitten, maar niet per se heel erg zit te popelen om nat te regenen.
Dat zeil hebben mijn schoonouders recent helemaal vernieuwd, in de hoop dat die strakker zou zijn, en dus minder water zou opvangen en zou doorzakken.
Dat leek me wel aardig gelukt te zijn. Het ziet er erg strak uit. En ik complimenteerde ze ermee.
De onderwerpen wisselden wat, en mijn schone moeder vroeg me of ik even het tentdoek aan wilde raken.
Ik miste de villeine glimlach op het gezicht van mijn schoonmoeder met kilometers. En mezelf heerlijk onbewust van de valse grap, duwde ik zachtjes tegen het tentzeil.
En kreeg dus een flinke kledder water op mijn smoel. Want blijkbaar was ook het nieuwe zeil niet geheel vrij van het opvangen van hemelwater.
Verbijsterd stond ik, druipend voor mijn daverend lachende schoonouders. Mijn ogen knipperend van de letterlijke en figuurlijke kouwe douche die ik ongewild kreeg.
Die Amerikanen zijn gek.
Dat wisten we uiteraard al, ze stemmen massaal op Trump, dus dat ze het verstandelijke vermogen van een 5-jarige niet halen, is evident.
Maar een jaar of 32 geleden, pleegde een 18 jarig meisje een moord. De achtergrond is me niet bekend, hoe toerekeningsvatbaar ze was, ook niet, maar het toendertijd zijnde kind werd veroordeeld tot de doodstraf.
Logisch zou zijn geweest, als je dan toch per se iemand dood wil hebben na een misdaad (ik ben er moreel heus niet op tegen, praktisch gezien wel, juist vanwege onder andere deze zaak), doe het dan meteen. En doe het goed.
Deze inmiddels dame, heeft vervolgens 32 jaar, verzorgd en wel in de gevangenis doorgebracht. Dat is duur. Dat is een enorme kostenpost. Veel duurder dan een simpele kogel, of een stroomstootje, zo hier en daar.
Nee, eerst moet zo'n mens maar eens 32 jaar op kosten van de belastingbetaler gedwongen uit haar neus zitten smikkelen.
Over inefficient gesproken...
Maar het heuglijke moment brak aan, en na 32 jaar neuspeuteren en wat juridisch gesoebat, kreeg de dame dan eindelijk haar spuitje.
Eind goed, al goed?
Niet helemaal.
Na niet minder dan 7 naalden, en 2 doses aan gif, bleek de fysieke wil om te leven onverminderd groot en de executie een totale martel- en afgang. Ook niet voor het eerst.
En nu komt het: de dader (welke nu dus in mijn ogen slachtoffer is van een compleet debiel systeem (het zijn en blijven verstandelijk gezien 5-jarigen) ligt in het ziekenhuis, waar men HAAR LEVEN PROBEERT TE REDDEN!.
Heb dan toch maar een klein beetje compassie en maak de klus af. Geef dat arme mens toch in vredesnaam een kogel.
Als het niet in- en intriest zou zijn, zou je hier toch om moeten lachen.
Wat een volk.
Gelukkig woon ik in een land dat er niet heel veel meer, maar wel een heel klein beetje meer beschaving op na houdt.
En dat maar weer aan het wereldwijdeweb te hebben toevertrouwd, moet ik toch weer eens doen alsof ik werk. Ik ga er het komende weekend voor de volle 68,7% tegenaan.
Ik wens eenieder een beste.
vrijdag 2 oktober 2026
Wekelijkse beslommeringen.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Wekelijkse beslommeringen.
Het was weer dat moment van de maand: ik toog naar onze oosterburen, omdat mijn tabak op was. Doe ik dat niet tijdig, verander ik in een so...
-
Het marsenboekje. Een lullig plastic ding, met hetzij marsen erin, hetzij koralen. Een beetje afhankelijk van het soort dienst dat we moeten...
-
11 jaar geleden, op 6 maart werd ik voor het eerst vader (dat wil zeggen: voor zover ik weet, er heeft zich nog niemand gemeld die vindt da...
-
Ik ben anders bedraad. Ja, dit staat er echt, en het is echt waar. De draden in mijn brein lopen net even anders, en hoewel ik dat met een...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten