zondag 27 december 2015
Jente... Lekker kind.
Een paar dagen voor kerst, togen we naar Baambrugge. Of zo'n soort gekke plaats ergens onder in Zeeland.
Zeeland. Vast een hele mooie provincie. Maar altijd als ik er moet zijn, lijkt het wel alsof ik naar Frankrijk moet of zo. Pokke-end weg. De eerste keer vanuit Zaandam nog, overwoog ik heel even om er te blijven slapen. Vanuit Tiel was het niet veel beter, maar ook vanuit Rotterdam ligt Zeeland gewoon belachelijk ver weg.
Daar in het Zeeuwse landschap, (op een bungalowparkje dat niet als zodanig herkenbaar was, zodat we in de middle of no-where (haha, Zeeland IS the middle of no-where) uitkwamen. Maar goed, uiteindelijk vonden we het parkje) hadden twee bevriende componisten/musici zichzelf verstopt/opgesloten om wat werk te kunnen verzetten. Of wij voor de gezelligheid eens even langs wilden komen. Ilse zei ja, en omdat ik het ook wel gezellig vond, gingen we. Naar dat verrekt ver afgelegen Zeeland.
Jente met bedje en benodigdheden ingeladen, en karren maar.
Heerlijk gegeten. Koe, en aardappels in ganzenvet gebakken, met wat groenten. Leon kan veel, en nog goed koken ook.
Maar Jente, die had het niet zo naar haar zin. Het handig inklapbare campingbedje, afgevuld met knuffels, speeltjes, speentjes en knuffels ten spijt, slapen wilde ze niet. Te veel indrukken. Te veel vreemde geluiden, geuren, mensen, omgevingen.
En dus was het voor ons toch een beetje ongemakkelijk. Zie namelijk maar eens gezellig te eten met een krijsende baby op de niet zo heel erg veraf gelegen achtergrond.
Af en toe even oppakken, kietelen, gooien, knuffelen, weer in bed stoppen, een lekkertje erin. Nee, nee en nogmaals nee. Het hielp niks. Madam bleef onrustig. Zelfs toen ze op het toppunt van moe was, wenste ze niet te slapen.
Eerste kerstdag bij de schoonouders. Heerlijke kalkoen gesmikkeld. Onder het genot van (voor de vleeseters LEKKERE, en voor de viseters MINDER LEKKERE) wijn heerlijk gezellig getafeld. Een amuse van slak. Met look en spinazie of zo.
Ik heb filmpjes van ene Geerhard, die al kokhalzend een oestertje wegslobbert. Mijn reactie was (zij het iets ingetogener) bijna dezelfde. Slak. Dat hinderlijke ding, dat zo kraakt als je er per ongeluk op gaat staan, en die je dan nog kilometers onder je schoenzool voelt glibberen. Blijkt dus gebakken met knoflook en wat groens, nog best appetijtelijk. Niet voor elke dag, maar voortaan als ik escargot zie staan zal ik dus niet meteen griezelend nee zeggen.
En onze Jente? Die vermaakte zich uitstekend met haar opa en oma (die ook nog zo lief waren om de nacht van ons over te nemen, zodat wij lekker konden uitslapen. Waar overigens niet zo gek veel van kwam, omdat ik zo stom was om mijn masker te vergeten, en dus waarschijnlijk onbeschoft heb liggen snurken).
Tweede kerstdag. Bij Cindy en Ben op bezoek. Gezellig eten en kletsen. Heerlijke malse varkenshaas met groenten aardappels en een lekkere saus.
Jente in Almere ingeladen, met bedje en toebehoren, en gas erop. Naar Arnhem. Hartje centrum, dus dichtbij parkeren is een illusie. Dat betekende sjouwen met Jente, bed, tas, matras.
Alle meegenomen knuffels, speeltjes, spenen, naar zichzelf geurende kleedjes ten spijt: Jente had het niet naar haar zin. Teveel nieuwe indrukken, teveel mensen, teveel... Noem het maar op. En zie dan maar eens gezellig bij te kletsen, als er heel de tijd een klein mensje aan het krijsen is. En ook hier, tot ver over haar vermoeidheid heen, bleef ze maar aangeven dat er iets niet goed was.
We hadden dus plannen om oud en nieuw bij vriendjes te vieren. Maar we hebben besloten dat dat niet handig is, met een kleine meid die blijkbaar makkelijk overprikkeld is, en niet zo goed slaapt op andere plekken. Dus met lood in onze schoenen dit toch maar afgebeld. Want hoe gezellig is het voor ons, als we ons heel de tijd moeten bekommeren om een huilend kind? Hoe prettig is het voor Jente, om blijkbaar zich niet op haar gemak te voelen op andere plaatsen? En hoe prettig is het voor andere gasten om heel de tijd lastig gevallen te worden met een krijsende Jente? Ik weet nog hoe ik het vroeger vond. Lastig gevallen worden met andermans krijsende baby staat nu eenmaal niet op ieders bucket-list. Neem ik aan.
Dit klinkt heel sneu, maar ik zou Jente niet meer willen missen. Blijkbaar gaan we in dit opzicht wat te snel voor haar, en dan kunnen we ons maar beter een beetje aan haar tempo aanpassen. Als dit soort bezoeken voor haar nu nog wat teveel zijn, is het een kleine moeite om haar dit te besparen, als het kan. Want als het niet kan, dan heeft ze gewoon eventjes pech. Maar nu hebben wij dus eventjes "pech".
Plus daarbij komt, dat we gewoon niet weten hoe ons kleine wurmpje gaat reageren op al het verplichte (en zinloze, en lompe, en economisch en milieutechnisch, maar vooral dier- en mensonvriendelijke) vuurwerk. Dik kans dat ze totaal in paniek raakt. Maar evenzeer is de kans groot dat het haar totaal niet boeit, en ze lekker verder knort.
Inmiddels ben ik ook het grootste deel van 2015 vader geweest. Er zijn meer dan eens momenten geweest dat ik het toch wel ff zwaar had. En degene die ooit verzonnen heeft "dat je er zoveel voor terugkrijgt" die moeten ze verzuipen in een bad van volgebaggerde babyluiers. Want zoveel krijg je er niet voor terug. Ja, ondergekotste truien. Een kind dat doorheeft hoe ze haar drinken uit moet spuwen op een manier dat er een leuk fonteintje ontstaat. Een kind dat een voorliefde lijkt te hebben voor papa's schoenveters, waardoor papa bij elke stap bijna zijn nek breekt. Een kind dat ineens, uiteraard na 1700 uur op vrijdag middag ineens zo ziek lijkt dat we niet naar de huisarts, maar naar de huisartsenpost moeten. Een kind dat mijn hart doet smelten als ik 's ochtends haar kamertje opkom, en ze naar me glimlacht. Een kind dat haar eerste boterhammetje met smeerworst met veel smaak opeet. Een kind dat zo heerlijk kan kraaien als ik haar "op de grond laat vallen". Een kind dat, als ze in bed ligt, nog zo heerlijk kan liggen pruttelen tegen haar knuffels, en de wereld in het algemeen. Een kind dat samen met mij zo heerlijk kan genieten van een lekkere warme douche. Een kind dat zo heerlijk verwonderd en nieuwsgierig rondkruipt.
Ilse gaat volgend jaar een post HBO opleiding doen tot muziekjuf. En afgelopen jaar is ze dus moeder geworden. En heeft ze telkens maar weer gesolliciteerd. En een paar keer haar gouden keeltje gestrekt.
Als echtgenoot ben ik een beetje bevooroordeeld, maar ik ben toch wel apetrots op dat gekke mens. Die al die balletjes toch maar mooi in de lucht houdt.
En zelf heb ik ook een mooi jaar gehad, en komen er mooie nieuwe projecten aan. Een albumopname met een gave band, een nieuw etude boek (voor piccolotrompet) een paar leuke buitenlandreisjes (die hopelijk niet langs een ziekenhuis gaan).
Ik wens iedereen een mooi uiteinde, een prachtig 2016. Laten we er allemaal maar een prachtig jaar van maken.
zondag 20 december 2015
Kerstzaken.
Het is weer de tijd voor allemaal kerstgerelateerde zaken.
Zaken zoals kerstconcerten, kerstmaaltijden, kerstbomen, kerstpakketten en andersoortige kerstaangelegenheden.
Heel erg veel met kerst heb ik niet, en had ik niet. Ik genoot altijd het meest van de lekkernijen.
Een paar dagen (noem het een week) na het inmiddels verguisde sinterklaasfeest (kom op zeurpieten, laat Zwarte Piet met rust) kocht ik bij 's lands grootste grutter een kerstboom. Het ding is echt maar een centimeter of 25 hoog. Jawel: centimeter. De witgekwastte rieten mand eronder is ook nog een goeie 20 centimeter hoog, en dat is alleen maar om het petieterig boompje nog wat sjeu mee te geven.
Lekker makkelijk, dacht ik. Want heel veel plaats voor een boom hebben we niet (want erg bereid om die in de box van Jente te zetten, waren we niet, om praktische en theoretische redenen), maar dit exemplaartje kan zo op de kast.
Versierd met een strookje ledlampjes waaraan heel kunstig wat pluizige witte balletjes zijn geknoopt. En een ster naast de piek.
Hoe jammer is het dat de batterij die de ledlampjes aanstuurt, het met 2 dagen al begaf. Er komt nog wel een heeeeeel klein beetje licht vanaf, maar dat is te weinig om echt van sfeer te spreken.
Hoe dan ook: Ilse was er toch wel blij mee, en dat stemde mij blij. Dus vol trots staat ons kleine, dappere boompje hier heel erg kerstig te wezen. Een minuscuul klein stalletje staat eronder, die komt nog uit de kerstrequisiten van Ilse.
Kerstpakketten.
Een paar maanden terug kregen we van een blije organisatie een cadeaubon. Als extraatje voor ons mooie spelen. En van de baas kregen we een VVV-bon, als kerstpakket.
Verder geef ik geen les bij verenigingen die heel veel zien in een kerstpakket. Aan de andere kant: mijn leerlingen pakten dit jaar over het algemeen groots uit toen ik verkondigde dat Jente geboren was, dus mijn leerlingen hebben dat meer dan goed gemaakt. Mijn cadeaubonnen heb ik vandaag verzilverd voor een Dremel. Wereld: sidder en beef. Marnix met zijn 2 linkerhanden gaat kleine klussen klaren. Wat precies weet ik nog niet, de mogelijkheden van die dingen zijn nagenoeg eindeloos, dus daar kan ik echt wel een paar jaar mee voort.
Wat ik overigens nogal zot vind: het garantiebewijs van zo'n ding is het bonnetje. Maar de kluswinkel in kwestie print het bonnetje standaard uit op zo'n vetvrij dun vodje, en in mijn geval met te weinig inkt. Dus toog ik opgewekt naar de klantenservice, of ze even voor mij een nieuwe en betere bon konden uitprinten voor het geval ik garantie nodig zou hebben. (Dit in de veronderstelling dat ik daarvoor bij de klantenservice moest wezen).
Nou..... Dat was te makkelijk gedacht. Het probleem dat ik noemde, was bekend. (DOE ER DAN WAT AAN!) Maar er wat aan doen, nee, ik moest toch niet denken dat ik een andere bon meekreeg. (Klantenservice? Huh? Waar? Hier? Nee hoor!) Ik moest thuis maar een kopietje maken, en het originele bonnetje erbij doen.
Juist. Nou...
Maar toch: zo blij als een kind ging ik met mijn nieuwe gereedschap naar huis. Dank lieve luitenant-generaal!
Kerstconcerten. Daarvan heb ik er dit jaar maar 3. Vind ik op zich niet zo heel erg, want al met al was het behoorlijk druk.
Het eerste kerstconcert was een samenraapsel van de Weihnachts en Magnificat van Bach. Mooi op piccolo hompen. Omdat het zo is dat je bij dergelijke concerten ongeveer 4/5 deel van je tijd rust hebt en dus 1/5 deel speelt, maar niet achter elkaar, maar verdeeld over de hele avond. Dus tussen het spelen door, zit je nogal eens wat te niksen.
En van dat niksen, wordt je trompet koud. En van koud worden, wordt het laag.
Gelukkig: de concertmeester laat voor onze inzet nog even afstemmen. Hobo speelt, ik speel en hoor dat ik meters te laag ben. Om mij heen begonnen nogal wat mensen te lachen. Want blijkbaar was ik niet de enige die door had dat ik meters te laag was. Waarom dat nu zo komisch was, ontgaat me ten ene malen, maar ik ben blij dat ik de avond een extra vleugje vrolijkheid kon geven. Uiteindelijk werd het zoals gebruikelijk met deze sectie weer een bijzonder prettige en goed geslaagde aangelegenheid.
Het tweede kerstconcert was gisteren, in mooi Buren. Elk jaar weer een terugkerend feestje van mensen die in en uit wandelen, gluhwein wegslempen en weer verder gaan, en tijdens dat slempen luisteren ze dan naar ons. Als nieuwigheidje hebben we dit jaar een drumstel aan ons kwintet toegevoegd. Maarten die met allemaal potten en deksels ons optreden toch wat dynamischer en aantrekkelijker maakt. En dat met wat nieuwe stukjes hadden we een leuke show. De directeur van het museum waar we spelen, is nieuw en weet nog niet zo goed hoe hij het allemaal moet inschatten. Wij ook niet, trouwens, want telkens als wij even een pauze nodig hadden, kwamen er verse luisteraars in groten getale binnen. Maar ja, een setje koperblaas-lippen, moet af en toe gewoon even wat water/koffie/fris weghaggelen, want anders loop je vast. Voor volgend jaar maar weer wat nieuwe arrangementen voor de kerst zoeken/laten maken.
Nog 2 dagen lesgeven, 1 kerstconcertje en dan is het vakantie. Dan ga ik hele dagen van Jente en Ilse genieten.
Zaken zoals kerstconcerten, kerstmaaltijden, kerstbomen, kerstpakketten en andersoortige kerstaangelegenheden.
Heel erg veel met kerst heb ik niet, en had ik niet. Ik genoot altijd het meest van de lekkernijen.
Een paar dagen (noem het een week) na het inmiddels verguisde sinterklaasfeest (kom op zeurpieten, laat Zwarte Piet met rust) kocht ik bij 's lands grootste grutter een kerstboom. Het ding is echt maar een centimeter of 25 hoog. Jawel: centimeter. De witgekwastte rieten mand eronder is ook nog een goeie 20 centimeter hoog, en dat is alleen maar om het petieterig boompje nog wat sjeu mee te geven.
Lekker makkelijk, dacht ik. Want heel veel plaats voor een boom hebben we niet (want erg bereid om die in de box van Jente te zetten, waren we niet, om praktische en theoretische redenen), maar dit exemplaartje kan zo op de kast.
Versierd met een strookje ledlampjes waaraan heel kunstig wat pluizige witte balletjes zijn geknoopt. En een ster naast de piek.
Hoe jammer is het dat de batterij die de ledlampjes aanstuurt, het met 2 dagen al begaf. Er komt nog wel een heeeeeel klein beetje licht vanaf, maar dat is te weinig om echt van sfeer te spreken.
Hoe dan ook: Ilse was er toch wel blij mee, en dat stemde mij blij. Dus vol trots staat ons kleine, dappere boompje hier heel erg kerstig te wezen. Een minuscuul klein stalletje staat eronder, die komt nog uit de kerstrequisiten van Ilse.
Kerstpakketten.
Een paar maanden terug kregen we van een blije organisatie een cadeaubon. Als extraatje voor ons mooie spelen. En van de baas kregen we een VVV-bon, als kerstpakket.
Verder geef ik geen les bij verenigingen die heel veel zien in een kerstpakket. Aan de andere kant: mijn leerlingen pakten dit jaar over het algemeen groots uit toen ik verkondigde dat Jente geboren was, dus mijn leerlingen hebben dat meer dan goed gemaakt. Mijn cadeaubonnen heb ik vandaag verzilverd voor een Dremel. Wereld: sidder en beef. Marnix met zijn 2 linkerhanden gaat kleine klussen klaren. Wat precies weet ik nog niet, de mogelijkheden van die dingen zijn nagenoeg eindeloos, dus daar kan ik echt wel een paar jaar mee voort.
Wat ik overigens nogal zot vind: het garantiebewijs van zo'n ding is het bonnetje. Maar de kluswinkel in kwestie print het bonnetje standaard uit op zo'n vetvrij dun vodje, en in mijn geval met te weinig inkt. Dus toog ik opgewekt naar de klantenservice, of ze even voor mij een nieuwe en betere bon konden uitprinten voor het geval ik garantie nodig zou hebben. (Dit in de veronderstelling dat ik daarvoor bij de klantenservice moest wezen).
Nou..... Dat was te makkelijk gedacht. Het probleem dat ik noemde, was bekend. (DOE ER DAN WAT AAN!) Maar er wat aan doen, nee, ik moest toch niet denken dat ik een andere bon meekreeg. (Klantenservice? Huh? Waar? Hier? Nee hoor!) Ik moest thuis maar een kopietje maken, en het originele bonnetje erbij doen.
Juist. Nou...
Maar toch: zo blij als een kind ging ik met mijn nieuwe gereedschap naar huis. Dank lieve luitenant-generaal!
Kerstconcerten. Daarvan heb ik er dit jaar maar 3. Vind ik op zich niet zo heel erg, want al met al was het behoorlijk druk.
Het eerste kerstconcert was een samenraapsel van de Weihnachts en Magnificat van Bach. Mooi op piccolo hompen. Omdat het zo is dat je bij dergelijke concerten ongeveer 4/5 deel van je tijd rust hebt en dus 1/5 deel speelt, maar niet achter elkaar, maar verdeeld over de hele avond. Dus tussen het spelen door, zit je nogal eens wat te niksen.
En van dat niksen, wordt je trompet koud. En van koud worden, wordt het laag.
Gelukkig: de concertmeester laat voor onze inzet nog even afstemmen. Hobo speelt, ik speel en hoor dat ik meters te laag ben. Om mij heen begonnen nogal wat mensen te lachen. Want blijkbaar was ik niet de enige die door had dat ik meters te laag was. Waarom dat nu zo komisch was, ontgaat me ten ene malen, maar ik ben blij dat ik de avond een extra vleugje vrolijkheid kon geven. Uiteindelijk werd het zoals gebruikelijk met deze sectie weer een bijzonder prettige en goed geslaagde aangelegenheid.
Het tweede kerstconcert was gisteren, in mooi Buren. Elk jaar weer een terugkerend feestje van mensen die in en uit wandelen, gluhwein wegslempen en weer verder gaan, en tijdens dat slempen luisteren ze dan naar ons. Als nieuwigheidje hebben we dit jaar een drumstel aan ons kwintet toegevoegd. Maarten die met allemaal potten en deksels ons optreden toch wat dynamischer en aantrekkelijker maakt. En dat met wat nieuwe stukjes hadden we een leuke show. De directeur van het museum waar we spelen, is nieuw en weet nog niet zo goed hoe hij het allemaal moet inschatten. Wij ook niet, trouwens, want telkens als wij even een pauze nodig hadden, kwamen er verse luisteraars in groten getale binnen. Maar ja, een setje koperblaas-lippen, moet af en toe gewoon even wat water/koffie/fris weghaggelen, want anders loop je vast. Voor volgend jaar maar weer wat nieuwe arrangementen voor de kerst zoeken/laten maken.
Nog 2 dagen lesgeven, 1 kerstconcertje en dan is het vakantie. Dan ga ik hele dagen van Jente en Ilse genieten.
vrijdag 11 december 2015
Over Radiomannetjes, etudes, dikke koppen en Jente
Toen ik 1,5 jaar geleden vol trots verkondigde dat ik met een heusch etudeboek bezig was, kon ik me niet voorstellen dat er uberhaupt enige interesse was. Waarom zouden mensen mijn liedjes kopen, als er al zoveel op de markt is?
Maar goed, ruim een jaar geleden had ik er 18 klaar (in mijn geheugen staat 19, wellicht heb ik die zelf ooit erbij gefantaseerd, of ben ik ergens vergeten en nummertje boven te kalken), en wist ik niet zo goed hoe nu verder.
Want ja, als je die dingen wil verkopen, kun je niet aankomen met een stapeltje kopietjes van een handgeschreven blaadje en bovendien: met mijn handschrift is niet zozeer de etude de uitdaging, alswel het lezen ervan.
Michiel wist raad, en die nam mijn pakketje geklieder mee. Het zou wel goedkomen.
Inmiddels ben ik verhuisd, heb ik 2 of 3 auto's versleten (laat het er 2 geweest zijn) een paar Weihnachtsoratoria gespeeld, ben ik naar Wenen op en neer gereden, en zijn er ettelijke liters water langs de haven van Rotterdam gestroomd.
Tot er ineens out of the blue een boekje voor mijn neus lag. 18 etudes van Marnix Coster. Met een foto van mij, en mijn naam erboven. Bijna klaar om verzonden te worden naar 2 (dat kan beter!) geinteresseerde collegae/trompettisten.
Tja.
Ik moet bekennen: er zijn ook heel wat liters water langs de Rotterdamse haven gestroomd zonder dat ik ook maar 1 seconde dacht aan dat stapeltje geklieder met een vulpen.
Tot ik dus dat telefoontje kreeg over de prijs van papier, van dikte van papier, van glanzend papier of juist niet. En hoe en wat en geniet of gebonden of gelijmd.
Waarom ik het zelf niet allemaal uitgeef en doe? Dat is heel simpel: ik kan totaal niet omgaan met muzieknotatieprogramma's en heb ook totaal niet de interesse om dat te leren. Ik schrijf sneller mijn stukjes met de hand en een vulpen dan dat ik moet leren om te gaan met weerbarstige, onduidelijke software. Die ook nog eens duur is -nee-want-gekraakt-dus-gratis-maar-je-kunt-dan-wel-niet-alles-opslaan-of-doen-maar-dan-moet-je-met-dit.... ja daaaaahaaaag, ik doe het wel handmatig. Los daarvan heb ik totaal geen interesse in het hele uitgeefproces. Dus als iemand anders dat wil doen: prima. En als die iemand anders daar dan voor zijn werk (want mijn handschrift ontcijferen is werken) ook een paar stuivers verdient, best.
Maar nu het er is: ben ik best wel een beetje trots. De lessen aan het conservatorium blijken toch niet voor niks. En niet alleen trots, ik ontdek dat ik het schrijven van deze dingen ook gewoon ontzettend leuk vind. Uitdagingen verzinnen en uitschrijven. Dat is gewoon tof. Zó tof, dat ik begonnen ben aan deeltje twee.
Uit het nieuws: Giel Beelen onderbreekt een live optreden van een jongensband, want het zou vals zijn.
Deze jongensband is ontstaan bij een van de vele """"talenten"""shows, en daarna door media (waaronder Giel Beelen) gehyped. Natuurlijk weten bijna alle beroepsmusici dat muziekmaken meer is dan op het juiste moment je keeltje openzetten en ongeveer de juiste toon kraaien. Maar Giel Beelen vond het vals, en slecht.
Giel Beelen, die ooit riep:"Fuck het cynisme". Die valt nu wel even hard door de mand. Want wat voor treurige, grafcynicus ben je als je een band die je eerst hyped en in de picture zet, uitnodigt, om ze vervolgens tot zwijgen te brengen, omdat ze niet aan het professionele level zullen kunnen voldoen? Dus voortaan is het: Fuck het cynisme, fuck Giel Beelen.
Ik vind dit alles hoogst komisch. De ironie ervan is om van te smullen.
De laatste tijd heb ik een beetje uitgevonden hoe ik mijn telefoon kan gebruiken voor wat gekkigheidjes. Zo heb ik ontdekt dat als ik de videocamera gebruik, dat ik best bruikbare opnames kan maken. Bruikbaar als in: snel, of geinig. Want echt goeie kwaliteit biedt mijnheer Apple niet. Ook niet voor een toestel dat nieuw 600 euro of meer moet kosten, en waarvan ik als argeloze consument verwacht dat het dan super is. Maar een paar geintjes met de door mij zo geliefde piccolotrompet, dat kan wel. Vooral omdat de overspraak op het microfoontje zo groot is, dat het bij hele hoge passages klinkt alsof er in de juiste toonsoort een telefoon rinkelt. En op een van de locaties waar ik regelmatig opneem, staat een oude grote trom, van een zwarte pietenband. En die dan vol in beeld hebben als ik wat kerstmuziek sta te hompen. Prachtig toch. Wat wel jammer is, is dat die camera wel redelijk natuurgetrouw weergeeft wat er in de lens verschijnt. En daar wordt opa niet vrolijk van. God, wat ben ik lelijk als ik speel. Mijn nek lijkt te verdwijnen, mijn hoofd zwelt op en wordt rood, en.... Naja. Het is een wonder dat Ilse uberhaupt wat in me zag ooit... Maar goed, het gaat om het geluid, en niet om het beeld. Denk ik. Hoop ik... Wat ik serieuzer wil opnemen, daarvoor maak ik gebruik van de door Ilse op mijn verjaardag gegeven Zoom recorder, die ik op de Iphone kan aansluiten. Dan is de opnamekwaliteit ineens een stuk beter. Maar dan neem ik wat serieuzere etudes op, waarvan ik vind dat ze door meer mensen gespeeld zouden moeten worden. Of gewoon omdat etudes een ondergewaardeerde manier van muziekmaken zijn geworden.
Ik ga dit weekend in met kerstmuziek, met weihnachtsen, harmoniemeuk en magnificats. Lekker de piccolo uitlaten. Dat vindt ze leuk.
Jente is een karaktertje, en begint al serieus boos te worden als ze haar zinnetje niet krijgt. Dan trekt ze haar lippen naar binnen, haar schoudertjes komen omhoog, haar hoofdje wordt rood en vervolgens begint ze te bleren. Maar ons Jente meisje is ook zo gruwelijk lekker. Met die bolle wangetjes, en die kromme beentjes (had ik ook als kind, en dat had ik zelfs vrij lang als kind. Toen de dokter dit kwam bekijken werd ik uit bed gehaald, en razend van woede, stampte ik al plassend in mijn blote kont door de kamer, achterna gezeten door en op handen en knieen voortkruipende dokter, die toch echt naar mijn malle waggeltje moest kijken.) en haar waanzinnig lieve lachje. Eten doet ze als geen ander. Alles schuift dat gekke kind naar binnen. Van kabeljauw, tot spinazie met ei en voor een hele mandarijn draait ze haar hand niet om. (Dat doe ik). Het enige waar ze echt minder mee lijkt te hebben, is banaan. Ik kan wel juichen. Nu al delen we dezelfde aversies. Dus straks is het alleen nog moeders die in haar eentje een tros bananen weg moet werken, want Jente en haar vader zitten bij de visboer aan een verse haring te knagen.
Met dit prachtige beeld wens ik u allen een prettig weekend.
Maar goed, ruim een jaar geleden had ik er 18 klaar (in mijn geheugen staat 19, wellicht heb ik die zelf ooit erbij gefantaseerd, of ben ik ergens vergeten en nummertje boven te kalken), en wist ik niet zo goed hoe nu verder.
Want ja, als je die dingen wil verkopen, kun je niet aankomen met een stapeltje kopietjes van een handgeschreven blaadje en bovendien: met mijn handschrift is niet zozeer de etude de uitdaging, alswel het lezen ervan.
Michiel wist raad, en die nam mijn pakketje geklieder mee. Het zou wel goedkomen.
Inmiddels ben ik verhuisd, heb ik 2 of 3 auto's versleten (laat het er 2 geweest zijn) een paar Weihnachtsoratoria gespeeld, ben ik naar Wenen op en neer gereden, en zijn er ettelijke liters water langs de haven van Rotterdam gestroomd.
Tot er ineens out of the blue een boekje voor mijn neus lag. 18 etudes van Marnix Coster. Met een foto van mij, en mijn naam erboven. Bijna klaar om verzonden te worden naar 2 (dat kan beter!) geinteresseerde collegae/trompettisten.
Tja.
Ik moet bekennen: er zijn ook heel wat liters water langs de Rotterdamse haven gestroomd zonder dat ik ook maar 1 seconde dacht aan dat stapeltje geklieder met een vulpen.
Tot ik dus dat telefoontje kreeg over de prijs van papier, van dikte van papier, van glanzend papier of juist niet. En hoe en wat en geniet of gebonden of gelijmd.
Waarom ik het zelf niet allemaal uitgeef en doe? Dat is heel simpel: ik kan totaal niet omgaan met muzieknotatieprogramma's en heb ook totaal niet de interesse om dat te leren. Ik schrijf sneller mijn stukjes met de hand en een vulpen dan dat ik moet leren om te gaan met weerbarstige, onduidelijke software. Die ook nog eens duur is -nee-want-gekraakt-dus-gratis-maar-je-kunt-dan-wel-niet-alles-opslaan-of-doen-maar-dan-moet-je-met-dit.... ja daaaaahaaaag, ik doe het wel handmatig. Los daarvan heb ik totaal geen interesse in het hele uitgeefproces. Dus als iemand anders dat wil doen: prima. En als die iemand anders daar dan voor zijn werk (want mijn handschrift ontcijferen is werken) ook een paar stuivers verdient, best.
Maar nu het er is: ben ik best wel een beetje trots. De lessen aan het conservatorium blijken toch niet voor niks. En niet alleen trots, ik ontdek dat ik het schrijven van deze dingen ook gewoon ontzettend leuk vind. Uitdagingen verzinnen en uitschrijven. Dat is gewoon tof. Zó tof, dat ik begonnen ben aan deeltje twee.
Uit het nieuws: Giel Beelen onderbreekt een live optreden van een jongensband, want het zou vals zijn.
Deze jongensband is ontstaan bij een van de vele """"talenten"""shows, en daarna door media (waaronder Giel Beelen) gehyped. Natuurlijk weten bijna alle beroepsmusici dat muziekmaken meer is dan op het juiste moment je keeltje openzetten en ongeveer de juiste toon kraaien. Maar Giel Beelen vond het vals, en slecht.
Giel Beelen, die ooit riep:"Fuck het cynisme". Die valt nu wel even hard door de mand. Want wat voor treurige, grafcynicus ben je als je een band die je eerst hyped en in de picture zet, uitnodigt, om ze vervolgens tot zwijgen te brengen, omdat ze niet aan het professionele level zullen kunnen voldoen? Dus voortaan is het: Fuck het cynisme, fuck Giel Beelen.
Ik vind dit alles hoogst komisch. De ironie ervan is om van te smullen.
De laatste tijd heb ik een beetje uitgevonden hoe ik mijn telefoon kan gebruiken voor wat gekkigheidjes. Zo heb ik ontdekt dat als ik de videocamera gebruik, dat ik best bruikbare opnames kan maken. Bruikbaar als in: snel, of geinig. Want echt goeie kwaliteit biedt mijnheer Apple niet. Ook niet voor een toestel dat nieuw 600 euro of meer moet kosten, en waarvan ik als argeloze consument verwacht dat het dan super is. Maar een paar geintjes met de door mij zo geliefde piccolotrompet, dat kan wel. Vooral omdat de overspraak op het microfoontje zo groot is, dat het bij hele hoge passages klinkt alsof er in de juiste toonsoort een telefoon rinkelt. En op een van de locaties waar ik regelmatig opneem, staat een oude grote trom, van een zwarte pietenband. En die dan vol in beeld hebben als ik wat kerstmuziek sta te hompen. Prachtig toch. Wat wel jammer is, is dat die camera wel redelijk natuurgetrouw weergeeft wat er in de lens verschijnt. En daar wordt opa niet vrolijk van. God, wat ben ik lelijk als ik speel. Mijn nek lijkt te verdwijnen, mijn hoofd zwelt op en wordt rood, en.... Naja. Het is een wonder dat Ilse uberhaupt wat in me zag ooit... Maar goed, het gaat om het geluid, en niet om het beeld. Denk ik. Hoop ik... Wat ik serieuzer wil opnemen, daarvoor maak ik gebruik van de door Ilse op mijn verjaardag gegeven Zoom recorder, die ik op de Iphone kan aansluiten. Dan is de opnamekwaliteit ineens een stuk beter. Maar dan neem ik wat serieuzere etudes op, waarvan ik vind dat ze door meer mensen gespeeld zouden moeten worden. Of gewoon omdat etudes een ondergewaardeerde manier van muziekmaken zijn geworden.
Ik ga dit weekend in met kerstmuziek, met weihnachtsen, harmoniemeuk en magnificats. Lekker de piccolo uitlaten. Dat vindt ze leuk.
Jente is een karaktertje, en begint al serieus boos te worden als ze haar zinnetje niet krijgt. Dan trekt ze haar lippen naar binnen, haar schoudertjes komen omhoog, haar hoofdje wordt rood en vervolgens begint ze te bleren. Maar ons Jente meisje is ook zo gruwelijk lekker. Met die bolle wangetjes, en die kromme beentjes (had ik ook als kind, en dat had ik zelfs vrij lang als kind. Toen de dokter dit kwam bekijken werd ik uit bed gehaald, en razend van woede, stampte ik al plassend in mijn blote kont door de kamer, achterna gezeten door en op handen en knieen voortkruipende dokter, die toch echt naar mijn malle waggeltje moest kijken.) en haar waanzinnig lieve lachje. Eten doet ze als geen ander. Alles schuift dat gekke kind naar binnen. Van kabeljauw, tot spinazie met ei en voor een hele mandarijn draait ze haar hand niet om. (Dat doe ik). Het enige waar ze echt minder mee lijkt te hebben, is banaan. Ik kan wel juichen. Nu al delen we dezelfde aversies. Dus straks is het alleen nog moeders die in haar eentje een tros bananen weg moet werken, want Jente en haar vader zitten bij de visboer aan een verse haring te knagen.
Met dit prachtige beeld wens ik u allen een prettig weekend.
zondag 29 november 2015
Update :)
Lezerswaarschuwing: een hoop gejeremieër over van alles wat...
Zo, nu ik dat gezegd heb, kan ik even lekker gaan ranten over het stoppen met roken bijvoorbeeld.
Ik heb heuse vreetbuien. En vaak heb ik het niet eens in de gaten. Dan is er ineens een heel doosje smints op. "Sorry lief, had je ook nog gewild?" Tijdens het autorijden is er ineens een heel doosje autosnoepjes op.
Als ontbijt een zak pepernoten wegknagen, en vervolgens een zak geschrapte wortelen. Ik lijk verdorie wel een zwangere vrouw. Toen Ilse er wat van zei, keek ik lichtelijk schaamtevol en betrapt op. Of ze wat voor me kon doen, want volgens haar had ik het er wat moeilijk mee, gezien mijn vreetbui. "Vreetbui? IK?? Welnee", zei ik terwijl ik heimelijk de laatste pepernoten min of meer charmant trachtte door te slikken.
Koffie... Mijn kopje koffie, het begin van een "goeie"dag. Omdat de smaak van koffie erg doet lonken naar die broodnodige eerste ochtendpeuk, heb ik er om mezelf te beschermen maar een slok melk en 2 (soms 3 of meer) klonten suiker bij geflikkerd. Koude koffie is niet te haggelen, maar stel je eens voor: koude koffie met melk en suiker. Dat is echt alsof de duivel over je tong pist.
Goed, de meeste barista's zijn tegenwoordig best in staat om een goede capucchino te maken. Maar toch, de laffe smaak van melk en suiker in iets dat een lekker sterk bakkie troost moet zijn, is voor mij toch een gotspe.
Iets heel anders.
De zijstraten aan onze straat worden van nieuwe rioleringen voorzien. Happy-Happy-Joy-Joy. Ik ben oprecht blij voor ze. De mensen in die wijkjes kunnen nu met gerust hart gaan kakken, zonder bang te zijn dat hun excrementen bij de buren omhoog spuiten.
Maar nadelen levert dat ook op. Want in onze straat, waar al sinds de jaren 50 niks meer aan modernisering gedaan is, heeft een parkeerplaatsen tekort. Dat wil zeggen: als iedereen zijn auto voor de deur kan zetten, gaat t net. Maar als er straten afgezet zijn, gaat het niet. Gewoon niet.
Dus wordt men gedwongen om de auto een ietwat.... creatief neer te zetten. So far, so good.
Ik ben de lulligste niet, en vind het juist wel een uitdaging om die grote auto van mij toch kwijt te kunnen op plekken waar het eigenlijk, normaliter niet mag (Of kan). (En waar ik het normaliter ook niet zou doen, want ik ben nu eenmaal een brave, gezagsgetrouwe burger).
Tot ik op een gegeven moment op dinsdagavond mijn auto had weggezet (zeer creatief, en ook best knap gedaan, al zeg ik het zelf) en op woensdagochtend er een roedel parkeerwachten rond mijn auto stonden, in opperste concentratie aan het vergaderen. Ze hadden nog net de koffie niet op het dak van mijn auto gezet. Ik liep naar buiten om een vrolijke noot aan deze vergadering toe te voegen. Hun commentaar luidde: jij mag daar niet parkeren. En omdat ik ze zonder blikken of blozen gelijk gaf, bleef de preek verder in de keel van de aanvoerder steken. Ik vervolgde met dat ik er niks aan kan doen dat de gemeente geen investering doet voor de 21e eeuw en dat met het afsluiten van zijstraten het parkeerprobleem alleen maar groter wordt.
Daaraan voegde ik toe, dat ik het iets te toevallig vind dat er normaal gesproken nooit stadswachten in onze wijk lopen, maar nu toevallig dat het bekend is dat er een veel groter parkeerprobleem ontstaan is, wel.
Daarop volgde een gestamel en geschutter tot en met van de lieve (ja, echt, het waren heus lieve mensen) stadsredders, en ze lieten mij mijn auto op een inmiddels leeggekomen plek zetten.
Uiteraard heb ik een klacht aan de gemeente gestuurd. Met alle punten dor en zakelijk (de ene ambtenaar naar de andere) genoemd. Daarop kreeg ik 3 weken (niet de beloofde 24 uur) later een antwoord, dat werkelijk nergens op sloeg. Tja. Parkeren en gemeenten. Dat gaat in huize Coster toch niet altijd goed.
Weer iets anders.
Echt klassieke muziek. Na mijn eindexamen, heeft dat met uitzondering van wat koorbegeleidingen niet echt een heel grote rol in mijn leven gespeeld.
De afgelopen week was het dus raak. Of ik maar eens even een paar Beethoven symfonieen wilde meespelen. Nou, ik bekeek de speellijst, zag allemaal oude bekenden en nieuwe bekenden staan, en dacht:"Ja! laat ik dat eens doen".
De aanvoerster van de trompetten wilde graag op duitse trompet spelen, want Beethoven was Duits. Gelukkig heb ik diverse collega's die zo'n platliggende zijspanner hebben, dus dat was makkelijk geregeld. En verhip: dat klonk nog best bekoorlijk ook. Maar ik ben blijkbaar te klein geschapen. (Mijn handen that is) want na elke repetitie was mijn linkerpink uit zichzelf niet meer in staat om zich enigszins naast de bijbehorende ringvinger te positioneren. Pure zelfkastijding dus. Maar het was een feestje om weer eens écht klassieke muziek te spelen, met jonge (en in een enkel geval iets minder jonge) musici. Die er echt voor willen gaan, en echt iets gaafs neerzetten. Twee niet heel erg eenvoudige symfonieen van meneer Ludwig, en dat zonder dirigent.
Ik vond het geniaal leuk en hoop vaker mee te kunnen doen.
De naam van dit orkest: De Klankkast. Kijk maar eens op hun site (facebook, www, wikipedia, of in de papieren krant).
Direct na dit concert moest ik naar een heel andere locatie. Urk. Want daar moest een cd van het Urker Christelijk Mannen Visserskoor worden gepresenteerd.
Uiteraard kwam ik in de file (op zaterdagavond? Mensen toch, ga naar huis. Naar je potten en pannen, maar laat fatsoenlijk werkende musici er toch gewoon door!), en was ik maar nét op tijd om nog mee te kunnen spelen.
Dat koor, bestond tot mijn grote voldoening uit stoere, knoestige Urker vissers(zonen) waarvan de helft toch echt jonger dan 40 was. En galmen, die gasten. Fortissimo was gewoon loeihard, en nog zuiver ook. Mijn korte stoppelhaar werd door dat geweld gewoon naar voren geblazen. Maar ook heel intiem konden ze zingen. Gelukkig, anders had ik nu een blijvende tuut in mijn oren.
Op de terugweg kwam ik erachter wat code oranje van het knmi betekent. Veel regen, hele heeeele harde windstoten (en dus slingeren, zelfs met de sportstand van mijn auto) en slecht zichtbaar wegdek. Hoewel dat aan de overheid ligt, die te laat, te weinig en te goedkoop onderhoud pleegt aan 's lands wegen, en uit verkeerde bezuinigingen de verlichting uit laat.
Maar hey: het was een mooi muzikaal weekend.
Zo, nu ik dat gezegd heb, kan ik even lekker gaan ranten over het stoppen met roken bijvoorbeeld.
Ik heb heuse vreetbuien. En vaak heb ik het niet eens in de gaten. Dan is er ineens een heel doosje smints op. "Sorry lief, had je ook nog gewild?" Tijdens het autorijden is er ineens een heel doosje autosnoepjes op.
Als ontbijt een zak pepernoten wegknagen, en vervolgens een zak geschrapte wortelen. Ik lijk verdorie wel een zwangere vrouw. Toen Ilse er wat van zei, keek ik lichtelijk schaamtevol en betrapt op. Of ze wat voor me kon doen, want volgens haar had ik het er wat moeilijk mee, gezien mijn vreetbui. "Vreetbui? IK?? Welnee", zei ik terwijl ik heimelijk de laatste pepernoten min of meer charmant trachtte door te slikken.
Koffie... Mijn kopje koffie, het begin van een "goeie"dag. Omdat de smaak van koffie erg doet lonken naar die broodnodige eerste ochtendpeuk, heb ik er om mezelf te beschermen maar een slok melk en 2 (soms 3 of meer) klonten suiker bij geflikkerd. Koude koffie is niet te haggelen, maar stel je eens voor: koude koffie met melk en suiker. Dat is echt alsof de duivel over je tong pist.
Goed, de meeste barista's zijn tegenwoordig best in staat om een goede capucchino te maken. Maar toch, de laffe smaak van melk en suiker in iets dat een lekker sterk bakkie troost moet zijn, is voor mij toch een gotspe.
Iets heel anders.
De zijstraten aan onze straat worden van nieuwe rioleringen voorzien. Happy-Happy-Joy-Joy. Ik ben oprecht blij voor ze. De mensen in die wijkjes kunnen nu met gerust hart gaan kakken, zonder bang te zijn dat hun excrementen bij de buren omhoog spuiten.
Maar nadelen levert dat ook op. Want in onze straat, waar al sinds de jaren 50 niks meer aan modernisering gedaan is, heeft een parkeerplaatsen tekort. Dat wil zeggen: als iedereen zijn auto voor de deur kan zetten, gaat t net. Maar als er straten afgezet zijn, gaat het niet. Gewoon niet.
Dus wordt men gedwongen om de auto een ietwat.... creatief neer te zetten. So far, so good.
Ik ben de lulligste niet, en vind het juist wel een uitdaging om die grote auto van mij toch kwijt te kunnen op plekken waar het eigenlijk, normaliter niet mag (Of kan). (En waar ik het normaliter ook niet zou doen, want ik ben nu eenmaal een brave, gezagsgetrouwe burger).
Tot ik op een gegeven moment op dinsdagavond mijn auto had weggezet (zeer creatief, en ook best knap gedaan, al zeg ik het zelf) en op woensdagochtend er een roedel parkeerwachten rond mijn auto stonden, in opperste concentratie aan het vergaderen. Ze hadden nog net de koffie niet op het dak van mijn auto gezet. Ik liep naar buiten om een vrolijke noot aan deze vergadering toe te voegen. Hun commentaar luidde: jij mag daar niet parkeren. En omdat ik ze zonder blikken of blozen gelijk gaf, bleef de preek verder in de keel van de aanvoerder steken. Ik vervolgde met dat ik er niks aan kan doen dat de gemeente geen investering doet voor de 21e eeuw en dat met het afsluiten van zijstraten het parkeerprobleem alleen maar groter wordt.
Daaraan voegde ik toe, dat ik het iets te toevallig vind dat er normaal gesproken nooit stadswachten in onze wijk lopen, maar nu toevallig dat het bekend is dat er een veel groter parkeerprobleem ontstaan is, wel.
Daarop volgde een gestamel en geschutter tot en met van de lieve (ja, echt, het waren heus lieve mensen) stadsredders, en ze lieten mij mijn auto op een inmiddels leeggekomen plek zetten.
Uiteraard heb ik een klacht aan de gemeente gestuurd. Met alle punten dor en zakelijk (de ene ambtenaar naar de andere) genoemd. Daarop kreeg ik 3 weken (niet de beloofde 24 uur) later een antwoord, dat werkelijk nergens op sloeg. Tja. Parkeren en gemeenten. Dat gaat in huize Coster toch niet altijd goed.
Weer iets anders.
Echt klassieke muziek. Na mijn eindexamen, heeft dat met uitzondering van wat koorbegeleidingen niet echt een heel grote rol in mijn leven gespeeld.
De afgelopen week was het dus raak. Of ik maar eens even een paar Beethoven symfonieen wilde meespelen. Nou, ik bekeek de speellijst, zag allemaal oude bekenden en nieuwe bekenden staan, en dacht:"Ja! laat ik dat eens doen".
De aanvoerster van de trompetten wilde graag op duitse trompet spelen, want Beethoven was Duits. Gelukkig heb ik diverse collega's die zo'n platliggende zijspanner hebben, dus dat was makkelijk geregeld. En verhip: dat klonk nog best bekoorlijk ook. Maar ik ben blijkbaar te klein geschapen. (Mijn handen that is) want na elke repetitie was mijn linkerpink uit zichzelf niet meer in staat om zich enigszins naast de bijbehorende ringvinger te positioneren. Pure zelfkastijding dus. Maar het was een feestje om weer eens écht klassieke muziek te spelen, met jonge (en in een enkel geval iets minder jonge) musici. Die er echt voor willen gaan, en echt iets gaafs neerzetten. Twee niet heel erg eenvoudige symfonieen van meneer Ludwig, en dat zonder dirigent.
Ik vond het geniaal leuk en hoop vaker mee te kunnen doen.
De naam van dit orkest: De Klankkast. Kijk maar eens op hun site (facebook, www, wikipedia, of in de papieren krant).
Direct na dit concert moest ik naar een heel andere locatie. Urk. Want daar moest een cd van het Urker Christelijk Mannen Visserskoor worden gepresenteerd.
Uiteraard kwam ik in de file (op zaterdagavond? Mensen toch, ga naar huis. Naar je potten en pannen, maar laat fatsoenlijk werkende musici er toch gewoon door!), en was ik maar nét op tijd om nog mee te kunnen spelen.
Dat koor, bestond tot mijn grote voldoening uit stoere, knoestige Urker vissers(zonen) waarvan de helft toch echt jonger dan 40 was. En galmen, die gasten. Fortissimo was gewoon loeihard, en nog zuiver ook. Mijn korte stoppelhaar werd door dat geweld gewoon naar voren geblazen. Maar ook heel intiem konden ze zingen. Gelukkig, anders had ik nu een blijvende tuut in mijn oren.
Op de terugweg kwam ik erachter wat code oranje van het knmi betekent. Veel regen, hele heeeele harde windstoten (en dus slingeren, zelfs met de sportstand van mijn auto) en slecht zichtbaar wegdek. Hoewel dat aan de overheid ligt, die te laat, te weinig en te goedkoop onderhoud pleegt aan 's lands wegen, en uit verkeerde bezuinigingen de verlichting uit laat.
Maar hey: het was een mooi muzikaal weekend.
zaterdag 21 november 2015
Beste Bas, Beste meneer de Boer...
Hoi Bas, beste Meneer de Boer,
Tjongejonge, wat hebben jullie er een potje van gemaakt. Ja, jullie lezen het goed: wat hebben jullie er een puinzooi van gemaakt.
Ik zeg jullie, want ik vind de uitkomst van dit gesprek bizar. Sterker nog: ik vind het uberhaupt bizar dat jullie aan deze sollicitatie zijn begonnen, met elkaar.
Jullie hebben beiden in het beste geval je huiswerk niet gedaan.
Ik begin met meneer de Boer, aangezien die inmiddels overal een kopje kleiner gemaakt wordt.
Meneer de Boer, dat u een overtuigd Christen bent, kan ik accepteren. Hoewel uw invulling ervan niet helemaal 21e eeuws genoemd kan worden, is het denk ik goed dat er mensen zijn die principes hebben, al dan niet compleet overgenomen van de bijbel. Ik zeg uitdrukkelijk "al dan niet compleet", want in de bijbel staan ook een aantal dingen over naastenliefde, accepteren en (ver)oordelen. Ik ben stiekem altijd een beetje jaloers op mensen die in het geloof (welk dan ook) troost en kracht vinden. Het kan iets heel moois zijn. U laat hier echter de toch wat bekrompen kant zien.
Maar uw capaciteiten als leidinggevende, als baas, vind ik niet veel soeps. Hoe kan het in vredesnaam zo zijn dat u een sollicitant uitnodigt, zonder een goede achtergrond controle? En hoe kan het u ontgaan zijn dat de jongen homo is? (De term praktizerend vind ik in dezen totaal irrelevant. Elk mens heeft lusten, hetero's en homo's evenveel). Dat vind ik toch getuigen van gebrek aan mensenkennis.
Bovendien zet u het geloof helaas weer in een kwaad daglicht, en geeft u de wat minder vriendelijke ongelovigen een forse knuppel in handen. Niet zo slim.
Dat u als overtuigd christen geen homo's wil aannemen, vind ik uw goed recht, maar dat u dat in een dergelijk, minzaam en zelfs neerbuigend mailtje doet, vind ik laf. Kom dan op voor uw overtuiging, en doe dat soort mededelingen recht in iemands gezicht. Dat was ook slimmer geweest, want met deze mail heeft Bas een stok om u mee te slaan: inderdaad, artikel 1 van onze grondwet. En dan is er bij de rechter of de commissie gelijke behandeling geen ontkennen meer aan.
Ik denk dat het goed is, als u eens een cursus "leidinggeven in de 21e eeuw" volgt. Niet opdat u dan wél ineens homo's moet aannemen, maar om dit soort akkefietjes te voorkomen. Dit had veel netter en fatsoenlijker afgehandeld kunnen worden.
Bas.
Kerel... Jammer joh. Voortaan toch even wat beter onderzoeken hoe het bedrijf in elkaar steekt. Dan weet je wat beter wat je verwachten kan. En of dat bij je past. Een bedrijf vol stugge, Friese potenrammers, daar moet je toch helemaal niet willen werken. Een bedrijf dat zo in elkaar steekt, is niet helemaal bij de tijd, en ik vraag me af of je er een erg fijne stage had gelopen, tussen allemaal volk dat je met de nek aankijkt, omdat je een "dribbe" bent.
Je kunt inderdaad met een advocaat van het juridisch loket naar de dichtstbijzijnde rechtbank hobbelen. Maar dik kans dat meneer de Boer een veel duurdere advocaat kan betalen, die jou om de oren gaat slaan met artikel 6 uit diezelfde grondwet. Plus dat hij je verwijten gaat maken dat je niet voldoende onderzocht hebt of dit wel bij je past.
Ik ben het met je eens dat dit zeer droevig is, maar net als bij homo's die met alle geweld per se in een kerk willen trouwen, terwijl die kerk hun liefde niet accepteert, toestaat of als ziekte betitelt, ik vind dat een beetje dom. Waarom zou je dat in Godsnaam (ja, deze woordspeling gebruik ik bewust) willen?
Stellen jullie je samen eens voor: Bas wint de rechtszaak, en meneer de Boer; u moet Bas dus een stageplaats geven. Dat zou tot ongewenste situatie nummer 3 leiden: (Ongewenste situatie 1 is natuurlijk allang gebeurd: de twee (ik blijf het verbazend van jullie vinden dat jullie in twee gesprekken niet van elkaar merkten dat er een kleine kink in de kabel zat) sollicitatiegesprekken, ongewenste situatie 2 is de huidige) Een totaal verziekte werksfeer, en omdat we mensen zijn, ga ik er niet vanuit dat dat ooit nog goedkomt.
Het bedrijf van, en meneer de Boer zijn inmiddels enorm door de (sociale) mangel getrokken. Dus wat dat betreft, een zwaardere straf kan de man niet krijgen. Het aannemen van Bas was eigenlijk een veel mindere straf voor een oprecht gelovige, dan dit.
Sociaal gezien zou het echter wél een mooi experiment zijn als Bas toch (verplicht) in dienst genomen moet worden. Ik hoop dat Bas en meneer de Boer dan een mooie en eerlijke blog gaan bijhouden.
Ondanks alles, wens ik jullie beiden een fijn weekend en veel verstand toe.
Tjongejonge, wat hebben jullie er een potje van gemaakt. Ja, jullie lezen het goed: wat hebben jullie er een puinzooi van gemaakt.
Ik zeg jullie, want ik vind de uitkomst van dit gesprek bizar. Sterker nog: ik vind het uberhaupt bizar dat jullie aan deze sollicitatie zijn begonnen, met elkaar.
Jullie hebben beiden in het beste geval je huiswerk niet gedaan.
Ik begin met meneer de Boer, aangezien die inmiddels overal een kopje kleiner gemaakt wordt.
Meneer de Boer, dat u een overtuigd Christen bent, kan ik accepteren. Hoewel uw invulling ervan niet helemaal 21e eeuws genoemd kan worden, is het denk ik goed dat er mensen zijn die principes hebben, al dan niet compleet overgenomen van de bijbel. Ik zeg uitdrukkelijk "al dan niet compleet", want in de bijbel staan ook een aantal dingen over naastenliefde, accepteren en (ver)oordelen. Ik ben stiekem altijd een beetje jaloers op mensen die in het geloof (welk dan ook) troost en kracht vinden. Het kan iets heel moois zijn. U laat hier echter de toch wat bekrompen kant zien.
Maar uw capaciteiten als leidinggevende, als baas, vind ik niet veel soeps. Hoe kan het in vredesnaam zo zijn dat u een sollicitant uitnodigt, zonder een goede achtergrond controle? En hoe kan het u ontgaan zijn dat de jongen homo is? (De term praktizerend vind ik in dezen totaal irrelevant. Elk mens heeft lusten, hetero's en homo's evenveel). Dat vind ik toch getuigen van gebrek aan mensenkennis.
Bovendien zet u het geloof helaas weer in een kwaad daglicht, en geeft u de wat minder vriendelijke ongelovigen een forse knuppel in handen. Niet zo slim.
Dat u als overtuigd christen geen homo's wil aannemen, vind ik uw goed recht, maar dat u dat in een dergelijk, minzaam en zelfs neerbuigend mailtje doet, vind ik laf. Kom dan op voor uw overtuiging, en doe dat soort mededelingen recht in iemands gezicht. Dat was ook slimmer geweest, want met deze mail heeft Bas een stok om u mee te slaan: inderdaad, artikel 1 van onze grondwet. En dan is er bij de rechter of de commissie gelijke behandeling geen ontkennen meer aan.
Ik denk dat het goed is, als u eens een cursus "leidinggeven in de 21e eeuw" volgt. Niet opdat u dan wél ineens homo's moet aannemen, maar om dit soort akkefietjes te voorkomen. Dit had veel netter en fatsoenlijker afgehandeld kunnen worden.
Bas.
Kerel... Jammer joh. Voortaan toch even wat beter onderzoeken hoe het bedrijf in elkaar steekt. Dan weet je wat beter wat je verwachten kan. En of dat bij je past. Een bedrijf vol stugge, Friese potenrammers, daar moet je toch helemaal niet willen werken. Een bedrijf dat zo in elkaar steekt, is niet helemaal bij de tijd, en ik vraag me af of je er een erg fijne stage had gelopen, tussen allemaal volk dat je met de nek aankijkt, omdat je een "dribbe" bent.
Je kunt inderdaad met een advocaat van het juridisch loket naar de dichtstbijzijnde rechtbank hobbelen. Maar dik kans dat meneer de Boer een veel duurdere advocaat kan betalen, die jou om de oren gaat slaan met artikel 6 uit diezelfde grondwet. Plus dat hij je verwijten gaat maken dat je niet voldoende onderzocht hebt of dit wel bij je past.
Ik ben het met je eens dat dit zeer droevig is, maar net als bij homo's die met alle geweld per se in een kerk willen trouwen, terwijl die kerk hun liefde niet accepteert, toestaat of als ziekte betitelt, ik vind dat een beetje dom. Waarom zou je dat in Godsnaam (ja, deze woordspeling gebruik ik bewust) willen?
Stellen jullie je samen eens voor: Bas wint de rechtszaak, en meneer de Boer; u moet Bas dus een stageplaats geven. Dat zou tot ongewenste situatie nummer 3 leiden: (Ongewenste situatie 1 is natuurlijk allang gebeurd: de twee (ik blijf het verbazend van jullie vinden dat jullie in twee gesprekken niet van elkaar merkten dat er een kleine kink in de kabel zat) sollicitatiegesprekken, ongewenste situatie 2 is de huidige) Een totaal verziekte werksfeer, en omdat we mensen zijn, ga ik er niet vanuit dat dat ooit nog goedkomt.
Het bedrijf van, en meneer de Boer zijn inmiddels enorm door de (sociale) mangel getrokken. Dus wat dat betreft, een zwaardere straf kan de man niet krijgen. Het aannemen van Bas was eigenlijk een veel mindere straf voor een oprecht gelovige, dan dit.
Sociaal gezien zou het echter wél een mooi experiment zijn als Bas toch (verplicht) in dienst genomen moet worden. Ik hoop dat Bas en meneer de Boer dan een mooie en eerlijke blog gaan bijhouden.
Ondanks alles, wens ik jullie beiden een fijn weekend en veel verstand toe.
woensdag 11 november 2015
Nummer 12....
12 x is scheepsrecht...
Na 11 x te hebben verkondigd dat, gelooft niemand me nog.
Vanmorgen zat ik dus om 0800 bij een huisarts die zich afvroeg waarom ik in vredesnaam een stoppoging ondernam, op een moment dat dat totaal niet aan de orde had moeten zijn. Achteraf (kijk je een koe in haar kont) vroeg iedereen zich dat af, behalve de gespecialiseerde verpleegkundige...
Diezelfde huisarts heeft mij medicatie voorgeschreven... Een antidepressivum, dus voor mijn geestesoog kreeg ik visioenen van een Marnix die krijsend van jolijt zijn 12e stoppoging gaat ondernemen. Brullend van het lachen, ben ik de minst aangename persoon ter wereld. (En ik ben, volgens ingewijden, al legendarisch onbeschoft dus tel uit de winst die de wereld om me heen gratis en voor niks, krijgt).
Die medicatie, bestaat uit hoofdzakelijk chemicaliën. En omdat ik die medicijnen slik, terwijl ik nog een weekje lekker door mag paffen, vul ik mijn lijf dus af met een dosis chemische troep waar je u tegen zegt.
Ik ben ook eigenlijk gek dat ik het nog eens doe. Al die chemische troep in je lijf, dat kan niet goed voor je zijn...
Op de zoveelste "stoppen met roken brochure" staat de mededeling dat ik een gunstige stop-datum moet kiezen.
Als inmiddels veteraan wat stoppogingen betreft, kan ik melden dat dat volstrekt nutteloze informatie is. Er is namelijk geen gunstige datum om te stoppen. Want er is altijd wel iets dat een peuk noodzakelijk maakt:
-Een leerling die je tot wanhoop drijft.
-Post van instanties die iets van je willen.
-Een midden in de nacht wakker brullende baby, die naar de ehbo moet.
-Een vrouw die naar de huisartsenpost moet.
-Een mede-weggebruiker die besluit om een ogenschijnlijk vredig wegbeeld ineens te veranderen in een pandemie van remmerij, bizarre uitwijkmanoeuvres, niet-meer-zo-binnensmonds-gevloek, wapperende middelvingers, en zweterige handen.
-Een zenuwslopend concert.
-Een bloedafname (je weet wel: dat ze een naald in je lijf rossen).
-Ruzie met je vrouw.
-Een gezellige repetitie.
-Een glas wijn met vrienden of collegae.
-Opstaan, koffie zetten, peuk.
-Avondeten, koffie, peuk.
Kortom: roken is voor een verslaafde gewoon een noodzaak, en dus is er geen gunstige stopdatum.
Dan komt het neer op pillen vreten, stoppen met roken, pillen blijven vreten, en als vervanger van het rokende staafje een geraspt worteltje in mijn giechel douwen.
Deze medicatie is natuurlijk niet zo direct voorhanden. Dus maandag mag ik ze halen. Dat wil niet zeggen dat ik maandag gelijk stop met roken, want eerst moeten die pillen hun werking krijgen, en dat duurt een week, tot 8 dagen. Dus de maandag daar weer op (dat zal 1 of 2 december zijn) stop ik met roken. Waarschijnlijk na de ochtend peuk, of daaromtrent.
Ik zie er verschrikkelijk tegenop.
Want ik ben ook niet blind voor het feit dat ik dus al 11 keer er niet in ben geslaagd om blijvend te stoppen. En waarom zou het deze keer wel lukken? Heb ik betere redenen om te stoppen? Nee, want na het longkanker epistel in mijn leven, ben ik ook niet gestopt. Dus een baby is, met alle gevoelens erbij, ook geen reden om te stoppen.
Geld? Nee, dat heb ik structureel tekort, en toch rook ik. En in de periode dat ik niet rookte, hield ik dat geld niet echt over. Hoe dan ook niet.
Het enige voordeel dat ik nu wel heb: mijn vrouw. Die me actief zal steunen, en mijn (extra) bijkomende lompheid en onvriendelijkheid kan opvangen.
Ik zie ook op tegen het feit dat mijn metabolisme zich aan zal passen. Ergo: dat ik dikker word. En ik ben al op het randje. (Gisteren zei de dieetist: dat ik in 5 weken tijd wel 2 ons was afgevallen, en in buikomtrek 2 centimeter slanker ben geworden. Dus sinds ik bij de dieetist ben, ben ik een heel klein beetje afgevallen, en 4 centimeter slanker geworden, tijd om de broekriem aan te halen!).
Telkens als ik stopte, was ik in principe vrijgezel, en dus had ik niemand om me heen die ik kon lastig vallen met moeilijke momenten. Op zich wel prettig voor die afwezige mensen. Nu ben ik dus getrouwd, en zal Ilse de volle laag krijgen. Ook sneu...
Wat moet ik in vredesnaam doen met die nutteloos bungelende arm, als er geen sigaret inzit? Wat doen niet-rokers met hun handen? Wapperen die dan zomaar een beetje in het luchtledige? Nooit op gelet eigenlijk.
En niet onbelangrijk. 11 x heb ik me lullig gevoeld, omdat ik toch weer begon.
Vrees niet: ik zal me niet aansluiten bij allemaal huisvrouwenclubs als clean-air en dat soort griezelige stichtingen die geen ander oogmerk hebben dan rokers te benadelen, te schofferen, als tuig te benaderen en behandelen. Met dat soort schorem wil ik niet geassocieerd worden. Voor het schofferen van mensen heb ik geen sigaretten nodig, dat lukt me zonder ook wel.
Het stoppen met roken is altijd een worsteling geweest. Voor mij, voor velen met mij. Ik hoop dat ik deze keer als winnaar uit de strijd kom. Ben wel wijzer geworden, ik ga niet op voorhand zeggen dat ik win. Wel kan ik op diezelfde voorhand zeggen dat ik mijn uiterste best ga doen. En nee, dat is geen kwestie van de knop omzetten. Er zijn een paar mensen die dat wellicht kunnen, de rest die dat zegt, heeft geen flauw benul waar ze het over hebben (en meestal zijn dat die griezelige etterbakjes van voorgenoemde stichting).
Maar omdat ik als bon vivant toch mijn tong weer beter wil kunnen gebruiken om smaken te proeven, meer geld wil overhouden, en later toch iets van conditie wil hebben om met mijn dochter te kunnen spelen, en omdat ik nu eindelijk eens van die rottige verslaving af wil komen, ga ik maar weer mijn best doen.
Als je me succes of sterkte wil wensen, mag dat.
Ongeloof uitdrukken, of gebrek aan vertrouwen, mag ook.
Tips: mag ook, als je denkt dat je een nuttige hebt. Minder nuttige tips, liever niet.
Ilse sterkte wensen mag zeker...
Medelijden met Jente is volstrekt overbodig.
Na 11 x te hebben verkondigd dat, gelooft niemand me nog.
Vanmorgen zat ik dus om 0800 bij een huisarts die zich afvroeg waarom ik in vredesnaam een stoppoging ondernam, op een moment dat dat totaal niet aan de orde had moeten zijn. Achteraf (kijk je een koe in haar kont) vroeg iedereen zich dat af, behalve de gespecialiseerde verpleegkundige...
Diezelfde huisarts heeft mij medicatie voorgeschreven... Een antidepressivum, dus voor mijn geestesoog kreeg ik visioenen van een Marnix die krijsend van jolijt zijn 12e stoppoging gaat ondernemen. Brullend van het lachen, ben ik de minst aangename persoon ter wereld. (En ik ben, volgens ingewijden, al legendarisch onbeschoft dus tel uit de winst die de wereld om me heen gratis en voor niks, krijgt).
Die medicatie, bestaat uit hoofdzakelijk chemicaliën. En omdat ik die medicijnen slik, terwijl ik nog een weekje lekker door mag paffen, vul ik mijn lijf dus af met een dosis chemische troep waar je u tegen zegt.
Ik ben ook eigenlijk gek dat ik het nog eens doe. Al die chemische troep in je lijf, dat kan niet goed voor je zijn...
Op de zoveelste "stoppen met roken brochure" staat de mededeling dat ik een gunstige stop-datum moet kiezen.
Als inmiddels veteraan wat stoppogingen betreft, kan ik melden dat dat volstrekt nutteloze informatie is. Er is namelijk geen gunstige datum om te stoppen. Want er is altijd wel iets dat een peuk noodzakelijk maakt:
-Een leerling die je tot wanhoop drijft.
-Post van instanties die iets van je willen.
-Een midden in de nacht wakker brullende baby, die naar de ehbo moet.
-Een vrouw die naar de huisartsenpost moet.
-Een mede-weggebruiker die besluit om een ogenschijnlijk vredig wegbeeld ineens te veranderen in een pandemie van remmerij, bizarre uitwijkmanoeuvres, niet-meer-zo-binnensmonds-gevloek, wapperende middelvingers, en zweterige handen.
-Een zenuwslopend concert.
-Een bloedafname (je weet wel: dat ze een naald in je lijf rossen).
-Ruzie met je vrouw.
-Een gezellige repetitie.
-Een glas wijn met vrienden of collegae.
-Opstaan, koffie zetten, peuk.
-Avondeten, koffie, peuk.
Kortom: roken is voor een verslaafde gewoon een noodzaak, en dus is er geen gunstige stopdatum.
Dan komt het neer op pillen vreten, stoppen met roken, pillen blijven vreten, en als vervanger van het rokende staafje een geraspt worteltje in mijn giechel douwen.
Deze medicatie is natuurlijk niet zo direct voorhanden. Dus maandag mag ik ze halen. Dat wil niet zeggen dat ik maandag gelijk stop met roken, want eerst moeten die pillen hun werking krijgen, en dat duurt een week, tot 8 dagen. Dus de maandag daar weer op (dat zal 1 of 2 december zijn) stop ik met roken. Waarschijnlijk na de ochtend peuk, of daaromtrent.
Ik zie er verschrikkelijk tegenop.
Want ik ben ook niet blind voor het feit dat ik dus al 11 keer er niet in ben geslaagd om blijvend te stoppen. En waarom zou het deze keer wel lukken? Heb ik betere redenen om te stoppen? Nee, want na het longkanker epistel in mijn leven, ben ik ook niet gestopt. Dus een baby is, met alle gevoelens erbij, ook geen reden om te stoppen.
Geld? Nee, dat heb ik structureel tekort, en toch rook ik. En in de periode dat ik niet rookte, hield ik dat geld niet echt over. Hoe dan ook niet.
Het enige voordeel dat ik nu wel heb: mijn vrouw. Die me actief zal steunen, en mijn (extra) bijkomende lompheid en onvriendelijkheid kan opvangen.
Ik zie ook op tegen het feit dat mijn metabolisme zich aan zal passen. Ergo: dat ik dikker word. En ik ben al op het randje. (Gisteren zei de dieetist: dat ik in 5 weken tijd wel 2 ons was afgevallen, en in buikomtrek 2 centimeter slanker ben geworden. Dus sinds ik bij de dieetist ben, ben ik een heel klein beetje afgevallen, en 4 centimeter slanker geworden, tijd om de broekriem aan te halen!).
Telkens als ik stopte, was ik in principe vrijgezel, en dus had ik niemand om me heen die ik kon lastig vallen met moeilijke momenten. Op zich wel prettig voor die afwezige mensen. Nu ben ik dus getrouwd, en zal Ilse de volle laag krijgen. Ook sneu...
Wat moet ik in vredesnaam doen met die nutteloos bungelende arm, als er geen sigaret inzit? Wat doen niet-rokers met hun handen? Wapperen die dan zomaar een beetje in het luchtledige? Nooit op gelet eigenlijk.
En niet onbelangrijk. 11 x heb ik me lullig gevoeld, omdat ik toch weer begon.
Vrees niet: ik zal me niet aansluiten bij allemaal huisvrouwenclubs als clean-air en dat soort griezelige stichtingen die geen ander oogmerk hebben dan rokers te benadelen, te schofferen, als tuig te benaderen en behandelen. Met dat soort schorem wil ik niet geassocieerd worden. Voor het schofferen van mensen heb ik geen sigaretten nodig, dat lukt me zonder ook wel.
Het stoppen met roken is altijd een worsteling geweest. Voor mij, voor velen met mij. Ik hoop dat ik deze keer als winnaar uit de strijd kom. Ben wel wijzer geworden, ik ga niet op voorhand zeggen dat ik win. Wel kan ik op diezelfde voorhand zeggen dat ik mijn uiterste best ga doen. En nee, dat is geen kwestie van de knop omzetten. Er zijn een paar mensen die dat wellicht kunnen, de rest die dat zegt, heeft geen flauw benul waar ze het over hebben (en meestal zijn dat die griezelige etterbakjes van voorgenoemde stichting).
Maar omdat ik als bon vivant toch mijn tong weer beter wil kunnen gebruiken om smaken te proeven, meer geld wil overhouden, en later toch iets van conditie wil hebben om met mijn dochter te kunnen spelen, en omdat ik nu eindelijk eens van die rottige verslaving af wil komen, ga ik maar weer mijn best doen.
Als je me succes of sterkte wil wensen, mag dat.
Ongeloof uitdrukken, of gebrek aan vertrouwen, mag ook.
Tips: mag ook, als je denkt dat je een nuttige hebt. Minder nuttige tips, liever niet.
Ilse sterkte wensen mag zeker...
Medelijden met Jente is volstrekt overbodig.
zaterdag 7 november 2015
Slapen...
Slapen...
Even los van mijn apnoe, is dat in een gezin met een baby nog geen sinecure. Dat kleine hoopje mens weet, ondanks haar gebrek aan jaren, het hele huishouden naar haar handje te zetten. Want uiteraard is het in de nacht vaak dat ze ineens wakker wordt, en denkt:"Heh ja, laten we lekker gaan kakelen, spelen, huilen, luiers overvol kakken, kletsen, ergo: vaders en moeders wakker maken én houden". Blijkbaar moeten haar stembanden getraind worden, en is de vroege ochtend (uiteraard na net ff te weinig slaapuren van pa en ma) daar het tijdstip bij uitstek voor.
Heeeeel soms is het een kwestie van een verloren speen terug die waffel indouwen, maar vaak heeft het meer om het lijf. Dan moet er even ge-sujaaahd worden. Er moet een klein warm flesje troost in (geen alcohol, maar het effect is hetzelfde), en soms gaat het zelfs zover dat moeders maar een matras pakt en bij Jente op de kamer gaat slapen, omdat ze daar rustig bij blijft.
Ik hoor het niet. Dit is geen onzin, of een poging om me er met een jantje van leien af te maken. Ik hoor het niet. Zelfs als de babyfoon op standje burengerucht naast mijn oor staat, hoor ik het niet.
Toen Ilse in het ziekenhuis opgenomen was, was ik dus ook als de dood dat ik Jente in mijn slaap zou laten brullen. Raar genoeg gebeurde dat dus niet. Maar als Ilse thuis is, ben ik in coma, en kan men een bom afschieten naast mijn oor, ik slaap lekker door.
De afgelopen week waren er twee nachten dat ik zonder mijn CPAP sliep. Ik ben wat vermoeid, ik denk doordat ik een verkoudheidje onder de leden heb, en op het moment dat ik in bed stapte, was ik weg. Ilse schijnt mijn boek uit mijn handen getrokken te hebben, mijn lichtje uitgedaan. En daar heb ik dus niks van meegekregen.
De twee dagen die erop volgden, waren de hel op aarde. Moe, last van mijn neus, last van mijn strot, katterige hoofdpijn.
Maar Ilse kreeg het terecht, niet voor elkaar om mij in mijn slaap mijn masker op te zetten. Heeft ze ook niet geprobeerd.
Vannacht was ik iets minder gaar, en voor ik in slaap viel, zette ik dus wel mijn masker op. Wat een verschil. Het is serieus verbluffend. Ik heb minder last van neus en strot, geen hoofdpijn en ik ben weer lekker fris. Voor mij dus het bewijs dat mijn CPAP wel goed werkt.
Ik heb Ilse dan ook geinstrueerd dat ze me wakker moest maken als ik in slaap viel zonder masker.
Er zit wel een heel erg groot nadeel aan dat masker.
Stel je voor: je hebt een avondje lekker aan de palm gezeten, en ter besluit eet je een broodje shoarma met een lading verse knoflooksaus, waar je U tegen zegt. Dan heb je de volgende ochtend toch best wel een dooie rat in je mond.
Als ik mijn masker gedragen heb, is mijn mond de volgende ochtend zo droog als een woestijn, en dan overdrijf ik niet. Ik kan met mijn tong de pannen schoon schuren, en dan hou ik nog over ter verkoop aan een professioneel schilders bedrijf.
Op zich is dat hele erge droge niet zo erg. Het smaakt wat muf, maar met een paar slokken water is dat over. Met die slokken moet ik overigens oppassen, want door de droogte werkt mijn tong niet helemaal mee, dus evenveel kans dat ik het water op alle mogelijke plekken krijg, zelfs tot in mijn luchtpijp, maar alléz. Het is overleefbaar.
Maar als het wat minder droog is, en er nog een laagje slijmerig vocht in mijn mond achter gebleven is, dan ga ik dood van mijn eigen ochtend meur. Ochtend meur met een niet droge mond, is al hoogst kwalijk, maar ochtend meur met een bijna volledig uitgedroogde mond, is abject. Ranzig. Walg-opwekkend. En dan heb ik nog niet eens een palm gedronken of knoflook gegeten. Mijn maag komt in opstand tegen mijn mond. Mijn neus krijgt spontaan wegloop-neigingen. Wat een hel. De open rioleringen van de middeleeuwen zijn er niks bij.
Vanmorgen ook weer. Ik had eigenlijk voor gisteravond een heerlijke beenham gemaakt. De poes dacht daar helaas net zo over en toen ik thuiskwam, was mijn rechtmatige eigendom, waar ik me zo op verheugd had, verdwenen in de maag van een boosaardig kattenbeest. Zonde.
Ik stond op, zag dat Ilse verdwenen was naar de kamer van Jente, en ging naar buiten om een peuk te roken. Vooraleer ik dat deed, spuugde ik de ranzige zut van een nachtje CPAP in de gootsteen, en ik zweer het: ik zag hoe dat spul gaten begon te branden in het glazuur. Snel de kraan erop om erger te voorkomen. De chemische reactie die ik vreesde, bleef gelukkig uit.
Nu ben ik niet zo van de ochtend-affectie. Ik blijf in de vroege ochtend gewoon een stuk sjaggerijn, en daar heb ik vrede mee. Dus Ilse krijgt pas een kus van me, nadat ik koffie/peuk/tandpasta op heb,
Maar in sommige gevallen moet ik Jente even uit bed halen. En in sommige van die sommige gevallen moet dat voor ik ben toegekomen aan de tandpasta. Met angst en beven, en in de zekerheid dat Jente dood neervalt als mijn adem langs haar huid strijkt, til ik haar op.
Niks is minder waar. Gelukkig! Met een grote en gulle lach kijkt ze naar me op, en strekt haar handjes naar me uit.
De enige die echt last heeft van die CPAP meur, ben ik zelf. Om vervolgens, een uurtje later geconfronteerd te worden met een volle luier, waarin uiteraard door Jente met haar hielen getrapt moet worden. Het zat tot in mijn haar...
Zo kan de zaterdag beginnen. Ik moet naar Middelharnis. Daar ben ik nog nooit geweest. Dus ik ben heel benieuwd of dat een leuk dorpje is.
Even los van mijn apnoe, is dat in een gezin met een baby nog geen sinecure. Dat kleine hoopje mens weet, ondanks haar gebrek aan jaren, het hele huishouden naar haar handje te zetten. Want uiteraard is het in de nacht vaak dat ze ineens wakker wordt, en denkt:"Heh ja, laten we lekker gaan kakelen, spelen, huilen, luiers overvol kakken, kletsen, ergo: vaders en moeders wakker maken én houden". Blijkbaar moeten haar stembanden getraind worden, en is de vroege ochtend (uiteraard na net ff te weinig slaapuren van pa en ma) daar het tijdstip bij uitstek voor.
Heeeeel soms is het een kwestie van een verloren speen terug die waffel indouwen, maar vaak heeft het meer om het lijf. Dan moet er even ge-sujaaahd worden. Er moet een klein warm flesje troost in (geen alcohol, maar het effect is hetzelfde), en soms gaat het zelfs zover dat moeders maar een matras pakt en bij Jente op de kamer gaat slapen, omdat ze daar rustig bij blijft.
Ik hoor het niet. Dit is geen onzin, of een poging om me er met een jantje van leien af te maken. Ik hoor het niet. Zelfs als de babyfoon op standje burengerucht naast mijn oor staat, hoor ik het niet.
Toen Ilse in het ziekenhuis opgenomen was, was ik dus ook als de dood dat ik Jente in mijn slaap zou laten brullen. Raar genoeg gebeurde dat dus niet. Maar als Ilse thuis is, ben ik in coma, en kan men een bom afschieten naast mijn oor, ik slaap lekker door.
De afgelopen week waren er twee nachten dat ik zonder mijn CPAP sliep. Ik ben wat vermoeid, ik denk doordat ik een verkoudheidje onder de leden heb, en op het moment dat ik in bed stapte, was ik weg. Ilse schijnt mijn boek uit mijn handen getrokken te hebben, mijn lichtje uitgedaan. En daar heb ik dus niks van meegekregen.
De twee dagen die erop volgden, waren de hel op aarde. Moe, last van mijn neus, last van mijn strot, katterige hoofdpijn.
Maar Ilse kreeg het terecht, niet voor elkaar om mij in mijn slaap mijn masker op te zetten. Heeft ze ook niet geprobeerd.
Vannacht was ik iets minder gaar, en voor ik in slaap viel, zette ik dus wel mijn masker op. Wat een verschil. Het is serieus verbluffend. Ik heb minder last van neus en strot, geen hoofdpijn en ik ben weer lekker fris. Voor mij dus het bewijs dat mijn CPAP wel goed werkt.
Ik heb Ilse dan ook geinstrueerd dat ze me wakker moest maken als ik in slaap viel zonder masker.
Er zit wel een heel erg groot nadeel aan dat masker.
Stel je voor: je hebt een avondje lekker aan de palm gezeten, en ter besluit eet je een broodje shoarma met een lading verse knoflooksaus, waar je U tegen zegt. Dan heb je de volgende ochtend toch best wel een dooie rat in je mond.
Als ik mijn masker gedragen heb, is mijn mond de volgende ochtend zo droog als een woestijn, en dan overdrijf ik niet. Ik kan met mijn tong de pannen schoon schuren, en dan hou ik nog over ter verkoop aan een professioneel schilders bedrijf.
Op zich is dat hele erge droge niet zo erg. Het smaakt wat muf, maar met een paar slokken water is dat over. Met die slokken moet ik overigens oppassen, want door de droogte werkt mijn tong niet helemaal mee, dus evenveel kans dat ik het water op alle mogelijke plekken krijg, zelfs tot in mijn luchtpijp, maar alléz. Het is overleefbaar.
Maar als het wat minder droog is, en er nog een laagje slijmerig vocht in mijn mond achter gebleven is, dan ga ik dood van mijn eigen ochtend meur. Ochtend meur met een niet droge mond, is al hoogst kwalijk, maar ochtend meur met een bijna volledig uitgedroogde mond, is abject. Ranzig. Walg-opwekkend. En dan heb ik nog niet eens een palm gedronken of knoflook gegeten. Mijn maag komt in opstand tegen mijn mond. Mijn neus krijgt spontaan wegloop-neigingen. Wat een hel. De open rioleringen van de middeleeuwen zijn er niks bij.
Vanmorgen ook weer. Ik had eigenlijk voor gisteravond een heerlijke beenham gemaakt. De poes dacht daar helaas net zo over en toen ik thuiskwam, was mijn rechtmatige eigendom, waar ik me zo op verheugd had, verdwenen in de maag van een boosaardig kattenbeest. Zonde.
Ik stond op, zag dat Ilse verdwenen was naar de kamer van Jente, en ging naar buiten om een peuk te roken. Vooraleer ik dat deed, spuugde ik de ranzige zut van een nachtje CPAP in de gootsteen, en ik zweer het: ik zag hoe dat spul gaten begon te branden in het glazuur. Snel de kraan erop om erger te voorkomen. De chemische reactie die ik vreesde, bleef gelukkig uit.
Nu ben ik niet zo van de ochtend-affectie. Ik blijf in de vroege ochtend gewoon een stuk sjaggerijn, en daar heb ik vrede mee. Dus Ilse krijgt pas een kus van me, nadat ik koffie/peuk/tandpasta op heb,
Maar in sommige gevallen moet ik Jente even uit bed halen. En in sommige van die sommige gevallen moet dat voor ik ben toegekomen aan de tandpasta. Met angst en beven, en in de zekerheid dat Jente dood neervalt als mijn adem langs haar huid strijkt, til ik haar op.
Niks is minder waar. Gelukkig! Met een grote en gulle lach kijkt ze naar me op, en strekt haar handjes naar me uit.
De enige die echt last heeft van die CPAP meur, ben ik zelf. Om vervolgens, een uurtje later geconfronteerd te worden met een volle luier, waarin uiteraard door Jente met haar hielen getrapt moet worden. Het zat tot in mijn haar...
Zo kan de zaterdag beginnen. Ik moet naar Middelharnis. Daar ben ik nog nooit geweest. Dus ik ben heel benieuwd of dat een leuk dorpje is.
Abonneren op:
Posts (Atom)
Kladje
De klad is erin gekomen. Na de onverkwikkelijke gebeurtenissen met betrekking tot "het nieuwe roosteren", waarbij welzijn van pe...
-
Het marsenboekje. Een lullig plastic ding, met hetzij marsen erin, hetzij koralen. Een beetje afhankelijk van het soort dienst dat we moeten...
-
11 jaar geleden, op 6 maart werd ik voor het eerst vader (dat wil zeggen: voor zover ik weet, er heeft zich nog niemand gemeld die vindt da...
-
Ik ben anders bedraad. Ja, dit staat er echt, en het is echt waar. De draden in mijn brein lopen net even anders, en hoewel ik dat met een...