De Intertoys is failliet. En dat komt door eigen zeggen door de moorddadige concurrentie van het wereldwijde web.
Je moet als winkel dan ook serieus iets extra's bieden om (zeker de Nederlandse) klanten naar je toe te blijven halen. Anders is het lekker makkelijk en goedkoop om online datzelfde te kopen, maar dan een eurootje goedkoper.
Niet alleen een eurootje goedkoper, maar je wordt er ook niet lastig gevallen door kort-pittige-kapsels die in de weg lopen en hun vadsige ellebogen in je maag porren omdat ze erbij willen, afgrijselijke muzak die eigenlijk door het volume geen muzak meer mag heten, en te opdringerige, te luie of ronduit onbeschoft winkelpersoneel.
Ik doe er best wel aan mee.
Mijn schoenen koop ik online. De laatste keer dat ik een schoenenwinkel van binnen zag, is niet gek lang geleden, maar dat was voor Ilse.
Voor mezelf was dat veel langer geleden. Een winkel die op zich nog niet zo gek druk was, maar de verkoper was liever met zijn telefoon bezig, en ik zag zijn ogen nog net niet uit zijn kassen rollen van irritatie toen ik hem vroeg of hij het door mij begeerde paar wilde halen in mijn maat. De doos werd in mijn handen gedrukt, en zonder verdere interesse in mij, de schoenen of een verkoop, verdiepte het mannetje zich weer in zijn telefoon.
Ik zal je hebben, secreet.
Ik paste de schoenen aan, deed ze weer uit, en vroeg of hij toch een half maatje groter wilde.
En fin, nadat het etterbakje tot 3 keer toe zuchtend zijn telefoon weg moest leggen, ben ik maar vertrokken.
Dit was wel erg extreem, maar helaas niet exemplarisch binnen de schoenenbranche.
Winkels als van Haren, die als een soort van Lidl allemaal merkloze schoenen hebben staan, en waar je het als klant maar uit moet zoeken, kom ik ook liever niet. Als ik het dan toch maar zelf moet uitzoeken, en het personeel niet moet lastig vallen omdat ze te druk zijn met schappen vullen, koop ik het liever online. Dan heb ik ook geen last van mensen die exact daar moeten zijn waar ik ben, om wat voor reden dan ook.
Dus ja. Ik zie de voordelen van online je spullen kopen. Net zo goed als dat ik de nadelen zie.
Voor anderen, want mij doe je echt geen lol om op zaterdag naar het centrum van een stad te gaan, lopend over de hoofden van een mensenmassa met aan je ene hand een steeds zwaarder wordende tas met alle aanbiedingen van de week, en aan de andere hand een peuter die overal heen wil, behalve daarheen waar je echt naartoe moet, en dit middels trekken, zeuren en woedebuien kenbaar maakt.
Ik snap dus ook best dat elke fysieke winkel absoluut last heeft van internet. Ik zie ook dat veel winkels veel te laat hun eigen concurrentie zagen.
Dat je bij de blokker komt, en dan van de (verder heel lieve) winkeldame te horen krijgt dat ze het niet hebben, maar op hun website wel te bestellen is. Oef... Dan breng je je eigen winkel wel heel erg in gevaar.
Dat je bij de hema een agenda koopt die niet goed is, en ze er vervolgens niks meer voor je doen Je kunt barsten. Tja, dan heeft de concurrentie in de vorm van Bol.com gewonnen.
Enzovoort enzovoort.
Waar ik echter met mijn lompe, boerenverstand totaal niet bij kan, is dat je als klant een failliet verklaarde speelgoedwinkel inloopt, om de laatste restjes van het kadaver te plukken, tegen prijzen waar zelfs een online grutter in speelgoed niet tegenop kan. Of in elk geval in de hoop dat dat soort prijsjes er zijn. Dat op zich getuigt al van een (ergens best wel begrijpelijke) mentaliteit waar een volwassen aasgier jaloers op is.
Dat je vervolgens totaal alle gevoel voor realiteit, respect en decorum verliest als er een betaalsysteem plat ligt (geheel buiten de schuld van het personeel dat ook straks zonder baantje thuis zit) vind ik werkelijk te walgelijk voor woorden.
In Amstelveen moest het binnenkort ontslagen winkelpersoneel bedreigingen aanhoren, en handdoeken klaar leggen tegen van radeloze en redeloze woede spugende en verwensingen uitbrakende klanten.
Ik herhaal: in een speelgoedwinkel (dus daar waar er allemaal kinderspeeltjes verkocht worden) verloren ouders zozeer elk fatsoen dat ze gingen schelden en spugen. En in een speelgoedwinkel, lopen, het zal niemand verbazen, kinderen. Misschien zelfs wel hun eigen kinderen. Deze mensen hebben een overeenkomst met de intertoys: ze zijn failliet. Als je serieus vindt, dat je je zo kan gedragen, ben je mentaal compleet uitgehold, uitgewoond. Failliet.
Ik hoop dat de betreffende winkelier camera beelden heeft van deze werkelijk ranzige honden. En dat hij deze beelden aan de kinderbescherming geeft.
Want mensen die zo ongelooflijk weinig beheersing hebben, dat ze bij een beetje tegenslag het winkelpersoneel gaan bedreigen en bespugen, zijn mijns inziens niet capabel genoeg voor het leven in het algemeen, en zeker niet voor het opvoeden van kinderen in het bijzonder. Die ouders kunnen maar beter uit de ouderlijke macht ontzet worden. Misschien dat ze hun kinderen nog niet helemaal naar de verdommenis hebben geholpen.
En als dit plebs nog geen kinderen heeft, zou ik absoluut opteren voor een definitieve sterilisatie bij dit volk. Beter voorkomen dan genezen. We zitten ten slotte niet op nog meer kansenpareltjes te wachten.
Als consument zijn "we" natuurlijk mede "schuldig" aan de leegloop van de winkelstraten. We weten allemaal dat als we online producten kopen voor prijzen die eigenlijk al duidelijk maken dat dat niet zonder kinderarbeid, of onderbetaling kan, dat daar een rechtstreekse link loopt naar het verdwijnen van een drukke en leukere winkelstraat dan een leegstaande winkelstraat omdat winkeliers die concurrentie niet meer aankunnen.
Dus dat is een schoen die we allemaal aan kunnen passen (ja, ik doe er aan mee, dus ja: pun intended).
Als we allemaal wat minder voor de "leuke prijsjes" zouden gaan, maar gewoon voor de "lokale" "middenstand", zou de intertoys misschien niet failliet zijn gegaan. Of misschien wat minder snel.
In elk geval moeten we als consument dan ook niet lopen mekkeren dat het veel minder gezellig is. Dat de winkelstraten leeg lopen.
Zo, nu dat van mijn hart is, kan ik opgewekt verder reutelen over andere zaken.
Ik weet nog goed: het was 2012. Een vreselijk klote jaar. Maar ik mocht van de toenmalige commandant een nieuwe trompet uitzoeken.
Omdat het een vreselijk klote jaar was, kon ik maar weinig energie en tijd besteden aan die taak, maar ik had een vriendje die toevallig werkzaam was in een muziekwinkel in Badhoevedorp, die wel eens even wat instrumenten mee zou nemen. En hij schoot in één keer raak. Het was precies dat wat ik wilde.
Een instrument bij het ministerie van defensie en zeker bij de Kmar heeft veel te lijden van diensten.
Zeker omdat ons tenue niet geheel vrij is van krassen en deuken veroorzakende parafernalia zoals nestel-pennen (waarmee volgens niet bevestigde overlevering boeven tegen een boom gespijkerd konden worden) en in geval van het ceremonieel tenue een heel zwaard, dat tijdens het marcheren nu eenmaal niet op één plaats blijft maar nogal eens zwiept en dus behoorlijk vaak ongewenst in aanraking komt met je instrument.
Je kunt poetsen wat je wil, maar krassen en deuken komen er hoe dan ook in. Na 7 jaar intensief gebruik denk ik wel dat ik alle mooie noten uit dit instrument wel zo'n beetje gebruikt heb. Ze zijn bijna op, en dan komen er alleen nog geluiden uit die vergelijkbaar zijn met geluiden die klinken uit een varkensslachterij.
Die trompet heeft wel mooie dingen met mij mogen beleven. Van reisjes naar Wenen en Curacao, tot Finland en Zoutkamp, tot kleine herdenkingen, waarbij tranen rijkelijk vloeiden. Ze mag dan ook verdiend met pensioen.
Dat uitzoeken van een nieuwe trompet is toch altijd wel weer een leuke aangelegenheid. Vooral ook omdat in 2012 ik de enige uit de sectie was die een nieuwe dienstspuit mocht uitzoeken, en nu mogen we dat dus met de hele sectie tegelijkertijd doen.
Dus 5 opgeschoten, getalenteerde knallers van trompettisten die 10.000 vierkante meter muziekwinkel tijdelijk onbegaanbaar gaan maken vanwege de overdaad aan decibels.
En tussen die decibels door, ook met elkaar luisteren of een instrument daadwerkelijk past bij de persoon en of in de sectie.
Wordt volgende week een leuk dagje.
En aldus geschreven, begint hier mijn weekend.
zaterdag 23 februari 2019
zondag 17 februari 2019
Weekend!!!!
Toen wij ons stulpje kochten, waren er een paar dingen die we op het lijstje zetten. Een nieuwe keuken stond niet heel erg bovenaan. Want het ding dat erin zat, was weliswaar niet mooi, maar het functioneerde. Die keuken is volgens mij al net zo oud als het huis zelf, dus een goede 20 jaar.
En gaandeweg kwamen we erachter dat dat functioneren ook wel wat tegenviel. De vaatwasser gaf het als eerste na 2 beurten op, dus diende al eerder vervangen te worden, en de oven heeft de onhebbelijke nijging om de stoppen door te laten slaan. Dus een lekkere taart bakken moet in het combimagnetronnetje, en dat is een behoorlijk compromis dat je dan sluit.
De kookplaat (wij hebben geen gas, dus er zit een elektrische kookplaat in) is inmiddels ook al zo oud, dat het ingebrande vuil alleen nog maar met grof geweld weg te halen is, dus hamer en beitel liggen standaard in de keuken voor het betere schoonmaakwerk.
Omdat het dus geen inductieplaat is, hebben we een veiligheidsrekje op de aanrechtrand gemonteerd zodat Jente haar nieuwsgierige en grijpgrage tengeltjes niet kan verwonden.
Omdat het dus geen inductieplaat is, is het koken voor mij eigenlijk niet leuk. Het duurt uren voor de groenten eindelijk eens koken, en als ze dan koken, is er bijna geen mogelijkheid om de temperatuur te dempen, en kook je dus binnen een paar seconden je groenten tot doorgekookte pulp.
Mijn vlees ziet er aan de buitenkant uit alsof het uit een crematorium komt, terwijl de binnenkant nog keihard bevroren is. Kortom: de hel in de keuken. En mijn verbale uitingen van ongenoegen komen inmiddels op het niveau van Gordon Ramsey.
En als er iets op mijn frustratie-modus werkt, is het mislukkingen in de keuken.
Dus koken is voor mij allang geen lolletje meer.
Nu is het zo dat ik een maatje heb die in een keukenwinkel werkt, en gepassioneerd over zijn vak kan vertellen. En elke BBQ dat we elkaar spraken, kwam het wel ter sprake. Hij kan er zo mooi over vertellen, en elke keer werd ik blijer en vrolijker. Dat zou toch wel wat zijn. Een verse keuken voor ons gezin.
En zo kon het gebeuren dat we genoeg geld hebben verzameld (gekregen, dankzij een lieve weldoener, want in sparen zijn we eigenlijk helemaal niet goed) en dus een keuken konden laten samenstellen, voor een "modest budget" maar wel door een vriendje die onze wensen erg goed kan omzetten in een mooie tekening en een mooie 3d tekening. Dus ik kan niet wachten.
We krijgen helaas geen gasstel, want het aanleggen van een gasleiding naar mijn huis wordt wat bewerkelijk en schijnt ook weer weinig klimaatneutraal te zijn (hoewel ik me afvraag of het verbruik van elektra van de bruinkolen van de NUON niet net zo vervuilend zijn, maar soit), maar volgens vele partijen en bronnen die ik raadpleegde zou inductie het helemaal zijn. Reageert als gas, dus veel fijner, sneller, energiezuiniger en veiliger voor de klauwtjes van mijn nieuwsgierige dochter.
Ik ga het meemaken.
Inmiddels is het dus 2019. Dat is normaal, nadat het 2018 is geweest. Ik ben nu bijna een vol jaar in dienst bij Schiphol, bijna 12 jaar in dienst van defensie en wat leuker is: ik ben bijna 5 jaar getrouwd met mijn onvolprezen echtgenote.
We zijn dan ook bijna 7 jaar bij elkaar. En ik ben in afwachting van de bij veel mensen bekende 7 years itch.
Ik moet daaraan toevoegen: het itcht bij ons vrij regelmatig. Ilse kan zich met regelmaat ergeren aan mijn bloemrijke taalgebruik als er iets in de keuken misgaat (en daarmee is die regelmaat letterlijk te nemen, zie mijn epistel over de keuken). Ook weet ik dat Ilse met regelmaat knorrig wordt als ik iets niet helemaal opruim of weer eens binnensmonds aan het mompelen ben. (Volgens haar, want volgens mij valt het wel mee, en ben ik voor een goede hoorder prima te verstaan).
Ik kan mij dan weer ergeren aan alle plastic meuk die Ilse meent nodig te hebben, en die vanwege de excessieve hoeveelheid de kasten letterlijk uitpuilt, en via mijn kop op de grond eindigt. Ook het feit dat Ilse vaak niet in staat is om mij te snappen, terwijl ik dus overduidelijk duidelijk communiceer, leidt bij mij tot knorrigheid, waardoor mijn taalgebruik weer wat creatiever wordt, en we dus weer elkaar in de haren vliegen.
Maar die zogenaamde zevenjaars jeuk, is blijkbaar iets dat verder gaat dan dat. Snijdende spanningen in huis, heftige scheldkannonades, huilbuien, kinderen die daar dan weer op reageren om de feestvreugde te completeren, en een vrolijke, frisse (echt)scheiding tot gevolg.
Nou, zover is het dus nog niet.
Laatst ging ik met Ilse uit eten zonder Jente, en hebben we een hele avond lekker zitten kletsen. Kom ik toch maar weer tot de conclusie dat het ondanks al haar makkes toch een behoorlijk leuk mens is. Leuk genoeg voor minimaal nog eens zeven jaar.
En dat komt met een nieuwe keuken in aantocht toch wel goed uit moet ik zeggen. Hoewel het de waarde van ons huis best doet stijgen, en we dus hoogstwaarschijnlijk bij een echtscheiding niet heel erg in de min zouden belanden.
Maar nee, los van de voortdurende moeheid die ons teistert, is er weinig reden om aan te nemen dat het zo erg jeukt, dat we uit elkaar zouden gaan.
En anders koop ik wel een emmertje behanglijm, en plak ik Ilse gewoon naast Jente.
Want ons kleine draakje weet wel feilloos hoe ze onze grenzen kan kietelen, en er dan vervolgens met een grote grijns overheen stappen.
Peuter-eigen natuurlijk, maar inmiddels hebben al mijn vingertoppen al wel eens rood gezien van het bloed dat dat draakje onder mijn nagels vandaan weet te trekken.
Maar ach, als ik haar dan in haar bedje zie liggen slapen, met een knuffel in haar armpjes geklemd, vergeet ik dat maar weer.
En aldus gesproken begint hier mijn weekend.
Waarin we in elk geval gaan kijken of er al eens een zomer vakantie te boeken is. Lekker met de inmiddels lekvrije tent weer naar Frankrijk af te zakken om ons 2 weken lang tegoed te doen aan kaas en wijn en vlees en mooie omgevingen en shizzle.
En we moeten kijken hoe we ons 5 jarige getrouwde jubileum gaan vieren. Dat gaat gegarandeerd nog discussie opleveren, maar niet iets om meteen maar weer om te scheiden. Denk ik. Zou dan wel weer een komische ironie zijn....
En gaandeweg kwamen we erachter dat dat functioneren ook wel wat tegenviel. De vaatwasser gaf het als eerste na 2 beurten op, dus diende al eerder vervangen te worden, en de oven heeft de onhebbelijke nijging om de stoppen door te laten slaan. Dus een lekkere taart bakken moet in het combimagnetronnetje, en dat is een behoorlijk compromis dat je dan sluit.
De kookplaat (wij hebben geen gas, dus er zit een elektrische kookplaat in) is inmiddels ook al zo oud, dat het ingebrande vuil alleen nog maar met grof geweld weg te halen is, dus hamer en beitel liggen standaard in de keuken voor het betere schoonmaakwerk.
Omdat het dus geen inductieplaat is, hebben we een veiligheidsrekje op de aanrechtrand gemonteerd zodat Jente haar nieuwsgierige en grijpgrage tengeltjes niet kan verwonden.
Omdat het dus geen inductieplaat is, is het koken voor mij eigenlijk niet leuk. Het duurt uren voor de groenten eindelijk eens koken, en als ze dan koken, is er bijna geen mogelijkheid om de temperatuur te dempen, en kook je dus binnen een paar seconden je groenten tot doorgekookte pulp.
Mijn vlees ziet er aan de buitenkant uit alsof het uit een crematorium komt, terwijl de binnenkant nog keihard bevroren is. Kortom: de hel in de keuken. En mijn verbale uitingen van ongenoegen komen inmiddels op het niveau van Gordon Ramsey.
En als er iets op mijn frustratie-modus werkt, is het mislukkingen in de keuken.
Dus koken is voor mij allang geen lolletje meer.
Nu is het zo dat ik een maatje heb die in een keukenwinkel werkt, en gepassioneerd over zijn vak kan vertellen. En elke BBQ dat we elkaar spraken, kwam het wel ter sprake. Hij kan er zo mooi over vertellen, en elke keer werd ik blijer en vrolijker. Dat zou toch wel wat zijn. Een verse keuken voor ons gezin.
En zo kon het gebeuren dat we genoeg geld hebben verzameld (gekregen, dankzij een lieve weldoener, want in sparen zijn we eigenlijk helemaal niet goed) en dus een keuken konden laten samenstellen, voor een "modest budget" maar wel door een vriendje die onze wensen erg goed kan omzetten in een mooie tekening en een mooie 3d tekening. Dus ik kan niet wachten.
We krijgen helaas geen gasstel, want het aanleggen van een gasleiding naar mijn huis wordt wat bewerkelijk en schijnt ook weer weinig klimaatneutraal te zijn (hoewel ik me afvraag of het verbruik van elektra van de bruinkolen van de NUON niet net zo vervuilend zijn, maar soit), maar volgens vele partijen en bronnen die ik raadpleegde zou inductie het helemaal zijn. Reageert als gas, dus veel fijner, sneller, energiezuiniger en veiliger voor de klauwtjes van mijn nieuwsgierige dochter.
Ik ga het meemaken.
Inmiddels is het dus 2019. Dat is normaal, nadat het 2018 is geweest. Ik ben nu bijna een vol jaar in dienst bij Schiphol, bijna 12 jaar in dienst van defensie en wat leuker is: ik ben bijna 5 jaar getrouwd met mijn onvolprezen echtgenote.
We zijn dan ook bijna 7 jaar bij elkaar. En ik ben in afwachting van de bij veel mensen bekende 7 years itch.
Ik moet daaraan toevoegen: het itcht bij ons vrij regelmatig. Ilse kan zich met regelmaat ergeren aan mijn bloemrijke taalgebruik als er iets in de keuken misgaat (en daarmee is die regelmaat letterlijk te nemen, zie mijn epistel over de keuken). Ook weet ik dat Ilse met regelmaat knorrig wordt als ik iets niet helemaal opruim of weer eens binnensmonds aan het mompelen ben. (Volgens haar, want volgens mij valt het wel mee, en ben ik voor een goede hoorder prima te verstaan).
Ik kan mij dan weer ergeren aan alle plastic meuk die Ilse meent nodig te hebben, en die vanwege de excessieve hoeveelheid de kasten letterlijk uitpuilt, en via mijn kop op de grond eindigt. Ook het feit dat Ilse vaak niet in staat is om mij te snappen, terwijl ik dus overduidelijk duidelijk communiceer, leidt bij mij tot knorrigheid, waardoor mijn taalgebruik weer wat creatiever wordt, en we dus weer elkaar in de haren vliegen.
Maar die zogenaamde zevenjaars jeuk, is blijkbaar iets dat verder gaat dan dat. Snijdende spanningen in huis, heftige scheldkannonades, huilbuien, kinderen die daar dan weer op reageren om de feestvreugde te completeren, en een vrolijke, frisse (echt)scheiding tot gevolg.
Nou, zover is het dus nog niet.
Laatst ging ik met Ilse uit eten zonder Jente, en hebben we een hele avond lekker zitten kletsen. Kom ik toch maar weer tot de conclusie dat het ondanks al haar makkes toch een behoorlijk leuk mens is. Leuk genoeg voor minimaal nog eens zeven jaar.
En dat komt met een nieuwe keuken in aantocht toch wel goed uit moet ik zeggen. Hoewel het de waarde van ons huis best doet stijgen, en we dus hoogstwaarschijnlijk bij een echtscheiding niet heel erg in de min zouden belanden.
Maar nee, los van de voortdurende moeheid die ons teistert, is er weinig reden om aan te nemen dat het zo erg jeukt, dat we uit elkaar zouden gaan.
En anders koop ik wel een emmertje behanglijm, en plak ik Ilse gewoon naast Jente.
Want ons kleine draakje weet wel feilloos hoe ze onze grenzen kan kietelen, en er dan vervolgens met een grote grijns overheen stappen.
Peuter-eigen natuurlijk, maar inmiddels hebben al mijn vingertoppen al wel eens rood gezien van het bloed dat dat draakje onder mijn nagels vandaan weet te trekken.
Maar ach, als ik haar dan in haar bedje zie liggen slapen, met een knuffel in haar armpjes geklemd, vergeet ik dat maar weer.
En aldus gesproken begint hier mijn weekend.
Waarin we in elk geval gaan kijken of er al eens een zomer vakantie te boeken is. Lekker met de inmiddels lekvrije tent weer naar Frankrijk af te zakken om ons 2 weken lang tegoed te doen aan kaas en wijn en vlees en mooie omgevingen en shizzle.
En we moeten kijken hoe we ons 5 jarige getrouwde jubileum gaan vieren. Dat gaat gegarandeerd nog discussie opleveren, maar niet iets om meteen maar weer om te scheiden. Denk ik. Zou dan wel weer een komische ironie zijn....
zaterdag 9 februari 2019
Update :)
Een van de taken die ik als buschauffeur op het platform kan krijgen, is de zogeheten schoonmaak-pendel.
Dat is een rondje rijden vanaf een bepaalde ingang, die naar de kantine van het schoonmaakpersoneel gaat, en dan via de kantine van de "pushbackers" weer terug naar het startpunt. Een enkel rondje duurt ongeveer 5 minuten, en dan doe je het rustig aan.
Het doel van die werkzaamheden is om schoonmakers en pushbackers die beginnen met hun werkdag, af te leveren bij hun werk, en de mensen die klaar zijn met hun werkdag af te leveren bij de poort, zodat ze naar huis kunnen.
Naar mijn idee zijn pushback-chauffeurs serieus geniale mensen. Ze maken zelden fouten, en als ze al eens een fout maken, hoor je dat meteen. Een pushback-chauffeur koppelt namelijk zijn voertuig (en die kunnen variëren van kleine, laag bij de grondse apparaten met banden die kleiner zijn dan die van een mini-cooper uit de jaren '60, tot echt intimiderend groot, waarbij de banden groot genoeg zijn om een dakloos gezin in te laten wonen, en dan nog ruimte over hebben voor een roedeltje zwerfkatten) aan een vliegtuig, om die combinatie richting de gate, of juist richting de startbaan te rijden.
Helemaal listig wordt het als ze het vliegtuig niet rechtstreeks aan hun voertuig koppelen, maar via een trekstang. Dan wordt het sturen dus tegensturen, en dat voor- en/of achteruit. En als ze daar fouten in maken, is de kans erg groot dat het een schade van een paar miljoen oplevert, want een vliegtuig is niet bepaald goedkoop, zelfs niet de exemplaren van prijsvechters als Ryanair etc.
Om dat goed te kunnen, en druk te kunnen negeren die er op je schouders ligt als je met een (een paar miljoen kostende) Boeing op pad gaat, moet je ijswater in je aderen hebben stromen, lijkt me.
Die pushbackers zijn best aardige gozers, en hebben prima koffie in hun kantine.
Het nadeel aan die kantine is, dat je je bus er niet even kwijt kan om van hun koffie te genieten. Je blokkeert meteen alle trucks...
Koffie tappen bij de pushbackers, maar een saffie is daar niet echt handig dus. Dat kan dan weer bij de schoonmakers. Daar kan ik mijn bus (als het rustig is, en dat was het) iets minder ongenadig onhandig neerzetten, en dus even naar binnen. Rustig even van mijn stoel af.
En net als ik mijn bus weer in klauter, komen er een paar klantjes op me afrennen. Mooi op tijd.
Kan ik mijn rondjes weer voortzetten.
Die rondjes zijn nogal geestdodend. Zelfs die imposante pushbacktrucks zijn dat na rondje 354 niet meer. En een beetje variatie aanbrengen in het werk door ergens een lusje extra te maken, wordt niet op prijs gesteld, want de mensen die naar huis gaan, willen dat per definitie niet met een omweg, en de mensen die moeten beginnen, kennen Schiphol zo onderhand ook wel, en zitten niet te wachten op een toeristische omleiding.
En toen ineens klonk door de porto de vriendelijke stem van de regie:"Marnix, ben je er klaar mee?"
"Jazeker, regie, ik denk dat er nooit iemand klaarder is geweest dan ik"
En met die woorden kwam mijn dienst tot een einde.
Mijn dienst begon echter met gewone platform ritten, en anders dan dat ik af en toe bang was dat mijn deuren zouden wegwaaien door de harde wind, waren er wat dat betreft geen bijzonderheden. Hoewel een tengere jongedame die uit mijn bus stapte, het met de plotselinge wind wel heel moeilijk had met overeind blijven. Ze mompelde wat zuur dat het niet mee zou vallen met de turbulentie. En ik gok dat ze daar nog wel gelijk in zou kunnen hebben ook. Hopelijk had dat toestel voldoende papieren zakjes aan boord.
Ik denk dat ik bekend sta als iemand die ironie/sarcasme en wellicht een vleugje cynisme heeft omarmd.
De (taalmatig niet bijzonder getalenteerde) schrijver van het volgende stukje proza, geeft cynisme een welhaast kwaadaardige vorm, waar ik persoonlijk niet meer aan kan tippen. Ik erken mijn meerdere. (Wie deze schrijver is, weet ik niet, en wil ik ook niet weten).
Aan alle voor-het-milieu-spijbelende-kinderen....
Vanaf morgen leveren jullie allemaal je mobiele telefoon in....want hebben jullie enig idee hoe milieu belastend het is om zo'n apparaat te maken....? En dat gaat altijd gepaard met kinderarbeid....denk maar aan de winning van bijv. Kobalt.
Afijn.....vanaf morgen gaan jullie alleen nog maar Vega eten, iets met vleesvervangers.....dus helaas Mac Donalds en snackbar wordt ook verboden terrein vanaf nu ...Snoep, chips en energiedrankjes ook niet meer.
Papa en mama hebben de wintersport afgezegd...en deze zomer gaan we leuk fietsend naar Drenthe in plaats van met het vliegtuig naar Spanje...
Jullie (merk-)kleding is ook vanaf nu voorbij....voortaan gaat mama met jullie naar een Vintage winkel...oftewel Rattaplan, dat is pas duurzaam en dus goed.
Mama brengt jullie ook niet meer naar school en naar de voetbal met de auto....je pakt je fiets maar uit de schuur voortaan....
Jullie scooter staat inmiddels te koop op marktplaats....want het rijden op zo'n ding is nog meer vervuilend dan papa zijn Opel Astra 2,2 uit 2003.
Nu het eraan zit te komen dat elk huishouden aan de warmtepomp moet en aan de zonnepanelen...gaan jullie verplicht werken als krantenbezorger of bij bijv. Domino Pizza. Wat die klimaatverandering-remmende aanpassingen gaan kosten hebben papa en mama niet...dus jullie salaris graag inleveren, enne.... dat bezorgen is uiteraard op jullie (niet-elektrische-) fiets.
Trek wel wat warms aan tijdens het protesteren want het is erg koud.
En ruim jullie troep deze keer nou is op ....want protesteren en evengoed jullie vuil achterlaten op straat is natuurlijk uit den boze.
Vertel pappa dat hij z'n plan om een elektrische auto te kopen in de koelkast moet zetten omdat alleen domme-, rijke-, nietsmethetklimaattemakenwillenhebbende- en subsidieverslindende mensen dat doen.
Succes en zet hem op (en op je status).
Toegegeven: in bijna alle punten zal de schrijver best gelijk hebben, sec gezien. Maar een heleboel wetenschappers (en de schrijver van dit stukje maagzuur-opwekkende proza is beslist geen wetenschapper, anders had hij zijn tekst wel wat correcter opgesteld) zijn het met die kinderen eens: er moet wat gebeuren.
Schamper het niet weg. Maar zorg ervoor dat die kinderen zich gehoord voelen. Ten slotte: zij moeten de aarde overnemen, en later de volgemestte luiers van onder andere deze man/vrouw verschonen. De schrijver van dit stukje lamlendigheid staat voor alle bezadiging, betweterigheid, egocentrisme en ook wel een beetje afgunst die bij heel veel oudere generaties zo duidelijk is. "Wij hebben dit land opgebouwd, en na ons de zondvloed".
Die kinderen maken zich terecht zorgen. Wat laten de oudere generaties precies voor ons over? Die zorgen op deze manier belachelijk maken, getuigt niet van heel erg goede smaak, of zelfs maar enige vorm van realiteitszin.
Tuurlijk, ook ik geniet van de (vervuilende) gemakken die ik heb. En in sommige gevallen is het ook een noodzakelijkheid. Aan de andere kant doe ik mijn best om mijn "footprint" niet al te groot te laten zijn. Maar om dan de volgende generatie met hun zorgen zo gratuit weg te honen, vind ik serieus flauw.
Laat ze, misschien leren we nog eens wat van ze.
En daarmee is het 7:47 in de ochtend, en maak ik me op voor een nieuw avontuur in mijn leven: voor het eerst dat ik een hele nieuwe keuken ga kopen. Dat staat mogelijk nogal haaks op mijn vorige onderwerp, maar de huidige keuken is nu 20 jaar oud, en beslist niet energiezuinig of milieuvriendelijk. De nieuwe keuken zal dat zeker wel zijn. Sowieso geen gas, dus Groningen heeft van ons niks te vrezen. Maar wel een zuinigere koelkast (dat zijn denk ik alle nieuwe koelkasten wel, aangezien deze ruim 30 jaar oud is).
We gaan naar een keukenspecialist alwaar Ilse en ik mogen kijven over de indeling, inrichting, details en grote lijnen.
Toevallig werkt daar een vriendje van me, dus die zal gaan genieten van onze aanwezigheid.
Voor de rest wens ik eenieder een fijn weekend, voor wat daar van over is, en nog van gaat komen.
L
Dat is een rondje rijden vanaf een bepaalde ingang, die naar de kantine van het schoonmaakpersoneel gaat, en dan via de kantine van de "pushbackers" weer terug naar het startpunt. Een enkel rondje duurt ongeveer 5 minuten, en dan doe je het rustig aan.
Het doel van die werkzaamheden is om schoonmakers en pushbackers die beginnen met hun werkdag, af te leveren bij hun werk, en de mensen die klaar zijn met hun werkdag af te leveren bij de poort, zodat ze naar huis kunnen.
Naar mijn idee zijn pushback-chauffeurs serieus geniale mensen. Ze maken zelden fouten, en als ze al eens een fout maken, hoor je dat meteen. Een pushback-chauffeur koppelt namelijk zijn voertuig (en die kunnen variëren van kleine, laag bij de grondse apparaten met banden die kleiner zijn dan die van een mini-cooper uit de jaren '60, tot echt intimiderend groot, waarbij de banden groot genoeg zijn om een dakloos gezin in te laten wonen, en dan nog ruimte over hebben voor een roedeltje zwerfkatten) aan een vliegtuig, om die combinatie richting de gate, of juist richting de startbaan te rijden.
Helemaal listig wordt het als ze het vliegtuig niet rechtstreeks aan hun voertuig koppelen, maar via een trekstang. Dan wordt het sturen dus tegensturen, en dat voor- en/of achteruit. En als ze daar fouten in maken, is de kans erg groot dat het een schade van een paar miljoen oplevert, want een vliegtuig is niet bepaald goedkoop, zelfs niet de exemplaren van prijsvechters als Ryanair etc.
Om dat goed te kunnen, en druk te kunnen negeren die er op je schouders ligt als je met een (een paar miljoen kostende) Boeing op pad gaat, moet je ijswater in je aderen hebben stromen, lijkt me.
Die pushbackers zijn best aardige gozers, en hebben prima koffie in hun kantine.
Het nadeel aan die kantine is, dat je je bus er niet even kwijt kan om van hun koffie te genieten. Je blokkeert meteen alle trucks...
Koffie tappen bij de pushbackers, maar een saffie is daar niet echt handig dus. Dat kan dan weer bij de schoonmakers. Daar kan ik mijn bus (als het rustig is, en dat was het) iets minder ongenadig onhandig neerzetten, en dus even naar binnen. Rustig even van mijn stoel af.
En net als ik mijn bus weer in klauter, komen er een paar klantjes op me afrennen. Mooi op tijd.
Kan ik mijn rondjes weer voortzetten.
Die rondjes zijn nogal geestdodend. Zelfs die imposante pushbacktrucks zijn dat na rondje 354 niet meer. En een beetje variatie aanbrengen in het werk door ergens een lusje extra te maken, wordt niet op prijs gesteld, want de mensen die naar huis gaan, willen dat per definitie niet met een omweg, en de mensen die moeten beginnen, kennen Schiphol zo onderhand ook wel, en zitten niet te wachten op een toeristische omleiding.
En toen ineens klonk door de porto de vriendelijke stem van de regie:"Marnix, ben je er klaar mee?"
"Jazeker, regie, ik denk dat er nooit iemand klaarder is geweest dan ik"
En met die woorden kwam mijn dienst tot een einde.
Mijn dienst begon echter met gewone platform ritten, en anders dan dat ik af en toe bang was dat mijn deuren zouden wegwaaien door de harde wind, waren er wat dat betreft geen bijzonderheden. Hoewel een tengere jongedame die uit mijn bus stapte, het met de plotselinge wind wel heel moeilijk had met overeind blijven. Ze mompelde wat zuur dat het niet mee zou vallen met de turbulentie. En ik gok dat ze daar nog wel gelijk in zou kunnen hebben ook. Hopelijk had dat toestel voldoende papieren zakjes aan boord.
Ik denk dat ik bekend sta als iemand die ironie/sarcasme en wellicht een vleugje cynisme heeft omarmd.
De (taalmatig niet bijzonder getalenteerde) schrijver van het volgende stukje proza, geeft cynisme een welhaast kwaadaardige vorm, waar ik persoonlijk niet meer aan kan tippen. Ik erken mijn meerdere. (Wie deze schrijver is, weet ik niet, en wil ik ook niet weten).
Aan alle voor-het-milieu-spijbelende-kinderen....
Vanaf morgen leveren jullie allemaal je mobiele telefoon in....want hebben jullie enig idee hoe milieu belastend het is om zo'n apparaat te maken....? En dat gaat altijd gepaard met kinderarbeid....denk maar aan de winning van bijv. Kobalt.
Afijn.....vanaf morgen gaan jullie alleen nog maar Vega eten, iets met vleesvervangers.....dus helaas Mac Donalds en snackbar wordt ook verboden terrein vanaf nu ...Snoep, chips en energiedrankjes ook niet meer.
Papa en mama hebben de wintersport afgezegd...en deze zomer gaan we leuk fietsend naar Drenthe in plaats van met het vliegtuig naar Spanje...
Jullie (merk-)kleding is ook vanaf nu voorbij....voortaan gaat mama met jullie naar een Vintage winkel...oftewel Rattaplan, dat is pas duurzaam en dus goed.
Mama brengt jullie ook niet meer naar school en naar de voetbal met de auto....je pakt je fiets maar uit de schuur voortaan....
Jullie scooter staat inmiddels te koop op marktplaats....want het rijden op zo'n ding is nog meer vervuilend dan papa zijn Opel Astra 2,2 uit 2003.
Nu het eraan zit te komen dat elk huishouden aan de warmtepomp moet en aan de zonnepanelen...gaan jullie verplicht werken als krantenbezorger of bij bijv. Domino Pizza. Wat die klimaatverandering-remmende aanpassingen gaan kosten hebben papa en mama niet...dus jullie salaris graag inleveren, enne.... dat bezorgen is uiteraard op jullie (niet-elektrische-) fiets.
Trek wel wat warms aan tijdens het protesteren want het is erg koud.
En ruim jullie troep deze keer nou is op ....want protesteren en evengoed jullie vuil achterlaten op straat is natuurlijk uit den boze.
Vertel pappa dat hij z'n plan om een elektrische auto te kopen in de koelkast moet zetten omdat alleen domme-, rijke-, nietsmethetklimaattemakenwillenhebbende- en subsidieverslindende mensen dat doen.
Succes en zet hem op (en op je status).
Toegegeven: in bijna alle punten zal de schrijver best gelijk hebben, sec gezien. Maar een heleboel wetenschappers (en de schrijver van dit stukje maagzuur-opwekkende proza is beslist geen wetenschapper, anders had hij zijn tekst wel wat correcter opgesteld) zijn het met die kinderen eens: er moet wat gebeuren.
Schamper het niet weg. Maar zorg ervoor dat die kinderen zich gehoord voelen. Ten slotte: zij moeten de aarde overnemen, en later de volgemestte luiers van onder andere deze man/vrouw verschonen. De schrijver van dit stukje lamlendigheid staat voor alle bezadiging, betweterigheid, egocentrisme en ook wel een beetje afgunst die bij heel veel oudere generaties zo duidelijk is. "Wij hebben dit land opgebouwd, en na ons de zondvloed".
Die kinderen maken zich terecht zorgen. Wat laten de oudere generaties precies voor ons over? Die zorgen op deze manier belachelijk maken, getuigt niet van heel erg goede smaak, of zelfs maar enige vorm van realiteitszin.
Tuurlijk, ook ik geniet van de (vervuilende) gemakken die ik heb. En in sommige gevallen is het ook een noodzakelijkheid. Aan de andere kant doe ik mijn best om mijn "footprint" niet al te groot te laten zijn. Maar om dan de volgende generatie met hun zorgen zo gratuit weg te honen, vind ik serieus flauw.
Laat ze, misschien leren we nog eens wat van ze.
En daarmee is het 7:47 in de ochtend, en maak ik me op voor een nieuw avontuur in mijn leven: voor het eerst dat ik een hele nieuwe keuken ga kopen. Dat staat mogelijk nogal haaks op mijn vorige onderwerp, maar de huidige keuken is nu 20 jaar oud, en beslist niet energiezuinig of milieuvriendelijk. De nieuwe keuken zal dat zeker wel zijn. Sowieso geen gas, dus Groningen heeft van ons niks te vrezen. Maar wel een zuinigere koelkast (dat zijn denk ik alle nieuwe koelkasten wel, aangezien deze ruim 30 jaar oud is).
We gaan naar een keukenspecialist alwaar Ilse en ik mogen kijven over de indeling, inrichting, details en grote lijnen.
Toevallig werkt daar een vriendje van me, dus die zal gaan genieten van onze aanwezigheid.
Voor de rest wens ik eenieder een fijn weekend, voor wat daar van over is, en nog van gaat komen.
L
zaterdag 2 februari 2019
Update: random rants.
Het is zaterdagavond. En ik sta, ondanks mijn verkoudheid buiten te roken.
Mijn hoestsel belandt na een stevige kuchpartij in de prullenbak. En mijn neus staat oncontroleerbaar te lekken. Vervelend, want dat betekent dat ik mijn snor moet gaan uitpluizen.
Ik sta wat voor me uit te mijmeren.
Want aanstaande maandag is het weer zo ver: ik moet naar het consternatieburo om Jente te laten opmeten, wegen en.... Ze krijgt een prik. De DKTP-booster.
De laatste keer dat ik met Jente op pad moest voor een paar frisse naalden in haar lijfje, was toen ze een jaar of anderhalf was. En anti-held met naaldenangst die ik ben, trok ik bleekjes weg toen de vaccineer-mevrouw de spuit in de aanslag bracht, en in mijn dochters beentjes douwde. En met die beweging, barstte Jente uit in een bozig en verdrietig en pijnlijk gehuil. Een verwijtende blik was mijn deel. Waarom deed ik niks om haar te beschermen tegen de pijn. Waarom deed ik niks om het op te laten houden.
Met een keel zo dik als een oversized meloen probeerde ik haar te kalmeren en te troosten. En boven het gehuil uit de vaccineer-mevrouw een prettige dag toe te wensen.
Dat klonk ongeveer als:"Ik-wens-je-nu-wel-een-fijne-dag-maar-eigenlijk-meen-ik-daar-niks-van-want-ik-snap-ook-wel-dat-die-vaccinaties-een-hoger-doel-dienen-maar-je-hebt-wel-mijn-dochter-pijn-gedaan-en-dus-vind-ik-je-minder-aardig-dan-ik-zou-moeten-en-kijk-en-luister-vooral-eens-naar-wat-je-met-die-verschrikkelijke-naald-hebt-aangericht".
En dat dus met een glimlach als die van een boer met kiespijn.
Aanstaande maandag kan Ilse niet (die is daarin veeeeeeel manhaftiger als ik) en dus moet ik weer. Ik zie er nu al tegenop, want nu is Jente geen anderhalf jaar oude dreumes meer, maar al een heus dametje van bijna 4 met een heeeeeel eigen mening over de zaken. En of ze echt in staat is om stil te zitten.....
En omdat ze dus al veel bewuster is van het leven, zit ik nu in dubio. Moet ik haar van te voren inlichten over de horreurs die haar te wachten staan, en dus het risico lopen dat ze met geen grof geweld in de auto te proppen is, of moet ik haar in het ongewisse laten en haar de verrassing van de dag bezorgen. Dat laatste zou volgens Ilse kunnen leiden tot een soortement van vertrouwensbreuk. En daar moet ik haar gelijk in geven. Deels. Je zal maar lekker in de veronderstelling zijn een leuk uitje te gaan maken met papa, om vervolgens een paar naalden in je arm of been gerost krijgen. Dan zou ik ook nooit meer spontaan met papa op pad gaan.
Aan de andere kant: hoe leuk is het (voor papa) als Jente met geen stokslagen de auto in te meppen is, om vervolgens een krijsende Jente mee door dat gezondheidscentrum te slepen. Daar gaan mensen gegarandeerd ook wat van denken. Dat ik haar daar achter laat ter adoptie of zo iets. Dan krijg ik straks de jeugdzorg over me heen dat ze zo'n drama maakt over een zo'n prikje...
Deze gedachten alleen zijn al reden voor mij om mijn toch wat koortsige en vermoeide ogen al helemaal te laten lekken.
Als het op agenda's aankomt, ben ik een enorme pietlut. Dat is algemeen bekend. Mijn aan autisme grenzende wens om nooit enige verandering aan te brengen in dat wat mij structuur geeft, maakt het noodzakelijk dat ik dus nooit een andere agenda koop dan degene die ik het vorige jaar ook al had. Namelijk de navulling van "Succes" "Standaard". Van Ryam. Of zo.
Die hebben namelijk een week per twee blaadjes. Precies groot genoeg om lekker mijn week mee te kunnen vullen, en klein genoeg om niet te groot te zijn.
En inmiddels zou men kunnen verwachten dat ik dus ook nooit iets anders koop.
Het was beter geweest als ik aan die verwachting had voldaan. Maar mijn gierige inborst besloot zo rond oktober 2018 anders.
Ik was namelijk bij de Hema, en zag tot mijn milde verbazing dat ook de hema passende agenda vullingen verkoopt. En dat voor ruwweg 1/3e van de prijs die Ryam rekent voor zijn vullingen. "Pik in, 't is winter", zo dacht ik.
En zo kon het dat ik begin van dit jaar mijn agenda vulde met de vulling van de Hema.
Verder geen aandacht aan besteedt, want het was goed. Degelijke Hollandsche Hema kwaliteit.
Tot ik wat verder in het jaar moest wezen om wat afspraken te noteren. En tot mijn verbijstering ik constateerde dat de tweede helft van juli 2019 tot en met 2 januari 2020 simpelweg niet bestaan volgens de Hema agenda.
Wat raar.
Dat lijkt me niet de bedoeling. Een agenda voor 2019 dient niet halverwege het jaar ineens maar voor de helft te bestaan.
Dus ik naar de Hema winkel. De klantenservice begon vrij vriendelijk. Maar helaas, ze hadden de agenda vullingen niet meer voorradig, en ook waren ze niet meer bestelbaar.
Of ik de agenda maar achter wilde laten. Dan konden ze een klacht noteren. Daar heb ik moeite mee. Inmiddels staan al mijn afspraken erin, mijn persoonsgegevens, en daar heeft meneer Hema helemaal geen flikker mee te maken. Dus dat was een no-go. Ja, dan konden ze geen klacht aanmaken. Zelfs met de falende agenda onder hun neus, waarvan ze toe moesten geven dat dat niet de bedoeling was, kon ze er niks mee, tenzij ik die agenda af zou staan, en mijn afspraken maar op een papiertje noteerde.
En dan kreeg ik nog niet eens een andere agenda mee, want die hadden ze niet meer. En als kers op die taart: nee, mijn geld kreeg ik ook niet terug, want ik had geen bonnetje. Pardon? U ziet uw naam er toch op staan? Die agenda kocht ik in oktober ergens, en uitgaande van de ouderwetsche, deegelijke Hema-kwaliteit, leek het me toch onzinnig om voor elk wissewasje een bonnetje te bewaren. En nogmaals: de merknaam Hema, plus de complete fuck-up van de drukkerij, lag toch echt bijzonder duidelijk voor haar neus te pronken.
En daar hield de klantenservice ook op. Hoezo achter je producten staan? Hoezo achter de klant staan? Barsten kon ik.
Tuurlijk, het is maar 5 euro. En misschien had ik dat bonnetje moeten bewaren. Dan nog verrek ik het om mijn persoonsgegevens en mijn afspraken af te staan om een klacht te kunnen noteren. Dat is gewoon de omgekeerde wereld.
Maar aangezien de Hema op geen enkele manier heeft laten blijken dat ze achter hun producten of achter de klant staan, zal ik nooit meer een stap zetten in die kutwinkel.
En dan is het nog zweten, want agenda's voor 2019 zijn nu op dit moment niet echt heel erg groots meer voorradig, maar gelukkig is daar bol.com. Die leveren gewoon nog Ryam. En die heb ik dan ook met veel plezier laten komen.
De les is voor mij: nooit meer iets bij de hema kopen, en het gewoon op Bol bestellen. Als de Hema failliet gaat: dit is de reden. Klantenservice is ver te zoeken, en dan nog onvindbaar.
En als laatste toch een kleine doch trotse shout-out naar mijn vrouw: die loopt nu alweer (letterlijk door weer en wind) buiten om haar quotum van 10.000 stappen per dag te halen, met als doel een gezondere levensstijl en een minder gewicht. Ik vind dat top. Ze doet t toch maar. Dat mag gezegd.
En dan stort ik nu rochelend in mijn bed.
Mijn hoestsel belandt na een stevige kuchpartij in de prullenbak. En mijn neus staat oncontroleerbaar te lekken. Vervelend, want dat betekent dat ik mijn snor moet gaan uitpluizen.
Ik sta wat voor me uit te mijmeren.
Want aanstaande maandag is het weer zo ver: ik moet naar het consternatieburo om Jente te laten opmeten, wegen en.... Ze krijgt een prik. De DKTP-booster.
De laatste keer dat ik met Jente op pad moest voor een paar frisse naalden in haar lijfje, was toen ze een jaar of anderhalf was. En anti-held met naaldenangst die ik ben, trok ik bleekjes weg toen de vaccineer-mevrouw de spuit in de aanslag bracht, en in mijn dochters beentjes douwde. En met die beweging, barstte Jente uit in een bozig en verdrietig en pijnlijk gehuil. Een verwijtende blik was mijn deel. Waarom deed ik niks om haar te beschermen tegen de pijn. Waarom deed ik niks om het op te laten houden.
Met een keel zo dik als een oversized meloen probeerde ik haar te kalmeren en te troosten. En boven het gehuil uit de vaccineer-mevrouw een prettige dag toe te wensen.
Dat klonk ongeveer als:"Ik-wens-je-nu-wel-een-fijne-dag-maar-eigenlijk-meen-ik-daar-niks-van-want-ik-snap-ook-wel-dat-die-vaccinaties-een-hoger-doel-dienen-maar-je-hebt-wel-mijn-dochter-pijn-gedaan-en-dus-vind-ik-je-minder-aardig-dan-ik-zou-moeten-en-kijk-en-luister-vooral-eens-naar-wat-je-met-die-verschrikkelijke-naald-hebt-aangericht".
En dat dus met een glimlach als die van een boer met kiespijn.
Aanstaande maandag kan Ilse niet (die is daarin veeeeeeel manhaftiger als ik) en dus moet ik weer. Ik zie er nu al tegenop, want nu is Jente geen anderhalf jaar oude dreumes meer, maar al een heus dametje van bijna 4 met een heeeeeel eigen mening over de zaken. En of ze echt in staat is om stil te zitten.....
En omdat ze dus al veel bewuster is van het leven, zit ik nu in dubio. Moet ik haar van te voren inlichten over de horreurs die haar te wachten staan, en dus het risico lopen dat ze met geen grof geweld in de auto te proppen is, of moet ik haar in het ongewisse laten en haar de verrassing van de dag bezorgen. Dat laatste zou volgens Ilse kunnen leiden tot een soortement van vertrouwensbreuk. En daar moet ik haar gelijk in geven. Deels. Je zal maar lekker in de veronderstelling zijn een leuk uitje te gaan maken met papa, om vervolgens een paar naalden in je arm of been gerost krijgen. Dan zou ik ook nooit meer spontaan met papa op pad gaan.
Aan de andere kant: hoe leuk is het (voor papa) als Jente met geen stokslagen de auto in te meppen is, om vervolgens een krijsende Jente mee door dat gezondheidscentrum te slepen. Daar gaan mensen gegarandeerd ook wat van denken. Dat ik haar daar achter laat ter adoptie of zo iets. Dan krijg ik straks de jeugdzorg over me heen dat ze zo'n drama maakt over een zo'n prikje...
Deze gedachten alleen zijn al reden voor mij om mijn toch wat koortsige en vermoeide ogen al helemaal te laten lekken.
Als het op agenda's aankomt, ben ik een enorme pietlut. Dat is algemeen bekend. Mijn aan autisme grenzende wens om nooit enige verandering aan te brengen in dat wat mij structuur geeft, maakt het noodzakelijk dat ik dus nooit een andere agenda koop dan degene die ik het vorige jaar ook al had. Namelijk de navulling van "Succes" "Standaard". Van Ryam. Of zo.
Die hebben namelijk een week per twee blaadjes. Precies groot genoeg om lekker mijn week mee te kunnen vullen, en klein genoeg om niet te groot te zijn.
En inmiddels zou men kunnen verwachten dat ik dus ook nooit iets anders koop.
Het was beter geweest als ik aan die verwachting had voldaan. Maar mijn gierige inborst besloot zo rond oktober 2018 anders.
Ik was namelijk bij de Hema, en zag tot mijn milde verbazing dat ook de hema passende agenda vullingen verkoopt. En dat voor ruwweg 1/3e van de prijs die Ryam rekent voor zijn vullingen. "Pik in, 't is winter", zo dacht ik.
En zo kon het dat ik begin van dit jaar mijn agenda vulde met de vulling van de Hema.
Verder geen aandacht aan besteedt, want het was goed. Degelijke Hollandsche Hema kwaliteit.
Tot ik wat verder in het jaar moest wezen om wat afspraken te noteren. En tot mijn verbijstering ik constateerde dat de tweede helft van juli 2019 tot en met 2 januari 2020 simpelweg niet bestaan volgens de Hema agenda.
Wat raar.
Dat lijkt me niet de bedoeling. Een agenda voor 2019 dient niet halverwege het jaar ineens maar voor de helft te bestaan.
Dus ik naar de Hema winkel. De klantenservice begon vrij vriendelijk. Maar helaas, ze hadden de agenda vullingen niet meer voorradig, en ook waren ze niet meer bestelbaar.
Of ik de agenda maar achter wilde laten. Dan konden ze een klacht noteren. Daar heb ik moeite mee. Inmiddels staan al mijn afspraken erin, mijn persoonsgegevens, en daar heeft meneer Hema helemaal geen flikker mee te maken. Dus dat was een no-go. Ja, dan konden ze geen klacht aanmaken. Zelfs met de falende agenda onder hun neus, waarvan ze toe moesten geven dat dat niet de bedoeling was, kon ze er niks mee, tenzij ik die agenda af zou staan, en mijn afspraken maar op een papiertje noteerde.
En dan kreeg ik nog niet eens een andere agenda mee, want die hadden ze niet meer. En als kers op die taart: nee, mijn geld kreeg ik ook niet terug, want ik had geen bonnetje. Pardon? U ziet uw naam er toch op staan? Die agenda kocht ik in oktober ergens, en uitgaande van de ouderwetsche, deegelijke Hema-kwaliteit, leek het me toch onzinnig om voor elk wissewasje een bonnetje te bewaren. En nogmaals: de merknaam Hema, plus de complete fuck-up van de drukkerij, lag toch echt bijzonder duidelijk voor haar neus te pronken.
En daar hield de klantenservice ook op. Hoezo achter je producten staan? Hoezo achter de klant staan? Barsten kon ik.
Tuurlijk, het is maar 5 euro. En misschien had ik dat bonnetje moeten bewaren. Dan nog verrek ik het om mijn persoonsgegevens en mijn afspraken af te staan om een klacht te kunnen noteren. Dat is gewoon de omgekeerde wereld.
Maar aangezien de Hema op geen enkele manier heeft laten blijken dat ze achter hun producten of achter de klant staan, zal ik nooit meer een stap zetten in die kutwinkel.
En dan is het nog zweten, want agenda's voor 2019 zijn nu op dit moment niet echt heel erg groots meer voorradig, maar gelukkig is daar bol.com. Die leveren gewoon nog Ryam. En die heb ik dan ook met veel plezier laten komen.
De les is voor mij: nooit meer iets bij de hema kopen, en het gewoon op Bol bestellen. Als de Hema failliet gaat: dit is de reden. Klantenservice is ver te zoeken, en dan nog onvindbaar.
En als laatste toch een kleine doch trotse shout-out naar mijn vrouw: die loopt nu alweer (letterlijk door weer en wind) buiten om haar quotum van 10.000 stappen per dag te halen, met als doel een gezondere levensstijl en een minder gewicht. Ik vind dat top. Ze doet t toch maar. Dat mag gezegd.
En dan stort ik nu rochelend in mijn bed.
zondag 27 januari 2019
Bussen en katten
Reisgids tegen wil en dank.
Waar gewerkt wordt, worden fouten gemaakt. Is helemaal niet erg. Overkomt de beste. Op Schiphol is de stelregel dat mensen zo kort mogelijk in de bus moeten zitten, en dat is een regel waar ik me zo veel mogelijk aan hou. Ten slotte komen de mensen niet voor een busreis, maar voor een vliegreis. (Even tussendoor: soms verwachten mensen niet dat ze eerst nog even met de bus moeten, en dan zie je ze vaak vreselijk overdreven rollen met hun ogen, en hoor je ze bewonderenswaardig diep zuchten. Ze zuchten nog net hun longen niet uit hun karkas zo diep, ik vind dat grappig). Maar goed, het kan voorkomen dat alle betrokken partijen iets te snel willen werken om het de reiziger zo comfortabel mogelijk te maken, en dan kan het voorkomen dat iemand in die keten zich vergist. Niks aan te doen, het blijft mensenwerk.
Zo ook gisteren. Ik zou een vlucht afrijden van een grote, niet nader te noemen luchtvaartmaatschappij, en die begonnen al met 10 minuten vertraging te boarden. Maakt niet uit, dat haalt de piloot in de lucht wel weer in, dacht ik.
Dat dacht ik, want toen ik af moest rijden, en om de kop van de pier een lusje moest maken om op de juiste route te komen, werd ik door de collega van de volgende bus staande gehouden. De mededeling luidde ongeveer als volgt: "Ze zijn vergeten de crew te informeren dat het toestel gaat vertrekken, dus die zijn er nog niet. Je moet heeeeeel erg langzaam rijden". Zo zout heb ik het nog niet eerder gehad. Dat de crew door omstandigheden wat later komt, oke. Dat is niet nieuw. Maar dat ze in de haast om een vliegtuig op tijd weg te krijgen, gewoon die hele crew maar vergeten, is toch wel een dingetje. Een vliegtuig vliegt nu eenmaal gewoon niet zonder piloot. Dat wil zeggen: technisch zal het mogelijk zijn, maar we zijn nog steeds erg gehecht aan het feit dat een vliegtuig op zijn minst voorzien wordt van mensen die weten wat ze met zo'n enorm vliegend apparaat aan moeten. Geeft toch een fijn en veilig gevoel, lijkt me zo.
Oke, nu wilde het toeval dat tussen de gate en het vliegtuig erg weinig afstand zit. Een gevalletje van 3 keer niezen, en je bent er. Ik kan wel heel langzaam rijden, maar als ik die afstand in 20 minuten moet rijden, sta ik zowat stil.
Daarbovenop kreeg ik vanuit de regie te horen, dat het nog wel even kon duren, en dat ik desnoods maar een toeristische rondleiding over Schiphol moest maken.
De meneer die het dichtste bij mij stond, had alles meegekregen, en moest erom grinniken. In mijn beste Engels (ten slotte weet ik niet van welk pluimage en welke afkomst mijn passagiers zijn) legde ik uit dat ik tot mijn spijt moest mededelen dat het vliegtuig in goede staat was, maar dat de crew nog niet aanwezig was, en ze op kosten van hun luchtvaartmaatschappij een gratis rondleiding op Schiphol aangeboden kregen, ingaande per direct. En dat ik hoopte dat ze zouden genieten van het uitzicht. Dat leidde gelukkig tot algehele hilariteit in de bus (er zijn, ongelooflijk genoeg, mensen die dan helemaal door het lint kunnen gaan, maar deze lading passagiers zag er de humor wel van in) en ik kon inderdaad een klein rondje Schiphol doen.
Toen ik bijna zover was, dat ik kon vertellen over het mortuarium van Schiphol (Ik was op dat punt nog even met mezelf in discussie of dat nu wel een goede "bezienswaardigheid" zou zijn, voorafgaand aan een wintersport-vakantie-vlucht) kreeg ik na ongeveer 30 minuten te horen dat de crew was gearriveerd. Dus hoe dan ook waren mijn passagiers 'saved by the bell'...
Bij het uitstappen kreeg ik van veel mensen te horen dat ze het leuk hadden gevonden.
Sinds wij Colette toevoegden aan onze kleine veestapel, was het regelmatig duidelijk: Claus is de baas. En aldus joeg en mepte hij Colette het hele huis door. Grof geschut werd daarbij niet geschuwd.
En Colette, toch al de meest vriendelijke, maar ook de kleinste van die twee moest zich maar schikken in de rol van ondergeschikte.
Een paar weken geleden kwam Claus ineens thuis met een behoorlijk groot abces op zijn kop. En dat ding deed hem pijn. Zeer tegen wil en dank, toch maar weer dat reismandje tevoorschijn gehaald, en Claus bij kop en kont erin gepropt. Dat klinkt heel zielig, maar er is werkelijk geen andere manier om Claus in dat mandje te krijgen. Als hij het ziet, vertrekt hij, en kun je het uitzoeken. Hij weet namelijk wat er gaat gebeuren, als dat mandje tevoorschijn komt, en hij weigert er vrijwillig aan mee te werken. De tijd dat hij zich met kattenkruid liet paaien is net aan niet voorbij, maar hier trapt hij toch echt niet meer in.
Dus we moesten hem met lichte dwang en op hoop van ongeschonden zege hem in die mand zien te werken.
De dierenarts keek ernaar en haalde het abces leeg en weg. Voor straf kakte hij zijn reismandje nog even vol. En als boosheid te ruiken was, had hij ons heel erg heftig bestraft.
Maar goed, we kregen pilletjes mee, en ik was de aangewezen persoon om die te geven. Dat lukte vrij aardig, helaas is het nu wel zo, dat telkens als ik Claus vriendelijk een aai over zijn bol wil geven, hij mij argwanend aankijkt, en een paar meter verderop gaat zitten.
En met dat akkefietje lijkt het erop alsof er een verschuiving heeft plaats gevonden. Want ineens is het niet meer Colette die lukraak alle hoeken van de kamer te zien krijgt door toedoen van Claus, maar is het Claus die zich serieus moet verdedigen tegen een woeste Colette. Het is niet meer Claus die heel casual Colette te kennen geeft dat ze op moet lazeren, het is Colette die Claus weg mept van dat lekkere stukje warme bank.
Toen we nog in Rotterdam woonden, was Claus heer en meester van de wijk, en elke poes of kater die dat ter discussie wilde stellen, had een hele taaie en zeker een kwaaie aan hem. Soms kwam hij thuis met verwondingen, maar hij leek altijd wel de winnaar te zijn.
Nu zijn we een paar jaar verder, en de vechtlust zit er nog steeds, alleen lijkt het erop dat hij niet meer zo krachtig is als toen. We hebben zelfs al eens gezien dat hij het moest afleggen tegen een andere kat.
En het begint ook op te vallen dat hij niet meer zo snel en soepel is als het aankomt op het traplopen en het springen op de bank. Alles lijkt in een rustiger tempo te gaan.
Nu is Claus al vanaf 2010 bij me, en toen was hij al vier of vijf, dus hij is ook alweer een jaar of veertien. Best een leeftijd voor een kater. Alleen lijkt hij soms niet altijd door te hebben dat hij wordt ingehaald door zijn leeftijd.
Enerzijds vind ik het wat sneu voor hem. Altijd heer en meester geweest, en nu moet hij zich steeds vaker verdedigen tegen een steeds feller wordende Colette en uiteraard wat hij buiten tegenkomt.
Anderzijds is het ook wel een beetje de natuur.
Claus is natuurlijk een beetje een schooier. Altijd al geweest. Hier in de buurt, is hij een bekende, want overal waar een kattenluikje zit, gaat hij naar binnen om de aanwezige kattenbrokken op te eten. En als er geen kattenluikje is, maar alleen een vermoeden van woonachtige kattenliefhebbers, gaat hij voor de deur zitten, net zo lang tot hij een snoepje, een aai of een knuffel krijgt. Zo weet dus heel de buurt wie hij is, en wordt hij door heel de buurt ook (aan mensen dan) vriendelijk bejegend (en vetgemest). Geen wonder dat hij alleen maar thuis is, als Ilse hem daar vriendelijk toe uitnodigt.
Een van de overburen heeft op die manier een hele fijne band met hem opgebouwd. En zelfs een hokje voor hem buiten gezet. (Dit deed ze toen wij er nog niet zolang woonde, en Claus op verkenning ging, en bij hun bleef hangen, om wat voor reden dan ook). En gisteren kwam die overbuurvrouw even langs. Ze ging verhuizen, en wilde een klein cadeautje voor Claus achterlaten. En ze was haast in tranen, zozeer zou ze Claus gaan missen. Ik vond het aan de ene kant erg lief en vriendelijk van haar, aan de andere kant moest ik op mijn tong bijten om niet te zeggen dat ze hem voor een tientje mee mocht nemen. Maar ik denk dat dat nogal harteloos had geklonken. En wie ben ik om vriendelijkheid te bestraffen met cynisme, nietwaar?
En daarmee is voor mij het weekend alweer begonnen.
Waar gewerkt wordt, worden fouten gemaakt. Is helemaal niet erg. Overkomt de beste. Op Schiphol is de stelregel dat mensen zo kort mogelijk in de bus moeten zitten, en dat is een regel waar ik me zo veel mogelijk aan hou. Ten slotte komen de mensen niet voor een busreis, maar voor een vliegreis. (Even tussendoor: soms verwachten mensen niet dat ze eerst nog even met de bus moeten, en dan zie je ze vaak vreselijk overdreven rollen met hun ogen, en hoor je ze bewonderenswaardig diep zuchten. Ze zuchten nog net hun longen niet uit hun karkas zo diep, ik vind dat grappig). Maar goed, het kan voorkomen dat alle betrokken partijen iets te snel willen werken om het de reiziger zo comfortabel mogelijk te maken, en dan kan het voorkomen dat iemand in die keten zich vergist. Niks aan te doen, het blijft mensenwerk.
Zo ook gisteren. Ik zou een vlucht afrijden van een grote, niet nader te noemen luchtvaartmaatschappij, en die begonnen al met 10 minuten vertraging te boarden. Maakt niet uit, dat haalt de piloot in de lucht wel weer in, dacht ik.
Dat dacht ik, want toen ik af moest rijden, en om de kop van de pier een lusje moest maken om op de juiste route te komen, werd ik door de collega van de volgende bus staande gehouden. De mededeling luidde ongeveer als volgt: "Ze zijn vergeten de crew te informeren dat het toestel gaat vertrekken, dus die zijn er nog niet. Je moet heeeeeel erg langzaam rijden". Zo zout heb ik het nog niet eerder gehad. Dat de crew door omstandigheden wat later komt, oke. Dat is niet nieuw. Maar dat ze in de haast om een vliegtuig op tijd weg te krijgen, gewoon die hele crew maar vergeten, is toch wel een dingetje. Een vliegtuig vliegt nu eenmaal gewoon niet zonder piloot. Dat wil zeggen: technisch zal het mogelijk zijn, maar we zijn nog steeds erg gehecht aan het feit dat een vliegtuig op zijn minst voorzien wordt van mensen die weten wat ze met zo'n enorm vliegend apparaat aan moeten. Geeft toch een fijn en veilig gevoel, lijkt me zo.
Oke, nu wilde het toeval dat tussen de gate en het vliegtuig erg weinig afstand zit. Een gevalletje van 3 keer niezen, en je bent er. Ik kan wel heel langzaam rijden, maar als ik die afstand in 20 minuten moet rijden, sta ik zowat stil.
Daarbovenop kreeg ik vanuit de regie te horen, dat het nog wel even kon duren, en dat ik desnoods maar een toeristische rondleiding over Schiphol moest maken.
De meneer die het dichtste bij mij stond, had alles meegekregen, en moest erom grinniken. In mijn beste Engels (ten slotte weet ik niet van welk pluimage en welke afkomst mijn passagiers zijn) legde ik uit dat ik tot mijn spijt moest mededelen dat het vliegtuig in goede staat was, maar dat de crew nog niet aanwezig was, en ze op kosten van hun luchtvaartmaatschappij een gratis rondleiding op Schiphol aangeboden kregen, ingaande per direct. En dat ik hoopte dat ze zouden genieten van het uitzicht. Dat leidde gelukkig tot algehele hilariteit in de bus (er zijn, ongelooflijk genoeg, mensen die dan helemaal door het lint kunnen gaan, maar deze lading passagiers zag er de humor wel van in) en ik kon inderdaad een klein rondje Schiphol doen.
Toen ik bijna zover was, dat ik kon vertellen over het mortuarium van Schiphol (Ik was op dat punt nog even met mezelf in discussie of dat nu wel een goede "bezienswaardigheid" zou zijn, voorafgaand aan een wintersport-vakantie-vlucht) kreeg ik na ongeveer 30 minuten te horen dat de crew was gearriveerd. Dus hoe dan ook waren mijn passagiers 'saved by the bell'...
Bij het uitstappen kreeg ik van veel mensen te horen dat ze het leuk hadden gevonden.
Sinds wij Colette toevoegden aan onze kleine veestapel, was het regelmatig duidelijk: Claus is de baas. En aldus joeg en mepte hij Colette het hele huis door. Grof geschut werd daarbij niet geschuwd.
En Colette, toch al de meest vriendelijke, maar ook de kleinste van die twee moest zich maar schikken in de rol van ondergeschikte.
Een paar weken geleden kwam Claus ineens thuis met een behoorlijk groot abces op zijn kop. En dat ding deed hem pijn. Zeer tegen wil en dank, toch maar weer dat reismandje tevoorschijn gehaald, en Claus bij kop en kont erin gepropt. Dat klinkt heel zielig, maar er is werkelijk geen andere manier om Claus in dat mandje te krijgen. Als hij het ziet, vertrekt hij, en kun je het uitzoeken. Hij weet namelijk wat er gaat gebeuren, als dat mandje tevoorschijn komt, en hij weigert er vrijwillig aan mee te werken. De tijd dat hij zich met kattenkruid liet paaien is net aan niet voorbij, maar hier trapt hij toch echt niet meer in.
Dus we moesten hem met lichte dwang en op hoop van ongeschonden zege hem in die mand zien te werken.
De dierenarts keek ernaar en haalde het abces leeg en weg. Voor straf kakte hij zijn reismandje nog even vol. En als boosheid te ruiken was, had hij ons heel erg heftig bestraft.
Maar goed, we kregen pilletjes mee, en ik was de aangewezen persoon om die te geven. Dat lukte vrij aardig, helaas is het nu wel zo, dat telkens als ik Claus vriendelijk een aai over zijn bol wil geven, hij mij argwanend aankijkt, en een paar meter verderop gaat zitten.
En met dat akkefietje lijkt het erop alsof er een verschuiving heeft plaats gevonden. Want ineens is het niet meer Colette die lukraak alle hoeken van de kamer te zien krijgt door toedoen van Claus, maar is het Claus die zich serieus moet verdedigen tegen een woeste Colette. Het is niet meer Claus die heel casual Colette te kennen geeft dat ze op moet lazeren, het is Colette die Claus weg mept van dat lekkere stukje warme bank.
Toen we nog in Rotterdam woonden, was Claus heer en meester van de wijk, en elke poes of kater die dat ter discussie wilde stellen, had een hele taaie en zeker een kwaaie aan hem. Soms kwam hij thuis met verwondingen, maar hij leek altijd wel de winnaar te zijn.
Nu zijn we een paar jaar verder, en de vechtlust zit er nog steeds, alleen lijkt het erop dat hij niet meer zo krachtig is als toen. We hebben zelfs al eens gezien dat hij het moest afleggen tegen een andere kat.
En het begint ook op te vallen dat hij niet meer zo snel en soepel is als het aankomt op het traplopen en het springen op de bank. Alles lijkt in een rustiger tempo te gaan.
Nu is Claus al vanaf 2010 bij me, en toen was hij al vier of vijf, dus hij is ook alweer een jaar of veertien. Best een leeftijd voor een kater. Alleen lijkt hij soms niet altijd door te hebben dat hij wordt ingehaald door zijn leeftijd.
Enerzijds vind ik het wat sneu voor hem. Altijd heer en meester geweest, en nu moet hij zich steeds vaker verdedigen tegen een steeds feller wordende Colette en uiteraard wat hij buiten tegenkomt.
Anderzijds is het ook wel een beetje de natuur.
Claus is natuurlijk een beetje een schooier. Altijd al geweest. Hier in de buurt, is hij een bekende, want overal waar een kattenluikje zit, gaat hij naar binnen om de aanwezige kattenbrokken op te eten. En als er geen kattenluikje is, maar alleen een vermoeden van woonachtige kattenliefhebbers, gaat hij voor de deur zitten, net zo lang tot hij een snoepje, een aai of een knuffel krijgt. Zo weet dus heel de buurt wie hij is, en wordt hij door heel de buurt ook (aan mensen dan) vriendelijk bejegend (en vetgemest). Geen wonder dat hij alleen maar thuis is, als Ilse hem daar vriendelijk toe uitnodigt.
Een van de overburen heeft op die manier een hele fijne band met hem opgebouwd. En zelfs een hokje voor hem buiten gezet. (Dit deed ze toen wij er nog niet zolang woonde, en Claus op verkenning ging, en bij hun bleef hangen, om wat voor reden dan ook). En gisteren kwam die overbuurvrouw even langs. Ze ging verhuizen, en wilde een klein cadeautje voor Claus achterlaten. En ze was haast in tranen, zozeer zou ze Claus gaan missen. Ik vond het aan de ene kant erg lief en vriendelijk van haar, aan de andere kant moest ik op mijn tong bijten om niet te zeggen dat ze hem voor een tientje mee mocht nemen. Maar ik denk dat dat nogal harteloos had geklonken. En wie ben ik om vriendelijkheid te bestraffen met cynisme, nietwaar?
En daarmee is voor mij het weekend alweer begonnen.
zondag 20 januari 2019
Update :)
Het is zondagochtend, en ik zit tevreden beneden. Mijn weekend is begonnen. Dat komt omdat ik mijn weekend verplaatst heb naar de zondag en maandag. Enerzijds om Ilse te ontlasten, anderzijds om onze portemonnee te ontlasten, want kinderdagopvang is gewoon duur. Dus op deze manier bespaar ik wat geld, hoeven we werk-roostertechnisch niet al te moeilijk te doen, en als bijkomend voordeel: ik zie Jente nog eens. En dat is ook een leuk ding.
Jente wordt al bijna vier, en binnenkort gaat ze naar school. Ze mag eventjes gaan wennen, een paar daagjes in de week, en dan is het ook echt zover.
Ik wil niet zeggen dat ik het spannend vind allemaal. Maar uiteraard heb ik wel al honkbalknuppels klaar liggen, voor als ze thuis komt met verhalen over kindjes die haar pesten. Die kindjes (of liever gezegd: de ouders van de betreffende kindjes) zijn voor mij.
Ook heb ik een opblaasjas voor haar gemaakt, die moet ze aantrekken, en als ze dan tijdens té woeste spelletjes dreigt te vallen, dan blaast die jas zich op, zodat ze zich niet bezeert. Een soort van wandelende airbag. Super praktisch.
Ilse zat even door de digitale schoolgids te praten, en wist me te melden dat Jente ook op schoolreis zou gaan. Mijn eerste reactie was gelijk om te zeggen dat daar niks van in kwam. Ze is pas vier, en nog veel te jong om 3 dagen in het wild te gaan kamperen of naar Walibi te gaan, en dan uit zo'n achtbaan te mieteren. En die juffen en meesters, hoe moeten die al die kinderen in de gaten houden, en zo barstte ik uit in een gemopper en geknotter, tot ik dus beschaamd mijn waffel weer sloot. Loslaten. Het komt wel goed. Ilse had overigens hetzelfde.
Over Jente gesproken: we zaten van de week even gezellig met ons drietjes op de bank. Dat wil zeggen: ik zit zelden op de bank, want ik ben er vaak wat te "doenig" voor. Niet zozeer onrustig, maar gewoon, dat er teveel zaken zijn waar ik dan toch even iets mee wil, kan of moet. En dan sta ik weer op, en ga ik iets anders doen.
Jente was samen met Ilse ergens naartoe geweest, en had haar schoentjes nog aan, Ilse lag bij te komen op de bank, en samen zaten ze naar iets op de tv te kijken. Hoewel Ilses aandacht even bij mij lag, Jente haar aandacht lag bij haar schoen, en mijn aandacht ging uit naar de twee meiden, want ik was zelf nog niet zo heel lang thuis.
Ik wilde iets gaan zeggen tegen Ilse, maar voor ik mijn gedachten goed geordend had, registreerde mijn ogen dat Jente haar voetje in een bizar onnatuurlijke houding omhoog gevouwen lag. Dus mijn gedachten stokten even, mijn vrees voor het volgende tafereeltje werd bewaarheid: madammeke begon, met haar schoen nog om haar voeten, haar voetzolen te likken.
En dus, in het kader van 'dingen waarvan je niet gedacht had ze ooit te zullen zeggen': Jente, niet aan je schoenzolen likken, dat is heel erg vies! Bah! Weer wat nieuws.
Weer wat nieuws: diezelfde avond ging Jente naar bed. Dat op zich is natuurlijk niet nieuw, maar omdat ik de volgende ochtend extreem vroeg op moest, wilde ik me even douchen. Ik was net klaar, had nét de kraan dicht, toen Jente de badkamer binnen kwam. Ze moest een plas. Ik stapte in mijn vol(le) (ronde) glorie de douche uit, toen Jente met een iets te ondeugende blik riep: "papa, waar is je piemel nou?"
Vanuit de overloop hoorde ik Ilse niet een beetje besmuikt giechelen. En zelf wist ik op dat moment niet veel meer te zeggen dan dat ik die per ongeluk met het douchen had af- en doorgespoeld.
Wat moet je dan?
Zoals reeds eerder gemeld: ik heb dus een nieuwe bril. En dat vind ik altijd leuk. Markeert toch weer een periode van twee jaar. En je krijgt er toch een wat ander hoofd van. Niet lelijker, niet knapper. In mijn geval uiteraard wel, en ook een intelligentere uitstraling. Ik weet het zeker.
Nu draag ik het ding sinds donderdag, en ik heb in real life, gewoon 0 aan reactie gehad. En ik weet zeker dat deze bril heel erg anders is als de vorige. De vorige was namelijk wat rechthoekiger, deze is veel ronder.
Gewoon geen reactie. Spijtig.
Er kleeft ook een ander nadeel aan deze bril, hoe mooi ik hem ook vind. De brillenmevrouw, heeft op mijn verzoek de bril echt goed op mijn smoel afgesteld. Niks is hatelijker dan een bril je die continu weer omhoog moet schuiven. En bij mijn vorige bril, moest ik hem continu omhoog schuiven. Als je dat niet doet, ben je met je hoofd achterover, met je ogen omlaag aan het loensen om toch nog wat te zien, maar voor de buitenwereld ziet dat er dan toch wat zwakbegaafd uit.
Dus lekker strak, mevrouw, dat voelt beter.
En dat deed ze. Dat deed ze erg goed. Want mijn bril blijft op zijn door mij gewenste plaats zitten.
Maar dat komt wel met een prijskaartje. Dat is namelijk dat mijn rechter oorschelp nu wat aan het schrijnen is, omdat mijn oor dus nu serieus aan de bak moet om mijn bril omhoog te houden. Links heeft er minder last van, maar rechts, is serieus een protest begonnen.
Maar ik moet zeggen: ondanks dat de sterkte niet beter of slechter is geworden; een nieuwe bril, zonder krassen of vetvlekken, kijkt wel lekker weg.
Zoals gezegd: ik zit tevreden beneden, want mijn weekend is begonnen. Gisteravond al.
Ik ben, en dat is niet onbekend, al was het maar omdat mijn ronde behuizing daar blijk van geeft, een lekkerbek. Hou van lekker (gezond, maar vooral veel) eten.
En gelukkig heb ik een aantal vriendjes die dat ook doen. Een van die vriendjes is Adriaan. Die zich aan het bekwamen was, en is, in het overheerlijke en edele vis-eten, bereiden, fileren etc.
Hij werkt in een vis-speciaalzaak, en schept er genoegen in om klanten naar huis te sturen met een heerlijk stuk vers gefileerde vis. Met alle bijbehorende tips om de lekkerbek (klant) nog meer te laten genieten van zijn of haar vers aangeschafte stukje vis.
Omdat een goed stukje vis, ook spek voor mijn bek is, en omdat we nodig eens moesten bijkletsen, werd het tijd om ons weekend eens gezamenlijk in te luiden met bijkletsen, vis eten, gezelligheid.
En, omdat een stukje kennis-overdracht altijd leuk is, zou hij haring meenemen.
Wat was dat leuk om te doen. Een haring schoonmaken. In het begin wat onwennig, want zo'n dood, glibberig lijf opensnijden, van ingewanden ontdoen, de huid afstropen en de graten eruit halen, is nog niet zo makkelijk. In tegendeel zelfs. Soms voelde het alsof dat beest nog leefde, en zich tot het uiterste verzette. Gelukkig was het beest werkelijk dood. En konden we, met wat oefening mijnerzijds, genieten van een paar overheerlijke haringen. Dit als amuse, want de hoofdmaaltijd bestond uit voor Ilse en Jente werkelijk waar twee enorme lekkerbekken. (Ter vergelijk, de lekkerbek was ongeveer even groot als Jente) en voor ons een pan mosselen om U tegen te zeggen. Met vers gebakken frietjes.
Gesmuld hebben we. En gelachen. En gekletst. En gesmuld. En gesmuld. En gelachen.
Zo begin je het weekend goed.
Jente wordt al bijna vier, en binnenkort gaat ze naar school. Ze mag eventjes gaan wennen, een paar daagjes in de week, en dan is het ook echt zover.
Ik wil niet zeggen dat ik het spannend vind allemaal. Maar uiteraard heb ik wel al honkbalknuppels klaar liggen, voor als ze thuis komt met verhalen over kindjes die haar pesten. Die kindjes (of liever gezegd: de ouders van de betreffende kindjes) zijn voor mij.
Ook heb ik een opblaasjas voor haar gemaakt, die moet ze aantrekken, en als ze dan tijdens té woeste spelletjes dreigt te vallen, dan blaast die jas zich op, zodat ze zich niet bezeert. Een soort van wandelende airbag. Super praktisch.
Ilse zat even door de digitale schoolgids te praten, en wist me te melden dat Jente ook op schoolreis zou gaan. Mijn eerste reactie was gelijk om te zeggen dat daar niks van in kwam. Ze is pas vier, en nog veel te jong om 3 dagen in het wild te gaan kamperen of naar Walibi te gaan, en dan uit zo'n achtbaan te mieteren. En die juffen en meesters, hoe moeten die al die kinderen in de gaten houden, en zo barstte ik uit in een gemopper en geknotter, tot ik dus beschaamd mijn waffel weer sloot. Loslaten. Het komt wel goed. Ilse had overigens hetzelfde.
Over Jente gesproken: we zaten van de week even gezellig met ons drietjes op de bank. Dat wil zeggen: ik zit zelden op de bank, want ik ben er vaak wat te "doenig" voor. Niet zozeer onrustig, maar gewoon, dat er teveel zaken zijn waar ik dan toch even iets mee wil, kan of moet. En dan sta ik weer op, en ga ik iets anders doen.
Jente was samen met Ilse ergens naartoe geweest, en had haar schoentjes nog aan, Ilse lag bij te komen op de bank, en samen zaten ze naar iets op de tv te kijken. Hoewel Ilses aandacht even bij mij lag, Jente haar aandacht lag bij haar schoen, en mijn aandacht ging uit naar de twee meiden, want ik was zelf nog niet zo heel lang thuis.
Ik wilde iets gaan zeggen tegen Ilse, maar voor ik mijn gedachten goed geordend had, registreerde mijn ogen dat Jente haar voetje in een bizar onnatuurlijke houding omhoog gevouwen lag. Dus mijn gedachten stokten even, mijn vrees voor het volgende tafereeltje werd bewaarheid: madammeke begon, met haar schoen nog om haar voeten, haar voetzolen te likken.
En dus, in het kader van 'dingen waarvan je niet gedacht had ze ooit te zullen zeggen': Jente, niet aan je schoenzolen likken, dat is heel erg vies! Bah! Weer wat nieuws.
Weer wat nieuws: diezelfde avond ging Jente naar bed. Dat op zich is natuurlijk niet nieuw, maar omdat ik de volgende ochtend extreem vroeg op moest, wilde ik me even douchen. Ik was net klaar, had nét de kraan dicht, toen Jente de badkamer binnen kwam. Ze moest een plas. Ik stapte in mijn vol(le) (ronde) glorie de douche uit, toen Jente met een iets te ondeugende blik riep: "papa, waar is je piemel nou?"
Vanuit de overloop hoorde ik Ilse niet een beetje besmuikt giechelen. En zelf wist ik op dat moment niet veel meer te zeggen dan dat ik die per ongeluk met het douchen had af- en doorgespoeld.
Wat moet je dan?
Zoals reeds eerder gemeld: ik heb dus een nieuwe bril. En dat vind ik altijd leuk. Markeert toch weer een periode van twee jaar. En je krijgt er toch een wat ander hoofd van. Niet lelijker, niet knapper. In mijn geval uiteraard wel, en ook een intelligentere uitstraling. Ik weet het zeker.
Nu draag ik het ding sinds donderdag, en ik heb in real life, gewoon 0 aan reactie gehad. En ik weet zeker dat deze bril heel erg anders is als de vorige. De vorige was namelijk wat rechthoekiger, deze is veel ronder.
Gewoon geen reactie. Spijtig.
Er kleeft ook een ander nadeel aan deze bril, hoe mooi ik hem ook vind. De brillenmevrouw, heeft op mijn verzoek de bril echt goed op mijn smoel afgesteld. Niks is hatelijker dan een bril je die continu weer omhoog moet schuiven. En bij mijn vorige bril, moest ik hem continu omhoog schuiven. Als je dat niet doet, ben je met je hoofd achterover, met je ogen omlaag aan het loensen om toch nog wat te zien, maar voor de buitenwereld ziet dat er dan toch wat zwakbegaafd uit.
Dus lekker strak, mevrouw, dat voelt beter.
En dat deed ze. Dat deed ze erg goed. Want mijn bril blijft op zijn door mij gewenste plaats zitten.
Maar dat komt wel met een prijskaartje. Dat is namelijk dat mijn rechter oorschelp nu wat aan het schrijnen is, omdat mijn oor dus nu serieus aan de bak moet om mijn bril omhoog te houden. Links heeft er minder last van, maar rechts, is serieus een protest begonnen.
Maar ik moet zeggen: ondanks dat de sterkte niet beter of slechter is geworden; een nieuwe bril, zonder krassen of vetvlekken, kijkt wel lekker weg.
Zoals gezegd: ik zit tevreden beneden, want mijn weekend is begonnen. Gisteravond al.
Ik ben, en dat is niet onbekend, al was het maar omdat mijn ronde behuizing daar blijk van geeft, een lekkerbek. Hou van lekker (gezond, maar vooral veel) eten.
En gelukkig heb ik een aantal vriendjes die dat ook doen. Een van die vriendjes is Adriaan. Die zich aan het bekwamen was, en is, in het overheerlijke en edele vis-eten, bereiden, fileren etc.
Hij werkt in een vis-speciaalzaak, en schept er genoegen in om klanten naar huis te sturen met een heerlijk stuk vers gefileerde vis. Met alle bijbehorende tips om de lekkerbek (klant) nog meer te laten genieten van zijn of haar vers aangeschafte stukje vis.
Omdat een goed stukje vis, ook spek voor mijn bek is, en omdat we nodig eens moesten bijkletsen, werd het tijd om ons weekend eens gezamenlijk in te luiden met bijkletsen, vis eten, gezelligheid.
En, omdat een stukje kennis-overdracht altijd leuk is, zou hij haring meenemen.
Wat was dat leuk om te doen. Een haring schoonmaken. In het begin wat onwennig, want zo'n dood, glibberig lijf opensnijden, van ingewanden ontdoen, de huid afstropen en de graten eruit halen, is nog niet zo makkelijk. In tegendeel zelfs. Soms voelde het alsof dat beest nog leefde, en zich tot het uiterste verzette. Gelukkig was het beest werkelijk dood. En konden we, met wat oefening mijnerzijds, genieten van een paar overheerlijke haringen. Dit als amuse, want de hoofdmaaltijd bestond uit voor Ilse en Jente werkelijk waar twee enorme lekkerbekken. (Ter vergelijk, de lekkerbek was ongeveer even groot als Jente) en voor ons een pan mosselen om U tegen te zeggen. Met vers gebakken frietjes.
Gesmuld hebben we. En gelachen. En gekletst. En gesmuld. En gesmuld. En gelachen.
Zo begin je het weekend goed.
zondag 13 januari 2019
Update.
Het is een terugkerend dingetje en met name sinds Jente er is, maar nog niet helemaal 100% los kan lopen zonder dat het op niet al te lange termijn vol-le-dig uit de klauwen escaleert, is het helemaal lastig.
Een nieuwe bril kopen. Elke 2 jaar mag het, en dus ben ik sinds Jente er is aan mijn derde paar toe.
Ik liet Jente thuis, in de veronderstelling dat de moderne technologie mij wel zou verbinden met Ilse, die dan via whatsapp wel haar mening zou geven over de brillen die ik haar digitaal op mijn snoet presenteerde.
Met mijn eigen bril op, kon ik behoorlijk goed zien of ik een specifiek montuur leuk vond. Deze zette ik dan op, en omdat er in zo'n montuur geen glazen op sterkte zitten, trok ik de meest gekke bekken, omdat een bril op nul-sterkte nu eenmaal erg vervelend loert.
Gelukkig kon Ilse daar doorheen kijken en kon zij me adviseren in welke modellen ik wél en welke modellen ik vooral niet moest nemen.
Ik wilde dolgraag echt iets anders dan het soort vierkant-rechthoekige montuur dat ik normaal gesproken kies. Dus rond. Een complete Harry Potter achtige, ronde bril, daar waren we snel over uit: dat wordt hem niet. Ik heb volgens Ilse niet een hoofd dat vraagt om een rond brilletje. Het maakt me teveel Youp van 't Potter of Harry Hek, en ondanks dat dat best aardig is, is het toch niet helemaal wat mij 'mij' maakt.
Of we zijn beiden gewoon teveel gewend aan het soort montuur dat mijn gezicht opfleurt. Dat kan ook.
Uiteindelijk kwamen we per Whatsapp tot een tweetal mooie monturen, die ik apart liet leggen, want ik kon gelijk opgemeten worden.
De uitkomst was niet daverend. Er was nauwelijks voor- of achteruitgang in mijn ogen, maar mijn brillenglazen waren na 2 jaar wel dermate versleten en bekrast dat een nieuwe bril wel noodzakelijk was.
Ik kan ook niet helemaal voorkomen dat er krassen op komen helaas. Als ik aan het rijden ben op Schiphol, rij ik heel erg vaak van directe (en laagstaande) zon naar het donker en omgekeerd. Dus moet ik vaak vlot en tijdens het rijden van bril wisselen, en dan is het zaak om dat snel te doen, anders maak ik brokken. En met de kostprijs van een gemiddelde Boeing of Airbus in gedachten, is dat niet echt iets waar ik heel veel behoefte aan heb.
De oogmeet-meneer wilde de betreffende monturen even erbij hebben, want dan kon hij de glazen aftekenen op mijn ogen. De eerste die ik opzette, vond hij toch wel erg krapjes. En hij liep even weg om ermee te rommelen. Zodat het wat beter en comfortabeler zat.
Het tweede gekozen montuur bezorgde de meneer een dikke grijns. En hij vroeg me om even wat beter in de spiegel te kijken. En toen zag ik het ook.
Dat montuur was veel en veel te klein voor mijn hoofd. Doordat het montuur zo smal was, vormden de pootjes een soort van wig, naar mijn oren toe, waardoor het leek alsof ik een veel te dik hoofd heb.
Alsof ik een soort van bijziend (en streng) varken ben. Dat was ons beiden niet echt opgevallen. Wellicht kon ook Ilse niet helemaal door mijn gekkebekkentrekkerij heen kijken.
Dus op aandringen van de toch wel zeer meelevende opticiën toch maar gekozen om dit montuur te laten voor wat het is.
Het zijn niet de duurste monturen geworden, maar wel van het merk 'converse'. Nu kan ik wel heel hip tegen de baas zeggen dat mijn werkschoenen niet bij mijn bril passen, dus dat ik echt mijn 'all stars' moet dragen, om een beetje modieus voor de dag te komen als ik de passagiers ophaal. Het oog wil ook wat, nietwaar?
Het is een donkere tijd. En dat bedoel ik meer letterlijk dan figuurlijk. De nachten zijn lang, de dagen zijn kort. En dat betekent dat ik als ik naar mijn werk ga, ik in het donker vertrek. En als ik pech heb, ik in het donker ook weer thuiskom.
Tijdens een van die ritten, viel het me niet zo op, want het was donker, vond een of andere enorme vogel het leuk om een onbedaarlijk grote kledder poep op mijn raam te deponeren. Op het raam van de bestuurdersdeur.
In het donker viel dat niet op, maar het blijft niet donker, en toen zag ik dus wel dat mijn linker raam besmeurd was met zo'n enorme schuin naar beneden uitgelopen witte vogelkledder. Okee, soit. Kan gebeuren.
Pas toen ik bij de kazerne kwam realiseerde ik me dat die vogel me een nogal nare streek had geleverd. Mijn raam moest namelijk omlaag, om mijn pas voor de lezer te houden. En daarna weer omhoog.
Ja...
Jaha... Daar zit je dan. Met bange voorgevoelens over de afloop van dit kleine debacle, liet ik het raam zakken, en hield ik mijn pas tegen de lezer. Met nog meer bange voorgevoelens deed ik het raam dicht. En jawel. De witte kak werd door het raam-rubber over mijn hele ruit uitgeveegd en gesmeerd. Joepieeeee.
En als ik nu een witte auto had, okee. Maar op een donkerblauw-metallic auto valt witte poep gewoon echt op.
Binnenkort ga ik zelf mijn auto weer een beurt geven. Nee, dat doe ik niet zelf, dat doe ik samen met een maatje. Is het al tijd voor een beurt? Welnee. Die kan nog zeker 15.000 kilometer wachten. Maar nu heb ik even de tijd, en kan ik zelf op een brug de olie doen en dat soort zaken meer. Dit wederom onder kundige leiding van vriendje Bram, wat garant zal staan voor een goede beurt een leerzame dag, en veel onbeschaamde lachbuien en humor op en over het randje.
Nu gaan we ook wat extra deeltjes schoonmaken, en gaan we een brute sportuitlaat monteren.
Een echte Sebring.
Dat heeft natuurlijk totaal geen functie, want mijn auto is helemaal geen sportwagen. Ze zal er geen PK meer door krijgen, ze zal geen seconde eerder bij de 100 km/u wezen. Ze zal er niet stoerder door gaan brullen bij het sportief optrekken (dat ik toch al niet doe).
Maar het gaat er wél echt bizar mooi uitzien. Twee van die pijpjes in rvs ipv een enkel pijpje.
Ik heb daar nu al veel zin in.
Een nieuwe bril kopen. Elke 2 jaar mag het, en dus ben ik sinds Jente er is aan mijn derde paar toe.
Ik liet Jente thuis, in de veronderstelling dat de moderne technologie mij wel zou verbinden met Ilse, die dan via whatsapp wel haar mening zou geven over de brillen die ik haar digitaal op mijn snoet presenteerde.
Met mijn eigen bril op, kon ik behoorlijk goed zien of ik een specifiek montuur leuk vond. Deze zette ik dan op, en omdat er in zo'n montuur geen glazen op sterkte zitten, trok ik de meest gekke bekken, omdat een bril op nul-sterkte nu eenmaal erg vervelend loert.
Gelukkig kon Ilse daar doorheen kijken en kon zij me adviseren in welke modellen ik wél en welke modellen ik vooral niet moest nemen.
Ik wilde dolgraag echt iets anders dan het soort vierkant-rechthoekige montuur dat ik normaal gesproken kies. Dus rond. Een complete Harry Potter achtige, ronde bril, daar waren we snel over uit: dat wordt hem niet. Ik heb volgens Ilse niet een hoofd dat vraagt om een rond brilletje. Het maakt me teveel Youp van 't Potter of Harry Hek, en ondanks dat dat best aardig is, is het toch niet helemaal wat mij 'mij' maakt.
Of we zijn beiden gewoon teveel gewend aan het soort montuur dat mijn gezicht opfleurt. Dat kan ook.
Uiteindelijk kwamen we per Whatsapp tot een tweetal mooie monturen, die ik apart liet leggen, want ik kon gelijk opgemeten worden.
De uitkomst was niet daverend. Er was nauwelijks voor- of achteruitgang in mijn ogen, maar mijn brillenglazen waren na 2 jaar wel dermate versleten en bekrast dat een nieuwe bril wel noodzakelijk was.
Ik kan ook niet helemaal voorkomen dat er krassen op komen helaas. Als ik aan het rijden ben op Schiphol, rij ik heel erg vaak van directe (en laagstaande) zon naar het donker en omgekeerd. Dus moet ik vaak vlot en tijdens het rijden van bril wisselen, en dan is het zaak om dat snel te doen, anders maak ik brokken. En met de kostprijs van een gemiddelde Boeing of Airbus in gedachten, is dat niet echt iets waar ik heel veel behoefte aan heb.
De oogmeet-meneer wilde de betreffende monturen even erbij hebben, want dan kon hij de glazen aftekenen op mijn ogen. De eerste die ik opzette, vond hij toch wel erg krapjes. En hij liep even weg om ermee te rommelen. Zodat het wat beter en comfortabeler zat.
Het tweede gekozen montuur bezorgde de meneer een dikke grijns. En hij vroeg me om even wat beter in de spiegel te kijken. En toen zag ik het ook.
Dat montuur was veel en veel te klein voor mijn hoofd. Doordat het montuur zo smal was, vormden de pootjes een soort van wig, naar mijn oren toe, waardoor het leek alsof ik een veel te dik hoofd heb.
Alsof ik een soort van bijziend (en streng) varken ben. Dat was ons beiden niet echt opgevallen. Wellicht kon ook Ilse niet helemaal door mijn gekkebekkentrekkerij heen kijken.
Dus op aandringen van de toch wel zeer meelevende opticiën toch maar gekozen om dit montuur te laten voor wat het is.
Het zijn niet de duurste monturen geworden, maar wel van het merk 'converse'. Nu kan ik wel heel hip tegen de baas zeggen dat mijn werkschoenen niet bij mijn bril passen, dus dat ik echt mijn 'all stars' moet dragen, om een beetje modieus voor de dag te komen als ik de passagiers ophaal. Het oog wil ook wat, nietwaar?
Het is een donkere tijd. En dat bedoel ik meer letterlijk dan figuurlijk. De nachten zijn lang, de dagen zijn kort. En dat betekent dat ik als ik naar mijn werk ga, ik in het donker vertrek. En als ik pech heb, ik in het donker ook weer thuiskom.
Tijdens een van die ritten, viel het me niet zo op, want het was donker, vond een of andere enorme vogel het leuk om een onbedaarlijk grote kledder poep op mijn raam te deponeren. Op het raam van de bestuurdersdeur.
In het donker viel dat niet op, maar het blijft niet donker, en toen zag ik dus wel dat mijn linker raam besmeurd was met zo'n enorme schuin naar beneden uitgelopen witte vogelkledder. Okee, soit. Kan gebeuren.
Pas toen ik bij de kazerne kwam realiseerde ik me dat die vogel me een nogal nare streek had geleverd. Mijn raam moest namelijk omlaag, om mijn pas voor de lezer te houden. En daarna weer omhoog.
Ja...
Jaha... Daar zit je dan. Met bange voorgevoelens over de afloop van dit kleine debacle, liet ik het raam zakken, en hield ik mijn pas tegen de lezer. Met nog meer bange voorgevoelens deed ik het raam dicht. En jawel. De witte kak werd door het raam-rubber over mijn hele ruit uitgeveegd en gesmeerd. Joepieeeee.
En als ik nu een witte auto had, okee. Maar op een donkerblauw-metallic auto valt witte poep gewoon echt op.
Binnenkort ga ik zelf mijn auto weer een beurt geven. Nee, dat doe ik niet zelf, dat doe ik samen met een maatje. Is het al tijd voor een beurt? Welnee. Die kan nog zeker 15.000 kilometer wachten. Maar nu heb ik even de tijd, en kan ik zelf op een brug de olie doen en dat soort zaken meer. Dit wederom onder kundige leiding van vriendje Bram, wat garant zal staan voor een goede beurt een leerzame dag, en veel onbeschaamde lachbuien en humor op en over het randje.
Nu gaan we ook wat extra deeltjes schoonmaken, en gaan we een brute sportuitlaat monteren.
Een echte Sebring.
Dat heeft natuurlijk totaal geen functie, want mijn auto is helemaal geen sportwagen. Ze zal er geen PK meer door krijgen, ze zal geen seconde eerder bij de 100 km/u wezen. Ze zal er niet stoerder door gaan brullen bij het sportief optrekken (dat ik toch al niet doe).
Maar het gaat er wél echt bizar mooi uitzien. Twee van die pijpjes in rvs ipv een enkel pijpje.
Ik heb daar nu al veel zin in.
Abonneren op:
Posts (Atom)
"het Eiland"
En dat was de vakantie alweer. En niet zo voor de hand liggende keuze, dit jaar. Want dit jaar gaat alles anders. Alles gaat anders, want...
-
11 jaar geleden, op 6 maart werd ik voor het eerst vader (dat wil zeggen: voor zover ik weet, er heeft zich nog niemand gemeld die vindt da...
-
Ik ben anders bedraad. Ja, dit staat er echt, en het is echt waar. De draden in mijn brein lopen net even anders, en hoewel ik dat met een...
-
Het doet gewoon pijn aan mijn oren. En net als ik denk dat grof fysiek geweld de enige uitweg is, wordt het zwart. Ik ben hersendood geklets...