donderdag 17 juli 2014

Bitterzoet....

Mijn moeder speelde harp. Want in een gegoede familie diende tenminste een iemand een muziekinstrument te bespelen. En voor de kleindochter van de Schout bij Nacht was alleen het duurste goed genoeg. Dus werd er een dure docent in de arm genomen, en een duur instrument gekocht. Een harp.
Niet dat mijn moeder daar iets in te melden had. Maar het was ook een manier voor haar om ten minste gedurende de lessen verlost te zijn van een totaal geschifte en kwaadaardige oma.
Ze bleek talent te hebben. En moest dus naar het conservatorium. Niet dat ze daar veel tegenin kon brengen.
Was ze een toptalent? Zeker niet. Ze moest het daarbij opnemen tegen een telg uit het Rieu geslacht.
Uiteindelijk trouwde ze, en de harp verdween naar de rand van haar leven.

Uiteindelijk maakte een gruwelijke gebeurtenis op een hooizolder een einde aan haar toch al ingekakte harpisten bestaan. Ze wilde er hulp verlenen aan omstanders die een zelfmoordenaar gevonden hadden. Een hooizolder is nu eenmaal geen plat oppervlak, maar gewoon een rijtje balken. Waar ze dus prompt naast stapte.
Dit in combinatie met een sluimerende reumatische aandoening, zorgde ervoor dat harpspelen definitief tot een einde kwam.

Maar gitaar, dat kon nog wel. En dus begon ze met gitaarles. En daarbij hoorde een goeie docent, en een mooie gitaar. En natuurlijk een mandoline orkest en een gitaartrio.

Tot vlak voor haar dood heeft mijn moeder met ijzeren volharding op die gitaar gespeeld. Tot het echt niet meer kon. En tot vlak voor haar dood haalde ze veel voldoening uit het spelen. Uit het samenspelen. Uit haar gitaar.

Na haar dood belandde de gitaar bij mij. Ik had geen flauw benul wat ik ermee moest. Ik speel geen gitaar, en wil dat ook niet. Aan trompet heb ik mijn handen (en mond) meer dan vol.
Wel verkopen, niet verkopen... Het was net als blaadjes van een bloem trekken.
De ene zei:"Niet verkopen. Al was het maar vanwege de emotionele waarde".  En daar was ik het stiekem ook wel mee eens.
De ander zei:"Wel verkopen, want van stilstaan worden gitaren niet beter". En daar was ik het stiekem ook wel mee eens.
De doorslag gaf uiteindelijk dat ik denk dat mijn moeder het zo gewild zou hebben. Verkoop hem aan iemand die er, net als zij, heel veel plezier en voldoening uit zou halen.

Aldus geschiedde. De gitaar is verkocht aan een man die er verguld mee is.
Ik had 2 serieus geinteresseerden. Meneer G. Uit het oosten van het land en meneer H. uit het westen van het land.
Meneer G. mailde dat hij wel wilde komen uitproberen, maar als hij het een fijn instrument vond, niet meer dan de vraagprijs wilde betalen.
Meneer H. mailde dat hij wilde komen kijken.
Dus twee afspraken gemaakt. Een voor deze middag, en een voor deze avond. Eerst meneer H. en deze avond meneer G.

Meneer H. kwam kijken, vond het instrument fijn en mooi en lief en bood me zijn geld aan.
Een harde deal met harde contanten. Dus ik ging akkoord.
Toen moest ik meneer G. bellen. Want hij hoefde niet meer vanuit het oosten van het land naar Tiel komen.
Dat bleek tegen het zere been. Want ik had moeten overleggen. Ik was onbeschoft. Zo diende men geen zaken te doen. Hij was witheet.
Tja, misschien had hij gelijk. Maar aan de andere kant: hij gaf mij geen garantie dat als ik hem liet proberen dat hij hem zou kopen. En dat ik dus wellicht geld zou laten lopen. Ergo: meneer is boos dat ik succes heb met een verkoop via marktplaats, en dat hij net achter het net viste. Hij zou marktplaats wel eens even inlichten en te-dit-en-te-dat.
Ik snap zijn teleurstelling ergens wel. Maar om nu zo overdreven te reageren.

Het uitproberen van de koper geschiedde overigens in alle rust, en met alle respect voor mij, en de gitaar. Het fijne was, dat zowel koper als ik bevlogen docenten zijn, en bevlogen muzikanten.
Maar stiekem is het ook wel triest om dat laatste stukje van mijn moeder te zien vertrekken. Ik weet dat de gitaar bij hem meer tot zijn recht komt, dan bij mij op zolder. (Waar het nog steeds lekt). En ik weet dat het iemand is met hart voor het instrument, die er zelf veel mee gaat spelen. Maar toch...

Bitterzoet voelt dat.


vrijdag 4 juli 2014

Een lans breken

In 2001 veroorzaakte Daniel Barenboim een controverse: hij dirigeerde namelijk in Israel muziek van Wagner. Wagner werd daar niet meer gespeeld, vanwege diens antisemitische overtuigingen.
Maar Barenboim trotseerde de kritiek, en stelde de mensen aldaar bloot aan de muziek van Wagner, die ondanks zijn droevige overtuigingen toch zulke prachtige muziek kon schrijven.

Hij brak dus met een verleden, en hij brak een lans voor prachtige muziek.

In Nederland brak een rechter met een traditie. Een lange traditie. Zwarte Piet. Want die zou discriminerend zijn.

Jammer dat ik als voorstander van Zwarte Piet zo veelvuldig te horen krijg dat hij beledigend is. Dat hij discriminerend is. Dat hij mensen kleineert. Jammer ook dat ik veelvuldig te horen krijg, dat we maar eens met een dubieuze (want riekend naar slavernij) traditie moeten breken.

Want, net als Barenboim in Israel, hadden de klagers ook kunnen breken met dat (verder heel vervelende en nare) stukje van onze geschiedenis. Zeker omdat het niet bewijsbaar is dat Zwarte Piet een slaaf was, al dan niet vrijgekocht. De klagers hadden er ook een punt achter kunnen zetten. Want in tegenstelling tot de klagers: in Israel woonden en wonen heel veel nabestaanden en overlevenden van de holocaust van nog maar 70 jaar geleden. Maar de mensen die nu klagen, weten niet eens wat slavernij is.

Puur op basis van een mening (ja, ik vind Zwarte Piet geen discriminatie, omdat ik totaal geen verband wens te leggen met een neger) wordt dus nu een traditie de nek omgedraaid.

Jammer, want Nederland ligt al jarenlang op ramkoers met zijn cultuur. Met kunst. Met dat wat Nederland zijn identiteit geeft. Kunst en cultuur, al jarenlang wordt erop beknibbeld. En dit spelletje rondom Zwarte Piet, is daar een voorbeeld van.
Een klein groepje klagers heeft een mening, en een suffe rechter, die politiek zo correct is dat zijn toga er stijf van staat, geeft ze gelijk. Wéér een stukje Nederlandse identiteit veranderd.

Waarom moeten we toch altijd de klagers met de grootste bek gelijk geven? Waarom kunnen die mensen niet gewoon eens een schop onder hun kont krijgen? Niet zo zeuren, en door met het leven?

Waar ik overigens slecht tegen kan: het gemauw van Geert Wilders. Die loopt te blaten over onze cultuur. Geert Wilders vindt kunst een linkse hobby, die hij liever kwijt dan rijk is, maar als het over Zwarte Piet gaat, trekt hij ineens zijn muil open. Ik weet nu waar dat grijze haar vandaan komt: het is niet grijs, het is wittig, van de enorme berg boter die hij op zijn onsympathieke kop heeft.




maandag 30 juni 2014

Getrouwd zijn, veteranendag en voetbal.

Inmiddels ruim twee weken getrouwd, en de wittebroodsweken vallen me een beetje tegen. Het is degelijk, gezond bruinbrood wat de klok slaat. En verder gaat het leven.
Het getrouwd zijn, bevalt me opperbest. Ik moet nog heel erg wennen aan het feit dat ik nu 'mijn vrouw' moet zeggen. Het klinkt zo getrouwd....
Nu ben ik uiteraard Marnix, en dus kom ik er in de regel mee weg om te zeggen:"mijn mokkel". Maar ja, als getrouwd man dát zeggen, is toch ergens een beetje lomp. Kan dus best.

Ook Ilse moet nog wennen, maar voor haar heeft het ingrijpende gevolgen. Zo mag ze zich mevrouw Coster-van der Wal noemen. En dat gaat vaak goed. Soms stottert en haspelt ze wat, maar de boodschap is duidelijk: ze is getrouwd.

Verder zijn we nog steeds aan elkaar gewaagd.

De afgelopen week stond in het teken van veteranendag, en veteranen bijeenkomsten. Zo was er een bijeenkomst van een motorclub van veteranen. Dat was afgelopen vrijdag.
De aankomst van deze mannen was best wel indrukwekkend. Een man of 20 op diverse soorten motoren. Als ik niet beter wist, zou ik verwacht hebben dat het een motorbende was, die een charge uitvoerde op de kazerne.
De ceremonie zelf was kort, en ingetogen. Met een speech van een overste b.d. die op een gegeven moment even moest slikken om zijn emoties de baas te blijven.
Voor mij persoonlijk was het een aparte dienst. Ik moest gewoon netjes opstaan, en op het afgesproken moment het signaal taptoe spelen.
Maar ja.... Die dag, die vrijdag, was het de sterfdag van mijn moeder. En tijdens de speeches, en het stilstaan, ben ik vatbaar voor allerlei gedachten. (Ik denk dat elk mens dat wel heeft.)
Dus ook voor mij was het even slikken.
Bij het defileren van de veteranen, kreeg ik knikjes, glimlachen en een paar handen te schudden. Ze vonden het fijn. En dat is voor mij het grootste compliment.

En uiteraard veteranendag zelf. Onze positie in het defilé is goed. Achteraan, zodat we weinig last hebben van tussentijds stoppen met wandelen.
Jammer alleen dat we elk jaar weer ruim een half uur staan te neuspeuteren voor we van start kunnen. Maar verder is het een mooi gegeven, dat veteranendag.

Voetbal... Zoals wellicht bekend, ik heb er niks mee. En ik krijg het idee dat in de wijk waar ik woon, er weinig mensen iets mee hebben. Of, en die mogelijkheid kan ik niet uitsluiten, dat er in de wijk waar ik woon, hoofdzakelijk Polen wonen, die niks met het Nederlands elftal hebben. Want als er gescoord wordt, hoor ik hier geen gejuich. Alleen een weldaad van rust en stilte.
Als klein mannetje zat ik ook op voetbal. Verder dan de F-jes ben ik nooit gekomen. Het feit dat ik te vaak de bal in eigen doel prakte, omdat ik de spelregels niet snapte, zal daar debet aan zijn geweest. Of het feit dat ik de bal even vaak aan de tegenstander gaf, als aan een teamgenoot. Of dat ik, áls ik al eens rende, pardoes tegen de scheids opbotste.
De enige keren dat ons elftal won, was als ik met mijn geouwehoer de keeper van de tegenpartij zozeer afleidde, dat onze spitsjes konden scoren. Slechts éénmaal zat ik gevaarlijk dichtbij een doelpunt. Ik poeierde de bal, zo hard als ik kon, met al mijn kracht richting het doel. Het gezicht van de keeper zat in de weg. Gouden kans, jammer dat ik miste. Of eigenlijk: goed dat ik miste, want daarna bleek ons elftalletje in staat om de achterstand van 5 goals terug te brengen tot een gelijkspel.
Voetbal kijken thuis, was een amorfe ellende. Een pandemie van gekrijs, gevloek, geschreeuw en getier. Mijn moeder wist namelijk als een van de 17 miljoen coaches precies hoe het moest. En dit stak ze dan ook niet onder stoelen of banken.
De tv ging aan, en op het moment dat er voetbalstadion geluiden uit kwamen, sloop de hond achter de gordijnen. Doodsbang. Ik ging meestal maar op het toilet zitten. Of de zolder uitmesten. Of de kruipruimte onder het huis inspecteren.
Al gelijk na het startfluitje begon mijn moeder te balken en te schreeuwen. Toevallige passanten, en buren moeten maar al te vaak gedacht hebben dat er moorden gepleegd werden, en soms loerden ze stiekem naar binnen, in de hoop een totaal verwarde vrouw met een bloederig druipend mes of bijl te zien staan.
Af en toe, als het rustig leek te worden, kroop de hond vanachter het gordijn vandaan. Maar ja. Was hij net komen kijken, begon het krijsen weer, en wist het arme beest niet hoe snel hij weer achter de gordijnen moest komen.
En uiteraard moest ik daarna de straat weer op om dat arme beest zijn zenuwenplas te laten doen. Ik voelde de mensen naar me kijken. Me inspecteren op verwondingen...
Dus sinds ik op mezelf woon, kijk ik geen voetbal meer. Bevrijd van het gekrijs, kijk ik liever naar een stel totaal van de pot gerukte mongolen, die allemaal het bewijs leveren dat mensen te makkelijk rijinstructeur worden. Of dat de rijexamens te makkelijk zijn.
Ook heb ik gemerkt, dat als ik niet kijk (dit is bijgeloof, geloof ik) "ons" elftal blijkbaar wel in staat is te winnen. Nu, dan is het win-win. Ik kijk niet, en vermaak me met mongolen met een auto, en het Nederlands elftal wint. Prima deal.

Kleine kanttekening voor wat betreft  de merchandise: de WK-shirtjes die je krijgt bij een kratje Jupiler, komen in de maat Large. Ik heb ze aangepast. Maar Large? Ik weet niet wat ze in belgie onder large verstaan, of dat ze in belgie allemaal wat kleiner geschapen zijn dan in Nederland, maar mijn lijf is echt te groot voor dat shirtje.

Inmiddels bijna einde seizoen, en dan is het vakantietijd. ZIN AN!!!!




woensdag 25 juni 2014

Ik ga naar een concert en neem mee:.....


Het is al heel lang bekend dat stampende bas/drums het publiek tot ongekende hoogte kan opzwepen. In Afrika was dit zelfs een manier om een stam zover te krijgen, dat ze compleet in trance het volgende dorp uit gingen moorden en opvreten. Hier in Nederland spreken we er schande van dat mensen tijdens een avondje uit niet meer veilig zijn. Klopt, want voeg bij die stampende bas/drums een vrolijke cocktail van bier en pillen/poeders en het welbekende koppentrappen kan beginnen.

Sinds korte tijd is er vrij veel aandacht voor blijvende gehoorsbeschadiging bij concertbezoekers. Want te hoge volumes brengen het risico met zich mee dat concertbezoekers blijvend doof worden.
Men bedacht dus in alle wijsheid dat gehoorbescherming geen kwaad kan.

Ik ga naar een concert en neem mee...
Concertkaartje
Portemonnee
Oordoppen
Een stalen helm en korset ter verdediging van lijf en leden.

Maar wacht eens... Het aanschaffen van oordoppen kost het publiek andermaal geld. Dus wordt concertbezoek andermaal duurder, ten slotte wil men geen blijvend gehoorletsel oplopen. Gaat lekker zo. Is er dan niemand in de zaal die op het lumineuze idee kwam om gewoon de volume knop naar beneden te schuiven? Is dat serieus, met alle briljante techniek van tegenwoordig een gepasseerd station? Die harde geluiden maken mensen die mentaal al niet bijzonder sterk zijn, totaal onberekenbaar, en mensen die mentaal wel sterk zijn, krijgen gehoorbeschadiging. En toch... Dat volume blijft onverminderd hoog. Liever kopen we dan maar gehoorbescherming.

Ik heb niet heel veel tegen hardcore, hardstyle, trance en aanverwante muziek "Wo mann immer BUMBUM macht" (om een van de eerste Thunderdome platen te citeren). Sterker nog: ik vind het vaak wel lekker om te draaien. Maar ik wil toch eens een klein vergelijkje maken.

Het gemiddelde concertgebouwpubliek zie ik nog niet zo snel een lijntje leggen tussen deel 2 en 3 van Beethovens 6e Symfonie. En ik zie ze ook niet met meters bier sjouwen tijdens Mahler 3. Na afloop van een concert zie ik al die in keurige avondkledij gestoken heren en dames niet zo snel de dichtsbijzijnde zwerver aan stukken trappen. 
Ook zie ik ze niet hun met oorsmeer besmeurde oordoppen lospeuteren.
Want dat is allemaal niet nodig. Want mensen hebben gewoon naar muziek geluisterd.
Bij een concert in een concertgebouw is het de gewoonte dat het publiek zijn snuit houdt, want het orkest speelt.
Bij een concert van Brennan Heart KAN het publiek maar beter zijn snuit houden, want er is toch niemand meer die je verstaat. Het volume is oorvermoordend hard. En als je de verkeerde treft, die wat pillen, poeders en alcohol in zijn lijf heeft gepropt, verkeer je nog in levensgevaar ook.

Ik chargeer. Maar het idee dat je naar een concert gaat en oordoppen meeneemt, is van de zotte.
Het idee dat muziek oorvermoordend hard MOET, is werkelijk waar een gotspe.





maandag 16 juni 2014

Het niet gekregen ABCeetje.... Als dank aan iedereen.

A.
Van ABCeetje. Mijn vrienden luisterden (te) braaf (?) naar ons, en lieten het ABCeetje achterwege. Daarom doe ik het dus zelf maar. (Sinds wanneer luisteren mijn vrienden naar mij? Meestal doen die schattebouten precies dat wat juist is om mij te pesten).
B.
Bruidsboeket. Dat ding was zwaar. Gelukkig vond Ilse hem mooi. En gelukkig smeet ze hem niet over haar schouder. Ik zag in gedachten de ambulance al ten tonele verschijnen omdat een van de bruiloftsgasten neergeknuppeld was met die bos blommen.  De B, is ook van de bands. LSB experience, die zo waanzinnig mooi en intiem speelden in het stadhuis. Maar zeker ook de Band olv Niels, die in de avond allemaal te gekke dingen speelden.
C.
Chiel. Die zijn VW-bus en zichzelf ter beschikking stelde, om ons in stijl door Almere te rijden. Prachtige wagen. C is ook van Cindy. Een van de getuigen van Ilse. Dat kleine, vrolijke poppetje in het roze.
D.
Dankbaarheid. Al die vrienden die er samen met ons een hele gezellige dag en avond van kwamen maken.
E.
 Emoties. Want die waren er ook. Getuigen, ouders, en zelfs ondergetekende ontkwam er niet aan.
F. 
De F van Fotografe. Dat was een onwijs tof en vrolijk wijf, die ons heel veel keuze liet. F, ook van File, helaas waren enkele mensen door een file bij Amsterdam wat laat. F ook van familie, die in groten getale aanwezig waren. :)
G.
Getuigen. Daarvan waren er 4. Maar ook van Gesprekken met alle Gasten, pardon: vrienden.
H.
Huis. Het huis van Fokke en Mignon, vrijelijk ter beschikking gesteld aan ons. H, ook van horeca. De dames van de bediening ruimden af, spoelden af, en brachten diverse versnaperingen rond. Chapeau daarvoor.
I.
 Ilse de bruid. Het stralende middelpunt.
J.
Jammer, dat dit soort feesten maar 1 keer in je leven plaatsvinden. J ook van Jurk, die godzijdank niet roze was, maar wit. En wat was het mooi.
K.
Kus. Daar heb ik er de hele dag veel van in ontvangst mogen nemen.
L.
Lisan. Getuige van Ilse. Die ons in het stadhuis met rode ogen en natte wangen op stond te wachten. L ook van Lachen. Want dat deden we, in grote hoeveelheden. L van Liefde. Liefde voor elkaar, maar ook voor en van onze vrienden. De L ook van Loslaten. Kleine dingetjes niet meer oplossen, maar geLeefd worden. En het ondergaan en genieten.
M.
Michiel. Een van mijn getuigen. Die helaas zijn grapje met de ringen niet meer uit kon halen. M van Martijn die zomaar eventjes met de band begon mee te swingen, en daar hoge ogen mee scoorde. M van Moeders. De ene was er wel, de andere niet. De afwezige, zal vast wel goedkeurend neergekeken hebben op het geheel. M is ook van Muziek. Dat ons samenbracht, en vrijwel alle aanwezigen hadden iets met muziek te maken.
N.
Het was diep in de Nacht toen we bij het hotel aankwamen. We werden opgewacht door twee Nichten die daar hun trouwdag vierden. Door de samenstelling van hun gezin, was het echt duo penotti. De ene was een echte Neger, terwijl de ander zo blank was als een trouwjurk.
O.
Overdaad. Wat zijn we overdadig verwend. Alle cadeaus, alle kaarten, alle envelopjes. Maar vooral: alle gezelligheid, alle eten en drinken.
P.
Paul, andere getuige. De enige die overdag wakker genoeg was om ervoor te zorgen dat alles van de ene naar de andere locatie kwam. Een vent ook die met raad en daad wel raad weet.
Q. Daar kun je niks op verzinnen.
R.
Remouladesaus. Ik moest bij Sietse thuis afwachten op het moment dat ik Ilse ging halen. Omdat mij verboden was een verse haring met uitjes te eten, tijdens het wachten, werd het kibbeling met saus. Omdat ik knoflooksaus niet echt aanvaardbaar vond, werd het remouladesaus. R is ook van Rally, of Race. Beiden gaan niet door, maar de Roadtrip wel. En daar komen de meeste kado's weer zeer te pas. De R ook van Ringen. Spreekt voor zich, met dank aan Stan en Marie-Jose.
S.
Stadhuis. de trouwzaal had de kleuren roze en rood. De ambtenaar vertelde dat die kleuren iets met liefde te maken hadden. Persoonlijk vond ik het sterk op de inrichting van een wat beschaafdere versie van de YabYum lijken. Ook van suite. Omdat ondergetekende het bezopen vond om een suite in het hotel te nemen (we zijn er maar kort, dus genieten nauwelijks van alle luxe) boekten we een gewone kamer. Zuslief vond het leuker om ons te verrassen, en boekte onze kamer toch om naar een luxe suite. Was wel fijn. Verbijstering over de plaats van de badkuip blijft. Namelijk; als je dronken van feestvreugde, blijdschap en wat drank binnenkomt, loop je het risico op een onverwachte duik in een nog niet gevulde badkuip. S is ook van Speech. Die waren gelukkig kort, bondig en liefdevol.
T.
Tranen. Die bij sommige mensen ingehouden werden, en bij anderen rijkelijk vloeiden. T is ook van Type Twee. De volkswagenbus, die op mijn trouwpak een hopelijk niet blijvende indruk achterliet. Maar niet alleen op mijn trouwpak, maar ook in zijn algemeen. Een hele eer om daar achterin te mogen plaatsnemen.
U.
Uitdrukking. De uitdrukking op Ilse haar gezicht toen ik haar voor het eerst zag in trouwjurk. De uitdrukking op mijn gezicht toen ik haar voor het eerst zag in trouwjurk. Moet haast wel priceless zijn.
V.
Varken. Mijn enige echte wens voor mijn bruiloft was een varken aan het spit. Geheel geregeld door Aedse, die voor het hele buffet verantwoordelijk was. Een topper. Heerlijk gesmuld. De V ook van Vrienden. Die er voor het grootste deel allemaal waren. Toch niet onbelangrijk op een dag als deze. De V van vijver ook. Dat nu niemand daar in is gedonderd, past dan weer bij de J van Jammer.
W.
Weer. Het weer was goed. Niet te warm, wel droog. Prima te hebben.
X.
Is voor iedereen die ik nog niet heb genoemd, maar er wel was en bijgedragen heeft tot het slagen van de dag. Alle gasten, correctie: vrienden, die ons huwelijk tot grote hoogte heeft laten stijgen. Lees voor X ook een kus. X was ook het gebaar van Michiel toen hij als getuige wilde gaan tekenen...
Y. Of (Y).
Een dikke thumbs up naar iedereen. You can close your eyes. Het liedje dat ons samenbracht.
Z.
Zenuwen. Die had ik wel een beetje. Z, ook van zang, want dat deden Ilse, Laura en Fokke toch best verdienstelijk. Z, van zweven. De taxichauffeur die ons naar het hotel bracht kon niet zo lomp rijden, dat we dat heerlijke zwevende gevoel verloren.


maandag 9 juni 2014

Over een stropende hond, een ziekenhuis en een feestje

Als je meisje zo ziek wordt, dat ze in het ziekenhuis terecht komt, dan is dat niet zo leuk.
Want als je iets niet wil, is het je meisje zo ziek zien, dat ze in het ziekenhuis terecht komt.
En -hier komt een klein staaltje egoisme om de hoek zeilen- al helemaal niet op de dag dat ik toelating ga doen voor mijn masteropleiding in de muziek.
Dus ik moest de toch al aanwezig stress behappen, en ook nog eens de emotie onderdrukken die er ook bij kwam.

Maar ik kwam, speelde, en werd aangenomen! HOERA! Ik ga twee jaar tegemoet waarin ik ongeveer 32 uur per week speel, lesgeef en snabbel en waarin ik fulltime ga studeren. Daarnaast ben ik tegen die tijd een getrouwde man, met twee katten en een hond. Ik ga dus maar een agenda kopen die bestand is tegen een tijdgebrek. Een agenda die 30 uur in een etmaal propt in plaats van 24. Daarmee zou ik uit moeten komen.

Terug in het Tielse was er weinig gelegenheid tot het vieren van mijn nieuwe stap. Want ik moest voor de hond zorgen (die gelukkig prima alleen kan zijn) en ik moest naar het ziekenhuis.
Als ik de draaideur van het ziekenhuis doorga, onderga ik een hele nare sensatie. Naar achteren lopen, de lift naar de derde etage, en ik verwacht half en half een uitgeteerd mensje op een bed aan te treffen, dat niet meer kan lopen, en huilend tegen me zegt dat ze zo'n pijn heeft, en dat ze naar huis wil.
Die verwachting wordt niet waargemaakt. Het is iets met een te hoge bloedsuiker, en alle mogelijke complicaties. Het is geen kanker. Goddank wordt die verwachting niet waargemaakt. Maar dat strakke gevoel in mijn maag krijg ik maar niet ontspannen.
Dolblij ben ik als ze na 2 nachten weer wordt vrijgelaten. Ze is weer waar ze hoort. Bij mij. Thuis.

Gesproken over de hond...
Die houdt 's nachts hele strooptochten door het huis, waarbij ze niets ontziend tekeer gaat. Alles wat maar een beetje knaag- of eetbaar is, wordt meegenomen, en kapot geknaagd of opgegeten. Daarbij (ze past wel een beetje bij ons) gaat ze niet erg subtiel te werk. Heel soms ben ik het gestommel beneden zat, en stormrompel ik naar beneden. (Het stormen, omdat ik haast heb, en haar wil betrappen in flagrante delicto, het strompelen omdat ik in mijn haast meestal mijn bril niet opzet en dus niet kan zien waar ik loop).
Zo ook vrijdagnacht. Het gestommel werkte op mijn zenuwen, en ik vloog naar beneden om Noor in haar plaats uit te kafferen.
Terug in bed, bleek dat mijn kafferen aan dovehonds oren gericht was, want amper had ik mijn 2 oren op mijn kussen gedrapeerd, of de strooptocht ging gewoon verder. Het kreng.
Inmiddels het op mijn heupen hebbende, stormde ik woest naar beneden. Zonder bril, en zonder slippers.
En dat had ik beter wel kunnen doen.
Geschrokken van de vaart waarmee ik naar beneden denderde, liet Noor haar nieuwste vangst uit haar bek vallen, en ik ging erin staan.
Kattenpoep.
Uit de kattenbak.
Met mijn blote voet!!!!
Diverse heiligen en ook Noor moesten het ontgelden. Woest was ik. Scheldend en tierend flikkerde ik de in beslag genomen buit in de prullenbak en stampte ik naar boven om mijn besmeurde voet schoon te maken. Noor en Ilse beiden geschrokken door mijn woedebui beneden in volslagen stilte achterlatend.
Inmiddels heb ik een truckje: ik lijn de hond gewoon aan de salontafel. Werkt prima. Ze kan bij haar water, ze kan op haar plaats, en ze gaat niet meer als een ordinaire piraat door onze woonkamer.

Ik had aangegeven geen vrijgezellenfeest te blieven. Want om in een hazenpak het leidseplein en de wallen overgejaagd te worden, is nu eenmaal niet precies wat ik onder feest versta.
Maar mijn vrienden zijn niet voor 1 gat te vangen, en regelden precies dat wat ik wél leuk vind: een gezellige bijeenkomst met leuke lui, waarbij ik als vanouds allemaal bloedstollend lompe opmerkingen mocht maken. Paar biertjes (paar is een understatement) in het wit, een heerlijke kangaroo gegrild op mijn bord met gele rijst en wat groene slierten om er een tintje gezond aan te geven (een aanradertje, mensen: kangaroo is overheerlijk). En als toetje grootmoeders applepie. Lauw warm met vanillesaus en ijs. Dat was koren op de molen van een toch al melig groepje. American Pie deel 1 leek een logisch vervolg, maar dat hebben we uiteraard niet gedaan. De serveerster kon onze hilariteit toch al niet zo waarderen....
Het Neude was de ideale plaats om de avond met veel witbier en gefrituurde lekkernijen af te sluiten.
Helemaal af, dat feestje!

Nog maar een paar dagen en ik ben definitief geen ongetrouwde man meer.

Maar ook dat komt goed.




donderdag 22 mei 2014

Even bijpraten

Even bijpraten. Niet noodzakelijkerwijs in chronologische volgorde.

Zoals ik reeds eerder memoreerde: ik ben een bevlogen muziekdocent. (En iedereen die dat ook is, moet als de donder maken dat hij die facebookpagina met die titel de rug toekeert, want ene Nico weet daar de boel telkens weer te verzieken met zijn gegalbak).
 80% van mijn leerlingen zijn leuk, 5% wat minder en 15% geven net zoveel energie terug als je erin stopt.
Tot die laatste categorie reken ik ook de leerling over wie ik nu wil gaan schrijven.
Die leerling doet het super goed. Is een leuk karakter, werkt hard, gaat goed vooruit en heeft de ouders achter zich.
En net als 99% van de kinderen heeft ook deze leerling zo wat moeilijkheden. Soms komt het er wat moeilijker uit. En dan is het lastig om de juiste toonhoogte te vinden.
Wat er echter gebeurde toen de hoge noten eraan kwamen: van boven kwam met veel moeite de hoge noot, en van onder met veel minder moeite een hele diepe scheet. En niet een, maar twee.
...En bedankt...
Gelukkig was deze leerling zich van geen kwaad bewust, zo geconcentreerd als er gewerkt werd.
MIJN concentratie was echter totaal zoek, toen ik dat allemaal hoorde. En omdat de leerling er zich niet van bewust was, had ik best wel wat moeite om -zonder te lachen- uit te leggen hoe het beter kon. Gelukkig was ik nog steeds een beetje herstellende van een verkoudheidje, dus kon ik mijn hilariteit verbloemen met gehoest. Daar heb ik nu nog een rauwe keel van.

Nog anderhalve week en dan is het zover:
Dan ga ik toelating doen voor de master opleiding aan het conservatorium in Rotterdam.
Ik krijg regelmatig de vraag wat het voor meerwaarde heeft.
 Finishing the unfinished. Toen ik in Amsterdam mijn bachelor haalde, was ik er even klaar mee. Het vechten tegen de soms nodeloze dikdoenerige bureaucratie, het in de schoolbanken zitten om dingen te doen waarvan ik me oprecht afvroeg waarom. Maar ik ben 7 jaar ouder, rustiger, en ik ben eraan toe om die laatste twee jaar ook te doen. Kijken of ik het in me heb. Of ik het talent heb om mijn talent verder te ontplooien, en op zoek te gaan naar nieuwe manieren om mijn muziek tot leven te brengen. Met de docent die ik voor ogen heb, hoop ik op die manier lekker te kunnen gaan sparren over mijn muziek.
Nieuwe dingen ontdekken. Een betere speler worden. Een bredere speler worden, niet in fysieke zin, (want mijn lijf heeft al angstwekkend veel weg van een volromige edammer kaas) maar in muzikale zin. Ik wil er lessen jazz gaan volgen, lessen wereldmuziek, lessen management, lessen arrangeren, lessen Arabische muziek ....en op dit punt hoor ik de studieleider zeggen dat ik mezelf niet moet overvragen... Maar goed.
Ik heb al een heel concept in mijn hoofd over hoe mijn examen eruit moet zien. En welke musici en andere kunstenaars ik wil vragen om me te helpen.
En los daarvan: ik wil ook gewoon een beetje de praalhans uit kunnen hangen met mijn titel: Master of Music.

Hoe gaat mijn leven er dan uitzien?
Een parttime baan in loondienst, twee clubs waar ik lesgeef, snabbels om de spreekwoordelijke pindakaas op de boterham te smeren, een fulltime studie, twee katten, één hond en een echtgenote, die ook wel kinderen blieft. Mijn vrije tijd zal eruit zien als de hersens van Geert Wilders: als het er als is, zal het weinig gebruikt worden.

Over de katten gesproken:
We hebben inmiddels een vijvernet over de tuin gespannen. Niet omdat de vissen zouden willen ontsnappen, maar om de katten in de tuin te houden. Dat is prettig, want nu kan ik de katten naar buiten sturen zonder in constante angst te zitten dat ik ze de volgende ochtend over 5 meter uitgesmeerd op straat tegenkom.
Claus heeft een totale karakterverandering ondergaan. Sinds dat Noortje bij ons woont, en hij er dus niet meer onderuit kan dat hij onze aandacht moet delen met een kleine brutale dare-devil en een grote, lompe hond, is hij helemaal het heertje aan het worden.
Als Claus boos wordt, is zelfs onze vriendelijke, doch lompe Noor bang. Zó bang dat als Claus in de deuropening ligt, Noor er niet langs durft. Dat is wel vet stoer. Een kleine kater die zich de kaas niet van het brood laat eten. Noch door Colette, noch door Noor.

Ik ging naar mijn werk en ik nam mee....
Het was in elk geval niet mijn mondstuk.
Het was de eerste repetitie van de nieuwe taptoeshow voor taptoe Rotterdam. Ter ere van 200 jaar Koninkrijk. En zo.
En dus pakte ik in alle vroegte mijn spullen, en stapte opgewekt in Boris. (Ja, de Volvo heet Boris).
Het was weer ouderwets verdwalen. In een wat gare ijsschaatshal in Nijmegen werden we stap voor stap wegwijs gemaakt in de nieuwe show.
Dit ging in eerste instantie zonder instrumenten. Gewoon doen wat er op het papiertje staat, en wandelen maar. Soms oog in oog staan met een collega met angstig voorgevoel dat het niet erger mis moet gaan, of er gaan tanden en toeters verloren. Soms totaal alleen staan, terwijl je toch echt bij je sectie had moeten uitkomen. Of juist terecht komen in een totaal andere sectie dan de bedoeling was. Genieten dus!
Toen ik na de repetitie weer thuis kwam, en wilde oefenen voor mijn toelating, viel me pas op dat mijn mondstuk nog in mijn C trompet zat. Mijn eerste gedachte was niet eens over het feit dat dat zo was, maar meer: 'hee lekker makkelijk, ik hoef niet mijn koffer uit te mesten op zoek naar mijn mondstuk'. En als tweede: 'goh, maar goed dat we niet met instrumenten hebben gerepeteerd, want dan had ik er wel heel raar bij gelopen'.
En de derde: 'volgende keer beter opletten, want ik heb een duet met vriendje K, en om dan zo voor lul te staan is toch wel mijn eer te na'.

Ach, welke musicus is er als kind niet groot geworden met een ontbrekend facet van zijn instrument.
En het was me al jaren niet overkomen dat ik dergelijk belangrijke onderdelen vergat, dus statistisch gezien was het gewoon weer even noodzakelijk.
Ik kan er weer helemaal tegenaan.

Als afsluiter:

Mijn huwelijk....
Dat gaat door. De ringen zijn binnen, en ze zijn prachtvol geworden. Hoe mooi is het dat we nu in totaal 5 ringen hebben gekocht bij Stan en Marie-Jose, en toch slaakten ze wederom een zucht van verlichting toen we de ringen vol overgave mooi vonden.
Prachtig stel.
Het varken voor na de ceremonie wordt volgens mij, as we speak, uit de grazige weiden gesleurd, om volgens de regelen der kunst uitgebeend te worden, en de band bestaat uit toffe lui.
Hebben we meer nodig?
Nee, volgens mij niet. Vooral niet niezen als ik mijn ja-woord uitspreek. Dat lijkt me zo'n afgang...



Beestachtig.

 Eigenlijk is het best beestachtig.  Vroeger, in die duistere tijd van de middeleeuwen, werden mensen die niet helemaal voldeden aan het wer...